07-07-11

BOOKS M.P.O. - De laatste kans

 

bmpodlk.jpg

 

De eerste zin:
Het zweet gutste over zijn rug toen hij zijn macabere ontdekking deed..

De korte inhoud
.
Onder verdachte omstandigheden vindt Jacques Vermin de dood in zijn woning bij Leersum. Het weinige dat rechercheur Petersen weet, is dat Vermin een kinderloze man was die een teruggetrokken leven leidde. Officieel woonde hij in Arnhem; hij hield voor anderen angstvallig geheim dat hij ook op de Utrechtse Heuvelrug een woning had. Terwijl Petersen zich op de zaak concentreert en steeds meer duistere kanten van Vermin ontdekt, lopen de wrijvingen tussen hem en zijn assistent Ronald Bloem op. Collega Inge Veenstra houdt zich tegelijkertijd bezig met een kind dat in Maarsbergen te vondeling werd gelegd. Staan beide zaken met elkaar in verband?


Het volledige rapport..
De Nederlander M.P.O. – Marco voor de vrienden – Books mag volgend jaar zijn vierde decennium op aarde vieren. Met zo’n familienaam lijkt hij wel voorbestemd om het boekenvak. Op zijn dertigste debuteert hij met Bij verstek veroordeeld, waar hij zijn vaste speurders duo Bram Petersen en Ronald Bloem op de wereld losliet. Met De laatste kans is deze reeks al aan zijn vijfde deel toe.

Naast zijn bezigheden als misdaadauteur, recenseert M.P.O. Books ook films, tv-series en boeken in allerlei genres, en biedt hij zijn diensten aan als freelance journalist.

De laatste kans vangt aan met de dood van de mysterieuze eenzaat Jacques Vermin. Door de uiteenlopende en tegengestelde getuigenissen hebben Petersen en Bloem het moeilijk een eenduidig beeld te krijgen van het slachtoffer. Maar naarmate het onderzoek vormt, blijkt de man betrokken te zijn bij een aantal onfrisse praktijken. Maar moeten de mogelijke verdachten dan ook in die richting gezocht worden? En is het toeval dat in de buurt een vondeling opduikt? Ondertussen heeft Petersen het steeds moeilijker met zijn vaak in geest afwezige partner, die hiervoor geen verklaring wenst te geven.

In een aangenaam leesbare stijl vertelt de M.P.O. Books dit verhaal vanuit de derde persoon, wat hem de mogelijkheid geeft zijn vertelpunt te richten op een aantal verschillende personages. Maar hij legt de nadruk toch op de figuren die het lopende voeren, waardoor de lezer niet te veel informatie krijgt die de speurders nog niet bezitten.
Maar toch slaagt hij er niet in de lezer in het verhaal te trekken, waardoor enige afstand blijft bestaan tussen die twee entiteiten. Deze wegwerken is een voorwaarde om lezers om te vormen tot onvoorwaardelijke fans en kopers.

Hoewel De laatste kans pas in 2011 op de markt verscheen, speelt het zich af in de zomer van 200’, meerbepaald tussen 22 en 30 juli. Maar dit gegeven stoort totaal niet tijdens het lezen van het verhaal. En de personages worden allen zeer levensecht geportretteerd.

Samen met de goede, klassieke plot behoort dit tot de sterke punten van dit boek waarin relaties een belangrijke rol spelen : relaties tussen collega’s; relaties tussen geliefden en vrienden, maar ook relaties waarin de machtsverhoudingen minder evenwichtig verdeeld zijn. Zo wordt de band tussen Petersen en Bloem ernstig verstoord en lijkt alles erop te wijzen dat slechts één van hen de scepter zal zwaaien in het zesde deel van de reeks.

Met De Laatste kans levert M.P.O. Books een gedegen klassieke politieroman af die smaakt naar meer.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG


19-06-11

MENHEER Wim - Alfred Lek

 

mwal.jpg


De eerste zin:
Die dag bereikte de hittegolf haar hoogtepunt.

De korte inhoud
.
Wanneer in een oude, vervallen villa in de deftige wijk ‘Sonnenberg’ een gehangene wordt gevonden en in de kelder het lijk van een vrouw, staat Kurt Ruettli van de Zürichse recherche voor een raadsel. De gehangene blijkt een zekere Alfred Lek te zijn, een rijke eenzaat die blijkbaar zelfmoord heeft gepleegd. Maar wie is de vrouw in de kelder?
In een flashback-briefcorrespondentie die Alfred Lek voert met een oude schoolkameraad in België, komen we meer te weten over de activiteiten van Lek in Zürich. En die activiteiten zijn bizar en ziekelijk. En waarom heeft hij die correspondentie met een toevallig weergevonden schoolmakker aangeknoopt? Het raadsel wordt groter als na de lijkschouwing blijkt dat Alfred Lek is vermoord.
Dit is de start van een hallucinante reis door een wereld van decadentie, prostitutie, kunst en verbijsterende onthullingen.


Het volledige rapport..
De in Borgerhout geboren Wim Menheer was tot enkele jaren geleden, de pensioengerechtigde leeftijd al ver overschrijdend, professioneel fotograaf in de Vlaams-Brabantse provinciestad Tienen, waarna hij zich aan de andere kant van de taalgrens terugtrok op het platte land

Pas in 1989 debuteerde hij met een verhalenbundel en op zijn zestigste verjaardag zette hij met Het purperen oog zijn eerste stappen in de misdaadliteratuur. Daarnaast publiceerde hij ook nog foto-poëziebundels en was hij jarenlang hoofdredacteur van het literaire tijdschrift Verba. Dit jaar rolde Wurgend mooi van de persen, waarin de Zwitserse rechercheurs Kurt Ruettli en André Lebrun, die ook al in Alfred Lek, zijn vorig werk uit 2008, het mooie weer maakten.

Ruettli en Lebrun worden opgeroepen voor een verhanging in een rijkere wijk van Zurich. Het slachtoffer wordt geïdentificeerd als de einzelganger Alfred Lek. Einde verhaal, lijkt het tot in de kelder van het huis het levenloze lichaam gevonden wordt van een jonge vrouw. Terwijl de rechercheurs dit mysterie trachten te ontrafelen, wordt de lezer meer inzicht verschaft in een tweede verhaallijn waarin de brieven van Alfred aan een vroegere leeftijdsgenoot in België een tip van de sluier oplichten over het leven en de beweegredenen van de heer Lek.

Kunst als onderdeel van spannende boeken lijkt een populair gegeven te worden, want op relatief korte tijd is dit al het derde werk met dit gegeven. Na Egon Schiele in Mieke De Loofs Wrede schoonheid, de surrealisten in  Michael Whites De moordkunstenaar speelt ditmaal Gustav Klimt, wiens Pallas Athena de cover siert, een rol in het verhaal. Of hoe men van het lezen van thriller ook nog iets kan opsteken

In Alfred Lek is al snel duidelijk wie de dader is, maar de auteur hecht meer belang aan de drijfveren van de dader. Een whydunit dus, en tussen de grote lading klassieke whodunits, is dit een welkome afwisseling. Dat er met de Zwitserse stad Zurich, ook nog eens een niet alledaagse plaats van gebeuren als decor gebruikt wordt is ook verrassend. Maar jammer genoeg drukt de stad niet echt een stempel op het verhaal. En voor de zeer goed beschreven ontknoping wijkt Wim Menheer uit naar het meer tot de verbeelding sprekende Rome.

Hoewel het boek het eerste is van een serie, blijven de hoofdfiguren zo goed als totale vreemden voor de lezer. Veel wijzer dan dat de ene een fanatiek bowler is en de andere zijn mannetje staat in het kwiscircuit worden we niet gemaakt. De auteur heeft dan ook nog wat werk voor de boeg om een band te creëren tussen zijn protagonisten en zijn publiek.

Maar het verhaal is best goed, want na de voor de hand liggende en netjes voorspelbare openingszetten, neemt het verhaal van Alfred Lek een leuke andere wending en stijgt de suspense langzaam maar zeker.

Alfred Lek, dat me aangeraden werd door een aantal andere misdaadauteurs die bij dezelfde uitgeverij Kramat onder dak zitten, is een niet onaardige policier, die zijn bedenker toch nog genoeg ruimte geeft om te groeien.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


08-06-11

OTTEN Almar - Verdwenen chemie

 

oavc.jpg

 

De eerste zin:
‘Over enkele ogenblikken station Deventer.

Korte inhoud
De onervaren rechercheur Ellen van Dorth wordt naar het chemiebedrijf Unimeer gestuurd om de bizarre inhoud van een envelop te onderzoeken. De volgende dag wordt het lijk van de exportmanager van Unimeer gevonden in het tuinhuisje van zijn villa. De ervaren Jozef Laros wordt op de zaak gezet. Hiermee is een nieuw politieduo geboren, al gaat de samenwerking niet altijd van harte. De mathematische werkwijze van de ambitieuze Ellen botst nogal eens met de intuïtieve aanpak van de oude rot Jozef en dat leidt regelmatig tot pijnlijke, maar vaak ook vermakelijke misverstanden.


Het volledige rapport
Na zijn studies in Wageningen migreerde Almar Otten naar Deventer waar hij bij de gemeente al enkele jaren aan de slag is als milieuambtenaar. Vrouwtje, huisje, kindje en nog een kindje volgen al snel waardoor de vrije tijd thuis moet doorgebracht worden. Het uitgelezen moment om zich aan het schrijven te zetten, vond Almar Otten en in 2007 debuteerde hij met Verdwenen chemie, het eerste deel van wat De zeven Deventer moordzaken moet worden.

Na het vierde boek, Lied van angst, belandde de reeks, die hij in zijn eentje realiseert, even in de koelkast, want ondertussen tekende hij een contract bij uitgeverij Sijthoff en werkte hij De afstammeling af. Maar de auteur blijft vastbesloten de reeks waarmee het allemaal begon in de toekomst nog af te werken.

Maar nu even terug naar Verdwenen chemie, waarin het vaste hoofdpersonage Ellen van Dorth onder supervisie van de ervaren rot in het vak, Jozef Laros haar eerste stappen zet bij de Deventerse recherche en al meteen voor de leeuwen wordt gegooid als bij een chemisch bedrijf in de buurt een merkwaardig pakje afgeleverd wordt. Als wat later de exportmanager van datzelfde bedrijf dood wordt teruggevonden, lijkt er echt een zaak Unimeer aan te zitten komen.

Almar Otten lezen is genieten: hij vertelt zijn verhaal droogjes met enorm veel flair en naturel dat je er als lezer zonder probleem in kan verdrinken. Tevens gaat hij elke vorm van bombastigheid en overdrijving uit de weg, waardoor een ongelooflijk gemoedelijke sfeer ontstaat die aangename uurtjes leesplezier garandeert. Als je tijdens het lezen een wijntje zou kraken; zal je tot je schaamte moeten vaststellen dat de fles leeg blijkt ze zijn zonder dat je het beseft, zo doet Verdwenen chemie – en niet de alcohol – je de tijd en het leven buiten het boek vergeten.

Wat Pieter Aspe is voor Brugge, is Almar Otten geworden voor Deventer: een terloopse gids, die de lezer bijna ongemerkt meeneemt langs de markantste plaatsjes van de stad en de couleur locale moeiteloos tussen de spannende verhaallijntjes weet te vlechten.

De eerder al vernoemde gemoedelijkheid is ook terug te vinden in zijn hoofdpersonages. Met name Jozef Laros is een zalige figuur die erin geslaagd is de balans te vinden tussen werk en genot en die bovendien niet gespeend is van enig relativeringsvermogen. Dat, in tegenstelling tot Ellen, die als een jonge hinde in twee sloten tegelijk dartelt in een poging toch maar indruk te maken op haar mentor. Het tweetal roept gelijkenissen op met de jonge en de oude stier in het wellicht alom gekende mopje... En de combine werkt, want zowel oud als jong zal zich kunnen vereenzelvigen met op zijn minst een van de personages.

Daarnaast neemt Verdwenen chemie ons mee in de keiharde wereld van het bedrijfsleven, waar directeuren geen zwaktes mogen kennen en enkel kennis en productiviteit als ter zake doende paramaters tellen; wat niet bij iedereen in goede aarde valt.

Almar Otten componeert zijn verhaal op intelligente wijze en maakt van Verdwenen chemie zowel een atypische bedrijfsthriller als een typische politieroman. Maar bovenal een zeer goed spannend boek.

Het definitieve verdict: 8/10

 

EOB.JPG

20-05-11

LAURYSSENS Stan - Bloter dan bloot

 

lsbdb.jpg

De eerste zin:
Sneeuw.

De korte inhoud
The Stones knalden uit de boxen. Met een klap ontplofte de bestelwagen en uit de gloeiende vuurbal kantelde een verkoold lichaam met een hoofd als een gebraden kip. Get your kicks bam bam on Route 66. Zo’n lawaai. Een mens zou er horendol van worden. Overal lagenbankbiljetten. Duitse marken, Zwitserse francs, guldens, dollars, ponden en Belgische franken. De telefoon rinkelde. ‘Een lijk op je nuchtere maag?’ riep Marie-Thérèse vanuit de badkamer. Genoeg bloedvergieten, genoeg doden in de sneeuw. Een hoertje knipperde met haar katachtige ogen. Niet dringen, niet duwen, achteraan aanschuiven, iedereen komt aan de beurt. Vlakbij loeide een sirene. Er viel een fijne, melancholische sneeuw, die op zilveren confetti leek. Geen weer om een hond door te jagen. Erg was dat niet, honden gaan toch niet naar de hoeren.


Het volledige rapport
De Antwerpse auteur Stan Lauryssens heeft al wat woelige watertjes doorzwommen. Zijn journalistieke loopbaan kwam abrupt tot een einde toen bleek dat zijn interviews met de groten uit de internationale showbusiness volledig verzonnen bleken te zijn. Later werd hij opgepakt omdat hij goedgelovige middenstanders grote bedragen ontfutselde door hen waardeloze kitsch en namaak als kunst te verkopen. En enkele jaren geleden schuimde hij zowat alle media in Vlaanderen af met het nieuws over een Hollywood-verfilming van zijn leven als buurman van Dali; een verfilming die ondertussen op de lange baan geschoven lijkt te zijn… Kortom met Stan Lauryssens weet je nooit waar je aan toe bent.

In 2002 waagde deze eigengereide en flamboyante man - wiens flapteksten niet de korte inhoud van het verhaal weergeven, maar slecht extracten uit het boek, waar een potentiële koper niets aan heeft - zich met Zwarte sneeuw aan de misdaadliteratuur, wat hem meteen de Hercule Poirotprijs opleverde en dit jaar verscheen zijn tiende politieroman Dromen zijn bedrog, over de Antwerpse moordbrigade. Bloter dan bloot is het vijfde deel uit deze reeks dat dateert van 2005 en is rechtstreeks vervolg op Doder dan dood, waarin de overval op de Nationale bank centraal stond. Bloter dan bloot beschrijft de jacht van de politie op de daders.

