17-04-12

WEST & WATERMAN - De medicijnmakers

 

wwdm.jpg


De eerste zin: 
Monica Kessler zat op haar terras en keek voor zich uit, over het stadje, over het meer, naar de horizon.


De korte inhoud
Ooit droomde Theo Versteegh dat hij een nieuwe Albert Schweitzer zou worden. Inmiddels is zijn ideaal binnen handbereik: een revolutionair geneesmiddel tegen schizofrenie. Voor Versteegh een kans op roem, voor zijn werkgever een miljardenmarkt.
Maar het Amerikaanse concern Melzer-Davis is achter het project gekomen. Zelfs in de competitieve markt voor medicijnen is die multinational berucht om zijn meedogenloze praktijken: omkoping, spionage, verleiding, vervalsing en karaktermoord.
Melzer-Davis slaat hard terug. De intriges zullen vele levens beïnvloeden: die van de gedreven Versteegh, zijn ongelukkige vrouw Claire, de ambitieuze hoogleraar Ulrich Meister, de enigmatische Monica Kessler en, uiteindelijk, van miljoenen patiënten over de hele wereld.



Het volledige rapport
Achter de pseudoniemen van Isaac West en Tim Waterman – of West & Waterman, zoals ze op de covers van hun boeken vermeld staan – gaan een psychiater en een hoofdinspecteur van de politie schuil. Jischak Storosum en Timo van der Weduwen schreven in de periode 1998-2004 drie spannende boeken waarvan De medicijnmakers de eersteling was.

In dit met de Schaduwprijs 1999 bekroonde werk draait alles rond concurrerende farmaceutische bedrijven. Het Nederlandse bedrijfje Moda International is goed op weg geschiedenis te schrijven met een revolutionair geneesmiddel om schizofrenie te behandelen. Als dit bericht ter ore komt van de, de Amerikaanse wereldspeler Melzer-Davis, de huidige marktleider in die branche, doet deze er alles aan om die positie te handhaven: industriële spionage, ompkoperij, karaktermoord en zelfs moord; alle middelen zijn geoorloofd. In hun hang naar macht is het welzijn van een medewerker, concurrent of zelfs de zieke niet eens een cent waard. Een gewaagd, maar briljant plan wordt bedacht en Monica Kessler wordt de spilfiguur voor de uitvoering ervan.

Hoewel de diskette op de omslag, en bij uitbreiding de gehele cover, enigszins verouderd aandoet is het verhaal nog verassend actueel. Vervang het schijfje door een USB-stick, Wordperfect door Word of Open Office en de guldens door de euro en niets laat vermoeden dat dit boek al bijna vijftien jaar geleden het daglicht mocht aanschouwen. Want de tand des tijds heeft weinig tot geen invloed op de werkwijzen van de haaien van de commercie.


Het verhaal is wat chaotisch van opzet: het is een aaneenschakeling van paardensprongen tussen verschillende Europese steden en bokkensprongen op de tijdlijn, die zowat het hele laatste decennium van vorige eeuw beslaat. Hierdoor is het soms wat moeilijk om de lijn van het verhaal vast te houden, maar achteraf beschouwd kon het verhaal niet anders of beter gestructureerd verteld worden.

De medicijnmakers is een bedrijfsthriller geworden in de medische sector die vol zit van de intriges. Moest Joseph Finder, de meester in dit genre, het Nederlands machtig zijn, zou deze zeker zijn goedkeuring kenbaar gemaakt hebben. Een sterk plot ligt aan de basis van een geconcentreerd verhaal, dat weinig uitweidingen bevat. Het volledig door de plot gedreven boek heeft veel vaart en wordt slecht hier en daar bewust afgeremd met wat smaakvolle erotisch getinte intermezzo’s.

Een pluim voor het duo West & Waterman die met De medicijnmakers een dijk van een misdaadroman afleverden, die het subgenre overstijgt en gesmaakt kan worden door elke liefhebber van het spannende boek. De schaduwprijs is dan ook volledig terecht op hun schouw terechtgekomen.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


22-01-12

ADLER-OLSEN Jussi - Dossier 64

 

aojd64.jpg


De eerste zin: 
Op een onvoorzichtig moment ging haar gevoel met haar op de loop.

