27-03-09
Havank - Caviaar en coaïne

De buitenkant:
De boeken van Havank hebben hun door hun eenvoudige covers van de hand van Dick ‘Nijntje’ Bruna een meerwaarde. De eenvoud, samen met de herkenbaarheid van het rokende mannetje vormen dan ook een grote troef voor de buitenzijde van deze boeken. Maar zo mooi de voorzijde ook is, het boek heeft een gedrocht van een achterkant, waar de flaptekst schittert in onduidelijkheid.
De achterflap:
Later, - toen hij de Cocaïne zowel als de Caviaar had overleefd, - beweerde de Schaduw dat die Russische machine, waarmee hij van Moskouw-Vnukovo naar Parijs-Le Bourget terug was gevlogen, hem niet slechts had doen landen in laastgenoemde luchthaven, maar tevens in het Avontuur!
Feitelijk, echter, was het C.C.-Avontuur reeds begonnen tijdens de vlucht. Immers ....
Daar was die mede-passagier geweest, wiens gezicht de Schaduw net voldoende verdacht-bekend was voorgekomen om hem, onmiddellijk na aankomst in Parijs, te doen schaduwen.
Daar waren, aan boord, echter vooràl die drie meisjes geweest! Een donkere Russin, een blonde Française – en een Schotse ballerina met Titiaan-rood haar.
De blonde Française en de donkere Russin had hij leren kennen op een officiële receptie in het Kremlin waar hij, ambtshalve, bij tegenwoordig was geweest. De Schotse ballerina, daarentegen, had hij ontmoet nadat hij haar in het Grote Theater van Moskou de ‘Blauwe Donau’ had zien dansen.
Misschien was het juist dààrom zo merkwaardig dat hij de melodie van de ‘Blauwe Donau’ opnieuw hoorde, ver en vaag in de mist van die november-avond, toen hij, enkele uren na de landing van die Russische machine, gesteld werd voor de vraag: Moord of Zelfmoord... en, in een stille en verlaten straat, plotseling dat dode meisje aan zijn voeten zag liggen.
Luttele seconden later stopte er vlak naast hem een blauwe Bentley. En zodoende belandden Silvère en Manon en Aranea in: Caviaar en Cocaïne
De binnenkant:
Havank is het pseudoniem van Hans van der Kallen, die geboren werd in 1904 en al vroeg zijn zinnen op het schrijverschap zette. Hij contacteerde uitgeverij Bruna, maar daar hielden ze de boot af tot Ivans, een ander monument van het Nederlandse spannende boek, stierf.
In 1935 debuteerde Havank met Het mysterie van St. Eustache, waarin Bruno Silvère al wordt opgevoerd. De Schaduw zou pas tien boeken later zijn opwachting maken. Havank zou de reeks eenendertig boeken lang levend houden. Caviaar en cocaïne verscheen 1959 en was het laatste boek in de reeks dat volledig door de auteur zelf geschreven werd. De uitvoering die hier besproken wordt is een recente, en aan de beverige letters af te leiden, blijkbaar ongewijzigde, heruitgave van de editie die in 1979 het daglicht zag. Maar zelfs zijn dood in 1964, betekende niet het einde van de Schaduw, want journalist Pieter Terpstra zou drie door Havank begonnen manuscripten afwerken en later onder eigen naam nog eenentwindig delen aan de reeks toevoegen. In oktober 2008 verscheen er, ter gelegenheid van het 140 jarig bestaan van uitgeverij Bruna, nog een nieuw avontuur van de Schaduw: Caribisch complot, geschreven door Tomas Ross.
Charles C.M. Carlier, alias de Schaduw, komt na een lang verblijf in Moskou terug aan in Parijs, maar blijkbaar zijn de problemen met hem meegereisd, want op de vlucht zat al iemand die door de Schaduw verdacht genoeg bevonden werd om hem na de landing meteen te laten schaduwen. En in de buurt van de woning van zijn vriend Bruno Silvère, waar ze zijn thuiskomst willen vieren, komt een vrouw zowat voor zijn voeten dood uit de lucht te vallen. Blijkbaar losstaande feiten, die in het brein van Carlier radertjes in beweging zetten...
Wat dadelijk opvalt is het taalgebruik dat Havank hanteert: een hoge mate van breedsprakigheid en een stijf, belerend toontje dat naar het hautaine neigt. In eerste instantie komt het erg amusant over, maar na verloop van tijd leiden deze erg verouderd aandoende zinsconstructies de aandacht alleen maar af van het verhaal. Ook het veelvuldige, met drie puntjes, abrupte afbreken van beschrijvingen, uitwijdingen en gedachtengangen bemoeilijkhet bereiken en handhaven van een vlotte leessnelheid.
Ook opvallend is dat bij het merendeel van de verwijzingen naar eerdere boeken, de titel gewoon in de tekst vernoemd wordt. Allemaal stijlfiguren die heden ten dage volledig in onbruik geraakt zijn.