Het feit dat Bloter dan bloot niet is onderverdeeld in hoofdstukken, maar slechts bestaat uit een doorlopende opeenvolging van paragrafen vraagt wat aanpassingsvermogen van de lezer, maar als het finale punt op bladzijde 299 bereikt is, kan men alleen maar vaststellen dat het boek eenmaal ontdaan van alle overbodige zaken amper meer dan een hoofdstuk lang is. De hoofdmoot van de tekst bestaat uit een nietszeggende verzameling citaten en oneliners afgewisseld met aangebrande moppen en andere cafépraat. Kortom – en om in de stijl te blijven - te veel blabla en te weinig boemboem.

Bloter dan bloot blijkt een niemendalletje vol gebakken lucht de naam politieroman of thriller onwaardig en is veruit het slechtste werk dat ik van Stan Lauryssens mocht lezen. Ontgoocheling over het tijdverlies is dan ook de enige emotie die achterblijft nadat het boek werd dichtgeslagen.

Stand Lauryssens heeft een verleden oplichter en Bloter dan bloot geeft mij ook het gevoel opgelicht te zijn. Jammer genoeg is deze vorm van oplichting niet strafbaar, daarom kan ik andere potentiële slachtoffers alleen maar waarschuwen: laten liggen, dit boek.


Het definitieve verdict: 2/10

EOB.JPG


22:32 Gepost door Eric Diepvens Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: lauryssens_stan, nederlandstalig, belgie, 2, policier, humor, serie |  Facebook |

14-05-11

NANNE Gerard - De man van Imelda

 

ngdmvi.jpg

 

De eerste zin:
De zon staat op het punt onder te gaan en de temperatuur zakt naar een waarde van vijftien graden.

De korte inhoud

In de omgeving van het Bloemendaalse strand wordt een man dood in de kofferbak gevonden. Het slachtoffer is dusdanig verminkt dat identificatie onmogelijk blijkt. Korte tijd later wordt een jonge vrouw onder dezelfde omstandigheden aangetroffen. Bij rechercheur Jillian Blom en haar collega’s slaat de paniek toe. Wie waren de slachtoffers? Wie is de Filippijnse Imelda Diaz? Wat is de betekenis van de Mexicaanse volksheilige Santa Muerte? En welke cruciale rol speelt de officier van justitie in het geheel? Veel vragen, weinig antwoorden...


Het volledige rapport.
De in 1949 geboren Nederlander Gerard Nanne is metselaar van beroep. Sinds hij in 2002 debuteerde met Het lied van de lijster, mag hij zich ook misdaadauteur noemen.

De man van Imelda is al het achtste werk van zijn hand, maar slechts het tweede met rechercheur Jillian –Jill voor de vrienden – Blom in de hoofdrol. Deze keer vormt de vondst van een onthoofd lijk in de kofferbak van een gestolen wagen het begin van de zoektocht naar een meedogenloze moordenaar. Al snel wordt een tweede lijk in dezelfde toestand gevonden. Maar waarom ligt de anders altijd zo meegaande officier van justitie net in dit onderzoek dwars?

Gerard Nanne hanteert een schrijfstijl waarbij het aangenaam vertoeven is en die moeiteloos wegleest. Dat het verhaal in het begin alle kanten op kan, maakt het intrigerend genoeg om het boek amper of niet te kunnen wegleggen. Allemaal tekenen van een goed boek.

Maar doordat de wervels, die ruggengraat van het verhaal vormen, net een paar keer teveel bij elkaar gehouden worden door net te grote toevalligheden verlies de spanning aan kracht en het verhaal aan geloofwaardigheid.

Door de keuze van Gerard Nanne om van de uitbuiting van gewone man door de hogere klasse zijn thematiek te maken en deze aan de lezer aan te bieden in de vorm van kleine, persoonlijke feiten, weet hij te raken en verdient hij zeker zijn plaatsje in de Nederlandse spannende literatuur.

De man van Imelda is al bij al een zeer leuk tussendoortje en Gerard Nanne mag zich een begenadigd verteller noemen, die nog aan kracht kan winnen als hij het plotten beter onder de knie kan krijgen.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG

05-05-11

OTTEN Almar - De afstammeling

 

oada.jpg

 

De eerste zin:
Het intense licht van de ondergaande zon zet het slagveld in lichterlaaie.

De korte inhoud

Nooit vertelde historica Lineke Tesenga iemand over die ene ochtend. Ze betrapte haar vriend Berend, een gepassioneerd amateur-archeoloog, terwijl hij in haar kelder iets inmetselde. Kort daarop stierf hij bij een onverklaarbaar auto-ongeluk. Nu wil Lineke nog maar één ding: de waarheid achterhalen.
Joris Dumbar doet tijdens zijn promotieonderzoek in Utrecht een opzienbarende vondst: een onbekend en eeuwenoud manuscript. Het beschrijft de reis van de missionaris Lebuïnus, die in de achtste eeuw in Deventer leefde. Wanneer Joris’ flat overhoop wordt gehaald, beseft hij dat hij iets bijzonders en gevaarlijks op het spoor is. Iets wat iemand tot elke prijs wil hebben..
Op zoek naar antwoorden vlucht hij naar Deventer: de bron van het verhaal. Daar ontmoet hij Lineke en samen doen ze een ontdekking die de Nederlandse geschiedenis op zijn kop zet.


Het volledige rapport..
Na zijn studies hydrologie lokte een baan Almar Otten naar Deventer waar hij zich met vrouw en twee dochters ondertussen meer dan thuis voelt. Na zijn dagtaak als milieuambtenaar bij het gemeentebestuur, vult hij zijn vrije tijd sinds de geboorte van zijn eerste dochter met het schrijven van spannende boeken.

Zo werkt hij al een aantal jaren aan de serie De zeven Deventer moordzaken, waarvan tot op heden al vier episodes verschenen bij Artnik. Deel vier , Lied van angst, haalde verleden jaar zelfs een nominatie voor De diamanten kogel binnen. En nu ligt het door Sijthoff gepubliceerde De afstammeling in de winkels. Hoewel hij zijn vaste personages even terzijde schuift, houdt hij ook in dit boek vast aan Deventer als plaats van gebeuren.

Als de Utrechtse promovendus Joris Dumbar, die onderzoek doet naar de kerstening van de Saksen in de tweede helft van de achtste eeuw totaal onverwacht zijn ontslag krijgt zonder een aanvaardbare reden, vermoed hij dat een ontdekking tijdens zijn onderzoek wel eens deze echte reden kan zijn. Hij besluit een en ander uit te zoeken en trekt naar Deventer waar hij kennis maakt met Lineke Tesinga, de beheerder van de middeleeuwse boeken in de stads- en Athenaeumbibliotheek. Haar wereld staat, sinds de dood van haar vriend, drie jaar geleden stil en besluit, onder de indruk van Joris’ enthousiasme, definitief uit te zoeken waarom de door van haar vriend tegelijk een pijnlijke breuk met haar schoonmoeder in spe teweeg bracht. Samen duiken ze in het verleden en doen ze een waardevolle ontdekking

Almar Otten heeft een zeer aangenaam lezende schrijfstijl die net zo goed binnen loopt als pils. Hij vertelt zijn verhaal in de derde persoon enkelvoud en leidt ondertussen de lezer quasi ongemerkt langs de mooiste plekjes van zijn geliefde Deventer, één van de oudste steden van Nederland.

De auteur brengt zijn verhaal, vertrekkend van een degelijk gecomponeerde plot, op zeer onderhoudende wijze, waarbij hij de inspiratie onder andere haalde uit de historische boeken van de streek die zijn vader publiceerde.

De geloofwaardigheid van De afstammeling heeft wat te lijden onder het gemak waarmee mensen straffeloos uit de weg geruimd worden, maar is voor een boek in dit subgenre nog ruim aanvaardbaar. De wetenschappelijke en historische insteek draagt hier zeker toe bij.

Ook tekent Almar Otten zijn hoofdpersonages met veel oog voor detail, maar soms worden ze verplicht om net iets boven hun kunnen te acteren, waardoor het karakter en de daden van die protagonisten niet altijd in elkaars lijn liggen. Jammer genoeg moet ook worden vastgesteld dat de figuren die de grote bijrollen vertolken amper tot leven komen.

Met De afstammeling brengt Almar Otten een meer dan aardige variatie op de relithriller, die eens niet de katholieke kerk maar het gedachtegoed van de Saksen als thema en rode draad gebruikt.

Het definitieve verdict: 7/10


EOB.JPG


25-04-11

JACOBS Paul - De rode badkuip

 

jpdrb.jpg

De eerste zin:
Dominee Edward Louks zette zijn ruitenwissers uit en stapte uit zijn witte Chevy op de schaars verlichte parking achter het Sunny Side Up-hotel in L.A., aan de oude, verkommerde kant van de sporthaven Marina del Rey.

De korte inhoud

Als de eigenzinnige filosofiestudente Ellen Rademakers onverwacht een fortuin erft, is daar één merkwaardige voorwaarde aan verbonden. Overmoedig neemt ze de uitdaging aan en gaat op zoek naar het grootste geheim dat de mensheid sinds haar ontstaan heeft beziggehouden.
Met de hulp van de cynische tv-reporter Tom Breens van het populaire programma De ongelovige Thomas, vertrekt ze op een avontuurlijke en spirituele reis die haar van Antwerpen, via Haspengouw naar de steile krijtrotsen van de Normandische kust zal voeren, en naar verzwegen episodes uit haar verleden.
Maar niet iedereen is blij met haar sensationele ontdekkingen.


Het volledige rapport
De Vlaming Paul Jacobs begon begin jaren zeventig aan een loopbaan bij de toenmalige BRT – nu VRT, waar hij actief was als tekstschrijver, producer en interviewer. Tot zijn bekendste creaties behoren, naast de legendarische IQ quiz, vooral programma’s waarin vooral taalgevoel en humor centraal staan, zoals De taalstrijd, De tekstbaronnen en De rechtvaardige rechters. Daarnaast schreef hij scenario’s, columns en menig boek in verscheidene genres. Na de eeuwwisseling verliet de man de openbare omroep om zich volledig te concentreren op zijn carrière als auteur.

Zo publiceerde hij in 2008 met De rode badkuip, zijn eerste misdaadroman, waarin televisiemaker Thomas Breens de hoofdrol toebedeeld kreeg. Ondertussen is deel vier van deze serie al in voorbereiding.

In deze schattenjacht met esoterische en astrologische trekjes krijgt de jonge Antwerpse Ellen Rademakers onverwacht te horen dat ze de enige erfgename is van haar vroegere buurvrouw; maar slechts op voorwaarde dat ze op zoek gaat naar de zin van het leven. Samen met kritische Thomas trekt ze erop uit. Maar de zoektocht in verleden en heden blijkt gevaarlijker dan zich op het eerste zicht laat blijken, want zij zijn niet de enige geïnteresseerden en die tegenstanders gaan heel wat meedogenlozer te werk dan Ellen en Thomas.

Met de keuze van zijn hoofdfiguren zit de auteur ook recht in de roos, want ze zijn complementair: aan de ene kant is er Thomas, de door de wol geverfde, met twee voeten op de grond staande man, die alles wat niet wetenschappelijk vaststaat quasi automatisch als larie beschouwt, en die via zijn job als maker van televisieprogramma’s als een mooi klankbord fungeert waarlangs de auteur zijn anekdotes, weetjes en frustraties over het vak kwijt kan. Aan de andere kant is er de jonge, onervaren, beïnvloedbare filosofe Ellen, die toch telkens haar zin weet door te drijven.

Dit zorgt ervoor dat de lezer zich al snel comfortabel voelt en zich laat opslokken door de plot, die zich getoetst tegen de normen van de geloofwaardigheid amper weer te handhaven, doordat deze variatie op het aloude thema van de jacht van de goeden en de slechten op eenzelfde gegeven, nogal vergezocht lijkt en een steeds buitenproportionelere omvang aanneemt naarmate de ontknoping nadert. Maar zoals al gezegd, de auteur weet zijn publiek zodanig te manipuleren dat het tijdens het lezen totaal niet stoort. De twijfels komen pas achteraf.

Veel wordt weer goed gemaakt door de locaties in De rode badkuip gebruikt worden: beginnend in het statige Antwerpen wordt via een Haspengouws klooster en een Oost-Vlaams kasteeldomein toegewerkt naar een gewelddadige ontknoping aan de idyllische Normandische kust.

Paul Jacobs laat met De rode badkuip een frisse wind waaien in het land van het spannende boek. Het begint al met de voor thrillers atypische titel, die niet enkel de lezer nieuwsgierig maakt, maar zelfs een link heeft met het verhaal. Tevens hanteert hij een luchtige stijl van vertellen, die van het lezen een zeer aangename bezigheid maakt. En met zijn originele invalshoek heeft de auteur van meet af aan zijn bestaansrecht geclaimd.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG

17-04-11

BERNAUW Patrick & COPPENS Philip - De paus van Satan

 

bpcpdpvs.jpg

 

De eerste zin:
Het was in het jaar 1888 dat ik de geforceerde banaliteiten en de rigide structuren van de roman voorgoed en bewust inruilde voor een eigen vorm van geschiedschrijving, die geen behoefte had aan een begin, een midden en een slot waarin alles netjes werd verklaard.

De korte inhoud

De negentiende-eeuwse auteur Joris-Karl Huysmans werkt eigenlijk voor de Franse geheime dienst. Huysmans infiltreert in het satanistische milieu van Parijs en komt er op het spoor van de paus van Satan. Deze oppersatanist, die de komst van de antichrist moet voorbereiden, blijkt niemand minder te zijn dan de kapelaan van de Basiliek van het Heilig Bloed in Brugge, Louis Van Haecke. En zo belandt Huysmans in Bruges-la-morte, de stad die door de Tempeliers ooit was voorbestemd om het Jeruzalem van het Westen te worden.
Huysmans schrijft een opheffende roman over zijn afdaling in een zwartmagische onderwereld, Là-bas. Maar daardoor raakt hij ook betrokken in een ware Oorlog der Magiërs en komt hij terecht in een occult wespennest, waarin figuren als Nostradamus en Jack the Ripper een rol hebben gespeeld.
Huysmans ontdekt dat het geheim rond de afstammelingen van Jezus Christus en Maria Magdalena niet zou worden bewaard in Rennes-le-Château, in het zonnige zuiden van Frankrijk, maar een heel stuk noordelijker: in Brugge en in Orval.



Het volledige rapport..
De Aalsterse auteur Patrick Bernauw is tegenwoordig vooral aan de slag als bedenker en producent van teambuilding activiteiten. Na een afwezigheid van drie jaar ligt nu zijn nieuwste faction verhaal De paus van Satan in de winkelrekken, waarin de Franse ambtenaar Charles-Marie-Georges Huysmans - die vooral onder de naam Joris-Karl Huysmans bekendheid verwierf als auteur – de hoofdrol toebedeeld kreeg.