De korte inhoud
Naar aanleiding van een gewelddadige overval op een bordeelhoudster in Kopenhagen duikt Rose, de eigenzinnige assistente van brigadier Carl Morck, op de kwestie van een jaren geleden verdwenen prostituee – een van de vele onopgehelderde zaken die de afdeling Q moest oplossen. Wanneer Morck en zijn collega Assad worden gedwongen de zaak te onderzoeken, komen er verdachte aanwijzingen boven water over een eiland waar de Deense overheid vroeger lichtzinnige vrouwen naartoe stuurde, die vervolgens waren overgeleverd aan de luimen van het bewakend personeel. Morck en Assad ontdekken algauw dat dit slechts het topje van de ijsberg is van een ongehoorde vorm van mensenrechtenschending, die meer dan een halve eeuw geleden is begonnen en blijkbaar nog steeds gaande is.



Het volledige rapport
De Deen Jussi Adler-Olsen heeft zich op zeer korte tijd van nobele onbekende weten op te werken tot een vaste waarde bij het kruim van de misdaadauteurs. Nadat zijn eerste drie opzichzelfstaande thrillers quasi onopgemerkt passeerden, was het met De vrouw in de kooi, het eerste deel van de serie over de afdeling Q van de Deense politie, eindelijk raak. Nog twee delen volgden met evenveel, zo niet nog meer succes en nu ligt met Dossier 64, het vierde verhaal in de winkel met Carl Morck, Assad en Rose als de drie musketiers van de Deense cold cases, in de hoofdrol.

De zaak van de plotse verdwijning van een succesvolle, met Madonna dwepende, bordeelhoudster in 1987 is het begin van een onderzoek dat met gevaar voor eigen leven gevoerd wordt en de speurders via de donkere krochten van de medische sector van de helft van de vorige eeuw – toen ongeremde vrouwen uit de maatschappij geplukt werden om aan het werk gezet te worden op een afgezonderd eilandje, waar ze de speelbal werden van hun opzichters - tot bij de oprichters van een nieuwe extreemrechtse politieke partij in 2010.

Dossier 64 wordt verteld door middel van twee verhaallijnen die elkaar tegen het eind van het boek inhalen. De eerste speelt zich af in de tweede helft van de jaren tachtig en geeft aan de hand van een overlevende oud-eilandbewoonster inzicht in de karaktervorming van een slachtoffer van de maatschappij en hoe ze ermee omgaat. De ander is het hedendaagse draadje waarin het onderzoek gevoerd wordt.

Hoewel het verhaal in Dossier 64 op zichzelf origineel is, zijn er toch veel overeenkomsten met de vorige drie boeken uit de serie die de sociologische interesses van de auteur duidelijk bloot leggen: de vrouw als slachtoffer van naar buiten toe gerespecteerde leden van de maatschappij die er een verborgen agenda op na houden en zekere sadistische trekjes vertonen. Benieuwd hoelang Jussi Adler-Olsen nog uit dit vaatje kan blijven tappen, zonder statusverlies te lijden. Net zoals bij Karin Slaughter is de kans groot dat een deel van het publiek afhaakt met een gevoel dat ze het allemaal al eens gehad – of gelezen – hebben. Maar voorlopig is het nog net te slikken.

Ook moet Jussi Adler-Olsen erover waken dat hij de grenzen van de geloofwaardigheid niet al te frequent en opvallend overschrijdt. De acties van Carl Morck en zijn Syrische assistent Hafez el-Assad kunnen in dit boek een paar keer echt niet door de beugel en zouden in het echte leven meer dan waarschijnlijk op zijn minst uitzetting uit het politiekorps tot gevolg hebben; wellicht met nog een proces en veroordeling erbovenop. Dit overdrijven vreet aan het realisme dat de serie zo kwalitatief hoogstaand maakt.

