14-03-12

ELLORY R.J. - De helden van New York

 

erjdhvny.jpg

 

De eerste zin:
Drie Vicodin, een half flesje Pepto-Bismol voor zijn maag, vroeg op een bitterkoude ochtend.

De korte inhoud
De jonge drugsdealer Danny lijkt het zoveelste slachtoffer in de drugsoorlog te zijn. Maar wanneer ook zijn zus dood wordt aangetroffen, worden er vraagtekens bij de zaak gezet. NYPD-detective Frank Parrish probeert de moorden op te lossen maar worstelt tegelijkertijd met demonen uit het verleden. Hij probeert de reputatie van zijn vader te evenaren. Deze was ook politieman en een van de ‘De helden van New York’, mannen belast met het oprollen van de overblijfselen van de maffia in de jaren tachtig. Terwijl de tijd dringt worden niet alleen de motieven achter de moorden duidelijk, maar moet Frank ook de waarheid over zijn vader onder ogen zien…
 
 
Het volledige rapport
Na een ongelukkige jeugd probeerde de uit Birmingham afkomstige Roger Jon Ellory aan de bak te komen als schrijver van spannende verhalen. Een eerste poging in de periode 1987-1993 faalde jammerlijk, want hij slaagde er niet in een uitgever te strikken voor zijn boeken. Maar nadat hij in 2001 op zijn werk kennismaakte met de computer, wakkerde de vlam weer op. Deze keer had hij meer geluk en in 2003 lag zijn spannende debuut Stervensuur in de winkelrekken. Nu, negen jaar later ziet De helden van New York het levenslicht. Het is zijn achtste titel, maar slechts zes ervan werden naar het Nederlands vertaald.


In tegenstelling tot wat de titel doet vermoeden handelt dit werk niet over de hulpdiensten en reddingswerkers die aan de slag waren tijdens 9/11, maar zijn de helden waarnaar gerefereerd wordt de leden van de dienst georganiseerde misdaad van de New Yorkse politie, die in de jaren zeventig en tachtig van vorige eeuw de maffia monddood maakten in de stad die nooit slaapt. De witste raaf van die afdeling was de vader van het hoofdpersonage Frank Parrish. Frank is zelf rechercheur van de NYPD, maar zijn staat van dienst steekt schril af tegenover die van zijn vader: hij is onhandelbaar en heeft lak aan de procedures. Enkel het feit dat hij regelmatig successen boekt, weerhoudt zijn oversten ervan hem uit het korps te ontslaan. Tijdens de sessies met de politiepsychologe onthult hij een heel andere kijk op zijn vader, die helemaal niet strookt met de heldenstatus die hij in het korps genoot en nog steeds geniet. Ondertussen werkt hij ook nog aan een dubbele moord: een laag in de pikorde staande drugsdealer lijkt slachtoffer te zijn van een afrekening. Maar bij hem thuis wordt het levenloze lichaam van zijn zus gevonden. Misschien is er wel meer aan de hand?

Het moge duidelijk zijn. De helden van New York is geen policier zoals er dertien in een dozijn te vinden zijn. Je krijgt twee boeken voor de prijs van één: naast de bijna obligate verhaallijn van het veertig dagen lopende moordonderzoek in de tweede helft van 2008, biedt dit vier en een halve centimeter dikke werk genoeg ruimte voor een volwassen psychologische kant, waarin de twijfels van het hoofdpersonage niet alleen belicht worden, maar onder de loep geanalyseerd worden. Hierdoor krijgt de volledig uit clichés geboetseerde protagonist, die in onmin leeft met zijn ex-vrouw en kinderen, geen leven heeft buiten zijn werk, maar lak heeft aan procedures en hiërarchie en functioneert op afhaalmaaltijden en alcohol, een ongekende diepgang mee, die hem weer interessant maakt.

De vasthoudendheid waarmee Frank Parrish zijn verdachte ondanks het gebrek aan harde bewijzen blijft achtervolgen, zou zelfs lof oogsten bij de pitbulls. Dit zorgt voor de unieke situatie waarin de ene underdog de andere onder druk zet en de lezer, ongeacht de afloop van dit spannende draadje, gegarandeerd overloopt van medeleven maar tevens even zeker ontgoocheld achterblijft. Het scheppen en onderhouden van deze situatie getuigt van hen hoge mate van vakmanschap van de auteur.

Los daarvan hanteert R.J. Ellory een zalige vertelstijl met een sarcastisch ondertoontje en laat hij zijn personages de snedigste dialogen produceren, wat het leesgenot over de hele lijn ten goede komt. Jammer dat sommige zaken net iets te frequent herhaald worden, wat soms tot enige irritatie kan leiden. Een beetje meer vertrouwen in het geheugen van zijn publiek had niet misstaan. Mede hierdoor is het boek net niet meeslepend genoeg om top te zijn.

Maar de grootste ontgoocheling is de functie van de locatie. Een bruisende wereldstad als de Big Apple verdient beter dan gedegradeerd te worden tot een opsomming van straatnamen en metrohaltes die enkel en alleen dient om de verplaatsingen van de personages te documenteren.

Met De helden van New York levert R.J. Ellory een meer dan degelijk spannend boek af met een veel diepgang en geschreven in een opmerkelijke stijl, dat zich richt op de meerwaarde zoekende thrillerliefhebber.

Het definitieve verdict: 8/10 

EOB.JPG

 

15-07-11

YOUNG Robyn - Ridder

 

yrrvdt.jpg

 

De eerste zin:
De hoge allesoverheersende zon kroop naar het zenit en veranderde de donkere okerkleur van de woestijn in het wit van vervleekte botten.

De korte inhoud
.
Will Campbell is de zoon van een ridder van de Orde van de Tempeliers. Voordat hij zelf toe mag treden tot de Tempel wacht hem een lange en zware beproeving als leerling van de strenge Sir Everard. Terwijl hij probeert te overleven in de harde leerschool van de Tempel wordt Will geconfronteerd met een gevaarlijk mysterie rond Everard en zijn verboden gevoelens voor Elwen, de onafhankelijke jonge vrouw die hij maar niet uit zijn hoofd kan zetten.
Ondertussen groeit in het Oosten de macht van de voormalige slaaf Baibars. Deze meedogenloze krijger en briljante strateeg is de grootste generaal van zijn tijd  en heeft maar één doel: hij zal niet rusten tot zijn volk is bevrijd van de Europese bezetters van zijn thuisland.


Het volledige rapport.
Hoewel de Britse Robyn Young amper eenendertig jaar oud was toen ze met Ridder (van de tempeliers) debuteerde, was ze al zowat zeven jaar aan het schaven aan dit boek, dat het eerste deel is van deze Middeleeuwse trilogie, waarin de kruistochten en rol van de tempeliers erin, centraal staan. De andere boeken uit de reeks kregen de titels Kruistocht en Requiem mee.

Tegen een historische correcte achtergrond tekent de auteur het fictieve verhaal van Will Campbell vanaf zijn opleiding tot tempelier in Londen tot aan zijn eerste kennismaking met Heilige Land. Zo bestrijkt Ridder de periode van september 1260 tot mei 1272. Naast de ontertussen al tot vervelens toe herkauwde westerse visie op deze periode van de geschiedenis, weet Robyn Young zich van de anderen te onderscheiden door eveneens veel tijd te spenderen aan het standpunt van de Arabische wereld.Door de ogen van een van de meest gevreesde en populaire Egyptische sultan Baibars, wordt de lezer ingewijd in een compleet tegengestelde kijk op de kruistochten, dan deze welke ons onder invloed van de katholieke kerk met de paplepel ingegeven werd. Deze dubbele kijk op dezelfde feiten levert een pareltje van historische faction op, waardoor jammer genoeg een fictief verhaaltje geweven wordt zoals er al tientallen geschreven werden: deze keer is het onderwerp van conflict een boek dat de tempeliers ten gronde kan richten, en dat de vijanden van de orde maar al te graag openbaar willen maken

Robyn Young slaagt erin de feiten op een zeer aangename wijze aan te brengen, zonder ook maar ergens de belerende weg in te slaan. Enkel het middenstuk, dat zich in Parijs afspeelt, is te landradig, maar later krert het verhaal zich weer op kruissnelheid, waardoor de vijfhondervijfenzestig bladzijden licht verteerbaar zijn en vlot omgedraaid kunnen worden.

Ridder is een zeer geloofwaardige historische roman, maar de auteur had beter evenveel werk gestoken in het ontwikkelen van de spannende draad als in haar research. Toch is dit boek verplichte literatuur voor alle liefhebbers van boeken over Tempeliers en de Middeleeuwen, want ze zullen er niet alleen veel van opsteken, maar Robyn Young brengt het ook nog eens op een aangename wijze.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


02-06-11

WATSON S.J. - Voor ik ga slapen

 

wsjvigs.jpg

 

De eerste zin:
De slaapkamer is vreemd.

De korte inhoud

Christine wordt ’s ochtends wakker in een vreemd bed, in een vreemd huis, naast een man die ze niet kent. Ze herinnert zich niets van wat er die nacht is gebeurd en besluit snel haar kleren aan te trekken en naar huis te gaan. Maar dan ziet ze zichzelf in de spiegel. Christine herkent zichzelf niet: ze is veel ouder dan ze dacht.
De man vertelt haar dat hij Ben heet en dat ze al tweeëntwintig jaar getrouwd zijn. Dat ze in haar eigen huis is. En dat haar geheugen jaren geleden is aangetast door een ernstig ongeluk. Elke nacht als Christine gaat slapen worden haar herinneringen gewist. Elke ochtend opnieuw moet iemand haar vertellen wie ze is.
Christine is volledig afhankelijk van Ben. Maar als ze op advies van haar dokter een dagboek gaat bijhouden, ontdekt ze dat Ben haar lang niet alles vertelt.


Het volledige rapport
De in Londen wonende S.J. Watson debuteert met Voor ik ga slapen, een verhaal dat hij ontwikkelde tijdens een cursus romanschrijven, en die losjes gebaseerd is op waargebeurde feiten die eerder al in boekvorm gegoten werden door Deborah Wearing.

Het hoofdpersonage, wiens verhaal in de eerste persoon enkelvoud verteld wordt, is Christine Lucas, een zevenenveertig jarige vrouw die elke ochtend ontwaakt in de overtuiging zowat vijfentwintig jaar jonger te zijn, want telkens ze in een diepe slaap verzeilt – elke nacht dus - worden alle recente herinneringen tot zowat een kwart eeuw terug uit haar geheugen gewist. Al jaren lang moet haar partner haar elke dag vertellen wie hij is en waarom zij hem niet herkent.
Als ze op aanraden van een psycholoog dagelijks haar bevindingen op papier ziet, merkt ze al snel dat haar partner een en ander uit het verleden achter houdt of verdraait. Of toch niet?

Door de aard van het verhaal en de vele herhalingen van dezelfde gegevens krijgt Voor ik ga slapen een zekere traagheid mee, die bij momenten zelfs uitgroeit tot langdradigheid. Maar desondanks weet S.J. Watson toch moeiteloos zijn publiek bij de les te houden door beetje bij beetje de spanning op te bouwen. Een proces dat hij technisch perfect beheerst en uitvoert, waardoor een origineel gegeven wordt uitgewerkt tot een psychologische thriller van formaat, die vooral door de vrouwelijke fans van het spannende boek zeer gesmaakt zal worden. Het idee totaal te zijn overgeleverd aan wat anderen je vertellen is angstaanjagend, en de auteur buit dat gegeven zeer subtiel uit. Hoewel het jammer is dat al vrij duidelijk wordt in welke richting de verhaallijn zal evolueren, gebruikt de auteur de details als broodkruimels om het boek interessant te houden.

Heel het verhaal door doet de sfeer denken aan The Truman show, de uit 1998 daterende film met Jim Carrey, wiens personage er zich totaal onbewust van is dat hij de hoofdrol speelt in een populaire soap.

Alleen wordt Voor ik ga slapen, mede door Christines kwaal heel wat compacter gehouden: een minimum aan personages maken hun opwachting in een al even kleine leefomgeving.

Ook aan de buitenzijde is dit werkstuk een opvallende verschijning. De uitgever heeft ervoor geopteerd om geen enkele letter tekst te plaatsen op de cover: geen titel; geen auteursnaam, geen uitgever, zelfs geen logootje. Enkel een oog dat je aanstaart. Op zich wel markant, maar om eruit te springen in de boekhandel had de kleurkeuze wat feller gemogen dat het sepia dat nu gebruikt werd. Maar alvast een gedurfd concept.

S.J. Watson slaagt erin van een aan amnesie lijdende vrouw op geloofwaardige wijze een slachtoffer te maken van paranoia, en dat is bijna even sterk als David Copperfields optredens. Voor ik ga slapen is dan ook een waardig debuut dat onder de vlag van de literaire thriller vaart. Liefhebbers van dit subgenre en lezers met een brede smaak moeten dit werkstuk zeker eens oppakken.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


12-05-11

WHITE Michael - De moordkunstenaar

 

wmdm.jpg

 

De eerste zin:
Luidkeels gillend rende ze over straat.

De korte inhoud
.
In al zijn jaren bij de politie is inspecteur Jack Pendragon nog nooit geconfronteerd met zo’n gruwelijke reeks moorden. De lichamen van de slachtoffers zijn op verschrikkelijke wijze verminkt en vervolgens zo gepositioneerd dat ze verwijzen naar werken van beroemde surrealistische schilders.
Om de zaken nog ingewikkelder te maken, lijkt er een verband te zijn tussen deze moorden en een serie onopgeloste moorden in Londen in 1880 (sic), namelijk die van Jack the ripper. Pendragon is vastbesloten de zaak op te lossen, maar zijn tegenstander is niet alleen gevaarlijk, hij is ook bijzonder intelligent en laat geen sporen achter.
Een bloedstollende race tegen de klok begint…


Het volledige rapport..
De uit Groot-Brittannië afkomstige auteur Michael White week uit naar Australië waar hij zich vestigde in Sydney. Na in de eerste helft van de jaren tachtig een tijdje in de muziekwereld vertoefd te hebben, doceerde hij een aantal jaar wetenschappen, om zich daarna volledig op het schrijven toe te leggen. Hij maakte naam en faam als biograaf. Zo zette hij het leven van o.a. Asimov, Machiavelli, Tolkien, Da Vinci, Einstein, Stephen Hawking en Darwin op papier.

Tijdens het schijven van Newtons biografie ontstond al het idee om zich ook eens te wagen aan fictie maar het duur nog bijna een decennium vooraleer hij in 2006 zijn spannend debuut maakte met Equinox. De moordkunstenaar is al het vierde spannende boek dat onder zijn eigen naam verschijnt, - hij schrijft onder het pseudoniem Sam Fisher ook nog verhalen in de reeks E-Force, een moderne versie van Thunderbirds, de BBC poppenserie uit de jaren zestig.

In De moordkunstenaar hernieuwen we onze kennismaking met rechercheur Jack Pendragon uit De Borgia-ring, die een reeks gruwelijke moorden op zijn boterham krijgt, die allen lijken geïnspireerd door wereldberoemde surrealistische schilderijen. Het spreekt voor zich dat deze sadist zo snel mogelijk een halt toegeroepen moet worden, maar hoe begin je eraan als er op de plaatsen delict amper een bruikbaar spoor gevonden wordt…


Michael White pakt de lezer meteen bij het nekvel door uit te pakken met een sterk en fascinerend begin waarin alles moet wijken voor het schokeffect. Gelukkig vergeet de auteur niet verder in het verhaal onder meer zijn personages van een degelijke achtergrond te voorzien, zodat de noodzakelijke diepgang ook bereikt wordt.

De moordkunstenaar is van hoog niveau tot op het moment dat hij met een tweede verhaallijn aanvangt die zich afspeelt in 1888, en waaruit een link moet blijken tussen de moorden van Jack the Ripper en de kunstmoorden die Pendragon onderzoekt. Een link die zo ver gezocht is dat de magie van het verhaal uiteenspat als een zeepbel. Michael White had er veel beter aan gedaan voor de moordkunstenaar enkel de hedendaagse verhaallijn te gebruiken. En zijn visie op de man Jack the Ripper en diens beweegredenen meer uit te werken tot een op zichzelf staand boek, waardoor er veel meer kracht zou van uitgaan dan nu het geval is.