Volgens het voorwoord benaderde medeauteur Philip Coppens Patrick Bernauw met een document waaruit moet blijken dat Huysmans niet zomaar een ambtenaar was, maar een lid van de Franse geheime dienst. In die hoedanigheid moest hij een waakzame blik houden op de groeiende aandacht voor het satanisme dat sterk aan populariteit won in het Parijs van de late negentiende eeuw. Niet alleen zou dit gegeven aan de basis liggen van diens controversiële roman Là-bas, maar zou het hem op het spoor gezet hebben van een prominent duivelaanbidder die enkel bekend was als de paus van Satan.

Op zich is dit een originele invalshoeks die perspectief biedt, maar jammer genoeg stuurt de auteur zijn hoofdpersonage over dezelfde paden die reeds bewandeld werden in Bernauws boeken Het bloed van het lam en Nostradamus in Orval: de graallegende en de schat van de Tempeliers worden dus gerecycleerd.

Hoewel Philip Coppens als coauteur de cover siert, lijkt de tekst toch volledig van Patrick Bernauws hand, want de stijl ligt volledig in het verlengde van de twee eerder genoemde werken: moeilijk doorploegbare teksten waarbij de meest uiteenlopende feiten worden samengevoegd zonder dat er een coherent geheel ontstaat. Ik kan mij niet van het idee ontdoen dat de auteur enkel voor zichzelf schrijft en niet voor zijn publiek, want veel leesplezier is er aan dit boek niet te beleven. Misschien is De paus van Satan interessant voor lezers die het leven en werk van Huysmans al door en door kennen, maar de modale liefhebber van het spannende boek zal zich al snel afvragen waar de auteur nu eigenlijk naartoe wil en verloren lopen in de denkwereld van de auteur. Ook bevordert het feit dat het boek een afwisseling is van verhalende tekst en uittreksels uit het geheimzinnige document, gestoffeerd met een overvloed aan verklarende voetnoten, het leesplezier niet echt, om het zachtjes uit te drukken.

Dit voor uitgeverij Manteau zeer atypische boek, zou niet misstaan hebben op de verplichte literatuurlijsten uit mijn schooltijd, waardoor mensen eerder afgeschrikt werden om van lezen een hobby te maken in plaats van ervoor warm gemaakt te worden. De paus van Satan is in mijn ogen dan ook een miskleun als spannend boek.


Het definitieve verdict: 3/10

EOB.JPG


05-04-11

SOETEWEY Rudy - Getuigen

 

srg.jpg

 

De eerste zin:
De wijze waarop ze de schuifdeur openrukten, voorspelde niet veel goeds.

De korte inhoud

Je bent de enige getuige van een zoveelste incident met jongeren, dit keer op een late trein. Je kent de jongeren niet en ook het slachtoffer is je onbekend. Je wordt door niemand opgemerkt, je hebt geen gsm op zak en bovendien ziet het er allemaal niet zo erg uit voor het slachtoffer. Redenen genoeg om de politie niet te bellen.
Tot de volgende dag….


Het volledige rapport
De Vlaming Rudy Soetewey is leraar van beroep, maar pleegt als eens een boek te schrijven. Na in de jaren negentig te zijn begonnen als romancier richtte hij vanaf de eeuwwisseling zijn pijlen op het spannende boek. Een omscholing die niet onopgemerkt voorbij ging want zijn titels prijkten al op de nominatielijstjes van het gros der Nederlandstalige thrillerprijzen. Naast romans componeert hij ook stukken voor toneel en liedjes.

Getuigen is zijn vierde spannende boek dat net als zijn voorgangers een losstaand verhaal vormt. Hierin is Martin Vandeweyngaert in de late uurtjes getuige van een daad van kleine criminaliteit. Om zichzelf niet dieper in de problemen te werken dan hij al zit, besluit hij niet te reageren, maar zijn geweten knaagt. En het knaagt nog harder als hij wat later in de krant leest dat de gevolgen erger waren dan hij had ingeschat. Onder het maaiveld blijven. Of zijn nek uitsteken? De strijd tussen zelfbehoud en rechtvaardigheidsgevoel bezorgen hem slapeloze nachten.

Rudy Soetewey situeert zijn verhalen steevast in de buurt waar hij al jarenlang verblijft. Ook nu weer vormen de gemeenten Hove en Edegem in de Antwerpse rand het decor voor weerom een klein, herkenbaar spannend verhaal dat drijft op het uitstekend psychologisch inzicht van de schrijver en dat in de eerste persoon enkelvoud verteld wordt in een aangenaam taalgebruik, dat volks aandoet en waarin vooral de Vlaamse lezer zich meteen zal thuis voelen. De auteur tapt dus grotendeels uit hetzelfde vaatje als Patrick De Bruyn, waarbij ze, kwalitatief beschouwd, perfecte sparringpartners zijn.

Getuigen slaat de inleiding over en zet meteen de toon door de lezer meteen een dosis spanning voor te schotelen, waardoor deze direct in het verhaal zit en er niet meer uitkomt. Want door uitgekiende wijze waarop de auteur de hersenspinsels van het hoofdpersonage op papier zet, kan men niet anders dan meeleven en menigmaal betrapte ik mezelf erop identieke ergernissen en ongeloof als Martin aan de dag te leggen tegenover de werking van het systeem. Want dat is het boek eigenlijk: een bedekte maar gegronde aanklacht aan het adres van de werking van onze maatschappij - en dus aan het adres van ieder van ons – waarbij enkel eigenbelang als primaire maatstaf telt.

Dit laatste klinkt misschien nogal zwaar, maar Rudy Soetewey brengt het op zo’n terloopse en geloofwaardige manier waardoor het de spannende verhaallijn totaal niet in de weg staat.

Getuigen is net geen driehonderd bladzijden herkenbare suspense en het bewijs dat deze schrijver, net als goede wijn, beter wordt met de jaren. Een aanrader.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG

04-04-11

DHOOGE Bavo - Scrabble man

 

dbsm.jpg

 

De eerste zin:
Clint Wilson dacht: als mijn leven een film is, waar is de popcorn?.

De korte inhoud

Benny Benito is dé ster van Hollywood, de man die in dé filmhit gestalte gaf aan de seriemoordenaar Scrabble Man. Maar Benny wil zich voortaan toeleggen op komedies. Foutje. Zijn laatste prent bracht nul komma nul op en nu zijn een paar mensen kwaad, zeg maar pissed. Zoals zijn vrouw Sandy, die aanpapt met Benny’s agent Carlos. Of zoals Yuri The Fury, een Russische investeerder van de recente miskleun.
Tot overmaat van ramp wordt Benny ook nog eens gegijzeld door twee mannen met eigen filmplannen. Clint Wilson wil met zijn zwarte buddy Cody duidelijk maken dat hij als twee druppels water op Benny Benito lijkt en als lookalike  heel wat klusjes kan opknappen. Benny moet de rol van zijn leven spelen om zijn leven te redden. Ondertussen heeft ook de echte Scrabble Man weer inspiratie gevonden om te gaan moorden….


Het volledige rapport..
De in 1973 geboren Gentse broodschrijver Bavo Dhooge publiceerde zijn eerste boek Spaghetti in 2001 en een jaar later zag zijn spannend debuut SMAK het daglicht. Vandaag, amper tien jaar later prijken er zestig titels op zijn biografie: Naast de befaamde titels die steevast beginnen met de letter S, zitten er ook verhalen in opdracht en onder pseudoniem uitgebrachte werken tussen voor jong en oud.

Zijn jongste spruit luistert naar de naam Scrabble man en is het derde boek in Los Angeles-reeks die geen terugkerende hoofdpersonages kent maar de locatie als bindende factor heeft. Hierin heeft filmster op retour Benny Benito een slechte dag, want niet alleen is zijn vrouw hem liever kwijt dan rijk, maar wordt hij ook nog eens belaagd door een vermeende lookalike en een ontevreden investeerder. Misschien een raar gegeven voor een spannend boek, maar ondertussen is het algemeen geweten dat Bavo Dhooge de Vlaamse papieren Quentin Tarantino is, die geen enkel absurd gegeven uit de weg gaat.

Scrabble man is een tweeslachtig boek geworden, waarvan de breuk zich ongeveer net in de helft van het verhaal voordoet. In het begin ligt de focus zo goed als volledig op Clint Wilson, een man die uit bed gestapt is met het waanidee dat hij sprekend op het hoofdpersonage lijkt, en zijn diensten als stand-in gaat aanbieden bij Benny. Dit gegeven overschrijdt de grenzen van de geloofwaardigheid, zeker omdat iedereen meteen een andere acteur in de arme man herkent. De auteur lijkt even te hervallen in het euvel van Sioux Blues, zijn vorige boek: het uitmelken van een te compact thema tot de proporties van een volledige roman. Maar ver voorbij het punt waarop lezers al lang berusten in – en sommigen wellicht al afhaken door - het feit dat Bavo Dhooge deze keer wel echt de bal mis geslagen heeft, herpakt deze laatste zich door de andere personages, en in het bijzonder de Russische gangster Yuri op de voorgrond te laten treden. Vanaf dat moment krijgt het verhaal een nieuw elan en wat volgt behoort tot het beste wat er ooit uit de pen van deze Gentse auteur gevloeid kwam. Op slag wordt deze deurenkomedie een hoorn des overvloeds van geslaagd absurdisme gecombineerd met totaal onverwachte wendingen Hij slaagt er zelfs bijna in de volhardende lezer het lamentabele begin te laten vergeten, wat echt als een huzarenstukje mag beschouwd worden.

Het is algemeen geweten dat humor in de literatuur en met name humor in combinatie met spanning een zeer moeilijke – indien niet de moeilijkste – tak van het schrijven is. En nadat Toni Coppers het roer omgooide blijft Bavo Dhooge zich als enige Vlaamse auteur vastbijten in het genre. En met succes, ondanks de dip die Scrabble man vertoont. Een score van vier voor de eerste helft en het maximum voor de tweede komt op een gemiddelde van zeven voor het totaal.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


21:01 Gepost door Eric Diepvens Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: dhooge_bavo, nederlandstalig, belgië, 7 gijzeling, humor |  Facebook |

28-03-11

MEIJER Ariane - Zwart zaad

 

mazz.jpg

 

De eerste zin: 
Nietsvermoedend en onbelast door de wetenschap dat dit voorlopig zijn laatste rit zal zijn, begint de machinist vanmorgen aan zijn vroege dienst..


De korte inhoud

Donia Fisher moet leven onder de constante bedreiging van een aartsvijand die op de loer ligt. Toch kent ze grotere zorgen, zoals haar acute financiële nood. Als haar een droombaan wordt aangeboden, twijfelt ze dan ook geen seconde.
Ze wordt als privédetective ingehuurd om een schadeclaim van het zaadveredelingsbedrijf van Joost en Mark Dekker te onderzoeken. Waarom heeft Mark zich van het leven beroofd? Weet zijn weduwe er misschien meer vanaf? En welke rol speelt de groeiende markt van de gentechnologie bij het op handen zijnde faillissement van het bedrijf? Alleen Joost weet de antwoorden, maar hij is spoorloos verdwenen.
Even vergeet Donia haar eigen problemen, totdat het gevaar wel erg dichtbij komt….



Het volledige rapport..
De Nederlandse Ariane Meijer zal in Nederland nog enige bekendheid genieten als presentatrice bij de commerciële zender SBS 6, maar sinds een paar jaar probeert ze van haar pen te leven.

In 2007 maakte ze met Koud-zuid haar spannend debuut en het hoofdpersonage keerde ook terug in haar volgende boek Wit goud. Zwart zaad, het derde boek in de reeks met Donia Fisher als belangrijkste personage, kan zonder enig probleem gelezen worden als een op zichzelf staand verhaal, want hoewel de verwijzingen naar haar vorige avonturen veelvuldig aanwezig zijn, worden ze weldoordacht geplaatst zodat nieuwe lezers het gevoel hebben dat al die informatie enkel dient als achtergrondvorming.

De Amsterdamse Donia Fisher zit na haar eerdere belevenissen letterlijk op zwart zaad en als een oude bekende haar voorstelt om aan de slag te gaan als onderzoekster voor een verzekeringsmaatschappij, twijfelt ze geen moment. Voor haar eerste opdracht moet ze proberen een barst te vinden in het waterdichte verzekeringsdossier betreffende de mislukte oogst van het zaadveredelingsbedrijf Dekker & zonen. Vertrouwend op haar intuïtie en overlevingsdrang duikt Donia in de onbekende wereld van de zaadhandel in de hoop enige vorm van fraude te ontdekken…

Het boek wordt origineel opgebouwd. Ariane Meijer gebruikt geen hoofdstukken, maar deelt het boek op in 4 toepasselijke bedrijven: Zaad, groei, bloei en oogst, die niet alleen verwant zijn aan het onderwerp maar eveneens de stadia aangeven waarin de economische wedergeboorte van het hoofdpersonage zich bevindt..

Doordat het verhaal, dat wordt verteld in de eerste persoon enkelvoud, wordt zeer luchtig gehouden, waardoor regelmatig het idee ontstaat een chicklit in handen te hebben. Ook lijkt het boek wel een marketingstunt van Aldi, want de goede verhouding tussen prijs en kwaliteit van de producten van deze keten wordt meermaals aangeprezen.

Qua plot zit het boek bet goed in elkaar met een lichtjes buitenproportionele ontknoping. Enkel de dreigende aanwezigheid van iemand uit haar vorig leven was er net teveel aan en leidt de aandacht af van dit boek. Maar misschien dat lezers van de volledige reeks dit draadje beter kunnen smaken.

Met Zwart zaad levert Ariane Meijer best een aangenaam tussendoortje af dat, door de positieve instelling en de vrouwelijke vertelstijl vooral gesmaakt zal worden door de vrouwelijke liefhebbers van het spannende genre.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG

26-03-11

HOLSTERS Bart - Blokje om, hoekje om

 

hbboho.jpg

De openingszin:
Het belastingsgebouw aan de Rijnkaai maakte een onheilspellende indruk in de mistige regen.

De korte inhoud

Op een mistige dag wordt op een druilerige kade het ontzielde lichaam van een zestigjarige man in joggingpak aangetroffen. Hartaanval luidt de diagnose.
De dode jogger blijkt de kruimeldief Vandoren te zijn, die nooit had kunnen verwachten dat zijn sportieve blokje om zo eindigen in een definitief hoekje om.
Als er bij de plaatselijke politie een tip binnenkomt dat de kleine crimineel betrokken zou zijn bij de groots opgezette schilderijendiefstal van enkele dagen geleden, krijgt een jonge, ambitieuze, maar helaas werkloze winkeldetective opdracht onopvallend de zaak te onderzoeken.