Gelukkig zijn zowel de plot als de schrijfstijl van superieure kwaliteit, waardoor negatieve puntjes al eens makkelijker door de vingers gezien worden en het prachtige gevoel van humor dat de auteur laat infiltreren in de dialogen zalft zonder probleem alle eerder geslagen wonden. Alsook het feit dat het verhaal beter wordt naargelang het vordert met een geniale plotwending op het eind als de spreekwoordelijke kers op de taart.

Dossier 64 kan nog net door de beugel als zeer goed boek, maar voor een eventueel vijfde deel zal Jussi Adler-Olsen uit een ander vaatje moeten tappen, om zijn kredietwaardigheid te kunnen blijven bestendigen, vrees ik.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


16-11-11

LAPLANTE Alice - Hersenspinsels

 

lah.jpg

De eerste zin
Er is iets gebeurd.

De korte inhoud

De 64-jarige Jennifer White is een gepensioneerde orthopedisch chirurg die aan de ziekte van alzheimer lijdt. Haar zoon en dochter doen hun best om met haar stemmingswisselingen, verwarring en zwerftochten om te gaan, maar hebben zo hun eigen problemen.
Als Jennifers best vriendin Amanda vermoord wordt aangetroffen, waarbij vier vingers met chirurgische precisie zijn verwijderd, is Jennifer de hoofdverdachte. Jennifer kan, of wil, zich echter niet herinneren of ze de moord heeft gepleegd. Terwijl zij steeds meer haar grip op de werkelijkheid verliest, doen haar kinderen hun uiterste best om te voorkomen dat Jennifer wordt opgesloten.


Het volledige rapport
Alice LaPlantes deeltijdse zorg voor haar dementerende moeder ligt aan de basis van Hersenspinsels, haar eerste roman.

In een gegoede buurt van Chicago wordt het lijk gevonden van Amanda, een oudere alleenstaande vrouw. Ze heeft een hoofdwonde en mist vier vingers aan een van haar handen. Door de professionele wijze waarop deze amputaties werden uitgevoerd wordt haar beste vriendin Jennifer White meteen tot hoofdverdachte gebombardeerd. Dokter White is een gerenommeerd orthopedisch chirurg met de bovenste ledematen als specialisme. Maar recent moest ze haar job opgeven omdat ze gediagnosticeerd werd met de ziekte van Alzheimer. Eigen aan deze ziekte lopen heden, verleden, realiteit en fantasie in het hoofd van de protagoniste door elkaar. Rechercheur Megan Luton heeft de bijna onmogelijke opdracht om uit deze wirwar van impressies de beweegredenen en de modus operandi te distilleren die aan de basis liggen van dit verdachte overlijden. Maar kan een alzheimerpatiënt een dergelijke moord wel plannen en uitvoeren?

De Amerikaanse auteur opteert ervoor om de warrige gedachtegangen van een dementerend door te trekken in de vormgeving van het boek. Zo kent Hersenspinsels geen hoofdstukken. Het verhaal wordt verteld in vier bedrijven en de bladzijden worden gevuld met een opeenvolging van korte paragrafen: impressies van gebeurtenissen, herinneringen, notities, beschrijvingen, artikels, gedachten en conversaties volgen elkaar schijnbaar willekeurig op waardoor een wanorde ontstaat, die misschien wel typisch is voor een alzheimerpatiënt, maar vermoeiend is voor een buitenstaander. Het logische gevolg van deze stijl is dat er wel erg veel witregels op de pagina’s staan, waardoor de lezer amper kan volgen met het omslaan van de bladzijden.

De spannende verhaallijn, die louter bestaat uit Lutons speurtocht, is meestal latent aanwezig en komt slecht af en toe aan de oppervlakte, zoals we enkel het ondergrondse gangenstelsel van de mol kunnen vermoeden door de aanwezigheid van een sporadische molshoop in de tuin. Hierdoor slaagt de auteur er goed in de dader en motief verborgen te houden, hoewel de kenners van het genre, door eliminatie alleen, wellicht bij de juiste persoon zullen uitkomen.
Het gebrek aan fixatie op het politieonderzoek en de keuze van Alice LaPlante om het zwaartepunt te leggen op de dementie van Jennifer en welke invloed dat heeft op haar en haar omgeving, maakt van Hersenspinsels een sterk en zeer geloofwaardig boek dat vooral vrouwen en liefhebbers van S.J. Watsons Voor ik ga slapen zal aanspreken.