De twee verhaallijnen staan als ying en yang tegenover elkaar, maar in plaats complementair te zijn, neutraliseren ze elkaar, waar door geloofwaardigheid, echtheid spanning en mijn gevoel over het boek elkaar halverwege ontmoeten en het potentieel dat, getuige het sterke begin, in De moordkunstenaar aanwezig is, niet volledig tot ontplooiing komt. Zo ook het feit dat er wel erg veel politie aanwezig is in de Londense wijk Whitechapel, waar de auteur zijn verhaal laat afspelen en dat het oplossen van deze aartsmoeilijke puzzel slechts acht dagen in beslag neemt voor de nodige vraagtekens.

Toch is De moordkunstenaar zeker geen slecht boek. Maar het had veel beter gekund.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG


05-03-11

Duoboek: CHRISTIE Agatha - Getuige à charge & LIV - De coach


cagac.jpg


Het volledige rapport
Ter promotie van een aantal jonge Nederlandse schrijfsters uit de portefeuille van Karakter brengt de concept packager B for Books onder de noemer Spannende Vrouwen een aantal duoboeken op de markt. Hierin worden telkens twee kortverhalen gebundeld in een harde kaft: een van de hand van een opkomend talent en eentje van een grote naam in het boekenvak.

In dit boek worden Agatha Christie en Liv aan elkaar gekoppeld. Beide leveren ze een kortverhaal dat zich afspeelt in de familiale kring. Getuige à charge van Britse Queen of crime dateert al uit 1925 en draait rond de getuigenis van een maîtresse over haar van moord beschuldigde minnaar, terwijl de de spanningen in het gezin centraal staan in De coach van Liv.

Het eerste wat opvalt als men het boek opent is het uitzonderlijk grote lettertype dat gebruikt werd en de enorme hoeveelheid wit op de pagina’s. Het moge duidelijk zijn dat de uitgever echt alles uit de kast heeft moeten halen om de twee kortverhalen op te rekken tot iets dat een boek genoemd kan worden. Het lijkt op het eerste zich wel een boek voor beginnende lezers.

En de conclusie na het bereiken van het laastse letterteken is dat de kunst van het schrijven van kortverhalen veel moeilijker is dan het lijkt. Een compleet geloofwaardig verhaal vertellen met levensechte personages, voorzien van een degelijke plot en liefst ook nog een verrassend einde op de oppervlakkte van een spreekwoordelijke rijstkorrel is geen evidentie.
Zo neemt het extreem korte Getuige à charge niet genoeg tijd om een geloofwaardige omgeving te creëren, waardoor zelfs de bijna briljante ontknoping niet inslaat als een bom. Pittig detail is dat de schrijfster - weliswaar om andere reden dan hierboven aangehaald – later het einde nog heeft aangepast.

Eigenlijk brengt Liv het er beter van af. Het geheel klopt. Alleen stopt ze de beperkte ruimte te vol met indrukken en stokpaardjes, waardoor de essentie van het verhaal wat ondergesneeuwd raakt.

Toch overstijgt dit duoboek in zijn totaliteit de status van tussendoortje niet. Misschien moeten potentiële auteurs van kortverhalen maar eens het Gouden strop winnende Fotofinish van Jac Toes bestuderen: een kortverhaal volgens de regels van de kunst.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG


02-03-11

SMITH Tom Rob - Kind 44


strk44.jpg

De eerste zin:
Toen Maria had besloten om dood te gaan, moest haar kat verder maar voor zichzelf zorgen..

De korte inhoud

Het is 1953. al jaren houdt dictator Jozef Stalin de Sovjet-Unie in een ijzeren greep. In Stalins arbeidersparadijs is een seriemoordenaar actief die kinderen vermoordt. Maar in de Sovjet-Unie zijn zulke misdaden onmogelijk. Er bestaan alleen politieke misdaden. Wie al denkt dat een Sovjetburger tot die moorden in staat is, pleegt een misdaad en kan de kogel krijgen, of sterft een tergend langzame dood in een van de goelags. Voor de dood van de kinderen is altijd een logische verklaring: een ongeluk, buitenlandse spionnen – dossier gesloten.
Hoe los je een onmogelijke misdaad op?
Leo Demidov is een jonge, ambitieuze en toegewijde officier van de meedogenloze geheime dienst. Hij kent geen twijfels over het beleid van de communistische partij.
Maar de seriemoordenaar blijft actief en de kindermoorden gaan door. Het lijkt er zelfs op dat de moorden Demidov volgen, dat ze op de een of andere manier met hem te maken hebben. Leo beseft al snel dat hij de moordenaar van al die kinderen, wie het ook is, moet stoppen voordat hij zelf wordt vermoord.
Bij Demidov slaat de twijfel toe. Zijn vijanden binnen de muren van de Loebjanka, het hoofdkwartier van de geheime dienst, ruiken bloed en chanteren hem. Leo moet zijn loyaliteit aan de partij bewijzen, maar dat kan alleen als hij zijn vrouw Raisa verraadt.


Het volledige rapport.
Tob Rob Smith groeide op in Zuid-Londen waar zijn ouders een antiekwinkel uitbaatten. Hij begon al met het schrijven van verhalen in zijn jeugd, maar toen op de middelbare school een leraar hem aanraadde om toneelstukken te gaan schrijven maakte dat indruk op de jonge Tom. Na zijn studies werkte hij eerst als werknemer en later als zelfstandige vooral voor televisieproductiehuizen en –omroepen. Tijdens een minder drukke periode begon hij met het schrijven van zijn spannend debuut Kind 44, dat hij baseerde op de echte Russische seriemoordenaar Andrei Chikatoli, die in de jaren tachtig van vorige eeuw actief was.

Veiligheidsagent en perfecte Sovjetburger Leo Demidov komt per toeval op het spoor van een kindermoordenaar, maar volgens de communistische doctrine bestaan er geen seriemoordenaars. Deze contradictie brengt Leo aan het twijfelen inzake het officiële beleid; een gegeven dat zijn tegenstanders binnen de geheime dienst meteen uitbuiten om hem op een zijspoor te dirigeren. Maar Leo wil koste wat kost deze maniak opsporen en uitschakelen. Zelfs als dat betekent dat hij zijn naaste familie en zichzelf in grote problemen brengt. Enkel het met succes afronden van zijn zoektocht kan zijn geloofwaardigheid en re-integratie in de maatschappij weer bewerkstelligen.

Voor Kind 44 nam de auteur zich de vrijheid om het verhaal te verplaatsen naar de jaren vijftig toen Stalins schrikbewind zijn hoogtepunt beleefde. En deze kunstgreep blijkt een gouden idee te zijn, want veruit het sterkste punt van het boek is de grimmige sfeer die de auteur tot in de perfectie weet te hercreëren. Door zijn sobere beschrijvingen van het leven in Stalinistisch Rusland weet hij veel gruwelijker uit de hoek te komen dan al die boeken waarin bloed en lichaamsdelen in het rond vliegen. De eerste tweehonderd bladzijden van Kind 44 behoren tot het beste wat er ooit op papier gezet werd. De uiterst geloofwaardige wijze waarop alles verteld wordt grijpt de lezer bij het nekvel, kruipt onder de huid en dwingt hem de confrontatie aan te gaan met deze situatie van wantrouwen waarin een normaal leven geen optie is. Want het wantrouwen regeert met ijzeren hand en de angst voor arrestatie, marteling en de goelag hangt als een zwaard van Damocles boven eenieder; ook boven de hoofden van de protagonisten. Meesterlijke sublimatie toont Tom Rob Smith hier tentoon.

Toch mist Kind 44 net de perfecte score, want de contradictie tussen de Sovjetburgers die zich in het begin van het verhaal afsluiten van alles wat hen niet aangaat en de massale hulp die hij later in het boek krijgt is te groot om geloofwaardig te zijn. Hierdoor valt die onmenselijke sfeer die met veel moeite gecreëerd werd bijna als een mislukte soufflé in elkaar, waardoor de auteur er dan ook niet in slaagt die neerslachtige sluier die zowel over cover als verhaal hangt tot het eind vol te houden.

Ook zorgt het kaartje aan het begin van het boek bij aanvang voor heel wat afleiding, want de lezer is geneigd het te raadplegen telkens er een plaats die vernoemd wordt. En die zijn er aanvankelijk niet op terug te vinden. Het was beter geweest het kaartje pas af te drukken op de plaats waar het relevant wordt.

Toch leverde Tom rob Smith met Kind 44 een meesterwerk af dat verplichte literatuur moet zijn voor elke rechtgeaarde liefhebber van het genre. En voor elke (potentiële) auteur, want het is niet alleen een schoolvoorbeeld, maar zelfs de nieuwe maatstaf voor wat betreft sfeervorming.

Het definitieve verdict: 9/10

EOB.JPG

 

11-01-11

BECKETT Simon - Het sanatorium

 

bshs.jpg

 

De eerste alinea:
De huid.

De korte inhoud

De Britse arts David Hunter maakt een studiereis naar de beroemde Body Farm in Knoxville (VS), de plaats waar hij gestudeerd heeft. Hij is nog herstellende van een aanslag op zijn leven en hoopt dat het uitstapje hem goed zal doen. Directeur Tom Lieberman, een vriend van vroeger, vraagt hem mee te gaan naar een lijkschouwing in een berghut. Hunter is echter niet voorbereid op het gruwelijke tafereel dat hij daar aantreft: een vastgebonden en gefolterd lichaam in verregaande staat van ontbinding, met – vreemd genoeg – roze tanden.
Dan wordt er een tweede lichaam gevonden. Wat volgt is een huiveringwekkende zoektocht waarin niets is wat het lijkt. David Hunter krijgt te maken met iemand die een duivels genoegen beleeft aan moorden en die bizarre sporen achterlaat op iedereen op het verkeerde been te zetten.



Het volledige rapport
De uit Sheffield afkomstige Brit Simon Beckett oefende een aantal jobs uit die allen gemeen hadden dat ze hem een grote mate van vrijheid bezorgen. Het schrijverschap was dus gewoon een logische volgende stap en na een journalistiek bezoek aan de body farm had hij meteen ook zijn inspiratie gevonden: David Hunter was geboren.

In het derde boek uit de reeks, Het sanatorium, keert het hoofdpersonage terug naar de body farm en raakt hij op voorspraak van de directeur ervan betrokken bij het onderzoek van een gruwelijke moord en de jacht op een gewiekste seriemoordenaar.

Simon Beckett hanteert een uiterst aangename schrijfstijl waarin de lezer zich quasi vanaf de eerste bladzijde een gezellig in kan nestelen zodat meteen de juiste sfeer gecreëerd wordt voor meer dan driehonderd bladzijden leesplezier.

Of toch bijna, want vooral in het begin van Het Sanatorium maakt de auteur te veel toespelingen op de bijna doodervaring van het hoofdpersonage op het eind van Het laatste zwijgen, het vorige boek uit de reeks. Vooral het feit dat de opmerkingen eigenlijk niet ter zake doen in dit verhaal maakt het ergerlijk.

Maar gelukkig weet de schrijver er nog net op tijd mee op te houden, om vol te gaan voor verhaal nummer drie dat plotmatig veruit het beste is uit de reeks: verrassende wendingen en een originele en perfect gemaskeerde ontknoping maken van Het Sanatorium een rasechte pageturner die de lezer verbaasd en zelfs verbluft achterlaat nadat deze de laatste bladzijde achter zich gelaten heeft.

Met dit boek breit Simon Beckett een ijzersterk derde deel aan zijn serie, waarvan alle delen met hun mix van forensische antropologie en het ontmaskeren van moordenaars een meer dan behoorlijk niveau halen. En net nu is bekend geworden dat in april 2011 het vierde deel van de persen zal rollen. Ik kan haast niet wachten, want deze werken zouden verplichte lectuur moeten zijn voor elke rechtgeaarde liefhebber van spannende boeken.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG

 

 

 

29-12-10

GODDARD Robert - Het familiekapitaal

 

grhf.jpg

De eerste alinea:
‘De vakantie begint hier,’ mompelde Hammond binnensmonds. Hij nam een slokje van zijn mineraalwater met prik, staarde wat om zich heen in de clublounge en keek door de grote ramen naar buiten, waar de vliegtuigen bij de verbindingsslurven stonden of over de startbaan taxieden. Heathrow bood op een grauwe middag in februari een weinig inspirerende aanblik, maar Hammond zag in gedachten al uit naar de skihellingen in Oostenrijk, waar de omstandigheden volgens de krant optimaal waren: in Obergurgl niets minder dan poedersneeuw van de beste soort.

De korte inhoud
Dr. Edward Hammond heeft kort na de oorlog in Joegoslavië Dragan Gazi voor veel geld aan een nieuwe lever geholpen. Tegenwoordig zit Gazi vast in Den Haag. Hem hangt niet alleen een veroordeling door het oorlogstribunaal boven het hoofd, iedereen aast ook nog eens op zijn kapitaal.
Een mysterieuze figuur, ‘de accountant’, houdt het kapitaal verborgen en Gazi’s dochter Ingrid wil het hebben. Edward is de enige die zou kunnen helpen. Omdat Ingrid als geen ander weet hoe zij Edward onder druk kan zetten om zijn hulp af te dwingen….



Het volledige rapport
De Brit Robert Goddard studeerde geschiedenis. Na gewerkt te hebben als journalist, leraar en ambtenaar, besloot hij in 1986 voor om van zijn pen te leven. Datzelfde jaar debuteerde hij met Verjaard bedrog, waarmee de auteur meteen aangaf voor welke niche hij opteerde in de grote wereld van het spannende boek: misdaadverhalen die in de marge historische raakvlakken bevatten.

Met zijn nieuwste werk zit hij nog steeds in hetzelfde hokje. De basis voor Het familiekapitaal is de vraag wat er van de genadeloze militieleiders geworden is die tijdens recente Joegoslavische burgeroorlog dood en vernieling zaaiden. Een van hen, Dragan Gazi wacht op zijn veroordeling door het oorlogstribunaal in Den Haag. Diens dochter Ingrid benadert de Londense chirurg Edward Hammond, die in 1996 een nieuwe lever inplantte bij Gazi, om de oorlogsbuit van de Servische leider los te weken bij Dragans financiële brein: de accountant. Hammond kan niet weigeren, maar beseft nog niet dat hij hierdoor in een wespennest van formaat terechtkomt.

Tweeëntwintig titels staan er ondertussen op Robert Goddards bibliografie waarvan het overgrote deel de status van bestseller haalde in het Verenigd Koninkrijk. Het is dan ook geen toeval dat deze auteur er een zeer leesbare stijl hanteert waarbij rauwe historische feiten zoveel mogelijk uit de weg gegaan worden, maar de geschiedenis met mondjesmaat in het verhaal incorporeert. En die formule werkt, want ondanks het eenvoudige opzet van het boek, met een serieel opgezette plot, wordt de aandacht van de lezer moeiteloos vastgehouden door alles ondergeschikt te maken aan meer dan voldoende verrassende wendingen die voor de voeten van zijn hoofdfiguur gegooid worden.

Die drang naar afwisseling uit zich tevens in het een groot aantal locaties, waarbij het hoofdpersonage half Europa doorkruist alsof het slechts een wijk betreft en voor de ontknoping zelfs naar Zuid-Amerika gelokt wordt.

Hoewel Robert Goddard er een erezaak van maakt om alle losse eindjes weg te werken in zijn verhalen, moet hij soms toch flirten met de grenzen van het geloofwaardige om die belofte waar te maken. Maar boven alles is Het familiekapitaal gewoon een tof verhaal in een origineel kader.