Het volledige rapport
Van De Vlaamse auteur Bart Holsters begon zijn literaire loopbaan als vertaler van pulp en werd later thrillerrecensent bij de krant De Morgen. In de jaren tachtig van vorige eeuw publiceerde hij vier spannende boeken.

Blokje om, hoekje om was zijn debuut en staat voor eeuwig en altijd geboekstaafd als het eerste boek ooit bekroond met een prijs voor spannende boeken voor het Nederlandse taalgebied, want uitgeverij A.W. Bruna & zoon bekroonde dit ingezonden verhaal met de eenmalig uitgereikte Havanktrofee die naast een geldprijs ook bestond uit de publicatie van het boek.

De vondst van de tijdens het joggen aan een hartaanval bezweken kruimeldief Vandoren zet narcotica-agent Verheyden aan om de weinig succesvolle detective Jean-Pierre Willems te tippen. Vandoren zou betrokken zijn bij een miljoenenroof in het naburige Schilde. Als een pitbull bijt de detective zich vast in het spoor.

Het verhaal wordt verteld vanuit de eerste persoon en speelt zich af in Antwerpen, de thuisstad van de auteur. Het redelijk goede plot wordt compact uitgewerkt en royaal gelardeerd met humor.

Een kennis beweert dat Pieter Aspe zijn mosterd uit deze boeken haalde. En er zijn wel een aantal gelijkenissen te bespeuren: de auteur houdt vast aan één enkel drankje – koffie in dit geval en de obligate Latijnse spreuk is ook terug te vinden. Maar mij lijkt het veel meer een voorloper van Bavo Dhooges eerste seriepersonage Patrick Somers, want naast een grote portie niet altijd even sterke humor; een geboren verliezer in de hoofdrol en een verhaal dat zich afspeelt onder de kerktoren van een Vlaamse stad roept heeft Blokje om, hoekje om dezelfde gevoelens en sfeer op als Patjes avonturen: geestige ontspanning zonder kapsones. Liefhebbers van deze oudere S-boeken mogen dan zich dan ook zonder twijfel wagen aan het werk van Bart Holsters.

Een leuk tussendoortje maar ook niets meer.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG


17-03-11

VERMEIREN Koen - De blik


vkdb.jpg

De openingszin:
Precies op het ogenblik dat het Speciaal Interventie Eskadron, de vroegere Brigade Diane, onder leiding van commandant Mark Van Den Eede arriveerde bij het statige herenhuis op de hoek van de Pachécolaan  en de Kruidtuinlaan, klonk het eerste schot.

De korte inhoud
Een gijzelingsactie waarbij het SIE (Speciaal Interventie Eskadron) wordt ingeschakeld, kent een dramatische afloop. Commandant Marc Van Den Eede voelt zich persoonlijk verantwoordelijk voor de dood van twee slachtoffers en dient zijn ontslag in. Hij gaat aan de slag bij een lokale politiezone, waar hij echter moeilijk zijn draai kan vinden.
Wanneer hem de mogelijkheid wordt geboden om het pas opgerichte FAST (Fugitive Active Search Team) te gaan leiden, grijpt hij die kans met beide handen. Niet uit ambitie, maar omdat hij daarin een mogelijk ziet om de voortvluchtige gijzelnemers, de die dood van een van zijn mannen en van een kind op hun geweten hebben, achter de tralies te doen belanden. Niet iedereen binnen het politiekorps en bij de magistratuur is opgezet met de nieuwe eenheid, die het moet stellen met weinig manschappen en heel beperkte middelen. Het FAST zal zijn bestaansrecht dan ook moeten bewijzen. De drijfveer van commissaris Marc Van Den Eede en hoofdinspecteur Wim Elias wordt al vlug die van het hele team: ervoor zorgen dat criminelen hun straf niet ontlopen.


Het volledige rapport
Eindelijk nog eens een spannend boek dat er ook uitziet als een thriller, want de coverfoto is niet alleen mysterieus, maar roept teven meteen angst op, door de blik die eenieder die het boek oppakt kippenvel bezorgt. Associaties met Stephen Kings De shining borrelen spontaan op. Dat het verhaal ook nog De blik als titel meekreeg is mooi meegenomen.

Achter dit voorblad gaat een rasechte politieroman schuil, die best wel eens de basis zou kunnen vormen van een serie: nadat commissaris Mark Van Den Eede tijdens een actie van het Speciale Interventie Eskadron een van zijn ondergeschikten verliest, verruilt hij de actie voor een kantoorjob bij de lokale politie van Meise. Maar hij mist de actie en de verantwoordelijkheden die zijn vroegere functie met zich meebracht en kan de blik van zijn gesneuvelde collega maar niet van zich afzetten. Als hem onverwacht de kans geboden wordt om FAST, een nieuw team dat enkel voorvluchtige veroordeelde gangsters moet opsporen, op poten te zetten, neemt hij die kans met beide handen aan en begint hij weer te leven. De adrenaline stroomt weer, want het voorbestaan van het Fugitive Active Search Team hangt volledig af van de successen die het team boekt.

Hoewel dit het spannend debuut is van Koen Vermeiren, leeft deze Vlaamse dokter in de Letteren en Wijsbegeerte al jaren van zijn pen. Zijn bibliografie omvat romans, non-fictie en toneelstukken. Daarnaast schrijft hij al twee decennia mee aan scenario’s voor film en televisie en componeert en speelt hij klassieke en wereldmuziek.

Die jarenlange ervaring heeft geresulteerd in een boekwerk dat vanaf de eerste bladzijde staat als een huis. De auteur hanteert een zeer aangename vertelstijl die hij doorspekt met levensechte conversaties die enorm dicht aanleunen tegen de spreektaal, waardoor de Vlaamse lezer zich makkelijk kan vereenzelvigen met de personages, die eveneens geloofwaardig uitgetekend werden. Zo werd een prachtige en ontwapenende bijrol toebedeeld aan Stijn, de vijftienjarige autistische zoon van het hoofdpersonage. Eveneens toont Koen Vermeiren zich een goed observator wat soms wel resulteert in te lange beschrijvingen van de gebruikte locaties.

De plot werd vakkundig gecomponeerd en gedegen uitgewerkt, wat van De blik een verademende degelijk rasechte policier maakt, dat totaal niet aanvoelt als een spannend debuut, maar de maturiteit uitstraalt van een door de wol geverfde compositie waarin alles draait rond wraak en recht.

En het meest verrassend is misschien wel het nawoord, waaruit blijkt dat FAST al meer dan tien jaar actief is in België en zich daarmee wellicht de meest onbekende tak van de politie mag noemen.

Koen Vermeiren mag zijn uitstap – of wordt het een omscholing – naar de wereld van het spannende boek een geslaagd experiment noemen: omslag, titel en inhoud vormen een mooi geheel, waardoor De blik zich meteen van een plaatsje verzekert tussen de betere politieromans die het Nederlands taalgebied rijk is.


Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


21:11 Gepost door Eric Diepvens Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: vermeiren_koen, nederlandstalig, belgië, 7, policier |  Facebook |

05-03-11

Duoboek: CHRISTIE Agatha - Getuige à charge & LIV - De coach


cagac.jpg


Het volledige rapport
Ter promotie van een aantal jonge Nederlandse schrijfsters uit de portefeuille van Karakter brengt de concept packager B for Books onder de noemer Spannende Vrouwen een aantal duoboeken op de markt. Hierin worden telkens twee kortverhalen gebundeld in een harde kaft: een van de hand van een opkomend talent en eentje van een grote naam in het boekenvak.

In dit boek worden Agatha Christie en Liv aan elkaar gekoppeld. Beide leveren ze een kortverhaal dat zich afspeelt in de familiale kring. Getuige à charge van Britse Queen of crime dateert al uit 1925 en draait rond de getuigenis van een maîtresse over haar van moord beschuldigde minnaar, terwijl de de spanningen in het gezin centraal staan in De coach van Liv.

Het eerste wat opvalt als men het boek opent is het uitzonderlijk grote lettertype dat gebruikt werd en de enorme hoeveelheid wit op de pagina’s. Het moge duidelijk zijn dat de uitgever echt alles uit de kast heeft moeten halen om de twee kortverhalen op te rekken tot iets dat een boek genoemd kan worden. Het lijkt op het eerste zich wel een boek voor beginnende lezers.

En de conclusie na het bereiken van het laastse letterteken is dat de kunst van het schrijven van kortverhalen veel moeilijker is dan het lijkt. Een compleet geloofwaardig verhaal vertellen met levensechte personages, voorzien van een degelijke plot en liefst ook nog een verrassend einde op de oppervlakkte van een spreekwoordelijke rijstkorrel is geen evidentie.
Zo neemt het extreem korte Getuige à charge niet genoeg tijd om een geloofwaardige omgeving te creëren, waardoor zelfs de bijna briljante ontknoping niet inslaat als een bom. Pittig detail is dat de schrijfster - weliswaar om andere reden dan hierboven aangehaald – later het einde nog heeft aangepast.

Eigenlijk brengt Liv het er beter van af. Het geheel klopt. Alleen stopt ze de beperkte ruimte te vol met indrukken en stokpaardjes, waardoor de essentie van het verhaal wat ondergesneeuwd raakt.

Toch overstijgt dit duoboek in zijn totaliteit de status van tussendoortje niet. Misschien moeten potentiële auteurs van kortverhalen maar eens het Gouden strop winnende Fotofinish van Jac Toes bestuderen: een kortverhaal volgens de regels van de kunst.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG


01-03-11

VAN DER HEDEN Jeroen - Uw wil geschiede


vdhjuwg.jpg


De eerste zin:
Drie dagen lang brandde het licht van de slaapkamer.

De korte inhoud

Op 21 december, de kortste dag van het jaar, wordt rechercheur Fred Fontein bij een gruwelijk moord geroepen. Een ex-rechercheur is in zijn woonkamer gemarteld en vermoord. Een bebloed papiertje met tekst dat op zijn voorhoofd werd geprikt, lijkt het enige waardevolle aanknopingspunt.
De verschillende sporen die Fontein en zijn team onderzoeken, leiden niet naar de dader. Als er sprake blijkt van een seriemoordenaar, wordt het nog belangrijker snel de waarheid te achterhalen. Maar de talentvolle rechercheur komt er maar niet achter met welke motieven de moorden gepleegd zijn.
Het onderzoek voert naar het verre verleden. Gebeurtenissen uit het midden van de negentiende eeuw blijken een grote rol te spelen. Maar kan Fred Fontein de dader vinden voor die nog meer slachtoffers maakt?


Het volledige rapport.
Volgens de achterflap heeft de debuterende Jeroen van der Heden een verleden als muzikant, verbleef hij als freelance pianoleraar veel in het buitenland en is hij momenteel woonachtig in Spanje. Maar omdat dit verhaal niet geconfirmeerd kan worden – want online is deze man blijkbaar onbestaande – zou het niemand verbazen dat deze naam slechts een nom de plume is

Dit vermoeden wordt mede onderschreven doordat de volwassen, onderhoudende en gemoedelijke stijl waarmee Uw wil geschiede op papier werd gezet, niet meteen aan een nieuwkomer in het vak doet denken, maar veeleer aan een iemand die zijn sporen als auteur al verdiend heeft. Wel is het zeer markant dat de auteur meermaals zeer lang wacht om een naam te plakken op een nieuw geïntroduceerd personage, alsof hun identiteit slechts bijzaak is.

De wrede moord op Erik Drent, een Amsterdams rechercheur op rust die niet zo rechtschapen bleek als van een wetsdienaar verwacht wordt, betekent voor Fred Fontein het begin van de jacht op een moordenaar, die zich al snel ontpopt als seriemoordenaar. Net als bij Zilte Deerne van Mariëtte Ciggaar blijkt de sleutel ook in het verleden te liggen, maar Jeroen van der Heden weet zijn variatie op dit thema veel geloofwaardiger te presenteren, waarbij enkel moet vastgesteld worden dat het motief voor de moorden wel erg vergezocht is.

Desondanks behoort Uw wil geschiede tot de betere politieverhalen die jaarlijks verschijnen. Dit is ook deels toe te schrijven aan het feit dat de personages niet alleen beschreven worden als mensen van vlees en bloed maar ze ook mooi gestoffeerd worden met een eigen privéleven.

Niet alleen de cover van Uw wil geschiede werd stijlvol uitgevoerd, ook de inhoud straalt goede smaak uit. Debutant of niet, Jeroen van der Heden levert een aanrader voor elke liefhebber van de Nederlandstalige policier.


Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


17-02-11

GEERAERTS Jef - Zand

 

gjz.jpg

De openingszin:
Uit de intercom ergens in het plafond kwam het duidelijk gearticuleerde gefluister van een vrouwenstem, die ‘Drie is wakker, dokter,’ zei, gevolgd door een klik.

De korte inhoud

Op 10 mei 1988 wordt de secretaresse van een bekende Antwerpse tandarts in de consultatiekamer gewurgd aangetroffen. De kast met medische dossiers werd doorzocht en enkele röntgenfoto’s ontbreken. Vincke en Verstuyft volgen aanvankelijk een vals spoor. Dankzij een tip uit Texas gaat het onderzoek een andere richting uit en vertrekken ze met rogatoire opdracht naar de Verenigde Staten. Daar komt het speurdersduo in het vaarwater van gewetenloze makelars in onroerende goederen, beleggingsadviseurs en ‘landdevelopers’.



Het volledige rapport
De in 1930 te Antwerpen geboren en getogen Jef Geeraerts begon zijn loopbaan als assistent gewestbeheerder in de toenmalige Belgische kolonie Kongo. Na de onafhankelijkheid in 1960 keerde hij terug naar zijn thuisland en ondervond grote moeilijkheden om de cultuurschok verwerken.

Om de moeilijkheden te verwerken die hij ondervond om zich aan te passen aan het jachtige leven, begon hij aan een literaire carrière, waarvan Gangreen 1: Black venus, mede door de controverse die het veroorzaakte, zijn bekendste werk is. Met Kodiak .58, dat in 1979 verscheen, verlegde hij het zwaartepunt in zijn werk van het literaire naar het spannende boek. En met De zaak Alzheimer, dat bekroond werd met de Gouden Strop, introduceerde hij de rechercheurs Vincke en Verstuyft. Zand is het vierde boek in deze negendelige serie.

Hierin vormt de moord op een tandartsassistente de aanleiding tot een verhaal over verzekeringsfraude en oplichting, die de twee hoofdfiguren zelfs tot in Texas en Florida brengt. En richt de auteur zijn kritische blik voor de verandering eens niet op de Belgische politiek en politie, maar bevindt de Amerikaanse maatschappij het zich in het oog van de storm.