Tot slot is het nog het vermelden waard dat Orlando uitgevers aan het eind van het boek nog een aantal bladzijden met extra informatie voorziet: overbodige auteursinformatie, die ook op de achterflap is terug te vinden is; een kort interview met de auteur en zelfs een aantal inhoudelijke vragen voor leesclubs.

Met Hersenspinsels levert Alice LaPlante een zeer degelijke roman af die niet echt spannend te noemen is, maar des te intrigerender.

Het definitieve verdict: 7/10

Deze recensie werd geschreven voor Crimezone.nl

EOB.JPG


02-06-11

WATSON S.J. - Voor ik ga slapen

 

wsjvigs.jpg

 

De eerste zin:
De slaapkamer is vreemd.

De korte inhoud

Christine wordt ’s ochtends wakker in een vreemd bed, in een vreemd huis, naast een man die ze niet kent. Ze herinnert zich niets van wat er die nacht is gebeurd en besluit snel haar kleren aan te trekken en naar huis te gaan. Maar dan ziet ze zichzelf in de spiegel. Christine herkent zichzelf niet: ze is veel ouder dan ze dacht.
De man vertelt haar dat hij Ben heet en dat ze al tweeëntwintig jaar getrouwd zijn. Dat ze in haar eigen huis is. En dat haar geheugen jaren geleden is aangetast door een ernstig ongeluk. Elke nacht als Christine gaat slapen worden haar herinneringen gewist. Elke ochtend opnieuw moet iemand haar vertellen wie ze is.
Christine is volledig afhankelijk van Ben. Maar als ze op advies van haar dokter een dagboek gaat bijhouden, ontdekt ze dat Ben haar lang niet alles vertelt.


Het volledige rapport
De in Londen wonende S.J. Watson debuteert met Voor ik ga slapen, een verhaal dat hij ontwikkelde tijdens een cursus romanschrijven, en die losjes gebaseerd is op waargebeurde feiten die eerder al in boekvorm gegoten werden door Deborah Wearing.

Het hoofdpersonage, wiens verhaal in de eerste persoon enkelvoud verteld wordt, is Christine Lucas, een zevenenveertig jarige vrouw die elke ochtend ontwaakt in de overtuiging zowat vijfentwintig jaar jonger te zijn, want telkens ze in een diepe slaap verzeilt – elke nacht dus - worden alle recente herinneringen tot zowat een kwart eeuw terug uit haar geheugen gewist. Al jaren lang moet haar partner haar elke dag vertellen wie hij is en waarom zij hem niet herkent.
Als ze op aanraden van een psycholoog dagelijks haar bevindingen op papier ziet, merkt ze al snel dat haar partner een en ander uit het verleden achter houdt of verdraait. Of toch niet?

Door de aard van het verhaal en de vele herhalingen van dezelfde gegevens krijgt Voor ik ga slapen een zekere traagheid mee, die bij momenten zelfs uitgroeit tot langdradigheid. Maar desondanks weet S.J. Watson toch moeiteloos zijn publiek bij de les te houden door beetje bij beetje de spanning op te bouwen. Een proces dat hij technisch perfect beheerst en uitvoert, waardoor een origineel gegeven wordt uitgewerkt tot een psychologische thriller van formaat, die vooral door de vrouwelijke fans van het spannende boek zeer gesmaakt zal worden. Het idee totaal te zijn overgeleverd aan wat anderen je vertellen is angstaanjagend, en de auteur buit dat gegeven zeer subtiel uit. Hoewel het jammer is dat al vrij duidelijk wordt in welke richting de verhaallijn zal evolueren, gebruikt de auteur de details als broodkruimels om het boek interessant te houden.

Heel het verhaal door doet de sfeer denken aan The Truman show, de uit 1998 daterende film met Jim Carrey, wiens personage er zich totaal onbewust van is dat hij de hoofdrol speelt in een populaire soap.