Misschien is het normaal voor een reeks die zolang loopt, maar de personages wordt quasi alleen beschreven aan de hand van hun uiterlijke kenmerken en aan de locaties worden nog minder woorden vuil gemaakt. Maar toch is het grappig te kunnen vaststellen dat sommige van die plaatsen, zoals de poort naar het binnenpleintje aan de flat van Bruno, nog altijd bestaan en te bekijken zijn op Google street view.
De plot van Caviaar en cocaïne valt vrij mager uit en bij het uitschrijver worden nogal grote sprongen en assumpties gemaakt, waardoor de lezer de indruk krijgt dat de Schaduw bij momenten helderziend moet zijn om de verbanden te kunnen leggen en inschatten. Maar het is wel zeer duidelijk dat Baantjer hier zijn mosterd haalde, inclusief de nabespreking bij het hoofdpersonage thuis.
Havank treedt op als de alwetende verteller en maakt gretig gebruik van teasers – minieme vooruitblikken op wat er nog te gebeuren staat - op het einde van hoofdstukken, in de hoop de lezer te kunnen overtuigen verder te lezen.
Havank is een grote naam in de wereld van het Nederlands(talig)e spannende boek en was in de eerste helft van de vorige eeuw enorm populair. Maar als Caviaar en cocaïne representatief is voor zijn oeuvre, dan kan alleen maar vastgesteld worden dat zijn werk enorm geleden heeft onder de tand des tijds. Het boek kan, zowel wat betreft taalgebruik als qua verloop, dan ook niet concureren met het gros van de hedendaagse auteurs.
De score: 4/10

18:42
Gepost door Eric Diepvens
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: nederland, 4, nederlandstalig, havank |
Facebook
|
ESCHBACH Andreas - De erfenis van Fontanelli

De buitenkant:
Deze cover vertelt het verhaal van het boek, maar is wat kleurloos, waardoor hij ouderwets overkomt. Hierdoor trekt hij niet de aandacht van een potentiële koper.
Ook is het enige detail waarvan men kan afleiden dat de afgebeelde man eigenlijk een hedendaagse jongeman is is zo klein dat men er wellicht over zal kijken: het tipje van het rood-witte t-shirt dat onder de mantel komt piepen. Maar de verwachtingen zijn toch hooggespannen want dit boek maakt deel uit van mijn reeks Crème de la crime: de boeken die op thrillersite Crimezone.nl de maximumscore van vijf sterren kregen.
De achterflap:
John Salvatore Fontanelli is een arme sloeber, totdat hij een ongelooflijke erfenis in zijn schoot geworpen krijgt: een vermogen dat een verre voorvader in de 15e eeuw nagelaten heeft en dat door samengestelde rente in 500 jaar tot een biljoen dollar is uitgegroeid.
Maar het testament bevat een raadselachtige profetie: de erfgenaam van dit vermogen, zo voorspelt het, zal ooit de mensheid haar ‘verloren toekomst’ teruggeven.
Johns leven verandert van het ene moment op het andere. Hij moet zich laten omringen door bodyguards en onderhandelt met ministers en kardinalen.
De mooiste vrouwen werpen zich aan zijn voeten.
Maar kan hij nog iemand vertrouwen?
En dan komt hij in contact met een vreemdeling, die beweert precies te weten wat er met de erfenis gedaan moet worden...
De binnenkant:
De in Ulm geboren auteur Andreas Eschbach viert dit jaar zijn vijftigste verjaardag. Hij begon aan studies lucht- en ruimtevaartkunde, maar brak die af om een professionele carrière te beginnen in de informaticasector. Ondertussen schreef en publiceerde hij al science-fiction boeken. Nu leeft hij van zijn pen en verruilde hij Stuttgart voor het Franse Bretagne.
Het internationale succes kwam er, net na de eeuwwisseling, met Het Messias mysterie en De erfenis van Fontanelli, net op het moment dat de auteur besloot het geweer van schouder te wisselen en de pure science fiction achter zich liet. Toch kan Andreas Eschbach zijn liefde voor dat genre niet helemaal wegsteken want zelfs in sommige van recentere werken zitten vleugjes toekomstmuziek.
In De erfenis van Fontanelli maken we kennis met John Fontanelli, een New Yorkse pizzabezorger die er amper in slaagt genoeg geld te verdienen om zijn hoofd boven water te houden. Als hij op een dag – door een vreemde wilsbeschikking die vijf eeuwen geleden vastgelegd werd – een enorme hoeveelheid geld in zijn bezit krijgt: één biljoen – 1.000.000.000.000 – dollar. Een bedrag dat door de rente erop alsmaar groeit. Zelfs nog sneller groeit dan het kan uitgeven worden. Alleen staat er in het testament vermeld dat het geld moet gebruikt worden om de mensheid haar ‘verloren toekomst’ terug te geven. Maar John ziet geen enkele realistische manier om dit te bewerkstelligen. Wat hij ook probeert... En tegelijk ondervindt hij aan de lijve dat er ook een waarheid schuilt in het gezegde dat geld niet gelukkig maakt.
De omvang van het boek, bijna vijfhondervijftig bladzijden, het kleine lettertype en de zeer goed gevulde bladspiegel kunnen menig lezer afschrikken om aan De erfenis van Fontanelli te beginnen. Maar eenmaal de eerste zinnen gelezen, merkt men daar niets meer van, want de auteur heeft een aangename stijl en het verhaal wordt onderhoudend verteld. Natuurlijk zit er in zo’n dikke turf hier een daar een stukje dat wat minder vlot leest of minder interessant is, maar de algemene indruk is positief.
Hoewel men zou denken dat in dit boek plaats genoeg beschikbaar is om het decor en de figuren die erin rondlopen uitgebreid te beschrijven, opteert Andreas Eschbach ervoor slechts een minimum aan woorden te besteden aan het merendeel van de locaties en personages. Net genoeg om ze geloofwaardig te maken, maar in veel gevallen toch te beknopt om ze echt tot leven te laten komen. Nochtans is er aan interessante locaties geen gebrek: van New York, over Firenze, Londen, de Filipijnen, Augsburg tot Mexico City.
Wel introduceert hij in de eerste hoofdstukken wat lijkt op een buslading vol personages, maar verder in het boek, komen er amper anderen bij zodat we achteraf verwonderd moeten vaststellen Eschbach erin geslaagd is het hele verhaal vertellen met slechts dat kleine aantal figuranten. Dit komt het leesplezier alleen maar ten goede.
De auteur gebruikt dus alle beschikbare ruimte om zijn verhaal te vertellen. En die plaats benut hij ten volle. Hij loodst de degelijk uitgeschreven plot meesterlijk langs zowat alle belangrijke gebeurtenissen die in de tweede helft van de jaren negentig het wereldnieuws haalden, terwijl hij de lezer ook nog een en ander bijbrengt over geldstromen en economie, waardoor het grotendeels zeer geloofwaardig overkomt. Vooral de evolutie van het hoofdpersonage van armoezaaier, over een Sjakie in de chocoladefabriek (waar hij wat doet denken aan de reclamespotjes voor Euromillions) tot een verantwoordelijk beheerder van zijn vermogen, is zeer herkenbaar geschetst.
Toch zit er nog een ietwat overbodige verhaallijn in: die van zijn jeugdvriend Marvin, want deze voegt weinig of niets toe aan het verhaal. De enige reden bestaan van dat personage kon makkelijk toegewezen worden aan iemand anders, die makkelijker door het hele verhaal geloodst kon worden.
Het spanningselement ontbreekt grotendeels, maar de drang om de afloop te kennen is groot genoeg om maar te blijven lezen. En er plezier aan te beleven.
Alles bij elkaar genomen is De erfenis van Fontanelli een zeer goed geschreven roman die door de thematiek en de wijze waarop Andreas Eschbach het verhaal uitwerkte, de potentie heeft uit te groeien tot een klassieker.
Roman score: 8/10
Thriller score: 5/10

18:37
Gepost door Eric Diepvens
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: duitsland, 8, vertaald, creme_de_la_crime, eschbach_andreas |
Facebook
|
19-03-09
TUPLA MOURITS - Vrouwelijk naakt

De buitenkant:
Deze stijlvolle omslag, met zijn goudkleurige letters en het wit-marmeren beeldje van de Drie gratiën tegen de pekzwarte achtergrond, is echt mooi te noemen. En zowel titel als kunst spelen een rol spelen in het verhaal, waardoor de cover hier mooi bij aansluit, hoewel de nadruk toch elders ligt.
De achterflap:.
Het is vlak voor kerst. Een psychisch gestoorde man dringt een museum binnen en beschadigt het schilderij De gratiën met een kruiskopschroevendraaier. Museumconservator Philo Bolt en restaurator Riitta Kekkonen plannen een experimenteel herstelplan waarmee moet worden gestart na de jaarwisseling.
Riitta keert echter niet terug van haar kerstvakantie in haar geboorteland Finland. Philo maakt zich ongerust en is compleet ondersteboven als blijkt dat Riitta daar is overleden. De gebeurtenis heeft een grote impact op Philo’s leven. Een onderhuidse sluimerende crisis, in gang gezet door de dood van haar zusje anderhalf jaar eerder, komt tot een uitbarsting. Haar gezin raakt steeds verder ontregeld als Philo zich niet kan neerleggen bij de feiten, want ze is ervan overtuigd te weten hoe de vork in de steel zit.