Tweeëntwintig jaar nadat het boek voor het eerst op de markt kwam, voelt het nog altijd niet oubollig aan. In tegendeel zelfs: het verhaal doet nog steeds eigentijds aan - waarmee de warde van Jef Geeraerts voor het Vlaamse spannende boek meteen bewezen is – en staat compositorisch nog altijd als een huis. Het begint met een op het eerste zicht zinloze moord waardoor het onderzoek al vast komt te zitten voor het goed en wel begonnen is en neemt een onverwachte wending als quasi bij toeval een link gevonden wordt met een mogelijke verdachte, zodat de jacht eindelijk kan beginnen. En dat alles wordt nog eens overgoten met een laagje scherpe maatschappijkritiek. Kortom zelfs heden ten dage, komen vele misdaadromans amper tot aan de enkels van Jef Geeraerts’ politieverhalen, die dankzij de recente verfilmingen van De Zaak Alzheimer en Dossier K. ook nog bij de nieuwe generatie lezers gekend zijn.

Alleen al de hoofdpersonages maken het de reeks al de moeite waard: het contrast tussen de gedistingeerde levensgenieter Eric Vincke en de macho man van de straat Freddie Verstuyft kan bijna niet groter zijn, maar ze vullen elkaar perfect aan. Deze keer worden ze bijgestaan door twee Amerikanen die aan de lopende band oneliners spuien: de Texaanse te laat geboren cowboy Richard Cobb en de godvrezende rechercheur Theodore Stover.

Zand is een aangename degelijke geconstrueerde politieroman die het zandmannetje met zekerheid op afstand houdt en een mooi voorbeeld is van het spannende werk van Jef Geeraerts.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


04-02-11

BROSENS John - Perspectief

 

bjp.jpg


De eerste alinea:
Niet van toepassing omdat dit een verhalenbundel is.

De korte inhoud

De novelle Laag bij de grond gaat over de gevaren van CO2-opslag onder de grond in Barendrecht. Als voorzitter van de stichting CO2isNee is John een groot tegenstander van C02-opslag onder de grond omdat de veiligheid geenszins gegarandeerd is. Vlak voor het verschijnen van dit boek blies de regering de opslagplannen in Barendrecht af bij ‘gebrek aan draagvlak’ en wellicht uit vrees voor de komst van dit verhaal. Elders gaan de plannen door. De bezwaren en gevaren die Laag bij de grond aandraagt gelden nog steeds…
De veelzijdigheid van Johns schrijfkunst blijkt uit de overige verhalen. We gaan met hem naar het mooie Schotland waar een echtpaar hun relatie probeert te redden. We leven mee met de verbijstering van Govert die opgesloten is en niet weet waar hij is of waarom. En we huiveren bij de gebeurtenissen van een gewichtsconsulente die in een franchisebedrijf is gestapt dat op haar geld uit is.



Het volledige rapport
Na een aantal jaar het schrijven gecombineerd te hebben met een baan in het onderwijs, legt de Barendrechtse auteur John Brosens zich sinds 2002 voltijds toe op het auteurschap en laat hij vooral poëzie, jeugdboeken en thrillers uit zijn pen vloeien.

Zijn nieuwste werk, werd uitgegeven bij Parelz. Een fonkelnieuwe uitgeverij die zich specialiseert in kortverhalen. Naast de mogelijkheid om als klant zelf boeken samen te stellen biedt Parelz ook kant en klare werken aan, zoals Perspectief waarin vier kortverhalen van John Brosens gebundeld werden.

Hoewel de auteur dit jaar de kaap van de vijfenzestig jaar zal ronden, is de man nog zeer actief. Zo stond hij als voorzitter van de protestbeweging CO2isNee tot voor kort nog met succes op de barricades om de Nederlandse overheid ervan te overtuigen af te zien van de opslag van CO2 in de uitgeputte gasvelden onder zijn woonplaats. Deze thematiek vormt meteen ook de achtergrond voor Laag bij de grond, veruit het langste verhaal uit deze bundel. Voor de echte fans van de auteur zal dit verhaal bekend in de oren klinken want het was al in een kortere versie te lezen op de webstek van de auteur.

Het verhaal is een manifest tegen de CO2opslag, waarbij de ontknoping al wordt weggegeven in de proloog, waardoor in eerste instantie de nieuwsgierigheid gewekt wordt, maar de lezer al snel kan preconstrueren wat de auteur nog moet vertellen.

In Een zwarte hond in de sneeuw en Het vreemde verhaal van Govert Sparrendaal, twee van de drie andere kortverhalen toont de auteur dat hij ook eens graag buiten de lijntjes van het geloofwaardige kleurt en waagt hij zich in de voetsporen van Stephen King. Het zijn dan ook buitenbeentjes met verfrissende plots naar de maatstaven van de wereld van het spannende boek.

Het afsluitende Slag om de taille is een vingeroefening omtrent het recht in eigen handen nemen, dat net onder het niveau blijft van de andere verhalen.

Kortverhalen schrijven is een kunst op zich en John Brosens komt er niet bekaaid vanaf en levert met Perspectief vier best te pruimen stukjes af, maar echte pareltjes zijn het ook niet geworden.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG


26-01-11

KISLING & VERHUYCK - Kwelgeest


kvk.jpg


De eerste alinea:
Het huis aan de rand van Eschweiler, een voorstad van Aken, grenzend aan de eerste bossen van de Eifel. Het Haus der Drachen was een imponerend, somber gebouw, gedeeltelijk opgetrokken in donkere natuursteen. De witstenen omlijsting van de ramen was vergrijsd, en het dak had een onbestemde kleur gekregen door een dikke kaag korstmos. De tuin, ooit groot en ruim, was door jarenlange verwaarlozing vrijwel dichtgegroeid. Hoge bomen hielden elke zonnestraal buiten, en de afhangende takken van de grote sparren leken altijd te druipen van het vocht, alsof ze uit een zwart moeras waren opgerezen. Aan het begin van de oprit, aan weerszijden van het roestige hek, stonden twee gemetselde pilaren, eveneens in natuursteen. Op elke pilaar troonde een groen uitgeslagen, ineengekronkelde draak die zijn eigen staart verslond. Ouroboros, het symbool van de eeuwige terugkeer en de eenheid van alles..

De korte inhoud
Welke kwade krachten beheersen de vakgroep Westerse antropologie in Leiden? In korte tijd vallen er meerdere doden. Is het de geest van Uilenspiegel die rondwaart? De middeleeuwse plaaggeest zorgt in elk geval voor haat en nijd tussen een aantal wetenschappers die zich met hem bezighouden.
Is het hebzucht? De Duitse onderzoeker Waldemar Isfeld heeft een unieke oude Uilenspiegel-druk in zijn bezit die hij aan niemand wil laten zien. De Nederlandse docent Job Deerlijk raakt gefrustreerd en geobsedeerd door die houding.
Maar dan doet hij nota bene zelf een merkwaardige vondst in de oude tennisclub Providentia. Slim Bensoussan, Jobs assistent, bijt zich vast in de materie, en ontdekt onvermoede verbanden tussen Uilenspiegel, de tennisgeschiedenis en het Nederlandse koningshuis.
Is er een schuldige aan te wijzen voor al die doden? Of… is de Westerse antropologie bezig zichzelf uit te roeien?
.



Het volledige rapport
De Nederlandse schrijfster en vertaalster Corine Kisling kreeg haar eerste voetnoot in de geschiedenis van het spannende boek toen ze in 1997 de Schaduwprijs uitgereikt kreeg voor Satan in de polder. Na drie werken onder haar eigen naam begon ze spannende boeken te publiceren in samenwerking met haar Belgische man, Paul Verhuyck. Hun meest recente werk De duim van Alva werd vooral in Vlaanderen goed gesmaakt met nominaties voor zowel de Hercule Poirotprijs als de Diamanten Kogel.

Kwelgeest is de voorganger van De duim van Alva, waarop de mannelijke helft van het schrijversechtpaar duidelijk zijn stempel drukte. Niet alleen was hij vele jaren verbonden aan de universiteit van Leiden, waar het verhaal zich afspeelt, maar publiceerde hij ook al non-fictie over Tijl Uilenspiegel, het belangrijkste thema van dit boek.

Een ongeluk komt nooit alleen. Ook niet op de vakgroep Westerse antropologie van de universiteit van Leiden, waar zich op korte tijd enkele rampzalige gebeurtenissen voltrekken, waarvan de meeste van ver of van dichterbij te maken hebben met Tijl Uilenspiegel. Meer bepaald met de frustraties van Uilenspiegelkenner en docent Job Deerlijk tegenover een Duitse collega het vroegst bekende boekwerk over de Nederlands-Duitse folkloristische figuur bezit, maar volledig afschermt voor de buitenwereld. Maar Job vindt zijn motivatie en werkvreugde terug als hij toevallig zelf op een eeuwenoud document stoot dat handelt over zijn favoriete volksfiguur. Misschien zelfs ouder dan de onbereikbare publicatie van Waldemar Isfeld.

Kwelgeest leest vlot weg, en wordt gelardeerd met lesjes geschiedenis over de meest uiteenlopende onderwerpen, zoals de leerstoel Westerse antropologie, Uilenspiegel en tennis. Misschien pronken de auteurs net iets teveel met hun kennis. Maar de geanimeerde kijk die ze de lezer geven op de petites histoires binnen een universitaire leerstoel maakt dan weer veel goed.


Hoewel Kisling & Verhuyck hun verhaal compact houden rond een relatief kleine groep personages neemt hun plot de vorm aan van een leeslint: aanvankelijk verweven de verhaallijnen zich strak tot een stevig geheel om haast ongemerkt de geloofwaardigheid te ondergraven en aan het einde rafelt het volledig uit, met een aantal losse eindjes tot gevolg.

De personages worden goed gestoffeerd, maar sommigen ontgroeien de status van typetje niet, waarbij het vooral leuk is te mogen vaststellen dan Job ontaardt in een moderne Tijl; een beschaafde versie van de vlegel die zijn bazen ten allen tijde een spiegel voorhoudt.

Kwelgeest is best een onderhoudend verhaal, maar jammer genoeg leidt het nergens naartoe, waardoor de liefhebber van spannende boeken op zijn honger blijft zitten. De vermelding “Roman” op de cover moest blijkbaar als waarschuwing geïnterpreteerd worden.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG

23-01-11

DHOOGE Bavo - Showtime


dbs4.jpg


De eerste alinea:
De Gentse Feesten waren begonnen. Ik woon in Gent en ik ben een feestbeest, maar dit feest was niet voor mij. Ik had nog minder zin om te feesten dan een garnaal in een tomate crevette. Mijn leven op zich was al één groot feest, zo hield ik mij voor. Meer bepaald een galadiner waarop iedereen was uitgenodigd, maar waar de tafels leeg bleven en de band vals speelde. Je hoefde geen smoking te dragen, gewoon geen bloed op je kin was al voldoende. Een cadeau hoefde ook niet, als je maar geen kopstoten of knoterperen meebracht. Voor mijn part mochten die hele Gentse Feesten door een tsunami weggespoeld worden; dat zou pas een feest geweest zijn.

De korte inhoud

Gentse Feesten. Veel zin heeft privédetective Pat Somers niet om zich in het feestgedruis en het eeuwigdurende nachtleven te storten. Toch heeft hij een zware kater. In het Jim Rose Circus werd na een voorstelling een afgehakte mannenhand gevonden. Een uit de hand gelopen act met kettingzagen? Maar wat doet de badge van Somers dan vlak bij de hand? En waar is de rest van het lijk naartoe?
De Gentse speurneus heeft twee dagen om zich in de lugubere freakshow te verdiepen en zijn eigen hachje te redden. Alle spots zijn op hem gericht. Spektakel verzekerd met Somers in de ban van de mysterieuze ogen van een sexy zigeunerin. Volgt er ook applaus aan het einde van deze act?.


Het volledige rapport
Voordat de Gentse professionele auteur Bavo Dhooge erkenning kreeg voor zijn werk bij wijze van maximumscores in de Vrij Nederland Detective- en Thrillergids en de bekroning van Stiletto Libretto met de Diamanten kogel had hij bij uitgeverij Davidsfonds als een reeks achter de kiezen met de detective Patrick ‘Pat’ Somers als hoofdpersonage.

In Showtime, het laatste deel van die serie worden er tijdens de Genste feesten op verschillende locaties lichaamsdelen gevonden telkens vergezeld van een spoor dat rechtstreeks naar Pat Somers lijkt te wijzen. De detective krijgt achtenveertig uur om het mysterie op te lossen en zijn onschuld onomstotelijk te bewijzen.

Het verhaal dat in de eerste persoon enkelvoud verteld wordt vanuit het perspectief van het hoofdpersonage brengt de lezer langs enkele van de markantste attracties die deelnamen aan het jaarlijkse tiendaagse volksfeest van Gent, editie 2005.

Meer dan op de speurtocht naar de dader staat in dit boek humor centraal. Het was al een belangrijk ingrediënt van de serie, maar Showtime wordt overvol gestouwd met oneliners en flauwe grapjes, waardoor de lezer er niet alleen een indigestie aan overhoudt, maar waardoor vooral het hoofdpersonage van zijn voetstuk dondert en verwordt tot de flauwe plezante nonkel, waarvan er in elke familie wel een exemplaar aanwezig is.

Door het verstoorde evenwicht tussen humor en spanning haalt Showtime niet het niveau van de voorgaande verhalen uit de reeks waardoor de serie eindigt in mineur, wat toch wel jammer is. Showtime is het boek teveel, zo blijkt. Het is natuurlijk ook best mogelijk dat ondergetekende de formule ontgroeid is in de vier jaar die voorbij gingen sinds Star door zijn handen ging.

Het definitieve verdict: 4/10
EOB.JPG

07-01-11

JANSSEN Roel - De kloonbaby


jrdk.jpg


De eerste alinea:
Maanden later, vechtend tegen de tropische hitte van het oerwoud, moest Darren Gittinger terugdenken aan de ochtend waarop hij het begin van het leven had gezien. Daar lag het, duidelijk zichtbaar met het blote oog, een atol van grijswitte vlokken die dreven in een okerkleurige vloeistof. Darren stond er glazig naar te kijken. Hij beschouwde zichzelf als een man met gezonde seksuele driften, maar bij de kunstmatige versmelting van zaadjes en eitjes in een laboratoriumbakje kon hij zich niets voorstellen.

De korte inhoud

De gedreven wetenschapster Iris Stork en de al even gepassioneerde financieel directeur Darren Gittinger hebben zo hun eigen bedoelingen met het gentechnologische bedrijf GenIris. Iris zet alles op alles om haar wetenschappelijke vinding te perfectioneren. Darren is binnengehaald om de beursgang van het bedrijf in goede banen te leiden. Zowel wetenschappelijk als financieel staat GenIris voor een doorbraak. Maar het Nederlandse biotechbedrijf stuit op politieke, maatschappelijke en morele weerstanden. En moet zelfs aanslagen trotseren..