Alleen wordt Voor ik ga slapen, mede door Christines kwaal heel wat compacter gehouden: een minimum aan personages maken hun opwachting in een al even kleine leefomgeving.

Ook aan de buitenzijde is dit werkstuk een opvallende verschijning. De uitgever heeft ervoor geopteerd om geen enkele letter tekst te plaatsen op de cover: geen titel; geen auteursnaam, geen uitgever, zelfs geen logootje. Enkel een oog dat je aanstaart. Op zich wel markant, maar om eruit te springen in de boekhandel had de kleurkeuze wat feller gemogen dat het sepia dat nu gebruikt werd. Maar alvast een gedurfd concept.

S.J. Watson slaagt erin van een aan amnesie lijdende vrouw op geloofwaardige wijze een slachtoffer te maken van paranoia, en dat is bijna even sterk als David Copperfields optredens. Voor ik ga slapen is dan ook een waardig debuut dat onder de vlag van de literaire thriller vaart. Liefhebbers van dit subgenre en lezers met een brede smaak moeten dit werkstuk zeker eens oppakken.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


07-01-11

JANSSEN Roel - De kloonbaby


jrdk.jpg


De eerste alinea:
Maanden later, vechtend tegen de tropische hitte van het oerwoud, moest Darren Gittinger terugdenken aan de ochtend waarop hij het begin van het leven had gezien. Daar lag het, duidelijk zichtbaar met het blote oog, een atol van grijswitte vlokken die dreven in een okerkleurige vloeistof. Darren stond er glazig naar te kijken. Hij beschouwde zichzelf als een man met gezonde seksuele driften, maar bij de kunstmatige versmelting van zaadjes en eitjes in een laboratoriumbakje kon hij zich niets voorstellen.

De korte inhoud

De gedreven wetenschapster Iris Stork en de al even gepassioneerde financieel directeur Darren Gittinger hebben zo hun eigen bedoelingen met het gentechnologische bedrijf GenIris. Iris zet alles op alles om haar wetenschappelijke vinding te perfectioneren. Darren is binnengehaald om de beursgang van het bedrijf in goede banen te leiden. Zowel wetenschappelijk als financieel staat GenIris voor een doorbraak. Maar het Nederlandse biotechbedrijf stuit op politieke, maatschappelijke en morele weerstanden. En moet zelfs aanslagen trotseren..


Het volledige rapport
De Nederlandse financieel-economische journalist Roel Janssen debuteerde in 1997 als auteur van spannende boeken. Zes jaar later publiceerde hij zijn derde thriller: De kloonbaby.

Hierin staan Iris Stork en Darren Gittinger centraal die samen het bio-technologisch bedrijfje Geniris besturen. Iris is de briljante wetenschapper, die leeft voor haar onderzoek en Darren is de financiële directeur die het bedrijf naar de beurs moet brengen.Maar onderweg loeren er vele gevaren waardoor de professionele band tussen de twee erg op de proef wordt gesteld door ondermeer investeerders, politici, concurrenten en drukkingsgroepen.

Roel Janssen, de Ian Rankin van de lage landen, toont zich in deze “thriller over genen, geld en liefde”, zoals op de cover vermeld staat, weer een begenadigd verteller. De kloonbaby bevat een grote hoeveelheid informatie over genetica en stamcellen, maar dat is dan ook een noodzakelijk kwaad dat als basis dienst doet waarop het fictieve luik van het verhaal gebouwd wordt. Maar de auteur slaagt er probleemloos in deze materie voor iedereen begrijpelijk voor te stellen door zich te bedienen van zeer plastische vergelijkingen als daar zijn: “Stamcellen zijn als toverballen.”. Ook wordt de controverse rond het kweken, oogsten en werken met menselijke cellen langs alle kanten op onderhoudende wijze belicht.

De hoofdpersonages zijn levensecht op papier gezet. Niets menselijks is hun vreemd: de rede delft uiteindelijk het onderspit tegen het gevoel en ze als puntje bij paaltje komt, kiezen voor ze zichzelf. De manier waarop hun professionele relatie evolueert naar analogie van elke liefdesrelatie wordt door de auteur zeer treffend beschreven. Dit alles draagt bij aan de hoge graad van realisme die De kloonbaby bereikt.

Maar net als de Schot heeft Roel Janssen het moeilijk om een bevredigend slot aan zijn verhaal te breien. De kloonbaby dooft als een kaars op een moment dat de lezer net een persoonlijke heropflakkering verwacht in de vorm van een nieuw hoofdstuk in het leven van Darren. Het open einde is dan ook grootste minpunt.

Het lijkt erop dat Roel Janssen voor De kloonbaby de thriller als excuus gebruikt om zijn visie te verkondigen op de toenmalige hetze rond de biotechbedrijfjes, die de luchtbel van de dot-com bedrijfjes moest doen vergeten. Maar hij doet het op zo een klare en gedreven wijze dat het boek tot zeer aangename lectuur verheven wordt zonder echt razend spannend te worden. Een puik stukje schrijfwerk op de grens van fictie en feiten voor de meerwaardezoekende lezer. Of Canvas op papier.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


18-01-10

ILES Greg - Doodsangst

 

igda

De verpakking:
Deze pocket heeft een in overwegend roze-rode tinten uitgevoerde cover die weinig heeft om de interesse van de potentiële koper te wekken. De uitgever gaat er wellicht van uit dat de auteursnaam, die in opvallend contrasterend wit wel opvalt, genoeg is om het boek op te pakken. De layout ligt wel in de lijn van de andere pockets van deze auteur die uitgegeven worden onder het label Poema.
De achterflap wordt overheerst door de korte inhoud en een aantal citaten uit diverse recensies. De informatie over de auteur is tot het absolute minimum beperkt.

De inhoud:
Ex-muzikant Harper Cole heeft om aan de kost te komen een zeer exclusieve internet-sexbabbelbox opgericht: EROS. Voor fabelachtig veel abonnementsgeld garandeert EROS absolute anonimiteit. Alleen Harper heeft – als systeembeheerder – toegang tot alle informatie. Harper voelt dat er iets goed mis is als plotseling zes EROS-abonnees abrupt stilvallen. Wanneer een EROS-klant vermoord wordt gevonden, tipt hij de politie. Tot zijn afgrijzen blijken alle zes vermoord. Maar van tipgever wordt Harper als snel verdachte: wie anders kan immers kan de identiteit van de EROS-abonnees achterhalen? Om zijn onschuld te bewijzen besluit Cole een val te zetten...


Het rapport:
Als zoon van een Amerikaanse militaire arts zag Greg Iles vijftig jaar geleden het levenslicht in het Duitse Stuttgart, maar bracht zijn jeugd door in Natchez, Mississippi, waar hij nu nog altijd met zijn gezin verblijft en een aantal van zijn verhalen situeerde. Na zijn studies leefde hij voor de muziek, maar toen het vele touren met zijn groep Frankly Scarlet niet meer verenigbaar was met zijn gezinsleven, stapte hij uit de groep, en begon hij aan het schrijven van zijn eerste boek Spandau phoenix. Een fictief verhaal over Hitlers rechterhand Rudolf Hess. Maar zijn liefde voor muziek kan hij niet verlochenen en hij is, samen met onder andere Stephen King en Scott Turow, één van de leden van de coverband The rock bottom remainders.

Ook zijn tweede boek Black cross, waarin de holocaust centraal staat, speelt zich af in Duitsland. Zowel door een tegenvallende verkoop als de angst om gebrandmerkt te worden als de nieuwe Jack Higgins, gooide de auteur het roer om en begon met Doodsangst te schrijven over psychologische dilemma’s en moeilijkheden. Ondertussen kan hij bogen op een mooie schrijverscarriere en verschijnt later dit jaar zijn twaalfde boek. Op de eerste twee oorlogsromans na werden ze ondertussen allen naar het Nederlands vertaald.