De binnenkant:
Achter de exotisch klinkende auteursnaam Tupla Mourits gaan twee Nederlandse vrouwen schuil.
Wendela de Vos wiens natuurlijke habitat in de theaterwereld ligt. Hoewel ze een diploma Nederlands recht behaalde, en dat enkele jaren te gelde maakte, was de roep van de scène zo groot dat ze er naar terugkeerde, en zich nu uitleeft als productieleider. Ooks schrijft ze teksten en sinds kort ook poëzie.
Atie Vogelenzang van haar kant schreef voor toneel en televisie, maar oogstte vooral appreciatie voor haar kortverhalen.
In 2005 verscheen met Vrouwelijk naakt de eerste vrucht van hun samenwerking. Het boek, dat onder de vlag van literaire thriller werd voorgesteld, werd in 2006 bekroond met de Schaduwprijs voor het beste Nederlandstalige spannende debuut. Later volgden ook nog Een kwestie van tijd en Speeddate.
Vrouwelijk naakt begint met een man die in een museum een schilderij bewerkt met een schroevendraaier. Philo Bolt, de conservator van het museum, heeft een speciale band met dit schilderij, want de controversiële aankoop ervan was haar idee. Voor de restauratie van het werk doet ze beroep op restaurateur Riitta Kekkonen, die ook aan het museum verbonden is. Maar Riitta keer niet terug van haar wintervakantie in haar vaderland Finland. Philo maakt zich ongerust, en als ze verneemt dat Riitta overleden is trekt ze op onderzoek uit. De zoektocht wordt een obsessie, want ze kan absoluut niet geloven dat haar vriendin het leven liet zoals in het onderzoeksrapport geschreven staat.
Tupla Mourits hanteert een zeer vlot lezende stijl die bol staat van de beschrijvingen waardoor een zekere traagheid bewerkstelligd wordt. Een traagheid die trouwens zeer goed bij het verhaal aansluit. Dit boek heeft duidelijk literaire kwaliteiten. Zo is het verhaal, ontdaan van alle franje, eigenlijk een verhaal over afscheid nemen: van mensen, van je liefde, van het kind-zijn , en ga zo maar door. Maar het thriller aspect is amper aanwezig. Met de beste wil van de wereld zou het misschien nog te vergelijken zijn met een verwaterde versie van een boek uit de reeks met Jessica Fletcher. Een postionering als literaire roman had in mijn ogen de lading perfect gedekt.
Niet alle figuren die in de loop van het verhaal verschijnen slagen erin het papier te ontgroeien en levenechtheid te benaderen. Maar het hoofdpersonage en haar gezin en de buren van Riitta worden zeer geloofwaardig uitgetekend. Als klein punt van kritiek is de zoon van Philo voor zijn elf jaar toch wel iets te schrander neergezet. Zijn gedrag past meer bij iemand van een paar jaar ouder, lijkt mij.
Wendela de Vos en Atie Vogelenzang hebben met Vrouwelijk naakt een zeer mooie en ontroerende roman geschapen, die echt de moeite van het lezen waard is. Maar als thriller is het boek puur tijdverlies. De keuze van de desbetreffende jury om dit boek te bekronen met een spannende boekenprijs is dan ook moeilijk te begrijpen, maar blijkbaar wordt door het Genootschap van Nederlandstalige Misdaadauteur, dat de Schaduwprijs uitreikt, is het criterium “spanning” als onbelangrijk en niet ter zake doend beschouwd. Deze stelling wordt trouwens bevestigd door de laueraat van 2007 - Probeer het mortuarium van Eva Maria Staal - dat in hetzelfde bedje ziek is
Om het onrechtvaardige oordeel van een goed boek simpelweg neer te sabelen met een zeer slechte score als thriller, indroduceer ik hierbij een nieuwe manier van quoteren, die ik in te toekomst telkens zal gebruiken als ik met deze contradictie geconfronteerd wordt.
Thriller score: 3/10
Boek score: 7/10

19:59
Gepost door Eric Diepvens
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: nederland, 3, nederlandstalig, prijswinnaar, tupla_mourits |
Facebook
|
15-03-09
DEKKER Ted - Dri3

De buitenkant:
De buitenkant van dit boek trekt echt wel de aandacht. De coverfoto is duister en geheimzinnig. Al roept hij bij mij eerder associaties op met het horrorgenre dan met het spannende boek. Alleen jammer dat acheraf moet blijken dat deze cover, op een kleine scene na, weinig of niets met het verhaal te maken heeft.
De achterflap:.
Kevin Parson zit achter het stuur als hij een angstaanjagend telefoontje krijgt. Ene Slater dreigt zijn auto op te blazen, als hij niet binnen drie minuten zijn zonde aan de wereld belijdt. Kevin raakt in paniek. Wie is Slater? Maakt hij zijn dreigementen ook waar? Kevin neemt het zekere voor het onzekere, zet de auto stil en springt eruit. Precies drie minuten later volgt de ontploffing.
Zo begint een nachtmerrie, waarin steeds meer levens op het spel komen te staan. Weer een telefoontje, weer een raadsel, weer een deadline, nog een bomaanslag. En zo zal het doorgaan zolang Kevin zijn zonde niet belijdt. Het probleem is echter dat Kevin niet weet op welke zonde Slater doelt. Geholpen door FBI-agente Jennifer Peters en CBI-agente Samantha Sheer probeert Kevin de identiteit van Slater te acherhalen. Hij blijft hen echter steeds een stap voor met zijn vernuftige, levensgevaarlijke kat-en-muisspelletjes...
De binnenkant:
Ted Dekker is een man van de wereld: Hij werd geboren in Indonesië waar zijn Nederlandse vader en Amerikaanse moeder als missionaris naartoe trokken vanuit Canada. Later trok hij naar de USA, waar hij theologie en filosofie studeerde. Hij werd een rijzende ster in de bedrijfswereld, maar is al sinds 1997 voltijds schrijver.
Daar waar hij in het begin van zijn carriere vooral religieus geïnspireerde spannende verhalen prubliceerde, dichtte hij zijn hoofdpersonages in later werk regelmatig bovennatuurlijke krachten toe, zonder de grenzen van het genre te ver te overschrijden. Dri3 dateert al uit 2003 maar werd pas naar het Nederlands vertaald in 2006; het jaar waarin het boek, onder zijn originele titel Thr3e, ook zijn opwachting maakte op het witte doek. Later werd ook Het huis (House) tot een film herwerkt.
In Dri3 maken we kennis met de gemotiveerde student theologie Kevin Parson. Net als hij zijn nog jonge leven op de rails heeft, wordt hij door ene Richard Slater gechanteerd: tot Kevin openbaar zijn zonde belijdt, zal de chanteur zijn leven in een hel veranderen. Kevin heeft er echter geen idee wan welke zonde hij moet bekennen. Gelukkig kan hij betrouwen op twee dames die van aanpakken weten in de jacht op de geheimzinnige Slater: FBI-agente Jennifer Peters en CBI-agente Samantha Sheer.
Ted Dekker vertelt in een aangenaam lezende stijl het verhaal met slecht een verhaallijn die wel doorspekt wordt met veelvuldige flashbacks die zich afspelen in de kindertijd van het hoofdpersonage. Met Dri3 verwoordt de auteur op onnavolgbare wijze het in tekenfilms veelvuldig gebruikte beeld van het duiveltje en het engeltje die, op de schouders van een personage zittend, middels een woordenstrijd trachten het desbetreffende personage te overhalen om een bepaalde beslissing te nemen. Het boek leunt nauw aan bij de thematiek van sommige werken van Stephen King. En Ted Dekker hoeft echt niet onder te doen voor die grootmeester.
Het verhaal speelt zich af in Long Beach, Californië, een stad in de buurt van Los Angeles, maar veel verder gaan de beschrijvingen van de locaties niet. En hoewel ook de achtergronden van de personages relatief oppervlakkig gehouden worden, slaagt de auteur erin enkele markante figuren te laten opdraven in dit klassieke verhaal over – de strijd tussen – goed en kwaad. Het begint al met Kevin, een naïeve jongeman met een communicantenzieltje, maar verder ontmoeten we ook nog de mediageile rechercheur, een geobsedeerde speurder, en het in hun eigen wereld levende gezin Parson.
Toch komt voor deze geloofwaardig vertelde thriller het einde wat te snel, want een aantal losse eindjes worden niet wegggewerkt zodat de lezer achterblijft met een aantal vragen die wellicht nooit zullen beantwoord worden. Ook heb ik mijn bedenkingen dat het hoofdpersonage wel erg snel herstelde van zijn schotwonden: een week na de feiten ondervindt hij er blijkbaar geen hinder meer van...
Dri3 is zeker speciaal genoeg van opzet om het te bestempelen als eentje dat je, als liefhebber van het spannende boek moet gelezen hebben. Maar anderzijds had het met een beetje meer aandacht voor de details nog een veel beter boek kunnen geworden zijn.
De score: 7/10

16:32
Gepost door Eric Diepvens
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: usa, 7, vertaald, creme_de_la_crime, dekker_ted |
Facebook
|
09-03-09
MAEREN Marthe - Dode letter

De buitenkant:
Dit is weer zo’n pocket uit een van de reeksen misdaadverhalen die winkelketen Aldi net voor het zomerverlof bijna gratis te koop aanbood. Ideaal voor mij om kennis te maken met deze schrijfster. Over de cover is weinig te vertellen, maar de achterflap geeft veel te veel informatie weg over de inhoud van het boek.
De achterflap:.
Frieda Degraeve is een gedreven advocaat. Samen met enkele vrienden is ze een eigen kantoor begonnen aan de Gentse Nederkouter. Ze woont in Knokke, in een oud kusthuis.
Op kerstdag 2002 wordt het levenloze lichaam van haar cliënte Leen Verdaele gevonden. Leen blijkt vermoord te zijn en Frieda komt in een draaikolk van gebeurtenissen terecht. Er is een voor de hand liggende verdachte, maar niets is wat het lijkt. Dat ontdekt ook Frieda als ze op het nippertje aan een kogel ontsnapt. Als haar minnaar Karel door zijn echtgenote uit het huis wordt gezet en ongevraagd bij Frieda komt inwonen, wordt ook haar privéleven overhoopgehaald.
Op sympathie van de gerechterlijke instansies hoeft Frieda niet te rekenen. Wel integendeel. Onderzoeksrechter Debilde houdt niet van advocaten, en laat dat ook duidelijk blijken.
De binnenkant:
Achter het pseudoniem Marthe Maeren schuilt de in Knokke geboren advocate Bernadette Demeulenare. Zij studeerde rechten en criminologie en is al sedert 1992 vennoot van een groot advocatenkantoor in de Oostvlaamse hoofdstad Gent.
In 2004 zag haar debuut Dode letter het licht. De eerste Vlaamse advocatenthriller was geboren. Sindsdien publiceert ze om de twee jaar een nieuw deel in de serie rond Frieda Degraeve.
In Dode letter wordt Leen Verdaele, een cliënte van Frieda, vermoord teruggevonden. Maar als ze zich vastbijt in de zaak van Leen, komt het leven van Frieda zelf in woelige wateren: ze wordt beschoten; haar minnaar trekt ongevraagd bij haar in en de samenwerking met de officiële instanties loop ook al niet van een leien dakje. Een toevallige samenloop van omstandigheden? Of toch niet?
De aanvang van het verhaal vertoont inhoudelijk veel gelijkenissen met Kennedy’s brein van Henning Mankell dat weliswaar een jaar later verscheen: een moeder vindt het abnormaal dat haar volwassen kind niet komt opdagen op een afspraak, gaat naar het huis en treft er zoon of dochter dood aan, maar kan zich niet verzoenen met de eerste vaststellingen dat het een natuurlijke dood zou betreffen. Daarna gaan beide boeken een totaal andere richting uit.
Marthe Maeren vertelt haar verhaal op een zeer vlotte wijze, en met een terloopsheid waarin geen enkele indicatie te gegeven wordt over de richting waarin moet gezocht worden om tot een ontknoping te komen, vooraleer ze zelf wil dat de lezer mag ingelicht worden. Aleen de keuze van de auteur om het verhaal niet volledig in chronologische volgorde te vertellen vraagt enige oplettendheid om de rode draad niet te verliezen. Maar gelukkig zijn alle verschuivingen in de tijd duidelijk aangegeven in de titels van de hoofstukken.
De auteur slaagt erin haar personages met een minimum aan achtergrond toch voldoende tot leven te laten komen om ze geloofwaardig te maken. Vooral de conversaties tussen Frieda en onderzoeksrechter Martine Debilde zijn magistraal om te volgen: een bokswedstrijd met woorden, gecamoufleerd onder een vernislaagje van beleefdheid. Puur genieten.
De plot van Dode letter is degelijk van opzet en werd vakkundig uitgeschreven door het verhaal te voorzien van voldoende randgebeurtenissen alsook onverwachte wendingen die de lezer bij de les houden.De ware toedracht wordt lang genoeg gemaskeerd zonder dat de auteur zich ook maar enig listig truukje moet bedienen of zich in allerlei vreemde bochten moest wringen. Als dan in het afsluitende hoofdstuk ook nog eens alle losse eindjes professioneel weggewerkt worden is het plaatje compleet.
Door de naturel waarmee het verhaal verteld wordt onstaat ook een hoge mate van geloofwaardigheid. De lezer zal enkel even fronsen bij de onzorgvuldige behandeling van de dreigbrieven, die Frieda aan Martine overmaakt.
Met Dode letter levert Marthe Maeren een zeer degelijk debuut af. Het is het perfecte boek voor tussendoor dat garant staat voor enkele uren pretentieloos lees- en speurplezier. Een auteur om in het oog te houden.
De score: 6/10

21:36
Gepost door Eric Diepvens
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: belgie, 6, nederlandstalig, maeren_marthe |
Facebook
|
05-03-09
CUENI Claude - Het grote spel

De buitenkant:
Stijvol klassiek is hoe ik deze cover in twee woorden zou omschrijven. En enkel een pak speelkaarten ontbreekt om voor een perfecte samenvatting van de inhoud te kunnen doorgaan. Maar de twee andere hoofdelementen: vrouwen en geld zijn wel degelijk aanwezig. Daarenboven is de wat verouderde stijl een perfecte referentie naar de tijd waarin het verhaal zich afspeelt. In mijn ogen dan ook een mooie en geslaagde cover.
De achterflap:
Hij was een begenadigde kaartspeler, een legendarische womanizer en een getalenteerde wiskundige bovendien – maar de Schot John Law werd pas echt beroemd toen hij aan het eind van de zeventiende eeuw het papiergeld uitvond.
Na een duel met dodelijke afloop werd Law tot de strop veroordeeld en het was tijdens zijn vlucht door Europa dat hij op het baanbrekende idee kwam om geld niet langer alleen van edelmetaal te maken. Zijn succes was echter niet van lange duur, want toen er in het geheim steeds meer bankbiljetten gedrukt werden en het geld in razend tempo devalueerde moest hij opnieuw onderduiken om te overleven.
De binnenkant:
Een boek over het ontstaan van het papiergeld kon alleen maar geschreven worden door een Zwitser. Claude Cueni was diezelfde mening toegedaan en nam de handschoen op. Deze schrijver van historische romans regisseert ook films en schrijf scenario’s voor televisieseries, waarvan de krimi Tatort in onze contreien de bekendste is.
Hoewel de auteur al een aantal boeken op zijn palmares heeft staan, is Het grote spel het eerste werk van zijn hand dat in het Nederlands te verkrijgen is.
Dit geromantiseerde levensverhaal van het Schotse wiskundige genie en Casanova avant la lettre John Law, concentreert zich op zijn obsessie om op het einde van de zeventiende en het begin van de achttiende eeuw de koningen aan de verschillende Europese hoven te overtuigen papiergeld in te voeren, dat niet meer gedekt wordt door edele metalen. Maar zijn faam als kaartspeler en zijn toch wel aparte levenswandel spelen hem parten. En als hij eindelijk zijn gelijk mag bewijzen, eindigt het experiment, door de hebzucht van de mens, in een nachtmerrie voor de bevolking van Parijs en omstreken.
Claude Cueni verstaat de kunst om het op zich saai en droog gegeven als de uitvinding van het papiergeld om te toveren naar meer dan vierhonderd bladzijden aangenaam en onderhoudend leesvoer. Hij slaagt er makkelijk in het verhaal luchtig te houden door een perfect evenwicht te zoeken tussen sfeerschepping en vertelsnelheid.
Maar voor een verhaal met situering als deze, waarbij het hoofdpersonage rond de overgang van de 17° naar de 18° eeuw heel West-Europa doorkruist om zich bij de wereldmachten van toen op te werken tot bij de vertrouwelingen van de staatshoofden, mocht toch wat meer diepgang en ‘serieux’ in zich hebben. Ook moet gezegd dat een te groot aantal makkelijk verifieerbare fouten in de tijd knabbelen aan de geloofwaardigheid van deze biografische roman.
Maar toch is de setting van het verhaal nog altijd meer dan de moeite waard, want de auteur laat ons kennis maken met een aantal historische kleurrijke tijdgenoten van John Law, die bij het grote publiek wel bekend zijn. De meest markante zijn mislukt zakenman en later succesvol schrijver Daniel Defoe en de als een god vereerde Lodewijk XIV van Frankrijk, de Zonnekoning. Ook zijn we getuige van het onstaan van fenomenen die toen nog geen naam hadden, maar die wij nu kennen als casino’s, de beurs en miljonairs.
Voor de thrillerliefhebbers wil ik even meegeven dat Het grote spel echt geen spannend boek is. Het enige draadje dat waar wat suspense kan en zou moeten zorgen dooft uit als een kaars in de wind. Maar de avonturen van het hoofdpersonage zorgen al voor afwisseling genoeg om met plezier verder te lezen. Het onbreken van echte spanning voelt dan ook totaal niet aan als een gemis.
De meerwaarde zoekende lezer moet Het grote spel echt eens ter hand nemen om verbaasd mee te leven met een man die zich heel zijn leven inzette om een idee waarin hij heilig geloofde te verwezenlijken en waarvan de geschiedenis ons leerde dat hij gelijk had... want dit boek is, zowat driehonderd jaar later, ook nog betaald met een briefje van twintig euro.
De score: 8/10

20:02
Gepost door Eric Diepvens
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: zwitserland, 8, vertaald, creme_de_la_crime, cueni_claude |
Facebook
|
01-03-09
DEFLO Luc - Lust

De buitenkant:
De combinatie van de vuurrode titel met de coverfoto straalt een zekere mate van erotiek uit. De omslag past perfect bij het verhaal en zal zeker jong adolecenten nieuwsgierig naar het boek doen grijpen.
De achterflap:
Bij geluk sta je zelden stil. En ach, kennen we het niet allemaal, dat benauwende gevoel dat ook Iris Bruweel af en toe bekruipt? Alsof je thuis geen lucht meer krijgt. En plots, die frisse wind. Dirk Janssens. Knap, charmant. Een womanizer, ongetwijfeld. Maar o zo anders dan Bert, haar sofaman met zijn eeuwige pindanootjes en zijn beginnende buikje. En het is ook zo verdomd lang geleden dat ze zich nog zó heeft gevoeld. Zo helemaal vrouw. Tot in de topjes van haar tenen.
In een hotel worden alle remmen losgegooid. Voor hem, het zoveelste avontuurtje. Met duidelijke spelregels. Voor haar, de rand van de afgrond, want de broeierige lust die haar lijf verteert, doet ook haar hart ontvlammen. Alsof ze valt, tuimelt. Peilloos diep. Ze wil meer. Proeven, strelen, bijten, likken of gewoon: een glimp van hem opvangen. Ze blijft hopen. Tegen beter weten in. En om zijn hart te veroveren gaat ze ver, heel ver. Wat begon als een vrijblijvende affaire ontaardt in een obsessie waar rede geen vat meer op heeft en waarbij slachtoffers onvermijdelijk lijken.
De binnenkant:
De uit Mechelen afkomstige, naar de Belgische hoofdstad uitgeweken, Luc Deflo leverde in 1999 met Naakte zielen zijn spannend debuut at. Het was het eerste deel van de reeks met onderzoeksrechter Bosmans en speurder Deleu die nog altijd springlevend is want de meest recente aflevering, Pitbull, sleepte verleden jaar nog de Hercule Poirotprijs in de wacht. Tussendoor publiceerde hij ook de trilogie rond de in kindermisdrijven gespecialiseerde Cel 5 en bij tijd en wijlen schudt hij losstaande thrillers uit zijn pen. Met Lust bewijst de auteur dat hij tien jaar na zijn debuut nog niets aan gedrevenheid als misdaadauteur ingeboet heeft en dat de inspiratie nog volop aanwezig is.
Lust is het verhaal van Iris Bruweel en Dirk Janssens. Beiden zitten vast in het keurslijf van hun respectievelijke huwelijken. Tijdens hun eerste ontmoeting bloeit er iets moois en hoewel op voorhand duidelijke afspraken wordengemaakt dat hun relatie niets meer kan en zal inhouden dan occasionele vrijblijvende seks, slaagt Iris er niet in Dirk uit haar hoofd te zetten. Ze wil hem tot elke prijs voor haar winnen, maar Dirk van zijn kant kan een stalkende scharrel missen als kiespijn...
Het gegeven doet onmiddellijk denken aan de, in het boek ook aangehaalde, film Fatal attraction uit 1987 met Michael Douglas en Glenn Close in de hoofdrollen. Maar in Lust is niet wraak maar liefde en passie de oorzaak van de spanningen tussen de hoofdrolspelers. En gelukkig voor de realisme, escaleert hun gedrag ook niet zo fel.
Eigenlijk ligt Lust erg in de lijn van het werk van Patrick De Bruyn: gewone mensen die, zowel door verkeerde beslissingen als door factoren buiten hun wil om, in een nauwlijks of niet te stoppen negatieve spiraal terecht komen en zo hun ondergang tegemoet gaan.
Deflo houdt er stevig de vaart in: zesenegentig hoofdstukken op een totaal van driehonderdzesentwintig bladzijden zorgen niet alleen voor veel blanco oppervlaktes maar ook voor een grote leessnelheid. Ook het feit dat de auteur zich louter beperkt tot het vertellen van zijn verhaal en zeer weinig zijsprongen maakt draagt bij tot de grote vlotheid waarmee het verhaal verslonden wordt.
De plot is, hoewel tamelijk rechtlijnig, niet slecht gevonden en goed uitgewerkt om in een atypische, zeer goed gevonden en al even bevredigende, ontknoping te eindigen waarin de doden er toch nog in slagen hun wil op te leggen aan de levenden. Het einde is dan ook, zoals het hoort in de erotiek, het hoogtepunt van Lust. Maar om de vergelijking door te trekken moet ook gezegd worden dat het voorspel wat van te lange duur is: Deflo gebruikt net iets teveel bladzijden om de obsessie van Iris voor Dirk uit te schrijven, waardoor op een gegeven moment langdradigheid dreigt.
Met Lust levert Deflo een degelijke overspelthriller af die erin slaagt niet in het ordinaire te vervallen, maar tevens ook niet te romantisch uit te hoek te komen. De auteur is erin gelukt zijn evenwicht op deze slappe koord te bewaren waardoor het boek best aangenaam leesvoer is. Maar toch is het verhaal niet sterk genoeg om uit te groeien tot een klassieker.
De score: 5/10

05:32
Gepost door Eric Diepvens
Permalink
| Commentaren (1)
| Email dit
| Tags: belgie, 5, nederlandstalig, delo luc |
Facebook
|