Het volledige rapport
De Nederlandse financieel-economische journalist Roel Janssen debuteerde in 1997 als auteur van spannende boeken. Zes jaar later publiceerde hij zijn derde thriller: De kloonbaby.

Hierin staan Iris Stork en Darren Gittinger centraal die samen het bio-technologisch bedrijfje Geniris besturen. Iris is de briljante wetenschapper, die leeft voor haar onderzoek en Darren is de financiële directeur die het bedrijf naar de beurs moet brengen.Maar onderweg loeren er vele gevaren waardoor de professionele band tussen de twee erg op de proef wordt gesteld door ondermeer investeerders, politici, concurrenten en drukkingsgroepen.

Roel Janssen, de Ian Rankin van de lage landen, toont zich in deze “thriller over genen, geld en liefde”, zoals op de cover vermeld staat, weer een begenadigd verteller. De kloonbaby bevat een grote hoeveelheid informatie over genetica en stamcellen, maar dat is dan ook een noodzakelijk kwaad dat als basis dienst doet waarop het fictieve luik van het verhaal gebouwd wordt. Maar de auteur slaagt er probleemloos in deze materie voor iedereen begrijpelijk voor te stellen door zich te bedienen van zeer plastische vergelijkingen als daar zijn: “Stamcellen zijn als toverballen.”. Ook wordt de controverse rond het kweken, oogsten en werken met menselijke cellen langs alle kanten op onderhoudende wijze belicht.

De hoofdpersonages zijn levensecht op papier gezet. Niets menselijks is hun vreemd: de rede delft uiteindelijk het onderspit tegen het gevoel en ze als puntje bij paaltje komt, kiezen voor ze zichzelf. De manier waarop hun professionele relatie evolueert naar analogie van elke liefdesrelatie wordt door de auteur zeer treffend beschreven. Dit alles draagt bij aan de hoge graad van realisme die De kloonbaby bereikt.

Maar net als de Schot heeft Roel Janssen het moeilijk om een bevredigend slot aan zijn verhaal te breien. De kloonbaby dooft als een kaars op een moment dat de lezer net een persoonlijke heropflakkering verwacht in de vorm van een nieuw hoofdstuk in het leven van Darren. Het open einde is dan ook grootste minpunt.

Het lijkt erop dat Roel Janssen voor De kloonbaby de thriller als excuus gebruikt om zijn visie te verkondigen op de toenmalige hetze rond de biotechbedrijfjes, die de luchtbel van de dot-com bedrijfjes moest doen vergeten. Maar hij doet het op zo een klare en gedreven wijze dat het boek tot zeer aangename lectuur verheven wordt zonder echt razend spannend te worden. Een puik stukje schrijfwerk op de grens van fictie en feiten voor de meerwaardezoekende lezer. Of Canvas op papier.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


30-12-10

CAVE Marc - De optiekoning

cmdo.jpg


De eerste alinea
‘Waar hangt die Braziliaan uit?’

De korte inhoud

Ruud Nooteboom, die als vermogensbeheerder een zware tijd achter de rug heeft, en zijn echtgenote Moniek kijken ernaar uit om tijdens de kerstperiode het druilerige Amsterdam enkele weken te verruilen voor de zinderende zon van Brazilië. Om de twee jaar brengen ze een bezoek aan Monieks zus Anja en haar echtgenoot Jeff da Conceiçao die in Sao Paulo wonen.
De sfeer is bedrukt als Ruud en Moniek in de riante villa van het gezin aankomen. Vreemd, want Jeff is CEO van de grootste autofabriek in Brazilië, zijn inkomen is gigantisch en Anja en de kinderen genieten met volle teugen van hun luxeleventje. Jeff is echter ook een notoire gokker en ditmaal is hij in Las Vegas te ver gegaan. Hij heeft zijn gezin en zichzelf aan de rand van de afgrond gebracht en is daardoor een speelbal geworden van de maffia die de gokpaleizen via ingewikkelde netwerken controleert. Zijn enorme speelschuld kan hij alleen maar delgen dankzij een ingenieuze handel met voorkennis van opties en aandelen. Zijn slimme schoonbroer zal voor en met de maffia een constructie uitwerken waar iedereen, ook hijzelf, beter van moet worden.
Wanneer Ruud iets te gretig wordt en ook nog een verhouding begint met het financiële brein van de maffiaorganisatie van Don Pieri, heeft hij zelf de touwtjes niet meer in handen.



Het volledige rapport
Marc Cave houdt zich niet alleen op professionele basis op in financiële kringen, maar ook in zijn boeken neemt de wereld van banken en aandelenmarkten een prominente plaats in. Zo probeert vermogensbeheerder Ruud Nooteboom in De optiekoning, door handig gebruik te maken van putopties en handel met voorkennis, de dochter van zijn zus uit de handen van de Amerikaanse gokmaffia te houden, door de immens grote uitstaande schuld van haar aan het pokerspel verslaafde vader te vereffenen.

Het gevaar bestaat dat deze materie door de potentiële lezer (te) saai zal bevonden worden, maar de auteur toont zich een begenadigd schrijver en slaagt er schijnbaar zonder moeite in een pakkend verhaal te construeren. Niet alleen beperkt hij de noodzakelijke heorie tot het absolute minimum: om het financiële deel van het verhaal te kunnen volgen is het voldoende te onthouden dat putopties winst opleveren als een aandeel zakt. Maar ook de vlotte pen waarmee het werk op papier gezet werd en de afwisseling tussen de persoonlijke problemen van de protagonisten en voldoende plotwendingen dragen in aanzienlijke mate bij tot het leesplezier.

De personages komen moeiteloos tot leven en slechts bij uitzondering hoeft de lezer de wenkbrauwen te fronsen als een plotwending flirt met de grenzen van de geloofwaardigheid met als kers op de taart een atypisch, maar zeer realistische epiloog die perfect in het plaatje past.

Het blijft een mysterie dat Marc Cave nog niet ontdekt is door het grote publiek, want zijn swingende misdaadverhalen blijven mij telkens positief verrassen. Nu de rest van Vlaanderen nog...

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG

11-12-10

HERMANS Daniëlle - Het tulpenvirus

 

 

hdht.jpg

 

 

De eerste alinea:
Ze sloeg de vlieg weg en keek met gefronste wenkbrouwen naar de lege plank. Het brood dat ze gisteren gebakken had, was verdwenen, en ze wist precies waar het terecht was gekomen; in de magen van die dronkenlappen die hun schamele loon hier kwamen opzuipen.

De korte inhoud
Alkmaar, 1636. De gerespecteerde herbergier en tulpenhandelaar Woutere Winckel wordt gevonden in de gelagkamer van zijn taveerne De Oude Schuttersdoelen. Vermoord. Waarom moest hij dood?
Londen, 2007. Frank Schoeller wordt door zijn neef Alec dodelijk gewond aangetroffen. Uit de laatste woorden van Frank en het boek dat hij omklemt, begrijpt Alec dat de moord iets met tulpen te maken moest hebben. Samen met zijn beste vriend Damian volgt Alec een spoor vat niet alleen terugleidt naar de zeventiende-eeuwse tulpenhandel en de moord op Winckel, maar ook naar een groep rijke investeerders waarvan Frank deel uitmaakte. Dan duikt de ambitieuze wetenschapster Tara Quispel op. Zij blijkt Frank goed gekend te hebben. Maar om andere redenen dan Alec denkt… Als blijkt wat er achter Franks plannen zat en hoeveel er op het spel staat, is niemand van de betrokkenen zijn leven meer zeker.


Het volledige rapport
Daniellë Hermans werd in 1963 in Nederland geboren en studeerde, na een deel van haar jeugd op het zwarte continent te hebben doorgebracht, Kunstbeleid en Maangement aan de universiteit van Utrecht. Momenteel werkt ze als freelance communicatieadviseur.

In Het tulpenvirus, waarmee ze in 2008 debuteerde, kwamen haar liefdes voor spannende boeken en Nederlandse geschiedenis voor het eerst samen. Een jaar later deed ze dat huwelijk nog eens over in De watermeesters.

In het tulpenvirus draait alles– zoals de titel al doet vermoeden – rond Nederlands populairste bloem, die het middelpunt vormt van een verhaal over liefde, vriendschap, schoonheid, hebzucht, en (godsdienst)vrijheid. In een eerste verhaallijn die zich afspeelt zich af in het Alkmaar van de zeventiende eeuw.volgen we de lotgevallen van de oudste zoon van de vermoorde herbergier en tulpenhandelaar Wouter Winckel. De andere verhaallijn is gesitueerd in 2007 waarin Londenaar Alec Schoeller zijn oom vindt in een plas bloed, net voor die zijn laatste adem uitblaast, met een zeventiende-eeuws boek over tulpen in zijn handen. Samen met zijn Amsterdamse vriend Damian probeert hij de moordenaar van Frank Schoeller op te sporen. Deze zoektocht laat Alec zien dat hij Frank lang niet zo goed kende als verhoopt…

Daniëlle Hermans heeft het schrijven op dezelfde wijze aangepakt als de projecten die ze als projectmanager in haar professionele leven voorgeschoteld krijgt: eerst een gedetailleerd plan uitwerken en dat rigoreus volgen tijdens het uitschrijven. En dat voel je als lezer nog, want hoewel er genoeg actie en wendingen in het verhaal zitten voelt het nogal kil en klinisch aan: de emoties die de personages overspoelen slagen er niet in het boek te ontspringen en de lezer aan te steken.

Maar dat is dan ook het enige minpunt, want Het tulpenvirus is vooral een mooi gecomponeerd, origineel verhaal waarin feiten en fictie naadloos in elkaar overvloeien en waarvoor de auteur heel wat research deed. De geloofwaardigheid groeit naarmate het verhaal zich verder ontplooit.

Met Het tulpenvirus maakte Daniëlle Harmans een opgemerkte en geslaagde entree in de wereld van het spannende boek, waarin ze met haar historisch getinte roman een eigen plaatsje gevonden heeft.

Het definitieve verdict:
7/10

EOB.JPG


 

 

 

03-12-10

ASPE Pieter - Erewoord


ape.jpg


De eerste alinea:
Céline was dood. Dat had dokter Verwilgen vijfendertig minuten geleden vastgesteld. Daarna had hij de politie gebeld met de mededeling dat het wellicht een verdacht overlijden betrof. Een meisje van zevenentwintig ging immers niet zomaar dood. Hij was bovendien haar huisarts. Hij wist dat ze in blakende gezondheid verkeerde. Van In bekeek het dode meisje dat voor hem op de bank lag met een treurige blik. Zij lag op haar zij met alleen een badjas aan, alsof ze voor de televisie in slaap was gevallen.

De korte inhoud
Céline Dubois, een jonge vrouw, wordt dood aangetroffen bij haar thuis op de sofa. Hoewel er geen sporen zijn van een misdaad, heeft de huisarts die het overlijden vaststelt zijn twijfels. Wanneer het vermoeden rijst dat de doodsoorzaak vergiftiging is met het extract van de bessen van de Taxus baccata, ligt de conclusie dat het om zelfmoord gaat voor de hand.
Van In en Versavel vernemen dat Célines vriend het niet zo lang geleden heeft uitgemaakt. Werner Candries is zaakvoerder van een groothandel in bloemen en planten. Wijst de doodsoorzaak niet in zijn richting? Een passionele moord? Vergiftiging is in dat geval niet het middel bij uitstek. Had hij dan een reden om zijn ex te doden?
De zaak neemt een onverwachte wending als ‘de man op de motorfiets’ opduikt. Hij dringt bij Candries binnen en gaat genadeloos te werk. Gaat het om een ordinaire afrekening of bestaat er een verband tussen de man op de motorfiets en de andere gebeurtenissen waarbij steeds meer mensen betrokken raken?


Het volledige rapport
De uit Brugge afkomstige, naar Blankenberge uitgeweken, Pieter Aspe is veruit Vlaanderens best verkopende auteur van spannende boeken. Zijn politieverhalen met onderzoeksrechter Hannelore Martens, commissaris Pieter Van In en sidekick Guido Versavel behoort ondertussen, mede door de televisieserie Aspe die op de boeken gebaseerd is, tot het Vlaams cultureel erfgoed. Jaarlijks publiceert de auteur klokvast twee avonturen: eentje in het voorjaar en een ander in het najaar. Erewoord is al het zevenentwintigste boek met deze hoofdpersonages.

Hierin bijt Van In zich vast in het verdachte overlijden van een jonge vrouw, Céline Dubois. Het enige bruikbare spoor leidt naar haar ex-vriend die een plantencentrum uitbaat. Maar als getuigen in het onderzoek bedreigd en mishandeld worden door een mysterieuze boom van een kerel op een motorfiets, zo het wel eens kunnen dat er meer aan de hand is dan een passioneel drama.

Pieter Aspes verhalen blinken meestal uit door de ongelooflijke vlotheid waarmee de tekst voor de ogen van de lezer passeert, maar deze keer zit er wat te weinig glijmiddel op de zinnen. Het leest van minder vlot weg dan we van de West-Vlaming gewoon zijn. Trouwens hapert niet alleen zijn schrijfstijl wat in Erewoord, ook het plot voelt rommeliger en geforceerder aan dan in zijn vorige verhalen: een aantal van de wendingen zijn vrij ongeloofwaardig en lijken uit het niets te komen, zoals een illusionist van alles en nog wat uit zijn hoge hoed tovert. Hierdoor springt het verhaal bij wijlen van de hak op de tak, alsof de auteur zelf niet goed wist welke kant hij op moest en met een gebrek aan inspiratie kampte. Zelfs de cover lijdt aan deze ziekte, want hoewel de aanvallende slang een intrigerend en sprekend beeld is, heeft het geen enkel raakpunt met het verhaal.

Buiten de gimmick dat Van In zonder het te beseffen aan de zwier gaat met een van de daders, zit er weinig origineels in Erewoord, dat op routine lijkt te zijn geschreven.

Erewoord is lang niet zijn beste boek en stelt teleur. Maar met de frequentie waarmee de boeken van Pieter Aspe op de markt komen, hoeven de fans niet te lang ontgoocheld zijn. En samen met hen zeg ik dan ook: “Volgende keer beter.”