In Doodsangst maken we kennis met Harper Cole, een man die zijn leven mooi op orde heeft. Om een jeudgvriend een plezier te doen, brengt hij zijn dagen door als moderator op EROS, een erotisch getinte internetgemeenschap, met onder andere een forum en chatfaciliteiten, waarvoor de leden een hoog abonnementsgeld aangerekend wordt. Als op een dag één van de leden in haar huis vermoord wordt teruggevonden, legt Harper de link met andere leden die niet meer online komen maar wel hun lidgeld blijven betalen. Hij tipt de politie en krijgt tot zijn afgrijnzen gelijk als ze allen overleden zijn. Maar omdat politie en FBI er niet meteen in slagen een dader aan te houden, komen Harper en zijn oude vriend steeds meer onder verdenking te staan. De situatie wordt zo onleefbaar dat ze zich gedwongen zien zelf de jacht op deze seriemoordenaar te openen...

Doodsangst is niet alleen de angst om te sterven, maar eveneens de angst om het goede leven dat je met je gezin en vrienden leidt, te verliezen. Greg Iles heeft dat ook goed aangevoeld en slaagt erin zijn hoofdfiguur op te zadelen met beide angstgevoelens. Door het verhaal te vertellen in de eerste persoon enkelvoud, brengt hij die emoties ook dicht bij de lezer, waardoor het boek onder je vel kruipt. Enkel het iets te lang uitspinnen van het verhaal, en de daaruit voorvloeiende deuk in de spanningsboog in het tweede deel houden deze op zichzelf staande thriller van een maximumscore.

Door de snelle evolutie die de laatste jaren plaats vindt in de informatica, is het altijd een gevaarlijke keuze om die technologie een grote rol toe te bedelen in verhalen. Maar de auteur is er merkwaardig genoeg in geslaagd om de computertechnologie van dertien jaar geleden zo te gebruiken en beschrijven dat het voor het overgrote deel nog altijd niet gedateerd over komt. Enkel het veelvuldige gebruik van antwoordapparaten en de bijna volledige afwezigheid van mobiele telefoons maken de lezer er attent op dat dit boek al een respectabele leeftijd heeft bereikt. Ook is het jammer dat er een inconsistentie geslopen is in het afdrukken van chatsessies: allen worden ze in vette letters afgedrukt, behalve het laatste, dat in het gewone lettertype op papier gezet werd. Wellicht werd hiertoe besloten omdat het makkelijker was om de spanning op te voeren als de lezer niet afgeleid wordt door een constante afwisseling van vette en gewone tekst als de online conversatie en de gedachten van een van de deelnemers aan dat gesprek in de aanloop naar de ontknoping, die pas op de laatste bladzijden ontvouwd wordt.

Maar veruit het sterkste aspect van Doodsangst, zijn de figuren die erin rondlopen en hun onderlinge banden. Greg Iles toont zich een meester in het uittekenen van zeer complexe personages met een markante geschiedenis die hen gevormd heeft. Het resultaat zijn intrigerende karakters die de lezer niet kunnen koud laten. En dat zonder ook maar één enkele keer de grenzen van het geloofwaardige te overschrijden. Maar de lezer zal wel moeten constateren dat er een hoge concentratie aan medisch geschoolde personen in dit werk opgevoerd worden. Zou de achtergrond van de auteur hierin een rol gespeeld kunnen hebben?

Met Doodsangst heeft Greg Iles een opvallende entree gemaakt in de Nederlandstalige wereld van het spannende boek. Hij levert een zeer degelijke thriller af die zowel een policier als een technothriller is en die ook nog komt aankloppen bij de deur van het medische spannende boek, zonder te vervallen in uitgereide documentatie van de gebruikte technieken, waardoor het verhaal niet alleen zeer genietbaar is voor de techneuten onder ons, maar voor alle liefhebbers van het genre, waaraan ik het meteen maar aanraadt om het boek vast te nemen als ze eropuit lopen of het nog ergens in de stapel liggen hebben.

Het verdict: 8/10


EOB

21:25 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: usa, 8, technologie, vertaald, politie, medisch, iles_greg, seriemoordenaar |  Facebook |