Het definitieve verdict: 7/10


EOB.JPG


 

19-05-10

MCDERMID Val - Het profiel

 

mvhp

 

De eerste alinea
Moord had iets magisch, dacht hij. De snelheid van zijn hand was altijd bedrieglijk voor het oog, en zo zou het blijven. Hij was als een postbode die iets bezorgt bij een huis waarvan de bewoners later konden zweren dat er niemand aan de deur was geweest. Deze kennis was verankerd in zijn wezen als een pacemaker in het lichaam van een hartpatiënt. Zonder zijn magische krachten zou hij dood zijn. Of toch zo goed als.


De korte inhoud:
Tony Hill, hoofd van de Nationale Taakeenheid Profilering, geeft zijn team opdracht te onderzoeken of er een verband is tussen de verdwijningen van dertig tieners.
Allemaal lijken ze van huis te zijn weggelopen.
Alleen Shaz Bowman komt met een concrete theorie. Maar die theorie is zo absurd dat niemand haar gelooft.


Het volledige rapport
:
Toeval bestaat niet, maar het is toch bizar dat net als Val McDermid de diamanten Dagger uitgereikt krijgt voor haar belangrijke bijdrage van de wereld van het spannende boek – een carrièreprijs, zeg maar – de Nederlandse vertaling van The wire in the blood bovenaan mijn stapel ligt te pronken.

De uit het Schotse kustplaatsje Kirkaldy afkomstige schrijfster, begon in 1976 haar professionele loopbaan als journaliste voor dagbladen in Glasgow en Manchester. Ondertussen begon ze fictie te schrijven. Haar eerste boek werd door elke uitgever geweigerd, maar kreeg een tweede leven als toneelstuk. In 1984 maakte ze, onder invloed van de opkomst van een nieuwe lichting Amerikaanse vrouwelijke thrillerauters, zelf ook de overstap van drama naar het spannende boek, maar het duur drie jaar voor haar debuut in de winkels lag. In 1991 besloot ze zich volledig toe te leggen op het schrijven van spannende fictie en sindsdien werd veel van haar werk al in diverse landen bekroond.

Haar dertiende spannende boek, Het profiel, dat al dateert van 1997, is na De sirene het tweede boek in een reeks waarin psycholoog Tony Hill en rechercheur Carol Jordan de belangrijkste figuren zijn. Deze reeks ligt ook aan de basis van de televieserie Wire in the blood, waarvan tussen 2002 en 2008 zes jaargangen opgenomen werden.

In het profiel verwelkomt Tony Hill zijn eerste kandidaat profielschetsers bij de Nationale Taakeenheid Profilering. Een van de oefeningen die de rechercheurs voorgeschoteld krijgen, bestaat uit het groeperen van slachtoffers. Zo moeten ze uit een lijst van verdwenen tieners proberen een verband te vinden. Sharon ‘shaz’ Bowman slaagt er niet alleen als enige in een duidelijke overeenkomst te vinden tussen een aantal van die vermisten. Ze wijst ook meteen een verdachte aan. Omdat haar verdachte een alom geliefde landelijk beroemde televisiester is, wordt haar theorie als absurd afgedaan. Maar gedreven als ze is, probeert ze op haar eentje haar gelijk te bewijzen.

Het profiel is door zijn opzet geen eenvoudig boek geworden: na de proloog volgt een hoofdstuk van een bladzijde of 65. Meteen een dikke kluif om te verorberen. Daarna volgen de ongenummerde hoofstukken, met een lengte die varieert tussen een pagina en bijna 90 bladzijden, elkaar op. Als dan soms in de tekst ook de witregels tussen de verschillende scenes wegvallen, bestaat de vrees dat menig occasioneel lezer het boek voortijdig voor bekeken zal houden. Ook al omdat er veelvuldig gerefereerd wordt naar wat er zich in De sirene heeft afgespeeld.

Maar wie doorbijt kan genieten van een degelijk opgebouwd verhaal waarin Val McDermid de vooringenomenheid met betrekking tot de status van onaantastbaarheid van bekende figuren in vraag stelt en dit gegeven uitgewerkt heeft tot een meeslepende thriller die zich op vier verschillende, over het hele grondgebied van Engeland verspreide locaties: van de hoofdstad Londen, over de industriestad Leeds via de kustgemeente Seaford naar het landelijke Northumberland.
De race tegen de klok op verschillende niveaus in het verhaal staat er garant voor dat de spanning constant aanwezig is en nooit last heeft van een dipje. Alleen is het jammer dat de wijze waarop de schuldige zijn sporen verwijdert, nogal terloops en zonder onderzoek als een zekerheid gedeclameerd wordt, waardoor het nogal uit de lucht komt te vallen.

Hoewel de personages misschien een beetje clichématig voorgesteld worden, komt dit in Het profiel meer de herkenbaarheid ten goede dan dat het nadelig werkt. Maar Tony Hill lijkt wat op de alwetende Pendergast van Preston and Child: in zijn vakgebied is hij de authoriteit, wiens zicht op de zaak en suggesties omtrent andere zaken waarvan hij amper op de hoogte is en zelfs de details niet kent, telkens weer meteen de juiste is. Zo wordt het metier van het profielschetsen wel voorgesteld als een zeer eenvoudige klus, wat het zeker niet is. Voor één boek is dit nog te genieten, maar als deze lijn doorgetrokken wordt door de hele serie kan dat wel eens uitvergroot worden tot een storende factor.

Zoals uit bovenstaand relaas blijkt is Het profiel niet de perfecte thriller geworden. Maar het is zeker en vast eentje dat moeiteloos tot de bovenste helft van het genre behoort. En van Val McDermid is na ondertussen zesentwintig titels van haar hand al geweten dat ze een vaste waarde is in het kransje van de toppers in het genre in Groot-Brittannië en daarbuiten.

Het definitieve verdict: 7/10


EOB

26-04-10

GOODWIN Jason - De brand van Istanbul

 

gjdbvi

De eerste alinea:
Yashim tikte een stofje van zijn manchet.

De korte inhoud:
1836. Een reeks moorden bedreigt het machtsevenwicht aan het hof van de sultan. Een mooie courtisane wordt gewurgd in haar bed gevonden en enkele soldaten van de sultan worden vreselijk verminkt aangetroffen. De sultan stelt Yashim Togalu aan om in een geheime missie te achterhalen wie er achter deze gruweldaden schuilt. Als eunuch heeft hij toegang tot de afgeschermde haremverblijven van het paleis, maar uiteindelijk leidt zijn zoektocht hem naar de schimmige onderwereld van Istanbul.



Het volledige rapport
:
De Britse historicus en auteur Jason Goodwin raakte tijdens zijn studies Byzantijnse geschiedenis aan de universiteit van Cambridge gefascineerd door Istanbul. Met zijn vrouw Kate en hun vier kinderen geniet hij van het landelijke leven in het Engelse graafschap Sussex

Na in de jaren negentig van vorige eeuw een aantal non-fictie boeken gepubliceerd te hebben over de Ottomanen, schreef hij als journalist talloze artikels voor onder andere de krant New York Times. In 2006 waagde hij zich met De brand van Istanbul voor het eerst aan spannende fictie, en het leverde hem meteen een Edgar Alan Poe award op voor het beste boek van dat jaar volgens de Mystery Writers of America, de Amerikaanse tegenhanger van het Genootschap van Vlaamse Misdaadauteurs. Het boek was meteen ook het begin van een reeks, waarvan het vierde deel volgend jaar van de persen zal rollen, met als protagonist de sympathieke eunuch en hobbykok Yashim Togalu, die zich als een vis in het water thuisvoelt in het Istanbul van de eerste helft van de negentiende eeuw.

In de brand van Istanbul wordt Yashims hulp zowat tegelijkertijd ingeroepen bij het oplossen van twee onregelmatigheden: de bevelhebber van de elitetroepen van de sultan vraagt hem de verdwijning van vier van zijn officieren te onderzoeken en de moeder van de sultan spreekt hem aan in verband met de moord op een van de haremvrouwen van haar zoon. Als de vermiste officieren een voor een vermoord en verminkt teruggevonden worden, vermoedt Yashim een samenzwering tegen de vernieuwende sultan. Maar tussen vermoeden en bewijzen ligt een hemelsbreed verschil. Zijn onderzoek laat hem, met gevaar voor eigen leven, kriskras de grootstad doorkruisen in de hoop de ontbrekende puzzelstukjes te vinden.

Het is vanaf de eerste bladzijden aangenaam vertoeven in De brand van Istanbul. De gezapigheid waarmee de auteur zijn verhaal verwoordt en de sfeervol beschreven faits divers maken dat het boek aanvoelt als een op maat gemaakt pak. Jason Goodwin schotelt de lezer een mooie dwarsdoorsneede voor van het leven in de voormalige hoofdstad van het Ottomaanse riijk, waarbij de historicus in hem hem behoedt voor het te romantisch afschilderen van het leven, waardoor een een zeer geloofwaardig aandoend decor ontstaat waartegen het spannende verhaal geschetst wordt dat eigenlijk maar een onderwerp heeft: macht. En de strijd om meer macht die op verschillende vlakken uitgevochten wordt.

Al bij al beschouwd besteedt de auteur – in tegenstelling tot de meeste misdaadauteurs – weinig aandacht aan de spannende verhaallijnen. De lezer wordt niet bij het handje genomen en stap voor stap begeleid door het onderzoek van het hoofdpersonage, maar wordt verplicht mee te denken, want soms worden er grote stappen genomen buiten het zicht van de lezer. Deze intelligente, soms zelfs terloopse aanpak overschrijdt echter nooit grenzen van het ongeloofwaardige en draagt er zelfs toe bij dat het boek naar een hoger niveau getild wordt. Een logische gevolg van deze aanpak is dat de verrassende ontknoping zowat uit de lucht komt te vallen en dat de lezer zich voor het hoofd slaat omdat hij het niet zag aankomen.

Kortom De brand van Istanbul is een prachtig werkstuk dat de lezer niet alleen zin geeft om direct een retourtje Istanbul te boeken, maar ook garant staat voor enkele uren lekker wegdromen bij een atypische, boeiende en vooral heerlijk frisse detective vol markante personages.

Het definitieve verdict: 8/10 

EOB


 

21-02-10

KINNINGS Max - Claustrofobia

 

 

kmc

De verpakking:
Als deze cover een ding doet, dan is het opvallen: In witte koeien van letters wordt de titel, alle spellingsregels aan de laars lappend, in vier stukken gehakt, uitgesmeerd over het grootste deel van het beschikbare oppervlak. En wat is er mis met “claustrofobie”? Veel blijkbaar, want de uitgever opteerde voor het Engelse “claustrofobia”. Hopelijk denkt de potentiële koper of lezer niet dat het een Engelstalig boek betreft dat verkeerdelijk tussen de Nederlandstalige boeken gelegd werd. Op de overblijvende ruimte worden nog de naam van de auteur en een vrij onopvallende foto van een spoortunnel gepropt, die door het felle licht aan het einde van de tunnel toch iets mysterieus aan de voorpagina toevoegt.. Het geheel is veel te druk, maar je zal er wellicht niet naast kunnen kijken. De invulling van de achterflap is beter geproportioneerd, en evenwichtiger uitgevoerd. Wel is het te betreuren dat de korte inhoud een paar onzorgvuldigheden bevat.

De inhoud:
Tijdens het spitsuur in Londen wordt een overvolle metro gekaapt en tot stilstand gebracht in een van de tunnels die het metrosysteem rijk is. Een groepje christelijke fundamentalisten dreigt de tunnel op te blazen, waardoor die onder water zal komen te staan; een soort massale doopplechtigheid.
De machinist van de trein, George, lijdt – ironisch genoeg voor een metrobestuurder – aan een ernstige vorm van claustrofobie, en het gevoel ondergronds opgesloten te zitten drijft hem zowat tot waanzin.
De kapers hebben een satellietverbinding aangelegd, waardoor honderduizenden kijkers verspreid over de hele wereld de kaping live kunnen volgen via de internationale nieuwszenders. De autoriteiten staan machteloos: met honderden gegijzelden is dit de grootste terroristische dreiging sinds 11 septermber. Als enkele uren later blijkt dat de kapers George’ vrouw en kinderen betrokken hebben bij hun zieke plan, ontstaat een explosieve situatie...


Het rapport
:
De in Oxford verblijvende Brit Max Kinnings werkte vroeger in de muziekindustrie, maar momenteel voorziet hij in het levensonderhoud van zijn gezin met het schrijven van scenario’s en boeken. Ook doceert hij schrijfcursussen aan de de universiteit van Brunel, in de Londense westrand.


In eigen land publiceerde hij begin deze eeuw al twee humoristisch getinte boeken vol actie, maar zijn derde boek ‘Baptism’ raakt maar niet in de winkelrekken, hoewel het in 2008 zelfs op de korte lijst stond van boeken die op het Berlijnse filmfestival voorgesteld zouden worden. Maar dat kon uitgeverij De fontein er niet van weerhouden het boek alvast in Nederlandse vertaling onder de titel Claustrofobia uit te brengen, waardoor het meteen ook het eerste boek van deze auteur is dat we in onze moedertaal kunnen lezen.

In een tijd waarin alle media bol staan met feiten over moslims die het Westen belagen, komt Max Kinnings op de proppen met een terrorist die van mening is dat de katholieke kerk zich tegenwoordig maar karakterloos opstelt, en zich als een mietje gedraagt. Niet dat hij de strijd wil aangaan met de islamieten, maar om, als religies die beide een god aanbidden, verenigd ten strijde te trekken tegen corruptie en hypocratie van de westerse economische mogendheden. En om die boodschap uit te dragen brengt deze man samen met enkele kompanen op een hete zomerochtend een metrostel in een Londense tunnel tot stilstand. Ze dreigen ermee, voor het oog van de wereld, de honderden passagiers aan boord te laten verdrinken in de tunnel. Ondertussen doen de autoriteiten in de persoon van psycholoog en crisisonderhandelaar Ed Mallory er alles aan om in contact te komen met de kapers in de hoop hen op andere gedachten te brengen.

Op zich is dit een origineel gegeven, maar het feit dat de kapers - op een internetconnectie na - geen eisenpakket hebben dat ze graag door de authoriteiten ingewilgd zien, maakt van deze gijzeling maar een doelloze bedoening en catalogiseert dit verhaal meteen bij de pretentieloze “red de onschuldige slachtoffers”-verhalen vol actie waar ze in Hollywood zo gek op zijn: verstand op nul en lezen maar.

En met die instelling is Claustrofobia best een spannend boek waarvan te genieten valt, want dan erger je je niet aan de verschillende manieren waarop van bladvulling bijna een kunst gemaakt wordt. Zo krijgen we in het begin van het boek een pagina’s lange niets ter zake doende uitweiding over het Londense openbaar vervoer; wordt er tot vier keer toe verwezen naar een verjaardagsfeestje bij een kindvriendelijk Italiaans restaurant, alsof dat het hoogtepunt van geluk was in het leven de metrobestuurder en zijn gezin; en wordt van alle passagiers van de laatste wagon een opsomming gegeven van hun naam en de redenen van hun aanwezigheid in het treinstel

Dit laatste draagt er toe bij dat de hoeveelheid opgevoerde personages aanzielijk is, maar gelukkig worden enkelen ervan vrij grappig voorgesteld. Wat te denken van een onderhandelaar die niet functioneert zonder alcohol? Of een pedofiel die zich aansluit bij een kloostergemeenschap (meestal is het andersom)? Of de metrobestuurder met claustrofobie? Om er maar enkele te noemen. Die claustrofobie wordt trouwens feilloos genezen door de gijzelnemer, na wat gezamelijk uitgevoerde ademhalingsoefeningen, om nogmaals te onderstrepen dat dit boek echt alleen maar de bedoeling heeft te entertainen.

Met Claustrofobia heeft Max Kinnings een bijzonder onderhoudend en vlot lezend verhaal geconstrueerd dat zich perfect leent om gelezen te worden ergens op een zonnig strand met een goede cocktail binnen handbereik, maar als de lezer zich wat concentreert of vragen begint te stellen, blijkt al snel dat er toch wel wat tekortkomingen aan de oppervlakte komen en dat de auteur nog een lange weg heeft af te leggen vooraleer hij de toets der kritiek kan doorstaan. Dus herhaal ik het nog maar eens: verstand op nul en genieten maar.

Het verdict: 7/10
 

EOB

 

06-02-10

JAMES Peter - Op dood spoor

 

jpods_tn

De verpakking:
Peter James is een van de populairste auteur van Groot-Brittannië en dat mogen we weten: zijn naam bestrijkt meer een derde van de cover, waardoor de foto gelimiteerd wordt tot de onderste helft van de pagina. Maar eenmaal het oog valt op de daarin uitgebeelde scene wordt de nieuwsgierigheid meteen opgewekt: het binnen kijken in een slaapkamer waar op een omgewoeld bed een paar handboeien ligt te blinken. De keuze om het kleurenpalet te beperken tot slechts donkere rode tinten draagt zeker bij tot het mysterieuze sfeertje dat uitgestraald wordt. De achterzijde is sober maar compleet uitgevoerd.

De inhoud:
In de nacht dat Brian Bishop zijn vrouw vermoordde, was hij zo’n honderd kilometer van huis en lag hij te slapen. Tenminste, zo lijkt het voor inspecteur Roy Grace, die het onderzoek leidt naar de perverse moord op de jonge Katie Bishop, een bekend en mooi gezicht in het chique uitgaansleven van Brighton. Heeft Brian het onmogelijke gepresteerd door op twee plaatsen te gelijk aagwezig te zijn geweest? Is er sprake van een gestolen identiteit of is hij gewoon een ingenieuze leugenaar?
Grace graaft dieper in het leven van het gerespecteerde echtpaar en komt tot de conclusie dat alles geheel anders is dan op het eerste zicht leek. En dan graaft hij iets te diep – en plotseling staat het wankele evenwicht in zijn persoonlijke leven op instorten...


Het rapport
:
De in de Zuid-Engelse badstad Brighton geboren Peter James heeft ondertussen de stad verruild voor het platteland in de omgeving, waar hij met zijn gezin en drie honden een landhuis bewoont tussen Romeinse ruïnes. Ook houdt hij een flat aan in het Londense Nothing Hill. Hij studeerde af aan de Ravensbourne Film School en investeerde en produceerde via een aantal bedrijfjes waar hij mede-eigenaar van is een aantal televisieseries en films waarvan Merchant of Venice met onder andere Al Pacino de bekendste is.Tevens is hij een groot autoliefhebber en neemt zelfs deel aan autoraces in een 2 PK’tje dat bestickerd wordt met de cover van zijn nieuwste boek.

In de jaren tachtig van vorige eeuw begon hij naast zijn werk in de filmindustrie ook spannende boeken te schrijven. Momenteel staan er negentien op zijn curriculum vitae, maar van de eerste vier heeft hij een veto uitgesproken over nieuwe herdrukken, om de lezer teleurstellingen te besparen. Een twintig jaren geleden bracht De Boekerij drie werken uit in vertaling en tien jaar geleden voegde BZZTôH en nog eentje toe aan dat lijstje. In 2005 startte de auteur aan een reeks met als vast hoofdpersonage de Brightonse rechercheur Roy Grace, waarvan er sindsdien jaarlijks een episode verschijnt, en die allen in Nederlandse vertaling verschenen bij De Fontein.

Op dood spoor, het derde boek uit deze reeks, begint met de moord op Kathie Bishop. Alle sporen wijzen haar echtgenote Brian Bishop als dader aan, maar de man beweert, gestaafd met betrouwbare getuigenissen, op het tijdstip van de misdaad kilometers verwijderd te zijn van de plaats delict. Terwijl hun hoofden eigenlijk meer bezig zijn persoonlijke problemen op te lossen moeten Roy Grace en zijn partner Glenn Branson toch alles in het werk stellen om dader en motief boven water te krijgen.


Peter James heeft een aangenaam weglezende maar zeer beschrijvende stijl van vertellen. Quasi geen enkel detail van de locaties die hij uittekent blijft onvermeld, wat bij momenten resulteert in een zeer trage voortgang der gebeurtenissen., maar toch slaagt de auteur erin zijn publiek niet te irriteren met zijn breedsprakigheid. Meer zelfs, het bezorgt het verhaal een cachet van degelijkheid. Vertrekkend van een betrekkelijk eenvoudige plot, schrijft hij zijn verhaal met veel gevoel uit, waarbij hij veel aandacht besteedt aan zijn personages, die allen zeer menselijk worden geportretteerd, met hun positieve en negatieve eigenaardigheden, waardoor de occasionele lezer nieuwsgierig wordt naar de voorgaande boeken uit de reeks.

Maar dat een goed gecomponeerd verhaal niet altijd een garantie biedt voor een kwalitatief hoogstaande policier, blijkt ook nu met Op dood spoor, waarin een aantal schoonheidsfoutjes het appreciatieniveau naar beneden halen. Zo kan de aandachtige lezer al zeer vroeg in het boek de vinger leggen op zowel motief als dader. Vanaf dan moment is het enkel wachten tot er een naam op geplakt wordt, hoewel de auteur door een goed gevonden variatie op het thema nog even verwarring weet te zaaien.

Ook zal de trouwe lezer van deze serie zich stilaan beginnen afvragen of de in alle boeken weerkerende zaken, zoals de zoektocht van Roy naar zijn ondertussen al negen jaar geleden verdwenen vrouw en de simpele manier waarop hij leugens en waarheid bij het verhoren weet te onderscheiden, een rode draad vormen, zullen ontaarden in een gimmick, of een uiting zijn van beperkingen van de auteurs kunnen .Als er dan op het einde van het boek ook nog een paar kleine losse draadjes blijven bungelen, kan de eindconclusie alleen maar zijn dat Op dood spoor een geloofwaardige policier is, maar ook niets meer. Net goed genoeg om met de hakken over de sloot te raken en dat Peter James een begenadigd verteller is, die door de glimpen van zijn talent en originaliteit die hij bij momenten tentoon spreidt, genoeg potentieel uitstraalt om in de toekomst nog een paar sporten hoger op de auteursladder te klimmen, mits hij wat zorgzamer te werk gaat.

Het verdict: 6/10

EOB


30-12-09

WOODHEAD Patrick - De verboden tempel

 

wpdvt

De buitenkant:
Mooi opgebouwde cover die een aantal elementen van het verhaal bevat: het onherbergzame berglandschap boven een oud gewelf waarin een, in turkoois gekleed, jongetje rondloopt. De overgang van beide beelden wordt gecamoufleerd door de titel die in grote gouden letters alle aandacht naar zich toe trekt. Doordat er gebruik gemaakt wordt van naar binnen geplooide flappen die de korte inhoud en wat informatie over de auteur bevatten, is de achterzijde zeer soeber uitgevooerd. Enkel een sumiere teaser, een blurp en en mooi geïntegreerde foto van de auteur vonden er hun plaatsje.

De achterflap:
Op de Tibetaanse hoogvlaktes branden boeddhistische kloosters tot de grond toe af. De Chinezen deinzen nergens voor terug om de Tibetanen te onderwerpen – zelfs onschuldige kinderen worden in koelen bloede vermoord. Maar diep in de binnenlanden gloort er hoop. Een klein jongetje begint aan een lange reis, een reis die niet zonder gevaren is...
Voor Luca Matthews is het beklimmen van hoge bergtoppen zijn lust en zijn leven. Wanneer hij een onbekende top in de Himalaya ontdekt, is hij vastbeloten om deze als eerste te beklimmen. Samen met zijn klimpartner Bill Taylor, gaat hij zonder visum naar het door China bezette Tibet.
Maar de Chinese geheime politie komt Luca en Bill op het spoor – en de toekomst van Tibet ligt in hun handen...


De binnenkant:
Patrick Woodhead is het Britse equivalent van onze eigen Marc Sluszny. Beiden worden ze aangetrokken tot het extreme. Woodhead bereikte in zijn jonge leven al de Zuidpool; doorkruiste Antarctica van oost naar west; beklom als eerste een aantal bergen in de Himalaya, voer per kayak als eerste een aantal rivieren af in het Amazonegebied, en stak de Atlantische Oceaan over. Wereldburger als hij is vond hij op de koop toe zijn vrouw in Zuid-Afrika

Zijn antarctische avonturen lagen aan de basis van zijn bedrijfje White Desert, dat avontuurlijk reiszen op maat aanbiedt in het zuidpoolgebied, en aan zijn eerst – non-fictie – boek, Misadventures in a white desert. Voor zijn fictie debuut De verboden tempel putte hij uit de ervaringen die hij opdeed in de onherbergzame Himalayastaat Tibet, die al bijna zestig jaar geannexeerd is door China.

De nakende inauguratie van de volgende panchen lama, de spirituele leider van Tibet, drijft de spanningen in het land weer tot grote hoogtes: de Chinese leiders willen een stroman in die functie positioneren. Mogelijke Tibetaanse kandidaten worden door de Chinezen zonder genade uit de weg geruimd, maar toch slagen de Tibetanen erin hun echte kandidaat te laten onderduiken in een bijna ontoegankelijk klooster dat verborgen ligt in het hooggebergte. Tegelijkertijd is Luca Matthews net in Engeland terug van een expeditie waar hij een berg ontdekte die tot nu toe alleen maar beschreven wordt in oude boeddhistische gebedsrollen. In zijn haast terug te keren om die berg aan zijn palmares toe te voegen, reist hij illegaal naar en door Tibet. Als de Chinezen hier weet van krijgen vermoeden ze dat Luca en zijn klimpartner de toekomstige panchen lama het land uit willen smokkelen en starten ze een meedogenloze mensenjacht.

In een aangenaam weglezende stijl vertelt Patrick Woodhead zijn verhaal. Hij varieert mooi tussen inkijkjes in de wereld van het bergbeklimmen, het boeddhisme, de politiek van Tibet en natuurlijk zijn spannende verhaal, waardoor De verboden tempel een zeer geloofwaardige indruk nalaat. Enkel in het heetst van de strijd verliest hij soms even de trappers en wordt het een beetje rommelig. Maar al bij al levert hij goed werk voor een debutant.

Je kan je moeilijk een aantrekkelijker decor inbeelden dan hetgene Patrick Woodhead hier gebruikt als achtergrond voor zijn versie van de strijd tussen goed en kwaad: Zowel het hooggebergte, het Oosten als het Boeddhisme zijn voor ons westerlingen omgeven met een waas van mysterie en oefenen een vreemde aantrekkingskracht op ons uit. Maar de auteur maakt niet de fout om zijn achtergrond alleen maar mooi voor te stellen. Als ervaringsdeskundige maakt hij dankbaar gebruik van alle aanwezige valkuilen en gevaren: sneeuwstormen, wilde dieren, ziektes en ontbering worden allemaal voor de voeten van de protagonisten gegooid. De sfeerschepping is veruit het sterktste punt van dit boek. De enige deuk in de geloofwaardigheid is het gemak waarmee hij sommige ongetrainde en onervaren figuren door deze woestenij laat voorbewegen. Het lijkt bij momenten wel een zondagse boswandeling.

De personages ontgroeien het bordkarton dan weer niet. Hoewel de auteur zijn best gedaan heeft om een gevarieerd aanbod aan karakters op te voeren, zitten ze allen in zo’n strak keurslijf dat ze toch blijven steken in clichés en in eendimensionaliteit: ze hebben allen hun eigen doel voor ogen en alles wat ze doen is daarom gericht. Een flinke dosis extra menselijkheid had hier wonderen kunnen verrichten.

Het verhaal rond dit mooi geconstrueerde plot is prachtig verweven met de achtergrond, en de verschillende verhaallijnen worden professioneel samengebracht tot een finale die jammer genoeg een beetje ontgoochelt. De verboden tempel had een compacter beschreven en explosievere ontknoping verdiend.

Ondanks de kinderziekten die debutant Patrick Woodhead nog moet zien te overwinnen is De verboden tempel best een aangenaam stukje lectuur geworden. Als hij bij een volgend boek de personages verder kan uitdiepen en de spanning wat beter tot zijn recht kan laten komen zijn er best wat mogelijkheden.

De score: 6/10

EOB

07:17 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 6, vertaald, groot-brittannie, woodhead_patrick |  Facebook |

10-12-09

MOSSE KAte - De wintergeest

 

mkdw

 

De buitenkant:
Het eerste wat opvalt aan dit boekje is het ongebruikelijke formaat. Het heeft de breedte van een normale paperback, maar is slechts even hoog als een pocket en wordt ingebonden aangeboden. Een rare combinatie die, samen met de marmerachtige blauwige achtergrond het boekje wel wat cachet geeft. Jammer dat het centraal geplaatste bloedrode symbool, dat op zijn beurt weer overschreven wordt door de titel, er dan weer afbreuk aan doet en een slordige indruk geeft. Op het net circuleert nog een andere cover met een mooiere bladschikking en een ander symbool – het wapen van het Royal Sussex regiment – dat beter aansluit bij de inhoud.
De achterflap slaagt er wel in een goede indruk te maken door alle noodzakelijke informatie mooi proportioneel geschikt weer te geven.

De achterflap:

In de winter van 1928 reist de jonge Frederick Abraham door een verlaten gebied in Frankrijk. Al jaren wordt hij achtervolgd door de dood van zijn broer, die is omgekomen in de loopgraven van Vlaanderen. Nu heeft hij zelf de leeftijd bereikt waarop zijn broer stierf en is hij op de vlucht voor zijn verleden.
Als Frederick in een sneeuwstorm terechtkomt, zoekt hij onderdak in een klein dorpje. Ondanks de ijzige kou hebben de dorpelingen zich in traditionele klederdracht gehuld en maken ze zich op voor een jaarlijks dorpsfeest. Frederick voelt zich aangetrokken tot een prachtige vrouw, met wie hij zich eindelijk gelukkig voelt.
Maar als de volgende dag aanbreekt is de vrouw spoorloos verdwenen. Frederick besluit naar haar op zoek te gaan in de bergen, langs paden die al eeuwen worden bewandeld door de dood, op plekken waar het verleden nog lang niet voorbij is ...


De binnenkant:
Kate Mosse is een literair dier. Ze stond aan de wieg van een boekenfestival, is de sterkhouder van een literaire prijs, zetelt in verschillende literaire jury’s, geeft schrijfcursussen, presenteerde programma’s over boeken op televisie en doet dat nog steeds op de radio. En daarnaast vindt ze nog de tijd om met haar gezin te pendelen tussen haar twee woonplaatsen Chichester, in het zuiden Engeland en Carcassonne in Zuid-Frankrijk. Kortom ze is een grote madam in de Engelse wereld van het boek.

En dan publiceert ze zelf ook nog. Geen tussendoortjes, maar lijvige historische verhalen waar enorm veel research aan vooraf gaat, zoals daar zijn Het verloren labyrint en De vergeten tombe. Om de tijdspanne tot het verschijnen van het derde deel in de Languedoc trilogie te breken is nu haar novelle De wintergeest verschenen als zoethoudertje voor de fans.

Hierin maken we kennis met Frederick ‘Freddie’ Watson die tien jaar na het einde van de Eerste Wereldoorlog, waarin zijn oudere broer George sneuvelde, nog altijd grote problemen heeft om zelf verder te gaan met zijn leven. Na ontelbare doktersbezoeken, kilo’s medicijnen en zelfs een internering verlaat Freddie Engeland en begint hij aan een reis door Frankrijk. Als hij in de streek ten zuiden van Toulouse in een winterse sneeuwstorm van de weg raakt zoekt hij hulp en tijdelijk onderdak in het dichtsbijzijnde dorpje, waar net de voorbereidingen volop aan de gang zijn voor het jaarlijkse dorpsfeest, die avond. Daar maakt hij kennis met een mooie jonge vrouw en voor het eerst in twaalf jaar voelt Freddie zich zorgenloos en levenslustig. Maar ’s anderendaags is deze mysterieuze vrouw van de aardbol verdwenen en blijkt niemand van de mensen in het dorp haar opgemerkt te hebben. Voortgaand op wat ze elkaar de avond ervoor vertelden, probeert Freddie de liefde van zijn leven terug te vinden en gaat hij op pad in de onherbergzame en soms zelfs vijandige Pyreneeën.

Dat De wintergeest geen gewoon spannend boek is valt meteen op door de aanwezigheid van illustraties van de hand van Brian Gallagher: donkere pentekeningen die de sfeer van het vertelde accentueren. Dat het zelfs geen spannend boek is, wordt pas duidelijk als er halfweg nog geen signalen in die richting de kop opgestoken hebben. De wintergeest is dus een gewone roman; een kerstverhaal over liefde, verdriet en dood waarin de schrijfster haar liefde voor de Katharen en hun ruige streek, le Pays d’Oc, nog maar eens duidelijk maakt. Een mooi mystiek verhaal waarin de mythe van Lombrives en de Battle of the boar’s head met elkaar verbonden worden.

In haar vertrouwde realistische schrijfstijl en met een zekere traagheid die eigen is aan de late jaren twintig van vorige eeuw, laat Kate Mosse haar protagonist in contact komen met markante nevenpersonages in dorpjes waar het bijgeloof nog de bovenhand heeft op de ratio. Dit zorgt voor een mysterieus sfeertje en maakt dat de lezer al snel lekker in het verhaal zit.

Wel is het jammerlijk te moeten vaststellen dat de redactie hier en daar wat te wensen over laat. Zo heeft Freddie op de achterflap niet alleen aan andere familienaam dan in het verhaal, maar staat hij op een gegeven moment sigaretten uit te delen waarvan hij even tevoren nog vaststelde dat hij ze verloren was.

Al bij al is De wintergeest best een aardig boekje om tijdens deze koude dagen knus bij de open haard ter hand te nemen, maar de fans van Kate Mosses vorige boeken blijven wellicht op hun honger zitten en zullen deze novelle meer dan waarschijnlijk als een ontgoocheling ervaren, want de auteur heeft hiermee even de wereld van het spannende boek verlaten.

Thillerscore: 3/10
Romanscore: 6/10


EOB

 

21:24 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 6, vertaald, groot-brittannie, mosse_kate |  Facebook |

24-11-09

PEARS Iain - De val van Stone

pidvvs

 

De buitenkant:
De sfeervolle oude foto van een mysterieuze, in zwart geklede vrouw langs de oever van de Theems op een mistige avond past niet alleen perfect bij het verhaal, maar wekt ook nieuwsgierigheid op. En door gebruik te maken van niet al te grote letters komt de coverfoto mooi tot zijn recht.

De achterflap:
Londen 1919, John Stone valt uit een raam van zijn huis, zijn dood tegemoet. De politie denkt aan zelfmoord, maar zijn weduwe is daar niet van overtuigd en huurt de jonge journalist Matthew Braddock in om onderzoek te doen naar de mysterieuze omstandigheden rond zijn dood. Bovendien moet hij op zoek naar een kind van Stone, van wie het bestaan pas in diens testament bekend werd gemaakt.
In zijn onderzoek brengt Braddock Stones schimmige verleden tot leven. Van Londen, waar Stone met zijn enorme vermogen de financiële markten kon manipuleren, naar Parijs, waar hij de liefde van zijn leven ontmoette, en uiteindelijk naar het negentiende-eeuwse Venetië – de stad waar Stone de basis legde voor zijn immense fortuin.


De binnenkant:
De Brit Iain Pears is kunsthistoricus, journalist en natuurlijk schrijver. Momenteel woont hij met zijn gezin in Oxford. Na een aantal boeken met kunsthistoricus Jonathan Argyll in de hoofdrol gepubliceerd te hebben, schrijft hij de laatste tijd op zichzelf staande verhalen. Na zijn vorige nog geen tweehonderd bladzijden tellende novelle Het portret ligt nu De val van Stone in de winkelrekken, een zevenhonderd pagina’s tellende pil, waarin hij toevallig vertrekt van hetzelfde basisgegeven als Esperanza, de meest recente parel van Felix Thijssen.

In De val van Stone wordt in drie bedrijven, die telkens wat verder terug gaan in de tijd, het fictieve levensverhaal geschilderd van baron Ravenscliff, alias William John Stone, een zakelijk genie zonder scrupules die leefde op het einde van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw. Het boek begint bij zijn dood: zijn val uit een raam van zijn woning wordt door de politie snel geklasseerd als een ongelukkige val, maar zijn weduwe, de flamboyante Elizabeth Robillard, heeft daar haar twijfels over. Zeker als blijkt dat de afhandeling van zijn testament een onverwachte erfgenaam onthult: de baron schenkt een aanzienlijk bedrag aan zijn kind dat hij nooit erkende en waarvan niemand lijkt af te weten. Elizabeth neemt Matthew Braddock, een journalist, onder de arm om op zoek te gaan naar deze mysterieuze telg. En zo bezoekt het verhaal het zakelijke Londen van het begin van de twintigste eeuw, het mondaine Parijs van net voor de eeuwwisseling en het verloederde Venetië van de tweede helft van de jaren achttienhonderd.

De eerste hoofdstukken van Pears’ meest recente werk vragen wat aanpassing van de lezer. Zo is het goed bij de beschreven periode passende taalgebruik lichtjes bombastisch en zeer beschrijvend. Maar eenmaal hieraan gewend leest het verhaal best makkelijk weg.

Het einde van het eerste deel had ook het orgelpunt van het boek kunnen geweest zijn met een mooi en aanvaardbaar open einde. Maar de auteur beslist anders en vergast zijn publiek op een tweede, zeer intrigerend, deel dat hij hoofdzakelijk bij de Parijse beau monde situeert. Om af te sluiten met een wat saaier en op het eerste gevoel overbodige derde deel dat wel resulteert in een zeer originele en verrassende finale, die niet alleen de cirkel volledig rond maakt en het hele boek naar een hoger niveau stuwt, maar ook een sterk staaltje plotwerk te voorschijn tovert.

Iain Pears besteedt veel aandacht aan de uitwerking van zijn personages en aan het creëren van de perfecte sfeer bij de uiteenlopende locaties waar de hoofdfiguren hun weg mogen door banen. Dit alles draagt bij tot een degelijke ficieve biografie met een zeer hoog geloofwaardigheidsgehalte dat echter net niet groots genoeg van opzet is om de status van epos toebedeeld te krijgen.

Hoewel De val van Stone een groot aantal thrillerelementen bevat, neigt het verhaal toch meer naar een historische roman. Hierdoor zal de doorsnee liefhebber van het spannende boek wellicht een lichte ontgoocheling overhouden na zich door deze berg papier van meer dan een kilogram gewerkt te hebben. Maar zij die dwepen met historische romans en de lezers die iets meer zoeken dan een doorsnee detective, gaan hier zeker wel plezier aan beleven.

De score: 7/10


EOB

21:39 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 7, vertaald, groot-brittannie, pears_ian |  Facebook |

02-07-09

MORLEY Michael - Adder

 

mma

 

De buitenkant:
Zelfs zonder te weten waar dit boek over handelt, is de cover er al eentje die eruit springt: de vurig rode letters tegen de staalblauwe achtergrond vallen echt wel op. Op het gebruik van de rode kleur na is het voor de rest een zeer sobere cover, waar geen letter teveel op staat. De wetenschap dat het boek in Napels gesitueerd is zorgt er dan weer meteen voor dat de cover een link legt naar de lava, zowel gestolde als lopende, van de nabijgelegen vulkaan Vesuvius. Een krachtige voorzijde, dus.

De achterflap verliest veel van die kracht door een foute schikking van de teksten, waardoor er onderaan een groot leeg vlak onstaat, wat hetzelfde oogt als een stilte in een gesprek die valt wanneer alles gezegd lijkt te zijn en de deelnemers niet meer weten wat te vertellen.

De achterflap:
Op de flanken van de Vesuvius, in de buurt van Napels wordt het half verbrande lichaam van een jonge vrouw gevonden. De beroemde profiler Jack King wordt tegen zijn zin bij het onderzoek betrokken door een man die wel heel veel belangstelling voor de moord heeft.

Dan worden er in de nabije omgeving van de eerdere vondst botten gevonden van meerdere lijken – en heeft zelfs de drukbezette politie van Napels tijd. Samen met zijn Italiaanse collega Sylvia gaat Jack op zoek naar de dader. Al snel stuiten ze op een tak van de Camorra die zich de Familie van de Adder noemt. En het duurt niet lang voor Jack erachter komt dat in de stad van de Camorra andere wetten gelden...


De binnenkant:
De Brit Michael Morley verdeelt zijn tijd tussen Groot-Brittannië, waar hij met zijn gezin woont en Nederland waar hij werkt. Voor zijn job reist hij de wereld af om de door Endemol uitgedachte televisieprogramma’s aan te passen voor de lokale markt van mogelijke kopers. Voor hij in de amusementsector aan de slag ging was hij misdaadverslaggever. In die hoedanigheid had hij diepgaande gesprekken met zowel seriemoordenaars en hun nabestaanden als met de profilers van de FBI.

Al die gesprekken en ervaringen gebruikt hij als inspiratie voor een nieuwe hobby: het schrijven van thrillers. In 2008 debuteerde hij met Spider en nu ligt zijn tweede boek, Adder, in de winkels.

Op vakantie in New York wordt profiler op rust Jack King aangeklampt door een vreemde man die hem uitdrukkelijk vraagt om de verdwijning van een aantal jonge vrouwen in de streek rond Napels te onderzoeken. King onderbreekt zijn verlof en gaat samen met de locale rechercheur Sylvia Tomms aan de slag in de stad waar de maffia de plak zwaait. En ze vinden menselijke resten....meer dan hun lief is.

Door heel sterk te openen weet de auteur de lezer van bij de eerste bladzijde aan zich te binden. Het begin van Adder geeft echt onmiddellijk zin om verder te lezen. Ook gedurende de rest van het verhaal weet Michael Morley zeer onderhoudend te vertellen, en de vaart erin te houden door gebruik te maken van zeer korte hoofdstukken. Hoewel moet gezegd worden dat hij af en toe te vlug teveel in zijn kaarten laat kijken. Het plot is degelijk en door leuke nevenverhaallijnen te gebruiken – die na verloop van tijd mooi aansluiten bij het hoofdverhaal - slaagt hij er zonder moeite in de lezer bij de les te houden.

Hoewel hij zijn locaties niet tot in de kleinste details beschrijft, waakt de auteur er over deze zorgvuldig uit te kiezen: het drukke stadscentrum van Napels, het uitgestrekte natuurgebied rond de Vesuvius en de historische en toeristische trekpleister Pompeii kregen allemaal een plaatsje toebedeeld in dit boek.

De auteur besteedde enorm veel aandacht aan zijn personages, waardoor ze, van de eerste tot de laatste, allemaal zeer levensecht voorgesteld worden en op een geloofwaardige manier door het verhaal bewegen en acteren. Natuurlijk zijn sommigen archetypes, maar dat komt dat de herkenbaarheid maar ten goede.

Met Adder heeft Michael Morley een zeer geloofwaardige thriller gecomponeerd, die de lezer laat kennismaken de twee kanten van de medaille  van het leven in een streek die geregeerd wordt door de maffia: enerzijds zijn het naar de buitenwereld toe zeer respectabele zakenlui, maar aan de andere kant is de prijs van een mensenleven zo laag dat iedereen die in hun weg loopt vakkundig uit de weg geruimd wordt.

De score: 8/10


EOB

 

 

21:48 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 8, vertaald, groot-brittannie, morley_michael |  Facebook |

11-02-09

BLACK Ingrid - Gevallen meisjes

 

bigm

 

De buitenkant:
Deze goedkopere uitgave is quasi het spiegelbeeld
van de originele cover. En in plaats van een kleurenschema in zwart en ecru, wordt deze keer gekozen voor zwart en paars. Sober, maar niet veelzeggend

De achterflap:
Vijf jaar geleden verdween Ed Fagan en sindsdien is er niets meer vernomen van de seriemoordenaar die bekendstond als de Nachtjager. Totdat een krant in Dublin een brief ontvangt van iemand die beweert Fagan te zijn en waarin nieuwe moorden worden aangekondigd.

Saxon, een voormalige FBI-agente, was bezig een boek over Fagan te schrijven toen hij verdween. Zij gelooft niet dat hij
de brief hebt geschreven. Terwijl hoofdinspecteur Grace Fitzgerald en haar team het oude onderzoek weer oppakken, probeert Saxon hen ervan te overtuigen dat de voor de hand liggende verklaring misschien niet de juiste is.


De binnenkant:
Achter het pseudoniem Ingrid Black gaan de Noord-Ieren Eilis O-Hanlon en Ian McConnel schuil; twee journalisten die privé ook een koppel vormen en in Belfast wonen.
Zij debuteerden in 2003 met Gevallen meisjes waarin we kennis maken met het speuderskoppel Saxon en Grace Fitzgerald: een ex FBI-agente en een rechercheur bij de politie van Dublin. Dit lesbische duo kreeg ook de hoofdrol toebedeeld in de volgende twee boeken van Ingrid Black.

Bij de krant wordt een brief afgeleverd waaruit moet blijken dat Ed Fagan, een seriemoordenaar die vijf jaar geleden spoorloos verdween, zijn werk gaat verderzetten. Maar Saxon, een ex FBI-agente die Ed Fagan nog ontmoet heeft voor zijn verdwijning, is ervan overtuigd dat er hier sprake is van een copycat: een andere moordenaar die zich in de voetsporen van de Nachtjager begeeft. De politie daarentegen richt al hun pijlen op de voormalige publieke vijand nummer een in Dublin.

De eerste verplichting die Ingrid Black zich voor het debuut oplegde was dat het verhaal zich moest absoluut moest afspelen in Dublin. En de auteurs hebben veel aandacht besteed aan die locatie. Ze nemen de lezer op touw door alle hoeken van de Ierse hoofdstad en belichten niet alleen de mooie kanten ervan, maar hebben meer dan voldoende aandacht voor de kleine kantjes van hun plaats van gebeuren.

Evenveel aandacht besteden ze aan hun personages. Iedereen in de omgeving van Saxon, zijzelf incluis, krijgt in meer of minder mate een verleden en een leven toebedeeld, waardoor de figuren echt tot leven komen. Alleen Grace blijft vreemd genoeg op dit gebied wat verweesd achter. Misschien dat zij in een volgend boek wat meer uitgediept wordt.

Alle aandacht gaat naar Saxon, de ik-persoon, die heel het boek in de spotlight staat. En misschien is dat een tikkeltje teveel van het goede, want zij forceert doorbraak na doorbraak, terwijl het politiekorps er maar voor spek en bonen bijloopt. Een evenwichtigere verdeling had van Gevallen meisjes een nog beter boek gemaakt. Wel wordt de voormalige FBI-agente perfect beschreven als de onzekere vrouw die zich verschuilt achter een stoere, bijna mannelijke houding en taalgebruik.

Hoewel het verhaal met vlotte pen geschreven werd, hangt er een zweem van opppervlakkigheid aan de tekst. Niet elke lezer zal in het verhaal gezogen worden en de tijd vergeten die met het omslaan van de bladzijden verstrijkt.

Maar vertellen kunnen de twee journalisten als de beste: vertrekkend van een sterk plot hebben ze het vakkundig verwerkt tot een bijna vierhonderd bladzijden tellend boek dat nooit verveelt. De auteurs slagen erin heel het verhaal door de vaart erin te houden en de spanningsboog vertoont geen enkele inzinking. Alleen maken ze het geheimpje van het hoofdpersonage mijns inziens te vroeg openbaar en de aandachtige thrillerliefhebber kan op iets meer dan honderd bladzijden voor het einde de dader aanwijzen. Maar het tipje van de sluier wordt zo onopvallend opgelicht, dat je erover zo lezen als je net daar met de ogen knippert.

Met Gevallen meisjes heeft Ingrid Black een degelijk debuut afgeleverd, met weinig zwakke punten maar ook geen uitgesproken hoogtepunten.

De score: 7/10

EOB
 

 

24-12-08

HAYDER Mo - Ritueel

 

hmr

 

Motivatie van de keuze:
Na haar vorige boek Duivelswerk, dat een veelbelovend thema aansneed, maar niet echt goed was uitgewerkt, heb ik lang gewacht om aan dit boek te beginnen, dat ik toch als een kleine herkansing beschouw voor Mo Hayder, die in het verleden al enkele zeer goede thrillers schreef.

De achterflap:
Op een broeierige zomerdag vindt politieduiker Phoebe Marley – vanwege haar kleine springerige gestalte ‘Flea’ genoemd – een hand in het water van de oude haven van Bristol. Een dag later wordt er nog een hand gevonden – afkomstig van hetzelfde lichaam.
Er zijn aanwijzingen dat de handen zijn geamputeerd terwijl het jonge mannelijke slachtoffer nog in leven was. Leeft hij misschien nog? Zo niet, waar is het lichaam dan gebleven?
Flea wordt bijgestaan door inspecteur Jack Caffery, die vanuit Londen is overgeplaatst naar de afdeling Zware Misdrijven in Bristol.
Op hun zoektocht belanden Flea en Caffery in de donkerste uithoeken van Bristols onderwereld... waar drugsverslaving gemeengoed is... waar straatkinderen hun lichaam verkopen voor een shot... en waar een oud kwaad zich schuilhoudt – een kwaad dat zich voedt met het bloed en het vlees van andere...


Bespreking:
Hoewel de Britse Mo Hayder in eerste instantie op jonge leeftijd de school verliet om haar weg te zoeken in het echte leven, behaalde ze, na een aantal jobs in Groot-Brittannïe, USA en Japan en een mislukt huwelijk, toch nog diploma’s voor creatief schrijven en filmografie. Momenteel woont ze met haar dochter in Bath, Engeland.

In 2000 debuteerde ze met het gruwelijke, maar door de lezers zeer positief onthaalde, Vogelman. Dat was meteen ook de eerste kennismaking met Jack Caffery, de rechercheur die de zware last, die het verdwijnen van zijn broer Ewan voor hem is, met zich meesleurt. Na het tweede boek in de reeks, De behandeling, was de schrijfster uitgekeken op Jack en publiceerde ze twee op zichzelf staande boeken: het magistrale Tokio en het tegenvallende Duivelswerk, die bij pers, critici en publiek gemengde gevoelens opriepen. De hang naar succes drijft de schrijfster terug naar Caffery, die in Ritueel weer de hoofdrol toebedeeld kreeg.


Ritueel begint als politieduikster Phoebe ‘Flea’ Marley een mensenhand uit het troebele water van de Bristolse haven opduikelt. Een andere hand wordt in dezelfde buurt gevonden en onderzoek wijst uit dat de ledematen geamputeerd werden bij een nog levende jongeman. Jack Caffery, die naar Bristol is overgeplaatst krijgt de zoektocht naar dader en slachtoffer toegewezen. Het onderzoek brengt hem tot diep in het drugsmileu alsook in de Afrikaanse gemeenschap van de stad.

Als een volleerd vertelster weet Mo Hayder van bij het begin van het boek, door een ietwat gruwelijke ontdekking te combineren met heel veel geheimzinnigheid, de aandacht van de lezer vast te pakken, om die op een paar kleine dipjes na, niet meer los te laten tot aan de ontknoping van het verhaal. Haar aangename schrijfstijl doet de rest.

De hoofdfiguren zijn allemaal figuren met een verleden waaraan de nodige – zelfs op het randje van te veel – aandacht aan besteed wordt: zo heeft Flea nog altijd de dood van haar ouders nog niet verwerkt en de trouwe lezers weten al dat Jack zich wellicht nooit over de verdwijning van zijn broer zal kunnen zetten. Eigenlijk is het nogmaals oprakelen en uitmelken van Jacks zoektocht naar Ewan er wat te veel aan, want dat onderwerp is al tot op het bot behandeld in de twee eerste delen van de reeks. Lezers waarvoor Ritueel de kennismaking met deze reeks vormt, zullen dit gegeven niet als negatief beschouwen, maar eerder als een verrijking van het personage.

Het verhaal zelf, waarmee ze zich in thematisch opzicht in de voetsporen begeeft van Michael Gruber, is professioneel opgebouwd, geloofwaardig verteld en voorzien van meer dan voldoende bokkensprongen die de lezer trachten op het verkeerde spoor te brengen. Ook maakt ze dankbaar – en misschien wel net iets te veel – gebruik van het loskoppelen van bijnamen en echt namen van personen om verbanden in het verhaal en relaties tussen de personages te verdoezelen. Maar het werkt wel; dat moet gezegd worden.

Ritueel wint heel wat van de door Duivelswerk verloren plaatsen terug, waardoor Mo Hayder weer wat opklimt in de ranglijst van goede auteurs. Toch moet gezegd worden dat er na de laatste bladzijde nog wat vragen onbeantwoord blijven. Of dit met opzet is, of niet, zal moeten blijken bij het lezen van haar volgende boek – Skin, dat in het Engelse taalgebied ergens in maart 2009 zal verschijnen – waarin Jack Caffery en Pboepe ‘Flea’ Marley weer van de partij zijn. Dit boek was alvast zeer degelijk en onderhoudend, waardoor het een aanrader is voor iedere liefhebber van het genre.


Mijn score: 7/10

EOB

16:46 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 7, vertaald, hayder_mo, groot-brittannie |  Facebook |

17-12-08

WALKER Sue - De laatste uren

 

wsdlu

 

Motivatie van de keuze:
Dit boek werd me weer bezorgd door Crimezone. De in sfeervolle blauwtinten uitgevoerde cover trekt me alvast aan, waardoor ik met plezier begin aan de ontdekking van nog maar eens een voor mij nieuwe naam in thrillerland.

De achterflap:
Met gemengde gevoelens keert Kirstin Rutherford terug naar Edinburgh. Vijf maanden geleden is haar geliefde schoonvader Jamie overleden. Verdronken in het diepe water van de Leigh. Zelfmoord? Een tragisch ongeluk? Moord? Kirstin zoekt contact met de raadselachtige Morag Ramsay. Zij was lange tijd verdacht van de moord op haar vriend en zijn minnares maar bij gebrek aan bewijs is ze weer vrijgelaten. De moorden vonden plaats op de plek waar Jamie is gevonden. Toeval? Kirstin is vastbesloten het raadsel te ontrafelen. Al snel wordt duidelijk dat ze niemand meer kan geloven of vertrouwen...


Bespreking :
De in Edinburgh geboren en getogen Sue Walker is een in misdaad gespecialiseerde onderzoeksjournaliste. Ze begon haar loopbaan bij de BBC, maar ondertussen werkt ze al een aantal jaren als freelancer. Ze woont aan de Kanaalkust in het Engelse graafschap Sussex.

De laatste uren is haar derde boek. Eerder verschenen van haar De nacht van de leugens en De dag van de waarheid, die door de bezoekers van Crimezone goed onthaald werden. Al haar boeken zijn op zichzelf staande psychologische thrillers, die enkel Schotland als locatie met elkaar gemeen hebben.

In dit boek volgen we Kirstin Rutherford. Als ze toevallig verneemt dat Jamie; de vader van haar ex-man waarmee ze een goede band had, een aantal maanden geleden in dubieuze onstandigheden stierf, belooft ze zichzelf niet te rusten tot ze zijn dood opgehelderd heeft. De laatste maanden van zijn leven was Jamie gefocust op twee zaken: hij was een fanatiek natuurbeheerder geworden en hij leverde rechtsbijstand aan Morag Ramsay, een vreemde vrouw die verdacht werd van een dubbele moord die plaats vond in hetzelfde natuurgebied waar ook Jamie werkzaam was.

De laatste uren is rechtstreeks uitgebracht onder de noemer van de Poema pockets. En hoewel het zijn uitzicht en de gebruikte materialen deelt met een pocket valt het toch wat groter uit. Het formaat houdt ergens het midden tussen een echte pocket en een paperback.

Met De laatste uren begeeft de schrijfster zich, geografisch dan toch, op het terrein van Ian Rankin: de Schotse hoofdstad Edinburgh. Maar daar waar inspecteur Rebus meestal in het verstedelijkte gebied rondneust, koos Walker voor de groene gordel op de oevers van de Leigh, de rivier die de stad doorkruist. Een stukje natuur dat met veel zin voor detail beschreven wordt.

Ook heeft de schrijfster veel energie gestoken in het boetseren van haar personages. Het zijn zonder uitzondering multidimensionele karakters met een hoge mate van echtheid, wat vooral tot zijn recht komt in hun gedrag en hun denkwereld. Sue Walker weet als geen ander te weer te geven dat iedereen een andere, meestal donkerdere, kant heeft, die enkel te voorschijn komt als we even de controle over onszelf even verliezen, in gevaar verkeren, of ons zeer goed op ons gemak voelen. De auteur maakt in De laatste uren dankbaar gebruik van dit stukje gedragspsychologie, om de lezer meermaals aan het twijfelen te brengen.

Achter de sfeervolle cover gaat een zeer professioneel opgebouwd verhaal schuil dat, ondanks een kleine dip in de spanningsboog in het midden van het boek, blijft boeien en zeer onvoorspelbaar verloopt.De auteur is erin geslaagd om de lezer zeer lang in het ongewisse te laten, meermaals op het verkeerde been te zetten en dan nog een verrassende ontknoping uit haar mouw te schudden. Kortom Sue Walker heeft de kunst om een degelijk plot te bedenken en dit uit te werken tot een constistent en geloofwaardig verhaal veel beter onder de knie dan menig ander misdaadauteur.

Hoewel het boek niet altijd even vlot wegleest, is De laatste uren een zeer degelijke psychologische thriller geworden die zijn bestaansrecht meer dan verdient en die een aanrader is voor iedere liefhebber van het genre.

Mijn score: 7/10

 

EOB

 

10:33 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 7, vertaald, groot-brittannie, walker_sue |  Facebook |

11-11-08

RANKIN Ian - Laatste ronde

rilr

Motivatie van de keuze:
Ook dit boek werd me ter bespreking bezorgd. Ik had met Schuld & boete al een paar kortverhalen van deze auteur gelezen, maar die bleken volgens de kenners niet echt representatief voor de “echte” boeken. Een hernieuwde kennismaking zal ik dit recensieboek dan maar noemen.

De achterflap:
Anderhalve week voor zijn officiële pensioendatum wordt Rebus opgezadeld met een van de ingewikkeldste zaken uit zijn loopbaan. In Edinburgh is een dissidente Russische dichter vermoord.
Is hij een slachtoffer van zinloos geweld?

Omdat een belangrijke Russische investeerder in de stad op bezoek is, wordt er bij Rebus op aangedrongen de moord discreet te onderzoeken. Maar Rebus en zijn partner Siobhan Clarke zijn er al snel van overtuigd dat er meer aan de hand is dan zinloos geweld. Vooral als er een tweede dode valt.
In Londen wordt ondertussen de Rus Alexander Litvinenko vergiftigd...


Bespreking:
.
De Schot Ian Rankin zag in 1960 het levenslicht in het toenmalige graafschap Fife. Na zijn middelbare studies stak hij de Firth of Forth over om in Edinburgh aan zijn universitaire studies te beginnen, waar hij in 1982 afstudeerde. In de drie jaar die volgden en hij verondersteld werd zijn doctoraat Schotse Literatuur voor te bereiden, legde hij zich volop toe op het schrijven. Hij verblijft nu nog altijd, met zijn vrouw en twee zonen in Edinburgh, de hoofdstad van Schotland.

In 1987 werd zijn eerste boek Kat & muis uitgebracht. Het hoofdpersonage was ene John Rebus, een eigenzinnige rechercheur die de auteur wereldberoemd zou maken. Zijn werk wordt niet alleen in tweeëntwintig talen te koop aangeboden; de boeken en het persoange lagen ook aan de basis van de televisieserie Rebus die vier seizoenen liep en op zijn schoorsteenmantel prijken er, naast vier Daggers en een Edgar, prijzen die hem in verschillende Europese landen toebedeeld werden. Laatste ronde is, enkele verhalenbundels buiten beschouwing gelaten, het zeventiende boek in de Rebus-reeks, waarvan er twee om onbekende redenen niet naar het Nederlands vertaald werden. En meer dan waarschijnlijk is dit boek ook het afscheid van de populaire rechercheur, want aan het eind verlaat hij de dienst om van zijn pensioen te gaan genieten – hoewel Rebus daar anders over denkt. Ian Rankin schreef ook boeken die niet tot deze reeks behoren, maar die verschenen geen van allen in het Nederlands.

Tien dagen voor zijn pensionering wordt inspecteur John Rebus samen met zijn collega Siobhan Clarke opgeroepen om het geweldadige overlijden van een Russisch dissident dichter te onderzoeken. De dichter blijkt enkele uren voor zijn dood nog een voordracht gegeven te hebben en het natrekken van de aanwezigen brengt Rebus in contact met Schotse parlementariërs, kaderpersoneel van Schotlands grootste bank en een groep Russische zakenlui. Kandidaat-verdachten genoeg, maar niemand lijkt een geldig motief te hebben voor de moord. Als er dan er een tweede dode valt zit Rebus opgescheept met twee onopgeloste misdaden.

Dat Ian Rankin een verhaal kan vertellen is al lang een publiek geheim. In een zeer aangename vertelstijl schotelt hij de lezer met Laatste ronde een zeer degelijke politieroman voor waar doorheen - met de mysterieuze moord op Litvinenko en de opkomende roep om Schotse onafhankelijkheid - wat actualiteit gemengd werd. En hij slaagt erin zijn perfect getypeerde personages veelvuldig spitse en bij wijlen grappige dialogen in de mond te leggen, zonder de grenzen van de geloofwaardigheid te overschrijden. En natuurlijk heeft Edinburgh weer de eer om als locatie voor al dit moois te mogen opdraven: de stad van Rankin, Rebus en Big Ger Cafferty, die ook deze keer weer zijn rol speelt, en de inspecteur afleidt van zijn echte werk.

Maar al dit moois resulteert uiteindelijk in een licht teleurstellend einde waarbij een ontgoochelende ontknoping zomaar uit de lucht komt vallen, waarbij niet alleen de lezer, maar ook Rebus zelf de anticlimax als een koude douche over zich heen krijgt. Een potentieel grootse zaak die uiteindelijk niets meer blijkt te zijn dan een storm in een glas water. Maar het feit dat in de realiteit wellicht de meerderheid van veelbelovende moordzaken uiteindelijk slechts een banale oorzaak hebben, spreekt dan weer in het voordeel van de auteur. Toch zal dit einde, en vooral de manier waarop het opgediend wordt, bij menig lezer de appreciatie wat naar beneden halen..

Dat het laatste boek van een serie niet het beste is komt meer voor, maar Ian Rankin slaagt er toch met vlag en wimpel de lezer heel lang geboeid te houden, maar de afgrond waarin de spanningsboog eindigt laat maar ruimte voor een conclusie: Laatste ronde is een orgelpunt maar geen hoogtepunt.

Mijn score: 7/10

 EOB

14:22 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (1) | Email dit | Tags: 7, vertaald, groot-brittannie, rankin_ian |  Facebook |

17-10-08

MACBRIDE Stuart - Vers bloed

msvb

Motivatie van de keuze:
Dit boek heb ik mij aangeschaft toen het op Crimezone met de maximum score beloond werd. De cover in zwart-wit met enkel een gekleurde afgeleefde matras is zo intrigerend dat het hoog op de stapel terecht kwam. En nu is het boek eindelijk aan de beurt.


Achterflap:
Een verkrachter teistert de gure straten van Aberdeen. Agent Jackie Watson, de vriendin van inspecteur Logan McRae, biedt zich aan als lokaas. Na een paar koude nachten hebben ze een verdachte te pakken: de mateloos populaire aanvaller van FC Aberdeen. De arrestatie zet veel kwaad bloed onder de aanhang van de club en de politie moet hem al snel weer vrijlaten: de voetballer heeft voor ieder incident een alibi.

Terwijl bijna alle aandacht van de politie en de media uitgaat naar de verkrachtingen onderzoekt Logan een tweede zaak. In een loods bij de haven wordt het verminkte lichaam van een onbekende man gevonden. Als Logan ontdekt dat de man te zien is in een aantal illegale pornofilms lijkt het erop dat een plaatselijke liefhebber van bondage zijn hobby misschien iets te serieus neemt...

In hun zoektocht naar antwoorden raken Logan en Jackie verstrikt in een obscure wereld van pornografen, seksshops, sm en voetbal.


Bespreking:
Stuart MacBride is een rasechte Schot, zo bewijst ook zijn rosse haardos. Hij werd geboren in
de buurt van Glasgow, maar verhuisde al snel naar Aberdeen, waar hij nog altijd in de buurt woont met zijn vrouw en hun kat. Na een korte passage bij de universiteit begon hij te werken op boorplatformen, en verzeilde daarna via de radio en tv-wereld in de IT-wereld. Toen de stress zijn tol begon te eisen, spiegelde hij zich aan een paar van zijn vrienden die leven van hun pen en besloot om ook een proging te wagen.

Een paar jaar later debuteerde hij met Steenkoud. Daarna volgde Dood kalm en nu is er Vers bloed: het derde deel in de reeks met Logan McRae en zijn collega’s van het poltiekorps van het district Grampian, waar ook Aberdeen onder valt.

In dit verhaal volgen we de agenten in hun jacht op een serieverkrachter. De vriendin – en collega – van Logan McRae slaagt erin hem te arresteren, maar ze moeten de stervoerballer Rob Macintyre al snel laten gaan wegens gebrek aan bewijs, waardoor de jacht opnieuw begint. En tussendoor moet het kleine korps ook nog de geweldadige dood onderzoeken van een pornoacteur.

Vers bloed vraagt wat aanpassingsvermogen van de lezer bij het begin van het boek, want de Stuart MacBride hanteert een schrijfstijl die vooral in het begin een zeer rommelige indruk geeft. De regelmatige vage verwijzingen naar de vorige boeken uit de reeks maken het er niet makkelijker op en geven de niet-trouwe fan het gevoel een en ander te missen. Daar bovenop komt ook nog het hectisch heen en weer springen tussen de overvloed aan verhaallijnen waarmee het boek is volgepropt: Zowat elke misdaad die men kan begaan komt aan bod: verkrachting, moord, jeugdcriminaliteit, kindermisbruik, illegale handel, diefstal, drughandel, gokken, geweldpleging en lustmoord. In dit opzicht lijkt dit boek wel wat op Vier doden in een kring van David Lawrence.

De auteur heeft echt wel een eigen visie op het spannende boek. In tegenstelling tot het gros van afgelikte hoofdpersonages die, al fluitend en op een been quasi probleemloos, zaak na zaak oplossen tekent MacBride een bijna Fawlty Towers-achtig politiekorps vol met irritante figuren die met meer geluk dan kunde de slechterikken achter de tralies lijken de krijgen: zo is de ene rechercheur een luie, profiterende, vuilspuiende nicotinejunk en de andere een honderdzeventig kilo zware egoistische aan suiker verslaafde klootzak. Alleen is het eindresultaat niet echt grappig, maar zeer rauw en donker, wat er weer voor zorgt dat zijn boek inhoudelijk echt wel schril afsteekt tegen de rest van de thrillers.

Maar toch slaagt de auteur er wonderbaarlijk genoeg in om het verhaal perfect en zonder ongewilde losse eindjes rond te krijgen vooraleer de bladzijden op zijn. Zo blijkt bij het dichtslaan van het boek dat ondanks de overvloed aan misdaden en een immens aantal personages, elke opgevoerde figuur en elke beschreven scene zijn rol te spelen heeft in het geheel. Het is een bijna onmenselijke prestatie dat de auteur tijdens het schrijfproces erin slaagt het overzicht te bewaren in die schijnbare chaos. Men kan alleen maar respect hebben voor zo’n prachtig stukje plotwerk.

Met Vers bloed heeft Stuart MacBride een boek afgeleverd dat anders is dan de anderen; dat wat inspanning vraagt van de lezers; dat reacties losmaakt bij het publiek maar dat echt de moeite waard is om te lezen. Vakwerk met een twist.

Mijn score: 7/10

EOB
 

 

14-09-08

HEWSON David - De Pantheon getuige

 

hddpg

 

Motivatie van de keuze:
Deze auteur is ondertussen een vertrouwde naam geworden in mijn collectie. Alleen slaag ik er maar niet in om bij te blijven met wat hij schrijft. Ik verwacht dat binnenkort zijn vijfde boek in vertaling zal verschijnen en ik zit met dit werk nog maar aan nummer drie.

De achterflap:
Voor het eerst sinds lange tijd wordt Rome geteisterd door een sneeuwstorm. Tijdens dit noodweer krijgt de politie een inbraakmelding vanuit het Pantheon. Wanneer de rechercherus Nic Costa en Gianni Peroni bij de oude Romeinse tempel aankomen, treffen zij een gruwelijk tafereel aan. Onder de zacht neerdalende sneeuw ligt het vreselijk toegetakelde lichaam van een vrouw. De verminkingen verwijzen naar de Vitruviaanse Man van Leonardo Da Vinci, een mysterieus symbool dat alles te maken heeft met de Gulden Snede, de maatstaf voor de architectuur in de renaissance.
Al snel staat de FBI op de stoep en wil – geheel tegen de zin van de Italianen – het onderzoek overnemen en de zaak zo snel en stil mogelijk afronden. Costa is vastbesloten om erachter te komen waarom deze kwestie blijkbaar zo delicaat is. Dan geeft de FBI schoorvoetend toe dat dit niet het eerste slachtoffer is: op verschillende plekken in de wereld zijn zes mensen op dezelfde manier om het leven gebracht.
De FBI wordt gedwongen meer geheime informatie prijs te geven dan haar lief is...



Bespreking:
De vijfenvijftig jaar oude Brit David Hewson verruilde zijn loopbaan als journalist voor een carrière als misdaadauteur Hij is bij ons vooral bekend van zijn reeks met Nic Costa en Teresa Lupo, maar hij publiceert ook regelmatig op zichzelf staande boeken, die momenteel niet meer of nog niet in Nederlandse vertaling verschijnen. De Pantheon getuige is het derde deel in de serie waarvan er momenteel vier in het Nederlands te verkrijgen zijn. In oktober 2008 zal in Groot-Brittannië al het zevende deel verschijnen van een reeks die, voorlopig, negen delen zal tellen, want zover gaat momenteel zijn contract met de uitgever.

In De Pantheon getuige, dat zich afspeelt in de dagen voor Kerstmis in een besneeuwd Rome worden Nic Costa en zijn partner Gianni Peroni opgeroepen voor een inbraak in het Pantheon. Ter plaatse gekomen worden ze beschoten en vinden ze het ritueel verminkte lijk van een vrouw pal in het midden van de kerk. Het onderzoek is nog niet goed en wel begonnen of de FBI komt tussen en eist het lijk op. Zeer tegen hun zin worden de Italiaanse politieagenten gedegradeerd tot loopjongens. Nic, Gianni en Teresa laten echter niet over zich heen lopen en zetten hun carrière op het spel en hun tanden in deze stinkende zaak. Al snel blijkt dat de FBI veel meer weet dan ze willen prijsgeven: het slachtoffer is al het zevende in de rij dat ontdekt worden. Is er een internationale seriemoordenaar aan het werk?

De boeken van David Hewson zijn geen pageturners die je even tussendoor verslindt zoals een snelle hap. Het zijn boeken waar je eens rustig moet voor gaan zitten en die je traagjes en met veel smaak degusteert om zo van alle aspecten te kunnen genieten.. En dat is niet het enige waarmee ze zich onderscheiden van het gros.

Zo staat de auteur er ook om bekend dat hij zijn helden niet spaart: persoonlijke miserie, professionele tegenslagen en het letterlijk delen in de klappen zijn hun deel. En laat onder andere deze aanpak er nu net verantwoordelijk voor zijn dat zijn levensechte figuren, die soms wat problemen hebben met gezag, op veel symphatie kunnen rekenen bij de lezer. Als hij dan ook nog kiest om zijn verhalen in Rome , zowat het mooiste decor dat een boek kan hebben, te laten afspelen kan het bijna niet meer stuk.

De Pantheon getuige telt meer dan driehonderd bladzijden die verdeeld zijn in luttele vier hoofdstukken die elk een dag beslaan en waarvan de ontknoping op Kerstmis valt. Nu is het best begrijpelijk dat veel lezers moeite hebben met deze indeling, want het merendeel van de lezers prefereert korte hoofdstukken.

Dit boek is meer dan een spannend boek, want het ademt de typische Italiaanse sfeer van de eerste letter tot aan het laatste punt: het geur van koffie; de smaak van wijn; en het belang van gezelligheid worden door de auteur zo mooi met het verhaal verweven dat menig lezer een beetje verliefd zal worden op Italië in het algemeen en Rome in het bijzonder.

Maar het beste moet nog komen: het verhaal zelf. De auteur is erin geslaagd een prachtig plot te bedenken en heeft dat met zeer veel kundigheid uitgewerkt tot een boek vol afwisseling, verrassingen, menselijkheid en actie.De Pantheon getuige is niet alleen het beste van de drie, maar deze stijgende lijn houdt ook belofte in voor de toekomst.

Ondanks zijn afwijkende aanpak heeft David Hewson met dit boek de perfectie benaderd en zodoende een absolute aanrader afgeleverd die niet alleen verplichte lectuur zou moeten zijn bij de thrillerlezers, maar ook bij alle Italië-adepten.

Mijn score: 9/10

 

EOB

 

20:03 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (1) | Email dit | Tags: 9, vertaald, groot-brittannie, hewson_david |  Facebook |

29-08-08

MCCRERY Nigel - De Earl Grey-moorden

 

mndegm

 

Motivatie van de keuze:
Dit boek werd mij door Crimezone bezorgd ter recensie. De schijver is voor mij een nobele onbekende, waardoor ik mij voor een eerste indruk volledig moet laten leiden door de cover, die best wel aantrekkelijk is, met de stijlvolle layout en handen die een gebroken schoteltje vasthouden.

De achterflap:
Onderweg terug van een vergadering raakt een zakenman met zijn auto in de slip en verongelukt. De volgende ochtend wordt inspecteur Mark Lapslie bij de plaats van het ongeluk geroepen. Hij is niet ingehuurd om het ongeluk te onderzoeken, maar wel het halfvergane lijk dat naast het autowrak begraven bleek te liggen.
Ondertussen, elders, drinkt Violet Chambers thee met de hoogbejaarde Daisy. Opeens valt Daisy stuiptrekkend op de grond, terwijl haar huid in brand lijkt te staan en er tranen uit haar ogen stromen. Violet slaat het tafereel rustig gade en drinkt haar thee.
Lapslies onderzoek brengt hem op het spoor van een vrouwelijke seriemoordenaar, die na elke moord de identiteit van haar slachtoffers steelt en hun levens overneemt. Maar de inspecteur is niet de enige die op zoek is naar de ware identiteit van de moordenaar...



Bespreking:
De in Londen residerende Brit Nigel McCrery had een lange carrière bij de politie. Daarna werd hij scenarioschrijver voor televiesieseries in opdracht van de BBC. En daarna vond hij het tijd om boeken te gaan schrijven. Hij leverde blijkbaar zo’n goed werk af dat zijn boeken met Sam Ryan in de hoofdrol aan de basis lagen van weer een nieuwe TV-serie: het zeer succesvolle Silent witness. Het volledig op zichtzelf staande De Earl Grey-moorden is ondertussen al zijn tiende boek.

Als de politie volop bezig is de vaststellingen te doen bij een verkeersongeval stuiten ze op een half begraven lijk. Inspecteur Mark Lasplie, die al een tijdje op non-actief staat wegens ziekte, wordt erbij gehaald omdat zijn naam, na het invoeren van de kenmerken van de menselijke resten, uit de computer kwam. Het slachtoffer wordt vrij snel geïdentificeerd en de verbazing is groot als blijkt dat de persoon niet als vermist staat opgegeven. Het moeizaam verlopende onderzoek, dat bij momenten zelfs wordt tegengewerkt, leidt naar een moordenaar die de identiteit van haar eenzame slachoffers overneemt.

Dat Nigel McCrery geen grijze muis is, maar een creatieveling met een rijke fantasie, bewijst hij door een oud, bijna pensioengerechtigd, vrouwtje te transformeren in een medogenloze en egocentrische seriemoordenaar, die geheel bij het personage passend, gebruikt maakt van een zacht wapen, namelijk plantengif, om haar slachtoffer het leven te benemen. Ook de wijze waarop het eerste lijk ontdekt wordt, getuigt van een geest die buiten de doordeweekse referentiekaders denkt. Het hele verhaal door kom je zulke kleine details tegen die ervoor zorgen dat dit werk net iets verschilt van alle anderen, waardoor het plezierig lezen is.

De auteur slaagt er dan ook makkelijk in om van zijn personages, die op een kleine uitzondering na allen doodnormale mensen zijn met hun probleempjes en onhebbelijkheden, bijzonder geloofwaardig te laten overkomen.

Maar soms wordt er toch iets te veel doorgedramd. Vooral de bij tijd en wijlen te lang uitgesponnen beschrijvingen en mijmeringen halen de vaart uit het verhaal en leiden de aandacht van de lezer weg af van de verhaallijnen, die best goed uitgewerkt zijn.

Met De Earl Grey-moorden heb je best enkele aagename uurtjes spannend leesplezier, maar het boek mist toch nog wat om tot de echte toppers gerekend te worden..

Mijn score: 7/10

EOB

22:09 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 7, vertaald, groot-brittannie, mccrery_nigel |  Facebook |

19-08-08

GREENE Graham - De privé-factor

 

ggdpf

 

Motivatie van de keuze:
Crimezone heeft niet zolang geleden tien boeken op de markt gebracht onder de noemer Crimezone Classics: een heruitgave van tien niet meer in de handel te verkrijgen klassiekers uit de geschiedenis van het spannende boek. Dit exemplaar dat dateert uit 1978 kreeg ik ter recensie toegesturd.

De achterflap:
Maurice Castle is getrouwd met een zwarte vrouw. In een poging zwarte Zuid-Afrikanen te helpen, werkt hij als dubbelspion voor zowel de Engelsen als de Russen. Dan wordt zijn dubbelrol ontdekt. De Russen halen Castle snel terug naar Moskou. Hij is alleen gedwongen om zijn vrouw en zoon achter te laten.


Bespreking:
De Engelsman Graham Greene begon zijn carriere als journalist, maar legde zich al snel toe op het schrijverschap. Hij schreef onder andere kortverhalen, theaterstukken, filmscripts, reisverhalen, recensies en romans. Zijn oudere boeken zijn strikt onderverdeeld in thrillers en literaire werken, maar naarmate zijn carriere vorderde, werd de scheiding tussen die twee strekkingen als maar vager. Hij overleed na een turbulent leven in 1991 op 86 jarige leeftijd in Zwitserland waar hij al geruime tijd verbleef.

De privé-factor dateert uit de herfst van zijn loopbaan. Het werd gepubliceerd in 1978 en in 1979 verfilmd met Nicol Williamson, Iman en Richard Attenborourgh in de hoofdrol. Als deel van de tiendelige reeks Crimezone Classics is het nu terug in de boekhanden te vinden.

In dit werk volgen we Maurice Castle, een ambtenaar bij de Britse geheime dienst, die als wederdienst voor het helpen van zijn vrouw dubbelspion geworden is. Als zijn verraad opgemerkt wordt, slaagt hij erin naar Rusland te vluchten. Maar zijn vrouw en zoontje blijven achter in Groot-Brittannië.

Bij het openslaan van het boek springt het rare lettertype direct in het oog. Het lijkt alsof de letters niet helemaal mooi op het papier staan, maar gelukkig went het oog er snel aan zodat de lezer er totaal geen hinder van heeft tijdens het lezen.

Het sterkste punt van dit boek is zonder enige twijfel de kracht die uitgaat van de dialogen: de auteur schudt prachtige dialogen uit zijn mouw die zowel bol staan van de koele Britse humor als scherp zijn als een gevecht met de degens.

Ook opmerkelijk is dat Maurice Castle voor de verandering eens geen superspion is die op elke denkbare en ondenkbare plek ter wereld, met gevaar voor eigen leven, voorzien van de modernste snufjes en uitgerust met de dodelijkste wapens de wereldvrede of de eer van zijn land gaat verdedigen. Niets van dat alles, want het hoofdpersonage is een kleinburgerlijke ambtenaar die maar één zaak nastreeft: een gelukkig gezinsleven. Deze voorstelling van de spion als grijze muis leunt waarschijnlijk veel dichter bij de realiteit aan dan de afgetrainde helden die ons te pas en te onpas voorgeschoteld worden, en staat garant voor een zeer geloofwaardig personage van vlees en bloed.

Heel het verhaal baadt in een sfeer van typisch Britse kalmte, zelfs bijna apathie: er gebeurt amper iets en als er dan toch eens enige actie ondernomen wordt, gebeurt het zo terloops dat het bijna onopgemerkt blijft. Hierdoor leunt het boek dan ook veel dichter aan bij de Literatuur dan bij het spannende boek. Het feit dat de auteur daarenboven nog kiest voor een open einde versterkt alleen maar dat gevoel.

Door dertig jaar geleden te balanceren op de grens van literair werk en spionageverhaal, kan De privé-factor beschouwd worden als de voorloper van de literaire thriller. Als roman beschouwd scoort het boek dan ook een punt of twee meer dan de hieronder vermelde quotering als spannend boek, die wat lager uitvalt door het gebrek aan spanning en het open einde.

Mijn score:
5/10

 EOB

 

21:40 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 5, vertaald, groot-brittannie, greene_graham |  Facebook |

17-08-08

MOSSE Kate - Het verloren labyrint

 

mkhvl_tn

 

 Motivatie van de keuze:
Begin juli verbleef ik tijdens mijn verlof een tijdje in het Katharenland midden in de Franse Languedoc. Tijdens een bezoek aan het fraai gerestaureerde middeleeuwse vestingstadje Carcassonne, merkte ik op dat er stapels van dit boek – de Franstalige editie dan toch – in de souvenirwinkels lagen. Bleek dat het verhaal zich daar afspeelt. Terug thuis gekomen heb ik direct dit boek, dat al in mijn collectie zat, een plekje toebedeeld hoog op de stapel van nog te lezen boeken. Nu is het dan aan de beurt, en kan ik mijn vakantie weer deels herbeleven.

De achterflap:
Juli 2005: Bij archeologische opgravingen aan de voet van de Pyreneeën ontdekt Alice Tanner twee eeuwenoude skeletten. Het zijn niet alleen de oude botten die haar een onprettig gevoel geven, de gehele tombe straalt een overweldigende, kwaadaardige kracht uit. Wanneer ook de politie zich met de vondst bemoeit, besluit Alice om op eigen houtje naspeuringen te doen en stuit ze op zeer merkwaardige zaken...

Julie 1209: 800 jaar eerder in Carcassonne, aan de vooravond van de beestachtige kruistocht  die de Languedoc uit elkaar zal rijten, krijgt de 16-jarige Alaïs een mysterieus boek van haar vader, dat volgens zijn zeggen het geheim van de heilige graal herbergt
.
Verlies, intrige, geweld en passie bepalen voortaan haar leven terwijl ze vecht tegen de ongebroken boze kracht van haar tegenstander. Tot het noodlot haar, net als Alice, naar dezelfde grot voert, waar alles beslist zal worden...


Bespreking:
De Engelse Kate Mosse haar hele leven staat in het teken van het boek. In het verleden presenteerde ze op de BBC het boekenprogramma Readers & writers roadshow. Ze stichtte een boekenfestival, geeft schrijfcursussen en lag mee aan de basis van een literaire prijs. Momenteel verdeelt ze haar tijd tussen het presenteren van de boekenprogramma’s Open book en A good read op de BBC radio en het auteurschap.
Met haar man, en ook schrijver, Greg en hun twee kinderen woont ze afwisselend in Chichester, Engeland en Carcassonne, Frankrijk.

En als je in Carcassonne verblijft kan het haast niet anders of de Cité, zoals de oude volledig gerestaureeerde stad ook wel genoemd wordt, zet je aan het dromen over hoe het leven er daar in de middeleeuwen aan toe ging. Het resultaat van zulke dromen is Het verloren labyrint, Mosses derde boek, maar haar eerste historische triller, waaraan ze meer dan twee jaar werkte. Ondertussen ligt de opvolger, De vergeten tombe, dat in dezelfde streek gesitueerd is, al een tijdje in de boekhandel.

Het verhaal van Het verloren labyrint is opgesplitst in twee verhaallijnen die 800 jaar uit elkaar liggen: in het begin van de dertiende eeuw, gedurende de kruistocht tegen de Katharen, volgen we de jonge edelvrouw Alaïs in Carcassonne en omgeving, waar zij door haar vader wordt ingeleid in het geheim van de graal en zij deel gaat uitmaken van het netwerk dat maar één doelstelling heeft: zorgen dat het geheim bewaard blijft.
In het begin van de eenentwintigste eeuw maken we kennis met amateurarcheologe Alice Tanner, op het moment dat ze een eeuwenoude tombe ontdekt, aan de voet van de Pyreneeën, waarin een primitieve begraafplaats ligt met twee lijken. Als haar ontdekking bekend raakt, wordt er nogal bizar gereageerd door de expeditieleiding, de politie en een vreemde bezoeker. Hierdoor gaat Alice, met gevaar voor eigen leven, zelf op onderzoek uit.

Dit boek kan het best omschreven worden als een mengeling van Dan Browns De Da Vinci code en De acht van Katherine Neville: een mix van heden en verleden, goed en kwaad, religie en legenden. Kortom het is een rasechte reli-thriller.

Lezers die de Franse taal niet of amper machtig zijn zullen vooral in het begin niet zo vlot vorderen omdat de tekst doorspekt is met Franse en oud-Franse woorden. Achteraan het boek is wel een verklarende woordenlijst opgenomen, maar het telkens moeten opzoeken van die vreemde woorden vraagt toch wat doorzettingsvermogen en zet een domper op het leesplezier. Maar anderzijds voegt het wat authenticiteit toe aan de middeleeuwse verhaallijn, waarvoor de auteur heel wat research heeft gepleegd: zij slaagt er met brio in haar verhaal mooi door de geschiedkundige waargebeurde feiten te weven, die zo hallucinant zijn dat menig lezer, voor wie deze episode uit de Franse en Katholieke historie een nieuw gegeven is, sprakeloos van afgrijnzen zal staan. Nogmaals wordt bewezen dat de realiteit de fictie overtreft.

De schrijfster brengt het verleden met veel oog voor detail weer tot leven wat de geloofwaardigheid zeer ten goede komt. Maar in de hedendaagse verhaallijn gaat ze soms te ver waardoor diezelfde geloofwaardigheid weer gehypothekeerd wordt: zo zijn de visioenen die Alice heeft over Alaïs echt wel te ver gezocht, alsook de wijze waarop en het gemak waarmee Alice en Will kennis maken en samenwerken.

Hoewel het verhaaltechnisch nog wat beter kan, mogen liefhebbers van reli-thrillers en de middeleeuwen Het verloren labyrint absoluut niet missen. Het is tevens een perfecte manier om een reisje naar de Languedoc voor te bereiden; of nog eens te herbeleven.

Mijn score: 7/10

EOB

21:42 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 7, vertaald, groot-brittannie, mosse_kate |  Facebook |

14-07-08

MACLEAN Charles - De smaak van stilte

  

mcdsvs

Motivatie van de keuze:
Dit recensieexemplaar heeft een intrigerende cover en een titel die geïnspireerd zijn op de boeken van Cody McFadyen en Simon Beckett. Twee elementen die mij alvast nieuwsgierig maken naar het inhoud, zodat ik met veel plezier begin aan de ontdekking van nog maar eens eens voor mij onbekende auteur.

Achterflap:
Ed Lister is gewend zijn zin te krijgen. Hij is een succesvolle ondernemer die alles heeft wat zijn hartje begeert – geld, een mooie vrouw, macht, vrienden. Als zijn dochter tijdens een studiereis in Florence op gruwelijke wijze wordt vermoord en het politieonderzoek hopeloos vastloopt, neemt hij de touwtjes zelf in handen.
Ward is een uiterst begaafde man die lijdt aan de aandoening synesthesia, waarbij twee of meer zintuigen aan elkaar gekoppeld zijn. Ward heeft de zeer zeldzame variant die hem in staat stelt emoties te proeven – en er is geen sterkere emotie dan de doodstrijd van een mens.
Ed komt Ward steeds dichter op het spoor. Hoe verder hij doordringt in diens gestoorde geest, hoe meer hij wordt geconfronteerd met de schaduwen uit zijn eigen verleden....



Bespreking:
Charles Maclaen woont met vrouw en kinderen aan de Schotse westkust, waar hij leeft van het toerisme. Hij baat er een kleinschalig makelaarskantoor uit dat gespecialiseerd is in kleine eigendommen en vakantiehuisjes. Hij werkte ook mee aan een aantal reistijdschriften en ecologische magazines en publiceerde al een aantal fictie en non-fictie werken. De smaak van stilte is zijn eerste spannende boek.

Het verwerken van de dood van hun dochter Sophie drukt zwaar op het huwelijk van Laura en Ed Lister. Omdat de politie er maar niet in slaagt een dader te vinden, ziet de succesvolle zakenman Ed zich genoodzaakt zelf de dood van Sophie te wreken. Door gebruik te maken van al zijn connecties komt hij Ward – een leeftijdsgenoot van zijn dochter – op het spoor. Maar hoe dichter hij de dader op de hielen komt te zitten, hoe duidelijker het wordt dat Ed zelf een belangrijke rol speelt in de beweegredenen van de dader.

In een vlot lezende stijl stuurt de auteur zijn verhaal en hoofdpersonages doorheen een hele resem Europese kunststeden, om zijn ontknoping te situeren aan de andere kant van de oceaan, in de omgeving van New York. Maar het is jammer dat, door het doorkruisen van zoveel plaatsen, er geen band groeit tussen de lezer en de locaties, die elk op zich, toch wel de moeite waard zijn en hun charme hebben.

Ed Lister, die bijzonder realistisch getekend wordt, buiten beschouwing gelaten ontstijgen de andere personages het tweedimentionale niet. Ook Ward blijft een bodkartonnen figuur, die door zijn ongelooflijke intelligentie – hij kan en weet blijkbaar alles- bijdraagt aan de ongeloofwaardigheid van het verhaal. Hij is nog het best te vergelijken als de donkere tegenhanger van Pendergast uit de boeken van Preston & Child.

De fundamenten van de plot zijn meer dan behoorlijk, maar de invulling van de details had beter gekund. Het totaalbeeld van De smaak van stilte is dan ook een vergezocht en ongeloofwaardig verhaal. Een ervaren misdaad auteur had met deze basisgegevens wellicht een veel sterkere thriller afgeleverd.......

Ook blijft het raden waarom uitgeverij Mynx geopteerd heeft voor deze cover, want zowel de omslagfoto van de onderkant van een insect (een kakkerlak?) als de verwijzing naar Hannibal staan volledig los van de inhoud van het boek.

Charles Maclean heeft nog veel werk voor de boeg om in de wereld van het spannende boek hetzelfde hoge niveau te halen als met zijn landelijke romans waarmee hij al in de prijzen viel, want De smaak van stilte komt niet boven de middelmaat uit.


Mijn score: 5/10

EOB

05:04 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 5, vertaald, groot-brittannie, maclean_charles |  Facebook |

25-04-08

RUSSELL Craig - De kleur van verraad

rcdkvv

Motivatie van de keuze:
Craig Russell is een van de schrijvers die ik probeer te volgen. Ik zeg wel probeer, want hoewel dit nog altijd zijn meest recente werk is in het Nederlands, dateert het toch al van vorig jaar. Het was dus hoog tijd dat ik eraan ging beginnen, want waarschijnlijk ligt zijn nieuwste binnen niet al te lange tijd in de boekhandel.

De achterflap:
Met doorgesneden keel en gescalpeerd ligt milieuactivist Hauser in zijn badkuip. Zijn met rode verf gekleurde haardos ligt even verderop. Een buurman betrapt een vrouw die bezig is de plaats delict grondig schoon te maken. Ze wordt in hechtenis genomen en verhoord.

Hoofdinspecteur Jan Fabel leidt het onderzoek naar deze op het eerste gezicht eenvoudige moord. Wanneer na enkele dagen opnieuw iemand wordt vermoord én gescalpeerd, moet Fabel de vrouw echter laten gaan. Kort daarna wordt een derde lijk gevonden van ‘de Hamburgse Haarsnijder’, zoals de moordenaar door de pers inmiddels wordt genoemd. Het spoor loopt wederom dood. Wat hebben de slachtoffers gemeen?

Terwijl de druk op Fabel en zijn team toeneemt, doemt een zaak uit het verleden op. Een zaak waarbij berdeeldheid binnen de Rote Armee Fraktion een dodelijke rol speelde. Is rood de kleur van verraad?


Bespreking:
De Schotse auteur Craig Russell heeft een ideale manier gevonden om zijn liefde voor het Duits en Duitsland te kanaliseren: hij heeft ondertussen al een volledige dagtaak aan het schrijven van thrillers die zich afspelen in Hamburg, de stad waaraan hij zijn hart verloor

De kleur van verraad is al het derde boek in de serie met hoofdinspecteur Fabel  en zijn team in de hoofdrol. En zoals het een echte reeks betaamt, wordt er, zowel op privé als op professioneel gebied, regelmatig verwezen naar gebeurtenissen uit de eerdere delen. Het is dan ook aan te raden om al de boeken in de jusite volgorde te lezen: eerst Adelaarsbloed; daarna Broeder Grimm; en dan pas dit werk.

In De kleur van verraad wordt Hamburg andermaal opgeschrikt door een meedogenloze moordenaar die zijn slachtoffers scalpeert. In hun jacht op deze crimineel moeten Fabel en zijn team alle zeilen bijzetten want de dader lijkt goed op de hoogte van forensische praktijken en laat weinig tot geen sporen achter op de plaatsen waar hij toeslaat. En buiten het feit dat de slachtoffers van de Hamburgse haarsnijder mannen zijn van middelbare leeftijd zijn, lijken er enkel zeer losse banden te bestaan tussen die mannen onderling. Fabel is ervan overtuigd dat als hij een duidelijk verband tussen deze slachtoffers kan aantonen, hij de dader op een presenteerblaadje aangereikt zal krijgen.

Alle vertrouwde elementen waarvan de auteur zich in zijn vorige twee boeken bediende zijn ook deze keer weer van de partij. Zo zijn ook ditmaal de beweegredenen van de moordenaar weer geïnspireerd op een cocktail van Europese geschiedenis en mythologie.

Natuurlijk besteed Craig Russel meer meer dan voldoende aandacht aan de persoonlijke beslommeringen van zijn personages, en de huizenjacht van Fabel is dan ook een uitgelezen  excuus om de stad Hamburg nog eens extra in de schijnwerpers te plaatsen.

Dat de auteur kan vertellen als de beste was al geweten uit zijn vorige veralen, maar hij kan toch niet verhullen dat het plot deze keer toch wel wat magertjes uitgevallen is.Komt daar nog bij dat een groot deel van de spanning veel te vroeg in het boek weggenomen wordt, omdat al wel zeer snel de drijfveren van de dader kenbaar maakt. Dan is het voor de lezer enkel nog wachten tot er een naam op de dader kan geplakt worden.

De kleur van verraad is dan ook voorlopig het minste sterke deel uit de reeks, maar het blijft desondanks toch nog een zeer goed te pruimen boek.

Mijn score: 7/10
 
 EOB

17:12 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: russell_craig, 7, vertaald, groot-brittannie |  Facebook |