Het definitieve verdict:
5/10

EOB.JPG

26-11-10

ASPE Pieter - Kat en muis


apkem.jpg


De eerste alinea:
Elke trok het raam open en dwong zichzelf om naar benden te kijken. De gapende diepte onder haar werkte als een magneet. Haar benen werden slap en ze kreeg het gevoel dat ze haar evenwicht zou verliezen. Het zweet brak haar uit. Nee, dacht ze. Er moet een andere manier zijn om er een einde aan te maken…

De korte inhoud
Lidewij Franco – alias de generalísimo – is hoofdredactrice van het blad Climax. Ze is een harde tante en niet geliefd bij haar medewerkers. Vrienden heeft zij niet. De enige van wie ze houdt is haar hat Machiavelli, een Egyptische mau.
Bij Climax gaat het om primeurs en daarvoor heeft Lidewij Franco een netwerk opgebouwd. Haar onvolprezen instrument hiervoor is Roddelton, een weblog waar haar tipgevers berichten posten. Daar komt een grandioze tip binnen waar zij zeker wil mee uitpakken. De Belgische topwielrenner Eddy Van Looy, die op dat ogenblik deelneemt aan de Ronde van Frankrijk, zou in zijn jeugd het slachtoffer zijn geweest van een pedofiele priester. De reportage moet weer eens het verschil maken tussen haar blad en de mindere bladen, want: zeg nooit roddelblad tegen Climax.
Het artikel slaat in las een bom. De redactie van het blad wordt bestookt met mails, van lovend tot ronduit vijandig. Lidewij Franco wordt zelfs met de dood bedreigd. Daar trekt ze zich niets van aan. Maar dan gebeurt er iets wat deze gehaaide vrouw in een bang muisje verandert. Wat maakt haar opeens zo kwetsbaar?


Het volledige rapport
Voor veelschrijver Pieter Aspe is het moordende tempo van twee boeken per jaar blijkbaar nog niet voldoende, want deze bij de novembereditie van het maandblad Goedele zit als extraatje Kat en Muis. Na Grof Wild en De Japanse tuin een derde kortverhaal van zijn hand.

Kortverhalen zijn blijkbaar de manier van Pieter Aspe om even te ontsnappen aan de vaste personages uit zijn boeken. Ook deze keer dus geen Van In of Versavel, maar Lidewij Franco, een kreng van een vrouw die als hoofdredactrice van Climax een even streng beleid voert over haar redactie als haar Spaanse naamgenoot destijds over zijn land. Om week na week met een primeur te kunnen uitpakken gaat ze over lijken en worden de grenzen van de beroepsethiek als eens aan de laars gelapt. Als ze, na de publicatie van een pedofiliezaak met een bekend renner als slachtoffer, op een avond thuis komt, blijkt haar enige liefde, de kat Machiavelli, spoorloos.

Door Kat en muis aan te bieden bij een tijdschrift zou een win-win situatie moeten ontstaan: Enerzijds verwacht Sanoma Magazines dat de grote schare fans van de auteur zich massaal naar de krantenwinkel haasten om zich dit verzamelobject aan te schaffen en zo het tijdschrift meer bekendheid te geven. En anderzijds hoopt Pieter Aspe wellicht zijn publiek nog te kunnen uitbreiden, en zijn status van best verkopende Vlaamse misdaadauteur te versterken.

Bij dit laatste zet ik wat vraagtekens, want hoewel Kat en muis geschreven is met de typerende flair van de bekendste Bruggeling van deze eeuw, had het verhaal wat meer stoffering kunnen gebruiken. Wraak is natuurlijk een dankbaar thema om van een lineaire plot gebruik te maken, maar vijfentachtig bladzijden kunnen nooit volstaan om naast het introduceren van de personages en het uiteenzetten van de setting ook nog eens een rits aan opeenvolgende gebeurtenissen te bevatten, waardoor het verhaal wat diepte en sfeer tekort komt.

Gelukkig worden quasi alle personages perfect neergezet als herkenbare mensen. Met als kers op de taart Lidewij Franco, die in een paar zinnen een drie-eenheid kan vormen met Miranda Priestly (The devil wears Prada) en Cruella De Vil (101 dalmatiërs). De keuze om het meest onsympathieke karakter in de slachtofferrol te duwen is dan weer moeilijker te begrijpen, want niemand zal een traan laten als boontje om zijn loontje komt bij haar. Tenzij misschien voor de kat…


Kortverhalen schrijven is een kunst en Jac. Toes bewees, door in 1998 met Fotofinish de Gouden Strop weg te kapen, dat de perfectie te benaderen is. Kat en muis daarentegen haalt net niet het niveau dat we van Pieter Aspe verwachten, en dus blijft Grof wild tot nader order zijn beste novelle. Toch is het aardig meegenomen als tussendoortje. En er zit nog een Goedele bij met honderdvijftig bladzijden vol true crime artikels.

Het definitieve verdict:
4/10

EOB.JPG

24-11-10

UYTTENDAELE Ivo - Arteria Vertebralis

 

uiav.jpg

De eerste alinea:
Een vroege vogel is Jan Berkel nooit geweest en van in zijn studententijd had hij acht uur slapen nodig om met veerkracht op te staan. De laatste maanden lukt dit niet meer en dikwijls denkt hij dat de veren van zijn bed hem geen kracht meer geven. Als na tien uur slapen zijn wekker afloopt is hij een wrak en keer op keer drukt hij de sluimerknop in. Het aftelversje waarmee zijn grootmoeder hem gedurende de vakanties bij haar wekte, schiet hem regelmatig door het hoofd: zesuur slapen is genoeg, een luiaard mag er zeven tellen, op acht voorwaar heeft niemand recht. Vakantie was voor haar geen adempauze na een vermoeiend schooljaar, het was de voorbereiding op het nieuwe…


De korte inhoud
Een wereldvreemde psychiater wordt ervan verdacht de voorzitter van de Raad van Bestuur van zijn ziekenhuis op een ingenieuze wijze te hebben vermoord en slaagt er niet in zijn onschuld te bewijzen. Met de hulp van een Franse juriste en een Nederlands verpleegkundige die in de prostitutie heeft gewerkt, komt er schot in zijn zaak en vaart in zijn leven.


Het volledige rapport
.
Mechelaar Ivo Uyttendaele werkte als psychiater. Daarnaast was hij een tijd lang woordvoerder, ondervoorzitter en hoofdredacteur van het ledenblad van de Orde van Geneesheren. Functies waarin hij heel wat inkt liet vloeien in de vorm van verslagen en artikels en begon te dromen om wat fantasievollere teksten op papier te zetten.

Het eerste resultaat daarvan kreeg de titel Arteria Vertebralis mee en ligt nu in de boekhandel. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat dit debuut zich afspeelt in de medische wereld. Het hoofdpersonage, de wat eigenzinnige, tegendraadse en zelfs neurotische psychiater Jan Borkel, wordt verdacht van de moord op zijn beste vriend. Terwijl het officiële onderzoek op een laag pitje staat, wil Jan, met de hulp van vrienden, zijn onschuld bewijzen.

Ivo Uyttendaele een grote voeling heeft met de Nederlandse taal is een van de eerste dingen die men kan vaststellen tijdens het lezen van Arteria Vertebralis dat bol staat van de woordspelingen. Jammer genoeg overheerst het “creatief met taal”-gevoel het spannende element van het boek en krijgt men door de overdaad aan spitsvondigheden soms het idee getuige te zijn van een gesprek tussen tooghangers. Het had dus best wat selectiever gemogen, wat een positieve invloed zou hebben op de langdradigheid die het boek in zijn huidige vorm heeft

Door een bizarre, bijna wereldvreemde man als hoofdpersonage te kiezen vraagt de auteur ook veel inlevingsvermogen van de lezer, want niet alleen is het een bijna onbegonnen taak om Jan Borkel te zien als een realistisch figuur, tevens mist een aantal van zijn daden geloofwaardigheid. En wat te denken van de liftster die in het hoofdpersonage haar donorvader meent te herkennen. De auteur zal in zijn carrière wellicht veel markante persoonlijkheden hebben ontmoet, maar in Arteria Vertebralis ligt de concentratie ervan wat aan de hoge kant.

Ivo Uyttendaele heeft mogen ervaren dat er een hemelsbreed verschil ligt tussen het schrijven van zakelijke pennenvruchten en romans en heeft wat deze laatste categorie betreft nog een hele weg af te leggen.

Het definitieve verdict:
4/10


EOB.JPG

20-11-10

DEFLO Luc - Prooi

 

dlp.jpg

 

De eerste alinea
Inge Gerets dook het metrostation van Sint-Guido in. Het was er verrassend netjes maar leeg. In de hal heerste op het gekletter van haar hakken na een bijna sacrale stilte.

De korte inhoud
Vijf over elf. Inge Gerets komt van een personeelsfeestje in Brussel. Ze haast zich om de laatste trein richting Mechelen niet te missen. In Sint-Guido, de dichtstbijzijnde metrohalt, ligt het perron er verlaten bij. Als Inge overweegt om een taxi te nemen en rechtsomkeer wil maken, merkt ze tot haar verbazing dat ze niet alleen is. De jonge allochtoon, zelfverzekerd en arrogant, staart haar aan alsof hij naar iets smerigs kijkt.
Blijven of weglopen? Kiezen. De essentievan het leven. Maar wat als er geen keuze is? Inge beseft dat ze als een rat in de val zit. Ze raakt in paniek. Waarom ik? Probeert zichzelf te sussen. Die jongen wacht gewoon op een vrined. Haar gemoed schiet vol en ze haast zich naar het eind van het perron. Ben ik een racist? De jonge allochtoon komt haar niet achterna. Inge haalt opgelucht adem. Als haar ogen langs de muur glijden, ziet ze een vuilniszak. Het ding hangt over een bewakingscamera. Is dat toeval? Of het begin van een verschrikkelijke nachtmerrie waaruit Inge nooit meer zal ontwaken?


Het volledige rapport
Luc Deflo werd tweeënvijftig jaar geleden in Mechelen geboren. Daarna trok hij beetje bij beetje zuidwaarts om uiteindelijk in Brussel terecht te komen, waar hij nog altijd woont met zijn vrouw die de hoofdstad van Venezuela omruilde voor die van België. Omdat hij als voltijdse schrijverschap een eenzame bezigheid vond, is hij al enkele jaren deeltijds adviseur bij de Belgische Bank KBC.

In het begin van zijn carrière schreef hij vooral toneel, maar in 1999 zette Luc Deflo met Naakte zielen zijn eerste stappen als misdaadauteur. Het boek was meteen ook het eerste deel van een serie rond de Mechelse speurder Dirk Deleu. Pitbull werd in 2008 bekroond met de Hercule Poirot prijs. Prooi is al het zeventiende boek van zijn hand en kan, ondanks het solo optreden van het vast personage schele Pierre Vindevogel, beschouwd worden als een verhaal dat buiten de reeks valt.

Deflo heeft de laatste jaren in huwelijks ontrouw een dankbaar onderwerp gevonden, want na Hoeren en Lust heeft hij het in Prooi weer tot hoofdthema uitgekozen. Het verhaal begint als Inge Gerets zich ’s avonds laat bedreigd voelt door twee allochtonen in een bijna verlaten metrostation. Als de late pendelaar en beursmakelaar Alex Dens haar uit de ongemakkelijke situatie redt, bedankt ze hem met een portie stomende sex. Maar in plaats van het einde betekent deze daad het begin van een nachtmerrie...

Door het veelvuldig gebruik van extreem korte zinnen; onvolledige zinnen dikwijls, slaagt de auteur er als geen ander in snelheid in zijn verhaal te krijgen en spanning op te wekken. Bij zulke passages voelt zelfs de lezer zijn hartslag stijgen. Maar het ruwe, bij wijlen ronduit grove taalgebruik resulteert ook in een koud, kil, bot, soms macho, onaangenaam op het vijandige af sfeertje waar niet iedereen zit op te wachten, maar dat perfect past bij zowel de hoofdstedelijke wijken vol vergane glorie waar het grootste deel van het verhaal zich afspeelt en als de meedogenloze personages die erin figureren.

Vooral het eerste deel van het boek wordt zeer geloofwaardig gebracht, waarbij de lezer zich gemakkelijk kan inleven in het hoofdpersonage. Later overheerst de actie, wat de spanningsboog ten goede komt, ondanks het feit dat sommige van de veelvuldige wendingen voor de liefhebber probleemloos kunnen voorspeld worden.

Prooi is een typische Deflo. Wie zich in zijn vorige boeken kon verliezen, kan met garantie op hetzelfde resultaat aan Prooi beginnen: veel vaart en harde actie, zoals er in Vlaanderen door niemand anders geschreven worden.

Het definitieve verdict:
6/10

EOB.JPG

 

 

 

11-11-10

CONRAD Patrick - Perdida's droom

 

cppd.jpg

De eerste alinea:
’Godverdomme, Maurice, hoe vaak moet ik het nog herhalen: we zitten hier niet in een Vlaamse thriller.’

De korte inhoud
Privédetective John Van Dyck ontmoet een jonge dakloze vrouw die zich niets meer van haar verleden herinnert en zelfs haar eigen naam niet meer kent. Gefascineerd door dit geheimzinnige wezen verwaarloost Van Dyck de lopende zaken en neemt hij Perdida, zoals hij haar noemt, in bescherming. Maar zijn protegee weet hem steeds opnieuw te ontglippen en naarmate zijn bezeten zoektocht naar haar identiteit vordert, verliest John Van dyck gaandeweg zijn eigen identiteit. Tijdens deze onverbiddelijke afdaling naar de hel komt hij de waarheid op het spoor en raakt hij verstrikt in een aantal onvermijdelijke gebeurtenissen die zijn eigen ondergang zullen betekenen.


Het volledige rapport

De uit Antwerpen afkomstige Patrick Conrad is een veelzijdig man, want naast romanschrijver, is hij ook poëet, cineast en tekenaar. Voor Starr mocht hij in 2007 de Diamanten Kogel in ontvangst nemen. Enkele maanden nadat hij de pensioengerechtigde leeftijd bereikt heeft, rolt de fraai uitgevoerde roman noir Perdida’s droom van de persen.

Hierin krijgt privédetective John Van Dyck de tip dat de vermiste vrouw waarnaar hij op zoek is, werd gezien in Antwerpen. Als hij haar lokaliseert in de cel van het politiebureau blijkt al snel dat het een andere vrouw betreft. Maar haar totale geheugenverlies intrigeert hem. Hij doopt haar Perdida en ontfermt zich over haar, waarmee hij onbewust een speelbal wordt in een spel dat op verschillende niveaus gespeeld wordt. Maar John is niet bereid om zonder slag of stoot over zich heen te laten lopen.

De openingszin schreeuwt het al uit: dit is geen typische thriller. Hoewel het hoofdpersonage een detective is en zijn zoektocht enkele stinkende potjes opent is de plot niet sterk genoeg om het verhaal geloofwaardig tot bij de lezer te brengen. Niet alleen moeten een paar dei ex machina uit de mouw geschud worden, maar vooral het ontbreken van een gefundeerde reden waarom John zo gefascineerd wordt door de vrouw die hij Perdida noemt, vraagt veel toegeeflijkheid van het publiek.

Perdida’s droom moet het hebben van een andere troef. Namelijk de taalvaardigheid van de auteur, die er niet alleen in slaagt pareltjes van zinnen op papier te zetten, maar op sublieme wijze sfeer geeft aan het verhaal. Want hoewel het verhaal gedateerd is in de laatste jaren van vorige eeuw roept het boek op elke bladzijde herinneringen op aan de Amerikaanse zwart-wit films uit de jaren veertig en vijftig. De autotypes en de mobiele telefonie even buiten beschouwing gelaten, verwacht je zo Philip Marlowe of Sam Spade tegen het lijf te lopen.

De tegenstelling tussen de koele relatie die het hoofdpersonage in het echte leven heeft met zijn secretaresse en zijn erotische fantasieën over haar is in het begin een leuke gimmick, maar blijkt, door te veelvuldig gebruik, enkel een simpel mechanisme om wat bloot in het boek te kunnen verwerken.

Perdida’s droom heeft net zoals zowat alle personages in het boek twee verschillende identiteiten. Deze dualiteit maakt het er de recensent niet makkelijker op een eenduidige waardering uit te spreken, want Perdida’s droom scoort veel hoger als roman dan als spannend verhaal.

Het definitieve verdict:
5/10 (Thrillerscore: 3/10 - Romanscore: 7/10)


EOB.JPG

 

07-11-10

POST Elvin - Roomservice


per.jpg

 

De eerste alinea:
Larry Venice zei tegen zijn vriendin Amanda dat het absoluut niet zijn bedoeling was geweest haar te kwetsen toen hij haar eerder die dag aan de telefoon een egocentrisch mormel had genoemd. Hij had er al de hele dag spijt van en kon aan niets anders denken.

De korte inhoud
De 32-jarige Jack Farrell verdient een stevige boterham met het bespieden van mensen terwijl ze vreemdgaan. Hij hoeft zich nergens zorgen over te maken: het geld stroomt binnen en gezien de menselijke aard is er geen enkele reden om aan te nemen dat hij ooit zonder werk zal komen te zitten.
Maar het zakelijk succes heeft een keerzijde: het fotograferen van liegende en bedriegende mensen heeft van Farrell geen gelukkig mens gemaakt. Steeds vaker vraagt hij zich af of het niet tijd wordt voor iets anders.
Dan wordt hij benaderd door pornoproducent Archie Venice, die hem voor een royaal honorarium inhuurt om zijn zoon Larry ver uit de buurt te houden van zijn ex-vriendin Amanda. Het lijkt een makkelijke klus.
Maar schijn bedriegt – zoals zo vaak – en het is maar de vraag of Farrell op tijd inziet dat de onnozele Larry zijn ex-vriendin helemaal niet nodig heeft om opnieuw in de problemen te raken…


Het volledige rapport

Rotterdammer Elvin Post verbleef een tijdje in New York waar hij onder andere thrillers recenseerde en misdaadauteurs interviewde voor het Algemeen Dagblad. Momenteel woont hij met vrouw en kinderen weer in Rotterdam.

Zijn verblijf in Manhattan inspireerde hem om in de voetsporen te treden van de mannen en vrouwen die hij voor zijn microfoontje kreeg: zijn debuut Groene vrijdag verscheen in 2004 en leverde de auteur meteen een Gouden Strop op. Met Roomservice is de auteur, die eerstdaags zijn zevenendertigste verjaardag mag vieren, aan zijn vierde spannende boek toe.

Wat kan auteur zijn toch een mooi beroep zijn: men is zijn eigen baas en kan zijn onderwerpen naar believen uitkiezen om er dan onder de noemer van research volledig in op te gaan. Elvin Post heeft zichzelf ditmaal vergast op heel wat blote lichamen, want het boek is gesitueerd in de wereld van de pornofilms. Archie Venice, de grootste pornofilmproducent van New York, huurt Jack Farrell in om op zijn zoon Larry te letten en te verhinderen dat deze problemen zoekt met zijn ex-verloofde Amanda, die hem net de bons gaf. Een goedbetaald werkje dus tot Larry zich – zonder Amanda – onder de ogen van Jack in nog grotere problemen werkt…

Roomservice wordt verteld in een zeer luchtige, lichtjes grappige stijl, die nauw aansluit bij de recentste boeken van de Vlaming Bavo Dhooge, en die de sfeer oproept van Amerikaanse B-films: karikaturen van opportunistische personages bij wie maar niets wil lopen zoals ze het gepland hadden. Op één uitzondering na, dan toch, want de detective die in het boek wordt opgevoerd, is eindelijk eens iemand die gewoon het werk doet waarvoor hij betaald wordt, in plaats van op zijn eentje een heel politiekorps te vervangen en verschalken.

Maar de luchtige vertelstijl impliceert ook dat de spanning uit het verhaal gehaald wordt, zodat het boek dichter aanleunt bij het genre van de humor dan bij misdaad. Gelukkig heeft de auteur geopteerd om het verhaal te voorzien van een stevige soundtrack vol rockmuziek, waardoor het boek wat serieuzer over komt.

De opbouw van het verhaal duurt enorm lang en het gevaar bestaat dat menig lezer zal afhaken lang vooraleer de er eindelijk wat actie van de bladzijden spat. Want dan zijn we al bijna door heel het boek heen. Roomservice is ondanks de setting best flauw te noemen en mocht vooral in de eerste helft heel wat meer pit bevatten.

Op het brave inkijkje in de wereld van de pornofilm na, komt Roomservice totaal niet geloofwaardig over. Maar dat is ook niet de bedoeling van de auteur geweest. Die heeft gewoon een goede pastiche willen schrijven die alle elementen van de tweederangsproducties uit Hollywood bevat. En daarin is hij wel geslaagd. Liefhebbers van het lichtere genre, die humor laten primeren op spanning kunnen zich dan ook probleemloos aan dit werkje wagen.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG

28-10-10

MENDES Bob - Scherprechter


mbs.jpg

De eerste alinea
De eerste keer dat ik Danny Stein in levende lijve te zien kreeg, lag hij naakt op zijn rug en in diepe slaap op een bed, met naast zich een al even naakte, slapende Perzische schone. Ze lag op haar zij naar hem gekeerd, met haar arm liefdevol over zijn borst. Het was een wellustig beeld dat nog een tijd op mijn netvlies bleef hangen. De scène vond plaats op de eerste verdieping van een afgelegen huis op de Kalmthoutse Heide dicht bij de Nederlandse grens. Toen ik Danny vond, was hij al een paar dagen vermist…

De korte inhoud
Een controversieel Antwerps strafrechter wordt herhaaldelijk met de dood bedreigd. Uit angst voor perslekken vraagt hij Sam Keizer de dader op te sporen. Sinds de moord op een vrederechter en haar griffier in Brussel is de veiligheid in de gerechtsgebouwen een belangrijk thema geworden. Wordt de rechter bedreigd door een gestoorde die zich wil wreken voor een onrechtvaardig vonnis of is hij verwikkeld in een guerre des juges die sinds meer dan een jaar uitgevochten wordt in de ivoren toren van Justitia? Bij haar onderzoek zal Sam ook het privé- en het beroepsleven van de rechter onder de loep moeten nemen en daarbij komt ze tot onthutsende vaststellingen. Niet alleen over wantoestanden bij de Belgische justitie, maar ook over de goede en slechte tot levensgevaarlijke eigenschappen van de mensen die in deze omgeving voor recht en rechtvaardigheid zorg moeten dragen.
Maar Scherprechter is ook – en vooral – het tragische verhaal van Quinten, de minnaar van Sams boezemvriendin Marion. Quinten is een vergane sportglorie en vrouwenversierder die in de naweeën van een herseninfarct in de greep is van een depressieve persoonlijkheidsstoornis.


Het volledige rapport

De in Antwerpen geboren en getogen Bob Mendes werkte jarenlang als accountant en geniet nu van zijn pensioen in het landelijke Schoten waar hij zijn dagen vult met onder andere schrijven en golfen.

Literair mag de auteur beschouwd worden als een laatbloeier, want toen hij pas op zijn zesenvijftigste begon te publiceren, twijfelde hij nog tussen poëzie en spannende boeken, maar na een paar jaar beide specialiteiten gecombineerd te hebben, koos hij resoluut voor het misdaadgenre waarin hij naam maakte als factionschrijver. Twee bekroningen met de Gouden Strop en een keer de Diamanten Kogel mogen een maatstaf zijn voor de kwaliteit van zijn werk.

Met Scherprechter ligt het negentiende spannende boek van zijn hand in de winkel. In tegenstelling tot wat titel en cover laten vermoeder heeft het boek niets te maken met het Wilde Westen, maar heeft het werk een opzet waarmee de auteur deels in de voetsporen treedt van zijn generatiegenoot Jef Geeraerts, door het verhaal te doorweven met kritiek op het systeem. Bob Mendes viseert de rechterlijke macht, die toevallig net op dit moment door de controversiële uitspraak in de zogenaamde parachutemoord in Vlaanderen fel onder vuur ligt, en de politiek die er maar niet in slaagt passende hervormingen door te voeren.

In het boek neemt de Antwerpse privédetective Samuela ‘Sam’ Keizer, die ook al haar opwachting maakte in Bloedrecht, de opdracht aan om de persoon op te sporen die rechter Willem Smits met de dood bedreigt. Tijdens haar onderzoek stuit ze op een aantal feiten die het onkreukbare imago van de magistraat doen wankelen. Omdat de zaak haar boven het hoofd groeit, roept ze de assistentie in van haar vriendin Marion, die het moeilijk heeft nu haar minnaar na een beroerte een heel ander, hardvochtiger, mens geworden is die rondloopt met zelfmoordgedachten.

Scherprechter wordt vanuit het standpunt van het hoofdpersonage en heeft een vakkundig gecomponeerde plot waardoor op het eind van het verhaal de cirkel mooi rond is. Tenzij het natuurlijk de bedoeling is om met deze personages, en Samuela, een echte serie uit te bouwen, moet ik toch vraagtekens plaatsen bij de aanwezigheid van Harry en Danny want op het zorgen voor wat erotische spanning na, staan ze het verhaal een beetje in de weg. Maar dat is dan ook het enige minpunt dat er aangestreept kan worden.

Een wellicht onbedoelde tragikomische noot wordt gevormd doordat de vader van Samuela en zijn vriendin zich af een toe uitdrukken in het Jiddisch, een taal die nauw blijkt aan te leunen bij het Duits, wat toevallig ook de taal is van het volk dat meer dan een halve eeuw geleden probeerde de Joden uit te roeien. Maar dat doet natuurlijk niets af aan het feit dat het Scherpschutter gewoon een goed spannend boek is.

Het definitieve verdict:
6/10


EOB.JPG

 

15-10-10

FELIERS Anja - Verleid me

 

favm.jpg


De eerste alinea
Haar stem was vlijmscherp en doorkliefde de lucht.


De korte inhoud
Ze was nooit van plan geweest iets met hem te beginnen. Ze had een prachtige man, twee schatten van kinderen, een veelbelovende carrière als schrijfster. Ze nam een risico. Een berekend risico. Een affaire van veertien dagen in het zuiden van Frankrijk was immeers makkelijk toe te dekken. Vol overgave geniet ze. Is het peilloze verdriet om de dood van haar dochtertje een mogelijke verklaring?
Hij houdt van haar. Ontegensprekelijk. De tragedie die zij samen hebben doorstaan heeft hun relatie alleen maar sterker gemaakt. Maar als zijn ex-vriendin na jaren opnieuw opduikt, komt alles op losse schroeven te staan. Hij voelt hoe beïnvloedbaar hij is, hoe kwetsbaar.
Als ze terugkeren van vakantie blijkt dat meerdere mensen op de hoogte zijn van haar affaire. Haar zorgvuldig bewarde geheim dreigt uit te komen. Zij zet alles op alles om haar relatie en haar gezin te redden. Maar een onbekende vijand heeft het op haar gemunt. Hij weet alles van haar en zij niets van hem. Het begin van een ongelijke strijd.


Het volledige rapport
De Limburgse Anja Feliers, die in 2011 de kaap van veertig jaar zal ronden, werd geboren in Bilzen en groeide op in het Belgisch-Limburgse Maasdorpje Rekem. Na haar huwelijk trok ze terug naar haar geboorteplaats waar ze nog altijd woont. Ze studeerde af als leerkracht Nederlands en staat nog altijd in het onderwijs.

In 2004 debuteerde ze als jeugdauteur met Donkere kamers. Vier andere titels volgden en in 2010 waagt ze zich met Verleid me voor het eerst aan een roman voor volwassenen. Hiermee krijgt de geschiedenis van de literaire thriller, die in 1997 begon met Het geheugenspel van Nicci French, nu ook een Vlaams hoofdstuk.

In Verleid me maken we kennis met Nanou, een vrouw met een gelukkig gezinnetje, met als enige smet het alom tegenwoordige verdriet om een overleden dochter. Maar op vakantie in het buitenland valt ze voor de charmes van Maxim en stort ze zich in een hartstochtelijke affaire. Terug in België pakt ze haar oude leven probleemloos op. Maar als haar geheime relatie toch aan het licht komt gaat ze de strijd aan met als inzet haar man en kinderen.

Anja Feliers levert een meer dan acceptabel spannend debuut af. Zo weet ze haar verleden als jeugdauteur volledig uit haar schrijfstijl te bannen en schetst ze een zeer geloofwaardige leefwereld, waarvan ze vermoedelijk veel scènes onttrok uit haar eigen ervaringen als vrouw, echtgenote, moeder, schrijfster en onderwijzeres. Ook zijn de personages – op de antagoniste na – best geloofwaardig op papier gezet

Haar keuze om de lezer, door middel van een dubbele ik-vorm, delen van het verhaal te laten beleven vanuit het perspectief van zowel Nanou als haar man Thomas zorgt enerzijds voor voldoende variatie om aan het lezen te blijven, maar is er tevens verantwoordelijk voor dat sommige aspecten van de plot voor de ervaren thrillerlezer te vlug aan de oppervlakte komen. Ook vertoont het eerste deel van Verleid me sterke parallellen met het verhaal dat Esther Verhoef in Rendez-vous vertelt.

Hoewel de plot overwegend goed in elkaar steekt is er op dit vlak nog enige ruimte voor verbetering. Zo stelt de lezer zich wellicht vragen bij de bedscene waarin Nanou half bewusteloos en herstellend van een lichte hersenschudding de liefde bedrijft – ondergaat is een beter woord - en er later nog met een positief gevoel op terug kijkt. En helemaal aan het eind laat Anja Feliers de kans liggen om te eruit te gaan met een knaller van formaat en de lezer perplex achter te laten. Het leek mij sterker als de voor waarheid aangenomen, en niet onomstootbaar bewezen, band tussen twee van de personages formeel zou ontkracht worden door Isabel.

De talrijke liefhebbers van de literaire thriller kunnen Verleid me blindelings aanschaffen. Anja Feliers zal hen met dit verhaal over liefde, relaties en wraak zeker niet teleurstellen.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG