19-05-12

BOS Adriaan - Advocaat van de waarheid

 

baavdw.jpg

 

De eerste zin:
Subachio zag er niet uit als een hotel.

De korte inhoud
Thomas is een succesvolle advocaat. Na het overlijden van zijn vader, een heftige relatie en een ontmoeting met een zwerver, besluit hij de advocatuur te verlaten. Zijn vriend Sam heeft een technologie ontwikkeld die de maatschappij ingrijpend kan veranderen. Sam wil zijn uitvinding geheim houden en Thomas belooft hem deze taak op zich te nemen. Dat brengt hem in conflict met Sams ambitieuze zonen, en met nietsontziende, op macht beluste bedrijven. Intussen wordt de wereld overspoeld door een dodelijk virus.

Thomas raakt verstrikt in een zich langzaam sluitend web van intriges en komt voor onmogelijke keuzes te staan. Kan hij het onheil keren dat zich als een donkere schaduw over hemzelf, zijn geliefden en de wereld verspreidt?


Het volledige rapport
De Nederlander Adriaan Bos was 25 jaar lang advocaat. Daarna wierp hij zich op als coach die zakenmensen begeleidde in verband met bewustzijnsontwikkeling. Beide aspecten van zijn professionele leven vinden we nu ook terug in Advocaat van de waarheid, waarmee de man op zijn drieënzestigste debuteert als misdaadauteur.

In 2009 kreeg het manuscript De zonen van Samuël een eervolle vermelding tijdens een wedstrijd. In de eerste helft van 2010 werd het geplaatst op de website Tenpages.com, waar auteurs, via het plaatsen van minimum de eerste tien bladzijden van hun manuscript in eender welk genre, lezers warm maken om te investeren in hun werk. Als er binnen het tijdsbestek van vier maanden minstens tien geldschieters samen 10000 euro inbrengen, belooft de website het boek te laten uitgeven bij een gerenommeerde uitgever. Als een van de tweeënzestig boeken die tot op de dag van vandaag op deze wijze publicatie verdienden, werd De zonen van Samuël dit jaar uitgegeven bij Juwelenschip onder de titel Advocaat van de waarheid. Uitgeverij Juwelenschip is een nobele onbekende in de wereld van het spannende boek, maar haar publicaties richten zich eerder tot de liefhebbers van esoterie en religie.

In Advocaat van de waarheid maken we kennis met Thomas van Buitenhuyzen, die het alter ego van de auteur zou kunnen zijn: ex-advocaat en nu vooral bezig om zijn vriend Sam te begeleiden tot een meer duurzaam beslissingsbeleid voor zijn technologiebedrijf, dat een chip heeft ontwikkeld die bedoeld is voor inplanting bij mensen. Als Sam beslist er niet mee naar de markt te trekken, komen hij en vooral Thomas in conflict met Sams zonen en een belangrijk buitenlands technologiebedrijf die zich een fortuin door de neus geboord zien. Als een dodelijk virus een wereldwijde pandemie veroorzaakt komt Thomas van alle kanten onder vuur te liggen en wordt het alsmaar moeilijker vast te houden aan zijn levensfilosofie.

Adriaan Bos gebruikt een spannend verhaal dat zich deels in Nederland en deels in Italië afspeelt als vehikel om zijn boodschap uit te dragen. Waarschuwingen allerhande doorspekken royaal het boek: het gebrek aan privacy in de digitale wereld; de invloed van het populisme in de politiek en de gevolgen van het kortetermijndenken passeren allemaal de revue. Soms klinken deze sommaties wat dringender en krijgen ze de vorm van berispingen en aanklachten. Als alternatief biedt de auteur de opwaardering van de ethiek, door onder andere het hoger inschatten van (naaste)liefde en goedheid. Maar de boodschap van Franciscus van Assisi, die het hoofdpersonage fel inspireert, lijkt een gevecht tegen de windmolens worden en Thomas glijdt af naar een Don Quichot-achtige figuur, die een strijd voert die hij niet lijkt te kunnen winnen. Maar tegelijk blijft het personage, net als alle andere protagonisten, zeer geloofwaardig vasthouden aan het recht om niet voor de makkelijkste weg te kiezen, zoals hij het zelf omschrijft. De auteur heeft goed werk geleverd om de figuren die hij opvoert elk een eigen persoonlijkheid mee te geven, zonder de noodzaak van ellenlange voorgeschiedenissen, maar door gebruik te maken van degelijke karakterschetsen.

Dit alles integreert de auteur professioneel in het spannende verhaal dat een aantal aspecten van zowel techno-, reli- als bedrijfsthrillers bevat. Een interessante en evenwichtige melange die afgewerkt werd met een esoterisch sausje. Overeenkomsten met de werken van Michael Crichton, Joel C. Rosenberg en Joseph Finder – elk de top in hun thrillersegment – zijn dan ook volop aanwezig. Tot aan bladzijde driehonderddertig is Adriaan Bos goed op weg vriend en vijand te verbazen en een hoge score ligt binnen handbereik. Maar vanaf dan volgt slechts een boutade aan spiritualiteiten, met als dieptepunt het totaal overbodige zestigste hoofdstuk. Zou dit de invloed zijn van de uitgever op de wijzigingen in het manuscript, waarvan de auteur gewag maakt in zijn nawoord? In ieder geval gebeurt deze omschakeling even artificieel als een rockconcert op een bijeenkomst van de Christelijke jeugd: het plaatje klopt niet meer en alle opgebouwde krediet wordt in een wip verspeeld. Een slotoffensief vol actie waarin de cast gedecimeerd wordt kan de het tij niet meer keren. En dat is jammer, want de auteur heeft bewezen dat het potentieel aanwezig is om het te maken in de wereld van het spannende boek.

Ook valt tijdens het lezen op dat de tekst van Advocaat van de waarheid op papier gezet werd in een lettertype met een rare eigenschap: de hoofdletters zijn kleiner dan de gewone hoge letters, zoals de “h”, wat bij momenten lichte irritatie opwekt. Als voorbeeld geef ik even het meest voorkomende geval mee: zo staat er constant “thomas” te lezen in plaats van het meergenormaliseerde “Thomas”

Met Advocaat van de waarheid bewijst nieuwkomer Adriaan Bos dat hij de kunst van het schrijven machtig is. Alleen slaagt hij er nog niet in het kwalitatieve niveau te handhaven tot aan de laatste bladzijde, waardoor hij compleet de mist ingaat. Hopelijk zijn de drieënnegentig investeerders niet zo ontgoocheld als ondergetekende.

Het definitieve verdict: 5/10


EOB.JPG


28-04-12

BAETE Piet - Verzwijg mij niet

 

bpvmn.jpg

 

De eerste zin:
Niemand had ooit meer naar een moord verlangd.

De korte inhoud
Gert-Jan, Louis, Vic en Simon zijn twintigers en al jarenlang vrienden. Als ongewenste gasten bezoeken ze een verjaardagsfeest bij de steenrijke en machtige familie De Greve in Het Zoute. Vic ziet er zijn ex-vriendin Charlotte en ervaart een enorm gevoel van spijt. Hij moet en zal haar terugwinnen van de zoon des huizes, Nicolas De Greve.
Ondertussen probeert hoofdinspecteur Briek Mulders zijn leven op de rails te krijgen, nadat hij voor zes maanden op non-actief is gezet. Zijn plaats in het team is ingenomen door de jonge en ambitieuze David Kamp. Wanneer het lijk van een jongeman wordt gevonden, trekt Kamp als eerste op onderzoek uit.



Het volledige rapport
De vierendertig jaar jonge auteur en scenarist Piet Baete is met het net verschenen Vrijdag de 14de al aan zijn vijfde spannende boek toe. Vorig jaar verscheen Verzwijg me niet, het derde en laatste deel uit de serie over de speurders Bonnart en Mulders, die de Belgische badplaats Knokke veilig maken.

Terwijl Briek Mulders de laatste dagen van een disciplinaire sanctie thuis doorbrengt door te zorgen voor de revaliderende Luc Bonnart, zit diens vervanger, de ambitieuze David Kamp te hunkeren om zijn kwaliteiten als rechercheur te kunnen ontplooien. De verdwijning van Vic Van Springel moet en zal die zaak worden. De jongeman werd laatst gezien als ongenode gast op een mondain feestje waar hij probeerde zijn oude liefde terug te winnen, die nu een relatie heeft met de zoon des huizes.

Verzijg mij niet is een zeer atypisch spannend boek geworden. Het gaat zelfs zo ver dat de ontknoping eigenlijk niet belangrijk aanvoelt. Het maakt de lezer niet meer uit of er nu iemand opgepakt wordt of niet. En dat hoeft - wellicht tot ieders grote verbazing - niet eens als een negatieve bevinding beschouwd te worden. Het boek voelt meer aan als een roman dan als een policier: het verhaal ontwikkelt zich kabbelend en uiterst beschaafd. Enkel intermezzo’s van de geestelijk achteruitgestelde Luc Bonnart breken door hun frequentie de sfeer en zorgen, op de duur een lichte irritatie, in plaats voor de wellicht bedoelde grappige noot.

Dit laatste buiten beschouwing gelaten, heeft Piet Baete zeer aangenaam leesvoer op papier weten te zetten, met een hoge psychologie factor, waarin twee zaken centraal staan. Zo wijst de auteur ons op het feit dat de.mate van wetteloosheid waarin een persoon kan optreden blijkbaar recht evenredig oploopt met de sociale en economische status. Anderzijds wordt het dankzij Paris Hilton tegenwoordig uiterst populaire BFF – Best Friends Forever – in vraag gesteld. Het blijkt dat elke vriendschap zijn prijs heeft, waarbij meteen afgevraagd wordt hoever men gaat die vriendschap in stand te houden.

Door de veelvuldige bedekte verwijzingen naar gebeurtenissen uit het verleden van de hoofdpersonages, is het wenselijk kennis te nemen van de vorige boeken van deze reeks, met name Poker en Wacht maar tot ik wakker word. Maar de minder nieuwsgierige lezer kan er mijn inziens best ook van genieten zonder voorkennis.

Met Verzwijg mij niet beleeft de serie rond het Knokse speurderteam van Briek Mulders, Luc Bonnart en nu ook David Kamp niet alleen een orgelpunt, mar tevens een hoogtepunt en tilt Piet Baete zijn metier naar een hoger niveau, waarbij hij speelt met de wetmatigheden en grenzen van het genre van de politieroman, wat de lezer een bevrijdend gevoel geeft. Anders en beter, om het sloganesk uit te drukken.

Het definitieve verdict:
8/10


EOB.JPG


25-04-12

LAURYSSENS Stan - Lotte, 17 jaar, blond, blauwe ogen

 

lsl17jbbo.jpg

 

De eerste zin:
Opsporingsbericht van de Federale Politie.

De korte inhoud.
Opsporingsbericht van de Federale Politie in samenwerking met Child Focus. VERMISSING [MINDERJARIGEN]. Verspreid op verzoek van de procureur des Konings te Brussel. Vermissing Charlotte ‘Lotte’ Acket te Ukkel.
. Een man in het zwart sleurt een zware reiskoffer naar het station. Het is verboden onwelriekende of besmettelijke voorwerpen in de bagagekluizen te plaatsen. Bloed druipt uit de stationskluis. ‘Wij zitten met drie vermiste meisjes,’ zegt Eddy Thielemans, heel open van geest, tres cool. Hij is chef van de Cel Agressie en leidt het onderzoek. ‘Alle drie zeventien jaar, slank, blond, blauwe ogen.’ Geen enkel blond meisje van zeventien waagt zich alleen op straat. Politiekorpsen van Brussel, Antwerpen, Oostende, Charleroi, Gent, de scheepvaartpolitie en Missing Persons Noordzee zitten met de handen in het haar. Een angstpsychose waart door het land. België is in rep en roer.



Het volledige rapport
Antwerpenaar en wereldburger Stan Lauryssens heeft verleden jaar de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, maar de auteur is actiever dan ooit. Begin dit jaar verscheen de erotische roman Alle dagen curry en seks op zondag en nu ligt zijn nieuwste spannende politieroman in de winkelrekken.

Na tien boeken met het Simoens en Deridder in de hoofdrol, mag dit politiekoppeltje even uitblazen. Hoewel ze nog even vermeld worden, draait het in Lotte, 17 jaar, blond, blauwe ogen allemaal om de Cel agressie van de federale politie en wordt Antwerpen ingeruild voor Brussel. Het vierkoppige team onder leiding van commissaris Eddy Thielemans wordt ingezet op de jacht  naar een seriemoordenaar, die zijn jonge, blonde, vrouwelijke slachtoffers in mootjes gehakt achterlaat in de bagagedepots van Belgische treinstations. Als Charlotte Acket – Lotte voor de vrienden – spoorloos verdwijnt, verandert het onderzoek in een race tegen de klok, in een poging haar levend uit de klauwen van de monsterlijke kidnapper te redden.


Net zoals verandering van spijs doet eten lijkt verandering van hoofdpersonage even verfrissend te werken voor een auteur Of zou het liggen aan het feit dat Stan Lauryssens nog de stijl van zijn roman in de vingers zitten had toen hij begon aan dit boek? Wat ook de reden moge zijn,
Lotte, 17 jaar, blond, blauwe ogen begint zeer verfrissend en in een sprankelende stijl, die gelardeerd is met een bijzonder gevoel voor humor. Wat te denken dan de verpleegster van het Wit-Gele Kruis die de afname van een DNA-staal komt uitvoeren, omdat de wetsdokter geen gaatje heeft in zijn agenda… Het leesplezier is volop aanwezig in de pakweg eerste tachtig bladzijden van het verhaal, die behoren tot de beste die de auteur in zijn loopbaan aan het papier heeft toevertrouwd.

Jammer genoeg worden de punten pas uitgereikt na het finale punt, want eenmaal het politieonderzoek goed en wel op kruissnelheid komt, verslapt de stijl en zakt het niveau tot het zo goed als in het verlengde ligt van zijn andere politieromans. Enkel de platvloersheid blijft, een enkele uitzondering buiten beschouwing gelaten, achterwege. Maar zijn plastische manier van schrijven, die eerder geassocieerd wordt met stripverhalen, komt weer bovendrijven


Het nieuwe speurdersteam roept, mede door het onderwerp, associaties op met de Vlaamse televisieserie Vermist, die al enkele jaren loopt.
Lotte, 17 jaar, blond, blauwe ogen kan zo verfilmd worden tot een aflevering van deze reeks.

De plot is best goed geconstrueerd en auteur laat zijn publiek in spanning tot net voor de finale, vooraleer hij een tip van de sluier oplicht en hij de lezer deelgenoot maakt van hoe de vork in de steel zit. Maar de spanningsopbouw laat te wensen over door de neiging te veel te willen uitleggen - Ondertussen weet iedereen al wel wat een doorkijkspiegel of een zodiak is. - alsook door teveel herhalingen van stukken tekst. Zo wordt de tekst van het opsporingsbericht van Lotte wel minstens vijf keer hernomen in het boek. Het is te verstaan dat de bladzijden moeten gevuld worden, maar zelfs dan blijft de auteur steken op 282 pagina’s.

Daarnaast moet ook gewag gemaakt worden van een onzorgvuldige redactie, want teveel fouten zijn doorgedrongen tot de eerste druk: weinig spelfouten gelukkig, maar wel een aantal contextfouten waarin binnen een scene de leden van een gezelschap wisselen; locaties veranderen of het vertelperspectief wijzigt.

De eerste hoofdstukken van
Lotte, 17 jaar, blond, blauwe ogen herinneren de lezer eraan dat Stan Lauryssens wel degelijk potentieel heeft als auteur, maar jammer genoeg kan hij deze lijn niet doortrekken tot op het eind. Als aanmoediging luidt mijn eindverdict: met de hakken over de sloot.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG


19-04-12

VAN GALEN Alex - Süskind

 

vgas.jpg


De eerste zin:
Toen Walter Süskind het nieuws hoorde, dacht hij meteen aan zijn vrouw en dochtertje.

De korte inhoud
1942. In het door de nazi’s bezette Amsterdam wordt Walter Süskind aangesteld als hoofd van de Hollandsche Schouwburg. In opdracht van de Joodsche Raad regelt hij dat zijn Joodse medeburgers vanuit de schouwburg op transport worden gesteld naar Westerbork, zogenaamd om in Duitsland te gaan werken. Maar als Walter ter ore komt welk lot ze in werkelijkheid te wachten staat, besluit hij een levensgevaarlijk dubbelspel te spelen. Hij sluit vriendschap met de hoge SS-officier Aus der Fünten en zoekt tegelijkertijd aansluiting bij de illegaliteit. Gebruikmakend van zijn positie in de schouwburg probeert hij een groot aantal kinderen van een wisse dood te redden. Terwijl de razzia’s toenemen en het net zich verder sluit rond de Joodse gemeenschap, riskeert Walter alles wat hem lief is.



Het volledige rapport
Eindhovenaar Alex van Galen studeerde literatuurwetenschappen en leerde daarna het schrijversvak door mee te werken aan de scenario’s van tal van televisieseries. In afwachting van het verschijnen van zijn derde spannende boek, houdt hij zijn publiek aan zich gebonden door te tekenen voor Süskind, het boek van de Nederlandse film die eerder dit jaar in de zalen draaide.

Walter Süskind is een Duitse jood die in 1938 naar Nederland emigreert, in de hoop te ontsnappen aan Hitlers antisemitistische politiek. Maar als enkele jaren later de nazi’s Nederland binnenvallen, is hij eraan voor de moeite. Om te ontsnappen aan deportatie, aanvaard hij binnen de Joodse Raad de functie van directeur van de Hollandsche Schouwburg. Dit is de verzamelplaats waar alle Amsterdamse joden worden samengebracht vooraleer ze op transport gezet werden naar het doorgangskamp Westerbork – deze laatste is het Nederlandse equivalent van de Mechelse Dossinkazerne in Vlaanderen. Als bevoorrecht getuige van de wreedheden die de bezetter tegen de Joden begaat, kan hij niet langer lijdzaam toezien en besluit hij een ontsnappingsroute op te zetten voor zijn geloofsgenoten, waarlangs in 1942 en 1943 zowat zeshonderd kinderen konden ontsnappen aan een zekere dood.

Het grootste nadeel van verhalen die gebaseerd zijn op ware feiten, is dat iedereen die interesse heeft in de hoofdpersoon of de gebeurtenissen al weet hoe het zal aflopen zonder nog maar een letter gelezen te hebben. Het spreekt voor zich dat dit funest is voor de spanningsboog. Maar onder andere Titanic, of het meer aan dit onderwerp gerelateerde Schindler’s list, bewijzen dat dit niet noodzakelijk succes in de weg staat.

In zijn nawoord stelt de auteur dat Süskind in de eerste plaats een goed lopend verhaal moest worden. In dat streven is hij alvast cum laude geslaagd, want het boek leest niet alleen als een trein; het is tevens veel zorg en taalgevoel geschreven. Maar het boek leest misschien wel te vlot – een kwaal die heden ten dage woekert in de misdaadliteratuur. Het directe gevolg is dat het verhaal weinig body heeft. Menig beschreven situatie of actie brengt bij de lezer, ondanks de onmenselijkheid en wreedheid ervan, nauwelijks of geen gevoelens van gruwel of afschuw te weeg. Als dit boek een eerste kennismaking zou zijn met de Jodenvervolging van de nazi’s, zou je denken dat het er overwegend welgemanierd en zelfs gedistingeerd aan toe ging.
Ook de minachting van de onwetende stads- en geloofsgenoten van het hoofdpersonage komt niet veel verder dan een flauw gescholden “moffenvriendje”. Het mocht allemaal wat rauwer en ruiger geschreven zijn en wagonladingen meer emotie bevatten. Zelfs het feit dat het boek gepositioneerd wordt als een roman verandert hier niets aan.

Deze alom aanwezige oppervlakkigheid declasseert Süskind tot een aardig tussendoortje, terwijl het een prachtig document had kunnen zijn over een donkere bladzijde uit de geschiedenis waarin het hoofdpersonage schitterde in menselijkheid. Als je echt geïnteresseerd bent in het onderwerp neem je beter Walter Süskind – Hoe een zakenman honderden Joodse kinderen uit handen van de nazi’s redde ter hand. In dit verleden jaar verschenen non-fictiewerk, dat Alex van Galen ook vernoemt in zijn nawoord, gaat historicus Mark Schellekens onder andere dieper in op de emoties, wroeging en twijfels waarmee Walter Süskind worstelde.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG


17-04-12

WEST & WATERMAN - De medicijnmakers

 

wwdm.jpg


De eerste zin: 
Monica Kessler zat op haar terras en keek voor zich uit, over het stadje, over het meer, naar de horizon.


De korte inhoud
Ooit droomde Theo Versteegh dat hij een nieuwe Albert Schweitzer zou worden. Inmiddels is zijn ideaal binnen handbereik: een revolutionair geneesmiddel tegen schizofrenie. Voor Versteegh een kans op roem, voor zijn werkgever een miljardenmarkt.
Maar het Amerikaanse concern Melzer-Davis is achter het project gekomen. Zelfs in de competitieve markt voor medicijnen is die multinational berucht om zijn meedogenloze praktijken: omkoping, spionage, verleiding, vervalsing en karaktermoord.
Melzer-Davis slaat hard terug. De intriges zullen vele levens beïnvloeden: die van de gedreven Versteegh, zijn ongelukkige vrouw Claire, de ambitieuze hoogleraar Ulrich Meister, de enigmatische Monica Kessler en, uiteindelijk, van miljoenen patiënten over de hele wereld.



Het volledige rapport
Achter de pseudoniemen van Isaac West en Tim Waterman – of West & Waterman, zoals ze op de covers van hun boeken vermeld staan – gaan een psychiater en een hoofdinspecteur van de politie schuil. Jischak Storosum en Timo van der Weduwen schreven in de periode 1998-2004 drie spannende boeken waarvan De medicijnmakers de eersteling was.

In dit met de Schaduwprijs 1999 bekroonde werk draait alles rond concurrerende farmaceutische bedrijven. Het Nederlandse bedrijfje Moda International is goed op weg geschiedenis te schrijven met een revolutionair geneesmiddel om schizofrenie te behandelen. Als dit bericht ter ore komt van de, de Amerikaanse wereldspeler Melzer-Davis, de huidige marktleider in die branche, doet deze er alles aan om die positie te handhaven: industriële spionage, ompkoperij, karaktermoord en zelfs moord; alle middelen zijn geoorloofd. In hun hang naar macht is het welzijn van een medewerker, concurrent of zelfs de zieke niet eens een cent waard. Een gewaagd, maar briljant plan wordt bedacht en Monica Kessler wordt de spilfiguur voor de uitvoering ervan.

Hoewel de diskette op de omslag, en bij uitbreiding de gehele cover, enigszins verouderd aandoet is het verhaal nog verassend actueel. Vervang het schijfje door een USB-stick, Wordperfect door Word of Open Office en de guldens door de euro en niets laat vermoeden dat dit boek al bijna vijftien jaar geleden het daglicht mocht aanschouwen. Want de tand des tijds heeft weinig tot geen invloed op de werkwijzen van de haaien van de commercie.


Het verhaal is wat chaotisch van opzet: het is een aaneenschakeling van paardensprongen tussen verschillende Europese steden en bokkensprongen op de tijdlijn, die zowat het hele laatste decennium van vorige eeuw beslaat. Hierdoor is het soms wat moeilijk om de lijn van het verhaal vast te houden, maar achteraf beschouwd kon het verhaal niet anders of beter gestructureerd verteld worden.

De medicijnmakers is een bedrijfsthriller geworden in de medische sector die vol zit van de intriges. Moest Joseph Finder, de meester in dit genre, het Nederlands machtig zijn, zou deze zeker zijn goedkeuring kenbaar gemaakt hebben. Een sterk plot ligt aan de basis van een geconcentreerd verhaal, dat weinig uitweidingen bevat. Het volledig door de plot gedreven boek heeft veel vaart en wordt slecht hier en daar bewust afgeremd met wat smaakvolle erotisch getinte intermezzo’s.

Een pluim voor het duo West & Waterman die met De medicijnmakers een dijk van een misdaadroman afleverden, die het subgenre overstijgt en gesmaakt kan worden door elke liefhebber van het spannende boek. De schaduwprijs is dan ook volledig terecht op hun schouw terechtgekomen.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


10-04-12

VANROY Berthilde - De tempel van de 9 kamers

 

vbdtvd9k.jpg

De eerste zin:
Het was nog vroeg in de ochtend, maar toch deed de zon het asfalt van de snelweg al baden in een gouden gloed.

De korte inhoud
Christine en David zijn aantrekkelijke twintigers en vormen een gelukkig stel. Ze wonen zes jaar samen en leiden een zeer comfortabel leven, dankzij het riante inkomen van David, die in de succesvolle multinational van zijn familie werkt. Alles lijkt perfect en niets schijnt hun eeuwige geluk in de weg te staan. Maar daarin komt plots verandering. Wanneer ze trouwplannen maken, overrompelt David zijn geliefde met een bizarre voorwaarde voor hij zijn jawoord wil geven. Christine voelt de grond onder haar voeten wegzakken en ziet haar droomleven in rook opgaan. Eerst wil ze niet op Davids eis ingaan, dan doet ze het toch en ontdekt een verborgen kant van haar seksuele beleving. Maar op een bizarre manier komt ze zo in de macht van een uiterst gevaarlijke lustmoordenaar…


Het volledige rapport
De uit Zonhoven afkomstige Berthilde Vanroy leefde een leven vol luxe en mannen. Maar toen ze naar eigen zeggen besefte dat een overvloed aan weelde niet gelijkstaat met geluk trok ze zich terug om dat geluk te zoeken. En blijkbaar draagt boeken schrijven daartoe bij, want na het esoterisch getinte De formule voor geluk en de autobiografisch geïnspireerde roman Verstrikt en verlost brengt ze nu met De tempel van de 9 kamers een erotische thriller op de markt.

Hierin maken we kennis met Christine en David; een verliefd koppeltje dat aan trouwen denkt. Maar vooraleer het zover kan komen moet David haar bekennen dat hij behoort tot de eeuwenoude sekte Hieros Gamos en dat hij enkel met haar in het huwelijk kan treden nadat zij de negendaagse inwijdingsceremonie heeft doorlopen. Een protocol dat haar niet alleen een verruimd inzicht geeft omtrent haar seksuele beleving, maar haar ook onbedoeld in het vizier brengt van een lustmoordenaar.


Net geen tien jaar nadat Dan Brown met zijn De Da Vinci code de hype van de reli-thriller startte, en eveneens een aantal jaren na het uitdoven van die stroming komt Berthilde Vanroy op de proppen met een soortgelijk werk, dat overgoten werd met een royale laag seks en erotiek. Een te royale laag misschien, want zelfs het hoofdpersonage laat zich ontvallen dat ze op een gegeven moment geen geslachtsorgaan meer kon zien.

Dertig jaar geleden, in mijn pubertijd, had ik dit boek wellicht met veel belangstelling en rode oortjes verslonden. Maar een volwassene kijkt verder dan de dans der naakte lichamen en stelt vast dat De tempel van de 9 kamers vooral opgebouwd is uit clichés: naast de oogverblindend mooie vrouwen die meer tijd naakt doorbrengen dan gekleed en de mannen met gigantische penissen die bijna constant in de houding staan is bij voorbeeld ook het obligate mysterieuze document aanwezig dat het einde van een tijdperk zal inluiden als het wereldkundig gemaakt wordt.

De snoodaard van dienst noemt zichzelf Gehelvanuw. En ondanks een andere naamsverklaring in het boek is het meteen duidelijk dat dit een doorzichtig anagram is van de Brugse pedofiele bisschop Roger Vangheluwe. Het hele spannende draadje is er trouwens met de haren bijgesleept en voelt als een schaamlapje voor het vele naakt in het boek.

De tempel van de 9 kamers is een opvallende verschijning tussen de veelheid aan politieverhalen en detectives. Dat is dan ook het enige recht van bestaan, want na weging werd het veel te licht bevonden om potten te breken in de wereld van het spannende boek.

Het definitieve verdict: 4/10

EOB.JPG


06-04-12

KNOOPS Geert-Jan - Het petronius mysterie

 

kgjahpm.jpg

 

De eerste zin:
De harde wind veroorzaakte een geluid dat deed denken aan een fluitende fluitketel die niet van het gasfornuis is gehaald en droog staat te koken.

De korte inhoud
In april 2010 gebeurt er een ernstig ongeluk op het olieplatform Petronius van Benson Oil Production (BOP) in de Golf van Mexico. Elf werknemers komen om en er ontstaat een groot lek waaruit miljoenen liters olie stromen. De schade aan de natuur en de economie is enorm. Vooral New Orleans – nog herstellende van de orkaan Katrina – wordt hard getroffen. Het aandeel van oliemaatschappij BOP keldert en de overheid start een miljoenenfonds voor de slachtoffers.
In het onderzoek naar de oorzaak van de ramp wordt geconcludeerd dat de veiligheidsvoorschriften niet zijn nageleefd. De voorman van het olieplatform, Jay Nolan, wordt opgepakt en veroordeeld vanwege grove nalatigheid.
Jay Nolan laat het er echter niet bij zitten. Hij schrijft een brief naar het Innocence Project van Walter ‘Wiz’ Griffiths, waarin hij hem vraagt zijn zaak te onderzoeken omdat er sprake zou zijn van een gerechtelijke dwaling.
Griffiths vraagt advocaat Matthew Baldwin om hem te assisteren in deze, in zijn ogen, bijzondere zaak.
In hun onderzoek komen ze erachter dat Nolan het slachtoffer is van een duister spel en staan ze voor de bijna onmogelijke taak om de onschuld van Nolan aan te tonen.


Het volledige rapport
De uit Eindhoven afkomstige Geert-Jan Knoops is een gerenommeerd Nederlands advocaat, die kind aan huis is bij verschillende tribunalen die recht spreken in internationale zaken. Naast zijn drukke Amsterdamse praktijk, doceert hij deeltijds internationaal strafrecht aan de universiteit van Utrecht.

Sinds een aantal jaren waagt deze dubbele doctor in de rechten zich ook aan spannende boeken, waarvan een aantal met de Amerikaanse advocaat Matthew Baldwin in de hoofdrol. Het Petronius mysterie is het derde deel in deze reeks, waarmee de auteur de aandacht wil vestigen op zijn kantoor, dat sinds het begin van dit jaar ook deel uitmaakt van het Innocence Network: de internationale arm van het Amerikaanse Innocence Project, dat zich inzet om onterecht veroordeelden weer op vrije voeten te krijgen.

Op twintig april 2010 komen elf medewerkers van het olieboorplatform Petronius om bij een ontploffing, die leidt tot de grootste milieuramp in de Golf van Mexico. Negen maanden later krijgt Jay Nolan de zwarte piet toegespeeld, wordt hij verantwoordelijk gesteld voor de ramp en veroordeeld tot dertig jaar gevangenis, na belastende verklaringen van enkele van zijn collega’s. Jay Nolan wendt zich tot het Innocence Project om zijn onschuld te bepleiten. Met de hulp van topadvocaat Matthew Baldwin en zijn veldwerker Jeff Esposito wordt al snel een getuige à décharge opgespoord. Maar groot is de verslagenheid als deze een werkongeval niet overleeft. Of was het geen ongeluk en speelt de tegenpartij vuil spel?

Omdat Geert-Jan Knoops ervoor opteerde om het relaas chronologisch op te tekenen worden er in het begin nogal grote tijdsblokken overbrugd met weinig woorden en in korte hoofdstukken. Hierdoor ontstaat een gevoel van lichtvoetigheid, die eigenlijk niet hoort bij een serieuze zaak als de ramp met het BP olieplatform Deep Horizon en zijn gevolgen, dat model stond voor de olieramp in dit boek. Dit gevoel wordt bevestigd door de enorme hoeveelheid witruimte die in het boek aanwezig is: Meer dan tien procent van de bladzijden in Het Pertronius mysterie is volledig … blanco! Het mag dan al papier zijn dat gewonnen is uit hout dat voldoet aan de FSC normen; het blijven veel bomen die voor niets gekapt werden.

Het is de verdienste van de auteur dat hij de mengeling van door oningewijden frequent als saai bestempelde onderwerpen als juridisch getouwtrek, rechtbankgevechten, economie en politiek vlot en licht verteerbaar weet te brengen waardoor Het Petronius mysterie zo de valies in kan om deze zomer geconsumeerd te worden aan een of ander exotisch strand in de zon. Want naast de verhaallijn over het betwisten van de schuldvraag neemt de auteur de tijd om de synergie tussen politieke en economische macht kritisch te ontleden, zonder een moment te vervelen.

Geert-Jan Knoops schreef met Het Petronius mysterie een goed gedoseerde en gevarieerde rechtbankthriller, gecompleteerd met wat actie, waarbij hij er zorgvuldig over waakte zich niet te laten meeslepen door zijn stokpaardjes en aan het doceren te slaan. Het resultaat is een aardig en pretentieloos tussendoortje waar menig lezer mee kan ontspannen, maar dat wat diepgang en serieux mist, want de boodschap die blijft hangen is: wie het spel eerlijk speelt, verliest. En ik denk niet dat dit de bedoeling was...

Het definitieve verdict: 5/10 


EOB.JPG


 

03-04-12

SCHOETERS Gaea - Diggers

 

sgd.jpg


De eerste zin:
Buiten rent een man die weet dat hij gaat sterven, maar het niet begrijpt, naar een deur.

De korte inhoud
Vijfentwintigduizend euro. Om alle restanten van de Eerste Wereldoorlog op een akker in de Westhoek te laten verdwijnen. Natuurlijk weigert archeoloog Arne Overstijns de opdracht. Tot zijn doctoraatsbeurs plots wordt ingetrokken.
Samen met twee jeugdvrienden begint hij te graven. Wanneer de vette klei zijn geheimen prijsgeeft, komen ook de verborgen agenda’s boven. Met elke spadesteek schuiven de morele grenzen op. En dan doen ze de vondst van hun leven. Meteen daarna valt de eerste dode.



Het volledige rapport
De Oost-Vlaamse journaliste en scenariste Gaea Schoeters kan je moeilijk beschuldigen van in meerdere sloten tegelijk te lopen. Als ze iets in haar hoofd heeft gaat ze er volledig voor. Of het nu met haar levensgezel zeven maanden lang per motor de Islamitische wereld doorkruisen is. Of een boek schrijven... De volledige toewijding is er altijd. Uit de dertigduizend kilometer lange reis op twee wielen destilleerde ze een originele en goed onthaalde roadmovie in boekvorm, die de titel Meisjes, moslims & motoren opgeplakt kreeg.

Halfweg 2010 trok ze zich een jaar terug om Diggers op papier te zetten. Vertrekkend van het resultaat van een aantal brainstormsessies voor een vroegtijdig afgevoerd project omtrent een televisieserie over de Eerste Wereldoorlog, werkte ze zich uit de naad om tot een meer dan 600 bladzijden tellend verhaal te komen dat balanceert op de grens tussen thriller en roman en waarin de diggers centraal staan: een groep amateurarcheologen die in de Westhoek naam maakten met het zoeken naar – en opgraven van – artefacten uit de Groote Oorlog. Een activiteit die op veel begrip kon rekenen in de streek, maar een paar jaar geleden door een rechterlijke uitspraak verboden werd.

Diggers, dat “Een kleine Groote Oorlog” als ondertitel meekreeg is bovenal een “coming of age”- roman, waarin de archeoloog Arne Overstijns, die zijn doctoraatsbeurs ziet ingetrokken worden, zich laat verleiden om tegen een riante betaling een perceel grond in de buurt van Zillebeke te gaan ontdoen van alle aanwezige oorlogsmunitie. In zijn hang naar de goede oude tijd, neemt hij twee van zijn oude vrienden – eveneens ex-diggers - mee om de klus te klaren. En dan doen ze een bijzondere vondst in de West-Vlaamse klei, die niet alleen hun onderlinge relaties, maar tevens die van hun grote liefdes onder druk zet…


Het verhaal vangt aan met een dubbele intro, waarin meteen de toon gezet wordt: de auteur probeert haar literaire niveau te bewijzen met een overvloed aan vergelijkingen en profileert zichzelf als een vrouw van de wereld door in een veel te hoge densiteit aan namedropping te doen. Ook de soundtrack van het boek valt hieronder: van Schubert over La Esterella en Vive la fête tot aan Rammstein toe. Of zou het een krampachtige poging zijn om iedereen te plezieren en niemand in de kou te laten staan?

Voor wat betreft het spannende draadje vertrekt Gaea Schoeters van hetzelfde basisgegeven als Tess Gerritsen in Het aandenken: een op het eerste zicht oud lijk dat bij nader onderzoek helemaal niet zo oud blijkt te zijn. Maar om een mooie spanningsboog te handhaven, besteedt de schrijfster te veel tijd aan de relaties tussen de hoofdpersonages onderling en hun respectievelijke liefjes, zonder zelfs maar veel diepgang te creëren.

Achter de sobere, maarmooie cover van Diggers ligt een verhaal waarmee ik moeilijk raad weet. Ik vraag mij al de hele tijd af – en je mag het melodietje van Mega Mindy tijd erbij denken: Is het een roman? Is het een thriller? Nee, dat is niet goed. Het is Gaea Schoeters die haar dingetje doet. Maar ze bevestigt vooral dat het een zeer moeilijke taak is om spanning en literaire ambitie te verenigen tussen een enkele omslag. En dat het een schier onmogelijke taak lijkt om hiermee de echte liefhebber van het spannende boek te overtuigen.

Het definitieve verdict: 4/10

EOB.JPG

22-03-12

SCHOEMANS Roger - Amulet

 

sra.jpg

 

De eerste zin:
In een sloot kon je alles vinden, had Jacky Jamart geleerd.

De korte inhoud
Vlijtingen. De schepbak van een baggerkraan vist een verminkt babylijkje uit een sloot. Het lijk is in stukken gesneden, hoofdje en beide armen ontbreken.
Het journalistenduo Joosten en Schraepen bijt zich vast in de zaak. Heeft kraanman Jacky Jamart iets met de moord te maken? Hun werk wordt ferm bemoeilijkt door ‘barakkenman’ Jeannot, de vervaarlijke grootvader van Jacky en beruchte patriarch van het geslacht Jamart. Eén na één komen de vele duistere geheimen van de familie Jamart boven. Verhalen over moorden
, achterklap, geld en hekserij. En dan komt de afkomst van de vermoorde baby aan het licht: een albinojongetje uit Centraal-Afrika…



Het volledige rapport
De Vlaamse gepensioneerde journalist Roger Schoemans is afkomstig uit het Limburgse Haspengouw, maar zijn werk bracht hem naar de Brusselse rand.
Naast zijn professioneel werk verdiende deze reporten zijn sporen als jeugdauteur en kan hij bijna zijn eerste decennium vieren als misdaadauteur. Voor zijn spannende verhalen keert hij echter terug naar zijn geboortestreek, want hij laat zijn vaste hoofdrolspelers – journalist Piet Schraepen en reporter-fotograaf Geo Joosten – steevast het zuiden van Belgisch Limburg doorkruisen in hun jacht op nieuws.

In Amulet, het achtste boek van de reeks, ligt het zwaartepunt in vierhonderd zielen en twee kastelen tellende landbouwdorpje Gors-Opleeuw. De vondst van een onvolledig babylijkje tijdens het ruimen van grachten zet de dynastie Jamart, een clan van grondwerkers, in het midden van de belangstelling van pers en politie. Ondanks het gebrek aan medewerking, kan de patriarch Jeannot niet verhinderen dat de familiegeheimen aan de oppervlakte komen: moorden, omkoping en belangenvermenging passeren allemaal de revue. En als dan blijkt dat de baby een albino was van Afrikaanse afkomst wordt hekserij aan het lijstje toegevoegd. Maar hoe zit de vork nu eigenlijk echt in de steel?

Dat Roger Schoemans kan schrijven, bewijst hij bij deze nog maar eens: in een zalige stijl met weinig franjes vertelt hij zijn verhaal recht voor de raap, zonder veel energie te besteden aan wat niet belangrijk is. Hierdoor krijgt en houdt hij de vaart gemakkelijk in zijn verhaal, dat ontdaan is van elke pretentie en doorspekt werd met gevatte dialogen. Kortom, Amulet is een leuk geschreven boek, dat leesplezier op de eerste plaats zet.

Deze recht toe, recht aan stijl impliceert natuurlijk ook dat locaties en personages amper uitgewerkt worden. Zo lijkt het wel dat de hoofdfiguren geen privéleven hebben, want op wat aan het werk gerelateerde etentjes na, zijn de twee mannen constant op pad. En zelfs de etentjes vormen geen echte rustpuntjes, want zonder uitzondering zijn ze bedoeld om informatie uit te wisselen met de politie. En laat die nauwe samenwerking tussen de ordediensten en de pers nu net het enige puntje van kritiek zijn: de twee instellingen lijken wel een Siamese tweeling. Maar als de journalisten gaan dicteren waar de rechercheurs moeten optreden en waarom, dan overschrijdt dit mijn inziens net de grenzen van de geloofwaardigheid.

Ik werd ook even ongemakkelijk toen het onderwerp van de zwarte magie ter sprake kwam. Ik ben blijkbaar veel te nuchter om in voodoo en aanverwante zaken te geloven, en even was ik bang dat de auteur de weg op ging van Amerikaanse schrijver Michael Gruber, die van dit hocus pocus zijn handelsmerk maakte. Maar gelukkig bleek die vrees ongegrond.

Tot slot was het bevrijdend om nog eens een niet afgelijnd slot te mogen beleven. Het licht open einde past volledig in de filosofie van het verhaal en voelt daarom perfect bevredigd aan als orgelpunt van dit avontuur.

Met Amulet bevestigt Roger Schoemans ten overvloede zijn kunnen als misdaadauteur en levert hij een origineel verhaal af dat garant staat voor enkele uurtjes leesplezier, met als bonus een inkijkje in een familieclan zoals er in elke landelijke gemeente wel een te vinden is.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


19-03-12

MANDEL Nellie - Blauwe sneeuw

 

mnbs.jpg

 

De eerste zin:
Agent Vargas kreeg het portier van de Toyota-terreinwagen maar met moeite open.

De korte inhoud
Een wrakke vissersboot spoelt aan op een strand van Prince Edward Island met aan boord een zestigtal dode illegale immigranten. Het is winter in dat deel van Canada, wat de zoektocht naar de verdwenen bemanning van de boot bemoeilijkt. Politiechef Arletta Browning kampt met personeelstekort nadat ze haar adjunct Gunt Anderson en de jonge agent Morris ontsloeg na een misgelopen zaak. Toch wil ze de verdwenen bemanningsleden vinden en hen voor de rechtbank brengen.

Anderson en Morris, intussen privédetectives, worden ook bij de zaak betrokken als ze van een advocaat de opdracht krijgen het brein achter de mislukte mensensmokkel te vinden. Hun opdrachtgever handelt echter niet uit menslievendheid, daar komen de beide voormalige rechercheurs al snel achter.
De bemanningsleden hebben ondertussen onderdak gevonden in een verlaten boerderij, van de buitenwereld afgesneden door de sneeuw. Ze willen van het eiland af, maar hun contactpersoon kan (of wil) hen voorlopig niet helpen.
Dan begint een jacht op de bemanning en hun opdrachtgever, waarbij de verschillende partijen niet bepaald op een leven kijken..


Het volledige rapport
Nellie Mandel is een alter ego van Leuvenaar Guido Eekhaut. De auteur reserveerde dit pseudoniem voor een serie boeken die zich afspelen op het Canadese Prince Edward Island, waar het hoofdpersonage Arletta Browning een afdeling van de Royal Canadian Mounted Police korps – kortweg de Mounties – leidt.

Blauwe sneeuw is het derde boek in de reeks. Hierin loopt een gammele vissersboot vast op de kust van het eiland. Als de politie polshoogte neemt vinden ze geen spoor van de bemanning, maar wel een ruim vol levenloze lichamen van mensen die illegaal Canada probeerden binnen te komen. Arletta Browning en haar team openen de jacht op de mensensmokkelaars die zich gehinderd door het slechte weer wellicht nog op het eiland verschuilen. Maar de politie is niet de enige partij die achter de bemanning aan zit. Een onbekende neemt de privédetectives Gunt Anderson en Clive Morris, die vroeger nog onder Arletta Brownings bevel gewerkt hebben, in dienst om de onfortuinlijke mensenhandelaars te lokaliseren. 

Met Blauwe sneeuw lijkt de scheiding te vervagen tussen het werk dat Guido Eekhaut uitbrengt onder zijn eigen naam en datgene wat verschijnt onder het pseudoniem Nellie Mandel. Niet alleen ontbreekt ditmaal het speciale, gemoedelijke huishoudelijke sfeerje waardoor het zo aangenaam toeven was in Rode aarde en Grijze herfst. Ook vertoont dit werk een basisstructuur die opvallend veel lijkt op die van Jalena, het derde werk in de Wolven reeks, dat slechts een dikke maand eerder verscheen dan dit boek. Het lijkt erop dat de auteur twee boeken gepuurd heeft de voorbereiding van slechts één boek, waarbij de vraag opkomt of een pseudoniem plagiaat kan plegen bij zijn geestelijke vader…

Blauwe sneeuw is in wezen in plotgedreven roman, waarin meerdere partijen jacht maken op dezelfde mensen, die op hun beurt wild om zich heen slaan. De meeste personages en de gebruikte locaties zijn ondergeschikt aan de actie. Zelfs de terugkomst van de twee personages die op het eind van vorig boek uitgerangeerd werden, voelt onwennig aan.

Nu de magie afwezig blijft, is Blauwe sneeuw een politieroman geworden zoals er dertien in een dozijn zitten. Gelukkig heeft het verhaal genoeg vaart en bevat het actie en plotwendigen waardoor het zich nog kan handhaven in de middenmoot. Goed, maar ook niets meer. En laat het nu net dat stukje meerwaarde zijn dat gemist wordt.

Het definitieve verdict:
6/10

EOB.JPG


 

20:32 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: mandel_nellie, nederlandstalig, belgië, 6, drama, policier, serie |  Facebook |

06-03-12

VAN DEN HEUVEL Aad - De vuile bom

 

vdhadvb.jpg

 

De eerste zin:
Overal langs de smalle weg werd gevochten en geschreeuwd.


De korte inhoud
Het is 2008. Luitenant Leo Vos, op missie in Uruzgan, wordt tijdens een van zijn laatste patrouilles in een hinderlaag gelokt. In het heetst van de strijd redt hij een jongen van de dood, die de zoon blijkt te zijn van een invloedrijk Afghaans parlementslid. Uit dank speelt deze informatie door aan luitenant Vos over een beoogde aanslag op een doelwit in Nederland. Een vuile bom, een explosief met radioactief materiaal, blijkt al onderweg te zijn. Zorgvuldigheid en haast zijn geboden.


Het volledige rapport
Aad van den Heuvel verdiende zijn professionele sporen als journalist, reportagemaker en televisiepresentator. Sinds zijn pensioen verdeelt hij zijn tijd tussen een woonboot in Nederland en een villa in het Spaanse Marbella. Sinds de jaren tachtig van vorige eeuw waagt de man zich regelmatig aan een boek en een aantal daarvan behoren tot de spannende boeken. De meeste ervan hebben een link met een of ander facet van de wereldproblematiek, waarbij politiek en terrorisme dankbare onderwerpen zijn, wat niet verbazend is gezien de achtergrond van de auteur.


Zo ook in De vuile bom waarin de Nederlandse militair Leo Vos in Afghanistan een paar lokale tieners redt uit een hinderlaag van de Taliban. Als tegenprestatie krijgt hij informatie toegespeeld over de plannen van een terroristische organisatie om een vuile bom te laten ontploffen in Nederland. Een wedloop tegen de tijd begint om deze actie te verijdelen.

Net als in zijn voorganger De oorlogsverslaggever hanteert Aad van den Heuvel ook ditmaal een zeer realistische, bijna journalistieke manier van schrijven wat resulteert in een vrij sec verteld, onderhoudend verhaal met een hoge geloofwaardigheidsfactor. De vuile bom komst wat te traag op gang, maar eenmaal de machinerie aan het rollen is, vliegt het hoofdpersonage, in het spoor van de terroristen, de halve wereld rond: vanuit Afghanistan, over Pakistan, Turkije en Griekenland, naar Nederland waar de ontknoping volgt. Het was wel grappig dat zelfs een niet-Nederlander, zoals mezelf, geen enkel probleem had de specifieke eindbestemming van de bom te raden, terwijl de veiligheidsdiensten AIVD en MIVD er in het boek maar niet in slagen het speldje op de juiste plaats te prikken op de kaart van Nederland.

De lineaire plot die de acties en reacties serieel aan elkaar rijgt, valt wat mager uit, maar dat wordt doeltreffend gemaskeerd door een meer dan voldoende hoge dosis actie, waar Leo Vos, als een kat met negen levens, doorheen slalomt.

Met De vuile bom heeft Aad van den Heuvel een rasecht, maar atypisch actieverhaal afgeleverd waarin het, ondanks de eenvoudige structuur, enkele uurtjes aangenaam vertoeven is.

Het definitieve verdict:
7/10

EOB.JPG


04-03-12

FELIERS Anja - Hou van mij!

 

fahvm.jpg

 

De eerste zin:
Ergens in het gebouw sloeg met veel kabaal een deur dicht.

De korte inhoud
Kathleen is psychologe en docente en woont samen met Julie, haar tienerdochter. Haar leven verloopt vlekkeloos, tot Matthias, een twintigjarige student, avances maakt. Kathleen wijst hem af. Vanaf dan lijkt alles voor haar verkeerd te lopen. Even later vertelt Julie haar dat ze smoorverliefd is op deze Matthias. Bij Kathleen slaan de stoppen door.


Het volledige rapport
Veertig jaar geleden werd Anja Feliers in Bilzen geboren, maar haar jeugd bracht ze door in het Limburgse grensdorpje Rekem. Haar huwelijk bracht haar weer naar haar geboortestad waar ze nog altijd woont.

In 2004 debuteerde deze lerares Nederlands als jeugdauteur en later publiceerde ze ook werkjes voor beginnende lezers. In 2010 betrad ze met Verleid me voor het eerst het volwassenensegment. Het boek bleef niet onopgemerkt, want het werd beloond met de bronzen plak bij de Crimezone publieksprijs 2011 in de categorie debuten. Eind vorig jaar verscheen Hou van mij!, haar tweede spannende boek.

Hierin maken we kennis met Kathleen Verlinden, een gescheiden psychologe, docente en moeder van Julie, een dochter van zeventien. Een vreemde avondlijke ontmoeting met Matthias, een van haar leerlingen lijkt het einde in te luiden van haar rustige leven in het pittoreske Oud-Rekem, want alles wijst erop dat Kathleen geviseerd wordt door een stalker. Matthias is de voor de hand liggende verdachte en als dochter Julie hem op een avond voorstelt als haar vriendje, stort Kathleens wereld helemaal in. Nu moet ze zowel haar dochter als de politie met overtuigende bewijslast proberen te overhalen van haar gelijk. Maar de vraag is of ze het wel bij het rechte eind heeft…

Met haar tweede titel in de gebiedende wijs, blijft de auteur trouw aan het haar concept, waarin liefde en relaties de hoofdthema’s vormen. Hou van Mij! verhaalt, met Kathleen als eerste persoon enkelvoud, over stalking en wat dat met een mens kan doen, waarbij vooral de impact op het slachtoffer wordt belicht. Op realistische wijze wordt beschreven hoe een zelfzekere persoon door een paar incidenten wegkwijnt tot een bange wezel, die enkel nog gedreven wordt door paranoia om daarna de kracht te vinden om terug te vechten.

Dit alles wordt geserveerd met een smakenpalet dat varieert van zeemzoet tot bitterzoet, wat doet uitschijnen dat er vooral op een vrouwelijk publiek gemikt wordt. Hou van mij! leunt qua stijl zeer dicht aan bij onder andere Stuk van Judith Visser, want beide boeken situeren zich op de grens tussen literatuur voor volwassenen en die voor adolescenten. Enkel naar het einde toe wordt het wat grimmiger om te resulteren in een zeer origineel gevonden eindspel.

De plot werd goed overdacht en werd met zorg uitgeschreven. De lezer wordt constant en op professionele wijze zand in de ogen gestrooid door onderweg zowat elk personage dat een figurantenrol ontstijgt, te omkaderen met de nodige verdachtmakingen.

Als locatie tijdstil kiest Anja Feliers Oud-Rekem in 2008, een plaatsje dat in dat jaar werd verkozen tot mooiste dorp van Vlaanderen. En hoewel ze die status meermaals benadrukt, voegt dit gegeven weinig meerwaarde toe aan het verhaal. Het pittoreske gehuchtje blijft een beetje verweesd achter en had een grotere rol mogen toebedeeld krijgen en de inwoners ervan moeten zeker geen stormloop van lezers vrezen, die het plaatsje absoluut willen bezoeken.

Met Hou van Mij! bevestigt Anja Feliers haar kunnen maar anderzijds betekent het ook geen grote stap voorwaarts tegenover haar eerste boek. Iedereen die genoten heeft van Verleid me kan echter blindelings ook Hou van mij! aanschaffen in de wetenschap dat ze er minstens evenveel plezier aan zullen beleven.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG


28-02-12

EEKHAUT Guido - Wolven: Jalena

 

egwj.jpg


De eerste zin:
Moskou en regen: een combinatie die in oktober voor bewoners en regelmatige bezoekers van deze stad vanzelfsprekend was.

De korte inhoud:
Jalena Giorgadze is jong, aantrekkelijk en als huurmoordenaar in dienst van de Russische petro-oligarch Dimitri Vasilikov. Wanneer ze een bom in de flat van een dissidente journaliste doet ontploffen, en zo ook de twee dochtertjes van de vrouw om het leven komen, wil Jalena niets meer met haar opdrachtgever te maken hebben. Hij van zijn kant wil haar niet laten gaan omdat ze al zijn geheimen kent.
Jalena ontkomt zelf aan een aanslag en vlucht naar Antwerpen. Plots hebben een heleboel mensen interesse voor haar: de Russische veiligheidsdiensten FSB en de handlangers van Vasilikov.
In Antwerpen wordt Ecofin gealarmeerd, nadat Jalena uit wraak de lokale medewerkers van Vasilikov ombrengt. Perseyn en zijn team krijgen hulp van twee ongewone FSB-agenten en gaan achter Jalena aan. Het begin van een vreselijk spel van wraak en verraad waarbij ook de leden van het Ecofin-team persoonlijk raken. Uiteindelijk wordt de rekening vereffend in een bevroren bos in de buurt van Moskou.


Het volledige rapport
:
De uit het Leuvense afkomstige, en in de bankwereld werkzame, Guido Eekhaut ontpopte zich de laatste jaren tot een veelschrijver. Zo verschenen er in 2011 niet minder dan vijf titels van zijn hand, waaronder de spannende boeken Vulkaan, de stationsroman Demon in Leuven, het onder het pseudoniem Nellie Mandel verschenen Blauwe sneeuw en het derde en laatste deel in de Wolven-reeks: Jalena.

Deze reeks is een multimediaal samenwerkingsproject tussen de Vlaamse televisieomroep één , uitgeverij Manteau en filmproducent Prime Time, waarin de Antwerpse cel van politiedienst economische en financiële criminaliteit, afgekort Ecofin, centraal staat.

In dit derde boek, dat in een felgroen jasje gestoken werd, krijgt Antwerpen af te rekenen met Jalena Giorgadze, een Russische huurmoordenares op de vlucht, die haar zus en enige familielid bezoekt. Als die zus door trawanten van haar vroegere baas, de meedogenloze zakenman en oliebaron Dimitri Vasilikov, op straat wordt neergeschoten, kent Jalena maar een antwoord: wraak. Systematisch begint ze de medewerkers van de Antwerpse afdeling van Vasilikovs economische imperium om te brengen. Maar haar acties wekken de interesse van verschillende slapende honden: Dimitri Vasilikov, die haar het zwijgen wil opleggen omdat haar kennis zijn ondergang kan betekenen; de Russische geheime dienst FSB, die hoopt via haar diezelfde Vasilikov ten gronde te kunnen richten en Ecofin, dat van rechtswege reageer. Een jacht begint waarbij alle deelnemende partijen afwisselend jager en prooi worden.

Dit verhaal begint onder een slecht gesternte, want de twee kinderen, die ongepland slachtoffer werden van Jalenas aanslag en waarvan ze de schuld bij haar opdrachtgever wil leggen, zijn eigenlijk slechts het gevolg van haar eigen falen, want ze verliet haar observatiepost even en miste zo hun thuiskomst. Zo wordt Jalena meteen een boek dat er niet had moeten zijn.

Los daarvan is dit werk geschreven op een routine die voortkomt uit jaren ervaring. En dat is jammer want het is algemeen geweten dat auteur beter kan. Getuige daarvan is vooral zijn kwalitatief hoogstaande Nellie Mandel reeks. De typerende elementen, zoals gedegen manier van schrijven en het ontbreken van elke vorm van humor, maken het dan weer herkenbaar als een echt verhaal van Guido Eekhaut.

Een teveel aan dodelijke slachtoffers kan een zwakke verhaalstructuur niet verhullen en de explosieve, maar totaal van de pot gerukte ontknoping laat alle denkbare alarmen die de grenzen van de geloofwaardigheid bewaken, in werking treden. Het enige lichtpunt in deze plot is dat de auteur afstapt van het veelvuldig gehanteerde “eind goed, al goed” principe. Zo spaart hij zijn publiek niet en laat hij al eens een slachtoffer vallen dat zijn lezers nauw aan het hart ligt. Het is trouwens niet voor het eerst dat hij zo’n plotwending inplant.

Hoewel de auteur het in alle toonaarden ontkent, kan ik mij niet van de indruk ontdoen dat te veel publiceren ergens toch een negatieve invloed heeft op de kwaliteit van het geleverde werk. Het boek Jalena lijkt hier dan ook een schoolvoorbeeld van te zijn.

Het definitieve verdict: 4/10

 

EOB.JPG


12-02-12

DEFLO Luc - Phobia



dlp.jpg

 

De eerste zin:
’t Leven kan schoon zijn, dacht Dirk Deleu, anders een piekeraar en allesbehalve een ochtendmens.

De korte inhoud
6 u 15. Mechelen Noord. Berm van de autosnelweg. Een vroege wandelaar en zijn hondje vinden het lijk van een jonge vrouw. Ze ligt op haar rug, de benen onder haar plooirokje in een onnatuurlijke kromming, alsof ze niet van haar zijn, alsof ze willen wegrennen.
De kleren van het dode meisje liggen op een roestvrijstalen tafel. Haar slipje is roze, met zilveren hartjes. Als tijdens de autopsie blijkt dat er geen sporen zijn van extern geweld door een derde partij en dat het meisje is gestorven van angst, staan rechercheurs Dirk Deleu en Nadia Mendonck voor een raadsel. Hoe kon Kate Verdickt, een normale twintiger, zichzelf verminken tot ze in shock ging? En belangrijker waarom heeft ze dat gedaan?


Het volledige rapport
De naar Brussel uitgeweken Mechelaar is een vaste waarde in de Nederlandstalige misdaadliteratuur. In een tijdspanne van dertien jaar schreef hij achttien thriller bij elkaar, waarmee hij grossierde in nominaties en als kers op de taart met Pitbull de Hercule Poirotprijs 2008 uitgereikt kreeg. Phobia is het twaalfde en meest recente verhaal uit de reeks met het Mechelse speurderskoppel Dirk Deleu en Nadia Mendonck en hun onderzoeksrechter Jos Bosmans.

Als bij het ochtendgloren een fel toegetakeld lijk van een jonge vrouw wordt gevonden aan de rand van de autosnelweg staan de speurders voor een raadsel zoals ze er nog nooit een zagen: de lijkschouwing wijst uit dat er geen andere mogelijkheid is dan dat het slachtoffer is overleden aan pure angst. Enkel een aantal postmortale verwondingen lijken erop te wijzen dat er meer aan de hand is dan enkel een verdacht overlijden.

De basis van Phobia vertoont opvallende gelijkenissen met een ander boek dat zowat op het zelfde moment verscheen, namelijk Ik maak je kapot van Bart Debbaut. In beide boeken is een praktijk van een psychiater de schakel die de slachtoffers met elkaar verbindt. Maar deze overeenkomst is louter toevallig, want de ideeën die aan de basis liggen van beide verhalen zijn van totaal verschillende aard, zo lieten de auteurs mij op simpel verzoek weten. Ondanks het feit dat de rechercheurs en detectives constant het tegendeel beweren, blijkt toeval dus wel te bestaan. En de verschillen in de uitwerking van de plot van beide policiers staaft deze laatste bewering volmondig.

Phobia handelt over fobieën allerhande, maar de focus ligt toch op de speurders en hun onderzoek. Zo zit er enerzijds al een tijdje amper evolutie in de relatie tussen Dirk Deleu en Nadia Mendonck. De grootste noemenswaardige verandering is dat Dirk Deleu mee evolueert met zijn tijd en zijn traditionele sigaret inruilde voor een elektronisch exemplaar – Een beetje zoals Lucky Luke al een paar jaar door het leven gaat met een grasspriet in zijn bek. Anderzijds benut de auteur de angsten van de slachtoffers niet ten volle om spanning op te bouwen of verder op te voeren. Een gemiste kans om zijn publiek op het randje van de stoel te krijgen. Phobia is een klassieke politieroman geworden, maar had zoveel meer kunnen zijn als het verhaal deels ook verteld werd vanuit het gezichtpunt van de lijdende voorwerpen.

Toch leverde Luc Deflo met Phobia een zeer degelijke policier af, die qua sfeer goed aansluit bij zijn vroegere werk, en dus minder specifiek gericht is op een vrouwelijk publiek dan de recentste voorgangers Lust, Jaloezie en Prooi. Mede daardoor voelt dit verhaal een pak robuuster aan.

Het definitieve verdict: 7/10

 

EOB.JPG


02-02-12

DEBBAUT Bart - Ik maak je kapot

 

dbimjk.jpg

 

De eerste alinea:
De avond kleurde donkerrood toen Guido Ponsaerts e deur van de vergaderzaal achter zich dichtsloeg.

De korte inhoud
‘Ik maak je kapot.’ Die zin.
Vier woorden. Vlijmscherp. Pijnlijk duidelijk. Elke keer opnieuw.
Waarna hij uithaalde. Snoeihard. Elke keer opnieuw.
Soms met een enkele klap. Soms minutenlang.
Soms waren de klappen minder erg dan de woorden.
De woorden. Die vermoordden.
Die blijvende letsels veroorzaakten: krassen, kerven, snijwonden.
Dat kon niet blijven duren. Dat mocht niet blijven duren
Dat moest en zou hij een halt toeroepen. Eens en voor altijd..


Het volledige rapport
De overgang van het eerste naar het tweede decennium van de eenentwintigste eeuw luidde een periode van veranderingen in voor de Zoutleeuwse auteur Bart Debbaut. Met het ronden van de kaap van veertig levensjaren zouden zij die de man niet kennen zelfs durven gewag te maken van een opkomende midlifecrisis. Maar zij die beter weten, zullen bevestigen dat gedrevenheid aan de basis ligt van de ommekeer:. Zo ruilde hij niet alleen de uitgeverij Kramat, waar zijn eerste twee spannende titels verschenen, in voor Manteau, dat beschouwd wordt als het Mekka voor de Vlaamse misdaadauteurs. Maar tevens zei Bart Debbaut het bankwezen, waarin hij zich bijna twintig jaar als een vis in het water voelde, vaarwel om samen met zijn vrouw in Tienen een kledingzaak in mannenmode uit te baten.

Zijn vierde politieroman met de Leuvense speurders Leyssens en Van Cattendyck kreeg de titel Ik maak je kapot mee. Hierin wordt de directeur van een cosmeticabedrijfje levenloos teruggevonden op de parking van de firma. Vermoord met 18 messteken, weet de schouwarts te vertellen. Maar verder tast de recherche in het duister. Als wat later het eveneens achttien keer doorprikte lichaam van een ander slachtoffer gevonden wordt op de parking van een wegrestaurant, zien Leyssens en zijn team zich genoodzaakt het onderzoek van bij het begin over te doen, want dit lijkt het werk te zijn van een seriemoordenaar. Kunnen ze de dader ontmaskeren voor er een volgend slachtoffer valt?

Wat vooral bij de eerste bladzijden opvalt, is de ongebruikelijke hardheid van de conversaties tussen de politiemensen en de burger. Deze crue dialogen, die gespeend zijn van enige vorm van takt of gevoel, komen zo grof over dat het connotaties oproept aan de bezetting. De politie, uw vriend, is ver te zoeken. Zeker als er later ook nog een portie sarcasme door gemengd wordt. Zo ontstaat van meet af aan een negatief sfeertje.

En die sfeer wordt consequent doorgetrokken naar de interactie tussen de leden van de verschillende families die in het verhaal voorkomen: ongelukkige huwelijkspartners zijn legio en als man en vrouw wel eens een keer op dezelfde lijn zitten, gooien de opgroeiende kinderen wel roet in het eten. De harde titel dekt de lading wel.

Ik maak je kapot kan gelukkig prat gaan op een zeer degelijke plot, en tijdens het uitschrijven weet de auteur de lezer professioneel te sturen, zonder voortijdig ook maar het minste zicht te bieden op dader of motief. Daarenboven schudt hij, om de verrassing compleet te maken, op het einde nog een mooie plotwending uit de mouw.

Maar zelfs het perfecte plot is nog geen garantie op een perfect boek. Zo is het algemeen geweten dat seks verkoopt, maar als Leyssens en Van Cattendyck, die zowel professioneel als privé elkaars partner zijn, meer worden geportretteerd in hun slaapkamer dan tijdens het politieonderzoek, is het toch net van het goede teveel. Toegegeven, seks en misdaad gaan in de literatuur al jarenlang hand in hand, maar de verhoudingen moeten wel kloppen. De lezer die meer geïnteresseerd is in de bedgeheimen van een koppel, zal zich wellicht werken uit een ander genre aanschaffen in plaats van een spannend boek op zoek te gaan naar een blote borst. Ook lijkt er een zekere vermoeidheid op te treden bij de redactie, want naar het einde toe zijn er teveel foutjes tussen de mazen van het net geglipt, zoals onder andere de oranje mapjes die opeens geel blijken te zijn.

Met Ik maak je kapot haal je zes auteurs in huis voor de prijs van een: de cover met het silhouet van een man in een deuropening die belicht is langs achter lijkt zo weggelopen uit de reeks boeken van Christian De Coninck; de nietszeggende flaptekst – eigenlijk niets meer dan een uittreksel uit het boek - zou mooi in het rijtje staan van die van Stan Lauryssens; de verhaallijnen zouden ontstaan kunnen zijn aan het brein van veelschrijver Pieter Aspe; de rauwe schrijfstijl leunt erg dicht aan bij een Deflo die alle remmen losgooit en tot slot een plot waar Agatha Christie fier op zou geweest zijn. Rest alleen de vraag waar de eigenheid van Bart Debbaut naartoe? Hopelijk is ze niet verdwenen met het wisselen van decennium.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG


31-01-12

ASPE Pieter - Solo

 

aps.jpg


De eerste alinea:

Hoeveel mensen werden ’s nachts wakker met de gedachte: ik heb zin om iemand te vermoorden?

De korte inhoud

Brugge wordt opgeschrikt door een wel heel lugubere moord: een argeloze voorbijganger vindt het onthoofde lichaam van een man van middelbare leeftijd. Uit de lijkschouwing door de arts met de onuitspreekbare Poolse naam blijkt dat het gaat om een onthoofding met de guillotine.
Al gauw komen de speurders erachter dat het slachtoffer burgemeester was van een Brusselse faciliteitengemeente. Bijna als vanzelf zoeken ze de verdachte in Vlaamse extreem-rechtse kringen. De moord lijkt een duidelijke provocatie aan het adres van belgicistische politici.
De zaak wordt complexer wanneer een tweede – al even brutale – moord gepleegd wordt op een militant van het Vlaams Belang. Hangen de moorden samen? En zo ja, wat zijn de overeenkomsten tussen beide slachtoffers? Het oplossen van de moorden is voor Van In en Versavel even ingewikkeld als het ontwarren van het Belgische communautaire kluwen.



Het volledige rapport
De Brugse – of moeten we tegenwoordig Blankenbergse zeggen – auteur Pieter Aspe blijft er jaar in jaar uit maar in slagen om zowat om de zes maanden een nieuwe titel in de winkelrekken te laten verschijnen. Solo is al het negenentwintigste deel in de reeks met de Brugse speurder Pieter Van In en zijn entourage.


In Solo wordt Van In geconfronteerd met een moord die beroering zorgt tot in de Brusselse Wetstraat. De druk om de moordenaar van de Linkebeekse burgemeester zo snel mogelijk op te pakken is enorm. Vooral omdat er geen enkele bruikbare aanwijzing te vinden is. Een tweede moord, die eveneens politiek gekleurd lijkt te zijn, brengt daar geen verandering in, en de nationale politici laten de Brugse speurder vallen als een baksteen. Maar Van In zou Van In niet zijn als hij bij pakken zou blijven zitten. Met de vasthoudendheid van een pitbull bijt de keikop zich in de zaak vast, vastbesloten deze tot een goed einde te brengen.

Voor zover ik het mij goed kan herinneren is het de eerste maal in de vijftien jaar dat deze serie al loopt, dat een gegeven uit een vorig boek een gevolg heeft in een volgende titel. Solo lijkt het begint te zijn van een nieuwe wind die door de reeks zal waaien, want we nemen hierin alvast afscheid van twee vaste personages die al een hele tijd meedraaiden, nadat we in Postscriptum, het vorige boek al kennis maakten met een nieuwe hoofdcommissaris

Maar dit nieuw elan lijkt zich enkel te beperken tot soapgevoel van de serie. Wat het spannende aspect betreft, overschrijdt de auteur tot tweemaal toe de grenzen van de geloofwaardigheid, door eerst en vooral een dader op te voeren die op latere leeftijd, zonder voorgeschiedenis, even beslist seriemoordenaar te worden en na het lezen van wat naslagwerken daaromtrent aan de slag gaat als een volleerd sadist. Een twee misstap wordt begaan als een profiler, die aan het onderzoek meewerkt opeens de leiding van het politieonderzoek naar de staatsvijand nummer een in de handen geworpen krijgt. Het moge duidelijk zijn dat de personages eigen aan dit verhaal niet tot de geloofwaardigste uit de carrière van de auteur behoren.

Maar ondanks het feit dat alle alarmbellen betreffende de geloofwaardigheid aan het rinkelen gaan, is het Pieter Aspes verdienste dat hij er mede door zijn vlot taalgebruik, laagdrempelige schrijfstijl en goede verhaalopbouw in slaagt de lezer niet voortijdig te laten afhaken; meer nog, hem enkele uurtjes aangenaam en pretentieloos leesvertier bezorgt.

Hoewel de titel anders laat vermoeden, doet Pieter Aspe het in Solo niet helemaal op zijn eentje, want voor sommige aspecten van het verhaal is hij gaan leentjebuur spelen bij het invloedrijkste personage van zijn Amerikaanse collega Thomas Harris: Hannibal Lecter.

Het definitieve verdict:
6/10


EOB.JPG


30-01-12

ASPE Pieter - Postscriptum

 


app.jpg


De eerste alinea: 
‘Zeg die madam dat ik geen tijd heb.’

De korte inhoud
Jean-Pierre Vandamme, een pelgrim die te voet onderweg is naar Santiago de Compostella, wordt in Frankrijk vermoord. Twee dagen later ontsnapt Mad Max, een notoire misdadiger, met de hulp van twee kompanen uit de gevangenis van Brugge. Livia Beernaert, de vriendin van Jean-Pierrre Vandamme, beweert dat er in de kluis van Jean-Pierre, een enorme goudschat ligt. Het goud zou afkomstig zijn van de oom van Jean-Pierre, een huurlingenleider die zich in de jaren zestig aansloot bij de Katangese gendarmes van Tshombe. Livia waarschuwt Van In eveneens voor de hebzucht van de familie Vandamme. De dag daarna komt ze in zeer bizarre omstandigheden om het leven.

Het onderzoek verloopt moeizaam en stuit op veel weerstand van de stafhouder van de Brugse balie. Tot Van In het verband ontdekt tussen de moorden en een onfrisse zaak uit het koloniale verleden van België.


Het volledige rapport
Pieter Aspe behoeft geen voorstelling meer in Vlaanderen. De familienaam van dit pseudoniem is een herkenbare merknaam op zich geworden, door de vele boeken en de serie op de commerciële televisie, bereikt hij een enorm groot publiek. Met Postscriptum leverde de auteur al het achtentwintigste deel af in de serie met de Brugse speurders Van In en Versavel.

In dit werk wordt Compostella-pelgrim Jean-Pierre Vandamme in het noordwesten van Frankrijk vermoord. Het onderzoek spitst zich toe op de geruchten dat Jean-Pierre in het bezit is van een goudschat, die hij in zijn bezit kreeg via zijn oom Jacques, een ondertussen overleden koloniaal die na de Congolese onafhankelijkheid nog tegen het regime aldaar ten strijde trok. En Van In denkt dat hij de sleutel tot de ontknoping van dit mysterie ook in die woelige jaren zestig van de vorige eeuw kan vinden.

Na vijftien jaar lang zowat elke zes maanden een nieuwe titel af te leveren wordt het steeds moeilijker om steeds weer met een origineel verhaal op de proppen te komen. Het lijkt erop dat er twee ideeën die aan de basis van Postscriptum liggen: het Man bijt hond item Weg naar Compostella, waarin reporter Arnaut Hauben Vlaanderen op de hoogte hield van zijn tocht naar het Spaanse bedevaartsoord en het lezen van het uit 1972 daterende boek De gesloten kamer van het Zweedse koppel Sjöwall en Walhöö.

Om die twee zaken met elkaar te verbinden, heeft Pieter Aspe een voor zijn doen zeer uitgebreide plot uit zijn mouw geschud, zonder zijn stokpaardjes te verloochenen. Het geheel laat de lezer met een dubbel gevoel achter. Enerzijds zijn alle vertrouwde ingrediënten die aan de basis liggen van Aspes populariteit aanwezig. Maar anderzijds begint de routine opvallend aan de oppervlakte valt het routineuze op: sommige aspecten van de plot zijn voorspelbaar en Van In stoomt door het boek op een dieet van sigaretten en Duvel. Ook ligt Joinville, de plaats waar de wandeling van Jean-Pierre Vandamme vroegtijdig afgebroken werd, in noordoost Frankrijk, wat een heel stuk uit de richting is voor een Compostella-pelgrim die vanuit Brugge of omgeving vertrekt.

Aspe is Aspe, en dat blijkt ook nu weer. De trouwe volgelingen krijgen wat ze verwachten en de criticasters kunnen hun zelfde pijlen van kritiek weer afschieten. Postscriptum past volledig in dit straatje en zal zich - met trouwens een leuke rol voor Bart De Wever, die zich even premier mag wanen – zonder probleem tussen de eerder verschenen avonturen van de Brugse speurders kunnen handhaven, zonder een topper te zijn.

Het definitieve verdict: 6/10

 

EOB.JPG


16:24 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: aspe_pieter, nederlandstalig, belgie, 6, policier, whodunit, serie |  Facebook |

21-01-12

CLAES Jo - Het oog van de naald

 

cjhovdn_BK.jpg

 

De openingszin: 
Lesgeven, had iemand ooit beweerd, was nepparels voor de echte zwijnen gooien..

De korte inhoud
Max Verulus, leraar aan het Heilig-Hartinstituut in Heverlee, wordt aangeklaagd wegens intimidatie van een leerling. De ouders van het meisje eisen een tuchtmaatregel, de directie tracht de gemoederen te bedaren, de leerkrachten reageren verdeeld. Kort daarna wordt er een vrouwelijke collega dood aangetroffen in de kelders van de school.

Thomas Berg, hoofdinspecteur bij de Leuvense politie, probeert de misdaad op te lossen. Hij moet zich daarbij een weg banen door en kluwen van professionele conflicten en seksuele intriges. Wanneer een week later een tweede slachtoffer valt, wordt de zaak nog gecompliceerder.
Terwijl Berg de handen vol heeft met het ontrafelen van de dubbele moord, wordt hij zelf het mikpunt van een stalker die zijn prille relatie met Manon bedreigt. Alsof dat niet genoeg is, lijkt een angstvallig verzwegen seksueel schandaal op school verband te houden met de twee doden. Het onderzoek mondt uit in een psychologisch steekspel tussen Berg en enkele verdachten.



Het volledige rapport
Voor het vierde boek in de serie rond de speurder Thomas Berg trekt de ingeweken Leuvenaar  Jo Claes naar de plaats waar hij quasi dagelijks een groot deel van zijn tijd besteed: het Heilig-Hartinstituut te Heverlee, waar de auteur zelf voor de klas staat, en dan vooral de catacombeachtige kelders van dit internaat, waar op een ochtend het levenloze lichaam gevonden wordt van Griet Meersman, lerares en kandidate voor de directeursfunctie. Haar collega Max Verulus wordt meteen gebombardeerd tot hoofdverdachte, want sinds de aanklacht wegens onprofessioneel gedrag tegen hem, staan de twee lijnrecht tegenover elkaar, worden de confrontaties telkens op de spits gedreven en wilde Griet zijn bloed zien.
Thomas Berg staat voor een moeilijke taak als hij moet vaststellen dat de getuigen de goede reputatie van de school laten primeren op hun volle medewerking om de moord op te lossen. En tegelijk wordt Bergs aandacht afgeleid door een stalker, die hem zijn nieuwe liefdesgeluk niet lijkt te gunnen.

Door deze vertrouwde thematiek te gebruiken, biedt de auteur zichzelf meteen een kapstok aan om een aantal filosofische beschouwingen alsook wat bedekte en milde kritiek omtrent het onderwijs in al zijn facetten, aan op te hangen.

Trouw aan zijn principes neemt Jo Claes ook ditmaal ruimschoots te tijd om het verhaal echt op gang te schieten. Net als in de Dakar waar de echte chronorit meestal voorafgegaan wordt door een zogenaamde verbindingsrit, komt Het oog van de naald traag op gang door een lange inleiding met vele nauwelijks ter zake doende beschouwingen, maar die wel ruimschoots de mogelijkheid biedt om te wennen aan zijn zalige, kabbelende, manier van schrijven, die de lezer even comfortabel pas als een op maat gemaakt pak.

Het spannende aspect van Het oog van de naald doet erg denken aan de succesformule die jarenlang beproefd werd door de Britse Agatha Christie en ondertussen verworden is tot de klassieke whodunit: een moord, een speurder, een voor de hand liggende verdachte, meer dan genoeg nevenverdachten en een onverwachte dader. Alleen moet de auteur deze keer de plot in net iets teveel bochten wringen om met dit verhaal zelf tot de klassiekers te gaan behoren.

Het oog van de naald bewijst de eigenheid van Jo Claes, die er ondanks veel verhaaltechnische gelijkenissen, toch weer in geslaagd is zich te positief te onderscheiden van de grote namen van de Vlaamse misdaadliteratuur en er zelfs kwalitatief beschouwd bovenuitsteekt. Dankzij de stijl die de auteur bezigt is ook dit boek weer te klasseren onder het zalige leesvoer.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


07-01-12

VAN DEN HEUVEL Aad - De oorlogsverslaggever

 

vdhado.jpg

 

De openingszin:
Het was de vierde explosie die de Turkse stad Istanbul binnen een week trof.

De korte inhoud
Martin Mendes, een door nachtmerries geplaagde oorlogsverslaggever, onderzoekt de gewelddadige dood van zijn voormailige vriendin die bij een terroristische aanslag in Istanbul om het leven is gekomen. Wat had zij in die stad te zoeken?
Hij komt op het spoor van een duister complot van moslimterroristen, die door de Nederlandse inlichtingendiensten serieuzer worden genomen dan de signalen van een mogelijke aanslag die door rechtse politici en zakenmensen wordt voorbereid. Voor de uitoefening van zijn beroep als oorlogsverslaggever hoeft Mendes niet per se af te reizen naar geelddadige gebieden. Nederland voldoet ook ruimschoots aan de criteria.

Het volledige rapport
De Nederlandse journalist en maker van televisieprogramma’s. Aad van den Heuvel geniet van zijn pensioen in de mondaine Spaanse badstad Marbella. Al geruime tijd zit er tussen de boeken van zijn hand al eens een spannend boek, waarin hij zijn journalistieke ervaring als documentatiemaker en correspondent op locatie in vele brandhaarden nog voluit kan benutten, want steevast legt de inmiddels 76 jaar oude auteur de vinger op politieke hangijzers en wantoestanden. Zowel Het Sahararaadsel als De oorlogsverslaggever werden genomineerd voor De Diamanten Kogel.

In De oorlogsverslaggever worstelt hoofdpersonage Martin Mendes vooral ’s nachts met al het geweld dat hij van nabij mocht meemaken. Net op het moment dat hij wil kappen met zijn job als oorlogscorrespondent, wordt zijn vorige vriendin een van de slachtoffers van een aanslag op het Brits consulaat in Istanbul. Mede op vraag van haar ouders wil hij uitzoeken wat Esther zo ver van huis te zoeken had. Een speurtocht die hem naar Turkije voert, maar de oplossing lijkt toch in Nederland te liggen. Is het moslimterrorisme of extreem rechts geweld dat aan de basis ligt van haat dood? Of beide misschien?

Tegen de historische achtergrond van de aanslagen in Istanbul in 2003 en Madrid in 2004 componeert Aad van den Heuvel een heerlijk fictief verhaal dat leest als een documentaire: een onderhoudend werkstuk van hoogstaande kwaliteit dat niet alleen zonder veel overdrijving en sensatiezucht de honger naar macht en de waanzin van extremisme te kijk zet, maar tevens de aandacht vestigt op de moeilijke taak waarmee de verschillende overheidsdiensten worstelen: het naar waarde classificeren van informatie uit een immense hoeveelheid data, schrijfsels en geruchten en eventuele te nemen acties inschatten, plannen en uitvoeren.

Jammer genoeg ziet de auteur zich genoodzaakt om terug te grijpen naar de klassieke, maar goedkope trucs om zijn spannend draadje tot op het eind van het boek te kunnen doortrekken. Vooral het spelen met namen – echt en valse – en roepnamen wordt veelvuldig gebruikt. Maar eveneens wordt er meer dan tweehonderd bladzijden lang informatie voor de lezer achtergehouden.

Desondanks leverde Aad van den Heuvel, die blijkbaar iets heeft met voornamen die met een M gebinnen, met De oorlogsverslaggever een goed geconstrueerd spannend boek af dat balanceert op de grenzen van de detective, de politieke thriller en het spionageverhaal, maar dat leest als een intrigerende goed gedocumenteerde documentaire. Contradictorisch gesproeken is De oorlogsverslaggever een aangenaam rustpunt in de wervelende wereld van het spannende boek.


Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


31-12-11

VAN DE WALLE Dirk - Zuur bloed

 

vdwdzb.jpg


De openingszin:
‘De Palio,’ zei de man.

De korte inhoud

Rome. In een groezelig kamertje krijgt Morpho Fante, onderzoeksjournalist, een tip van zijn informant. In de stad is een huurmoordenaar gesignaleerd…
Wat heeft die aanwezigheid te maken met de geplande topvergaderingen? Over enkele dagen neemt Italië het voorzitterschap van de Europese Unie over. De ministers komen een eerste keer samen tijdens de Palio, een middeleeuwse paardenrace, in Siena. De gastspreker is George W. Bush sr.
Stof genoeg voor Morpho. Er hangt wat in de lucht… Dreigender dan zijn passionele ontmoeting met de sensuele Eritrese Zdima en haar eeuwig zwijgende vriendin Consuela. Maar er zijn er wel meer die het achterste van hun tong niet laten zien..
Morpho Fante, zoon van een Vlaamse vader en een Italiaanse moeder, wordt het vuur aan de schenen gelegd. Het spoor van de waarheid leidt hem terug naar een pijnlijk verleden en vroegere geliefden, maar ook naar geheime agenten en onfrisse praktijken in de wapenhandel. Al snel blijkt Morpho meer opgejaagd wild dan nieuwsjager te zijn…


Het volledige rapport
De veertig jarige Oost-Vlaming Dirk Van de Walle publiceerde in het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw drie spannende boeken met eenzelfde hoofdpersonage die wel elk bij een andere uitgever verschenen. Tegelijk timmerde deze avonturier aan een professionele managementloopbaan, wat hem vorige zomer als de positie als General Manager Belgium opleverde bij reclamemaker Square Melon.

In Zuur bloed, het middelste boek uit de rij, wordt Morpho Van Damme, die in Italië zijn moeders familienaam Fante aannam, getipt over een mogelijk aanslag in Sienna, waar een politieke top gepland staat. Net voor hij Rome verlaat wordt Morpho tot over zijn oren verliefd op de bloedmooie uit Eritrea afkomstige Zdima Zdarouïssi. Zijn eerste echte liefde sinds hij en de liefde van zijn leven Luna jaren geleden uit elkaar gingen. Groot is zijn verbazing als hij in Sienna de zich in hogere kringen thuisvoelende, Luna tegen het lijf loopt. Te veel toeval is geen toeval meer, denkt Morpho Fante en hij trekt op jacht. Maar al snel beseft hij dat zijn tocht leidt naar zijn persoonlijke en familiale verleden en ondervindt hij aan den lijve dat hij niet alleen jager maar tevens potentieel slachtoffer is.

Dirk Van de Walle schotelt de lezer een vrij complex verhaal voor dat bij momenten moeilijk te volgen is, mede omdat hij ervoor opteerde om meestal de familieleden van het hoofdpersonages niet kenbaar te maken aan de hand van hun namen, maar aan de hand van de familieband. Wel staat er achteraan het boek een stamboom van de familie Vandamme-Fante, maar tegen de tijd dat men die ontdekt, heeft men het verhaal al achter de kiezen. Ook zijn de personages lang niet goed genoeg uitgewerkt om hun acties geloofwaardig over te laten komen.

Gelukkig hanteert de auteur een aangenaam lezende stijl en voorziet hij Zuur bloed van een soundtrack die echt de moeite waard is, waardoor alle gebeurtenissen, die draaien rond persoonlijke geschiedenissen en wapenhandel, toch zorgen voor enig leesplezier. Ook zijn met liefde voor het land gekozen locaties in Sienna en Rome dragen hiertoe bij.

Zuur bloed laat de lezer achter met gemengde gevoelens: enerzijds is er de vertelstijl die potentieel verraad, maar aan de andere kant lijkt de structuur van verhaal niet correct in elkaar te passen en vallen de personages door de mand. Kan beter.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG


02-12-11

THIJSSEN Roel - Operatie Freeborn

 

trof.jpg

 

De openingszin:
Paul Marquand ontwaakte uit het zoveelste hazenslaapje door een hevige aandrang in zijn darmen.

De korte inhoud
Enkele hoge officieren van het Amerikaanse leger besluiten een bevrijdingsactie op touw te zetten, onder de codenaam Operatie Freeborn. Met deze geheime actie willen ze niet alleen Amerikaanse krijgsgevangenen uit de Vietnamese kampen bevrijden, maar ook de Cubaanse en Oost-Duitse ondervragers ontvoeren. CIA-agent Graham Marquand wordt als verbindingsman aan de operatie toegevoegd. Zijn taak is uit te vinden of er zich onder de te bevrijden gevangenen. Landgenoten bevinden die zo zijn gehersenspoeld dat ze als spion naar de eigen linies terugkeren.
Paul Marquand, Graham’s broer, is een van de gevangenen in het kamp. Met hulp van Cubaanse en Oost-Duitse specialisten wordt ook hij onder mensonterende omstandigheden gedwongen zich voor de Noord-Vietnamese oorlogspropaganda in te zetten. Paul probeert niet te bezwijken, wat sommige andere gevangenen wel overkomt, maar om te overleven moet hij wel doen alsof.
Voor Graham staat er veel op het spel. Niet alleen de bevrijding van zijn broer, maar ook zijn carrière bij de CIA staat door zijn contacten met Europese agenten onder zware druk. Zowel in Vientiane als in Vietnam zijn communistische spionnen actief, echte én vermeende. Verraad dreigt van alle kanten. Elke seconde telt, elke beslissing is cruciaal; de missie kan door de kleinste inschattingsfout ook eindigen in de dood…


Het volledige rapport
In het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw publiceerde veel in Vlaanderen verblijvende Nederlander Jeroen Kuypers drie boeken onder het pseudoniem Max Moragie. In 2010 verschool hij zich achter een andere nom de plume om aan te vatten met een trilogie die zich afspeelt in en rond de oorlog in Vietnam: Roel Thijssen was geboren, en zijn eerste kindje kreeg de titel Broederbloed mee.

Een goed jaar later ligt met Operatie Freeborn deel twee van de reeks, die draait rond de broers Paul en Graham Marquand, in de winkels. Het verhaal begint circa twee jaar na het einde van Broederbloed en in 1969 is Graham als CIA-agent operationeel in de hoofdstad van Laos wanneer hij de opdracht krijgt om deel te nemen aan een clandestiene operatie: het ontzetten van een klein krijgsgevangenenkamp in de jungle van Noord-Vietnam. Naast het bevrijden van Amerikanen, moet er ook werk gemaakt worden om een Cubaanse en een Oost-Duitse ondervrager van het kamp op te pakken voor verhoor. Als de missie op het laatste nippertje in gevaar komt omdat de integriteit van Graham getrokken wordt, is deze in alle staten, want hij heeft ondertussen vernomen dat zijn broer Paul zich eveneens in het kamp bevindt.

Hoewel Broederbloed fungeert als een echte inleiding op Operatie Freeborn, kan dit laatste gemakkelijk als een op zichzelf staand boek gelezen worden., want de auteur heeft erover gewaakt dat voorkennis niet noodzakelijk is en de enkele verwijzingen naar het vorig boek zijn zo summier dat ze amper opvallen.

Het recept is hetzelfde gebleven, maar de ingrediënten werden ditmaal anders gedoseerd. Daardoor komt dit middelste deel van de spionagetrilogie veel beter uit de verf dan zijn voorganger. Operatie Freeborn zit boordevol suspense en actie gelardeerd met een streepje droge humor en gepresenteerd in een stijl die garant staat voor enkele uren leesplezier, waarbij de doeltreffende cliffhanger aan het eind ieders nieuwsgierigheid prikkelt om zo snel mogelijk aan het vervolg te kunnen beginnen.

De auteur heeft zeer veel aandacht geschonken aan het opbouwen van een zeer geloofwaardige, weliswaar licht geromantiseerde, sfeer waartegen hij zowat alle mogelijke gemoedstoestanden op zijn personages loslaat. Het is jammer dat die personages zelf uit niet veel meer bestaan dan een paar penseeltrekken.

Samengevat leverde Roel Thijssen met Operatie Freeborn een zeer onderhoudende, kwalitatief hoogstaande militaire spionageroman af, die de lezer al likkebaardend doet uitkijken naar het vervolg.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


20:43 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: thijssen_roel, nederlandstalig, nederland, 7, actie, oorlog, spionage, serie |  Facebook |

19-11-11

THIJSSEN Roel - Broederbloed

 

trb.jpg


De openingszin
De korporaal maakte met zijn ka-bar-mes aan de bovenkant van de zak een opening en liet er wat rijst uitlopen.

De korte inhoud

Graham Marquand heeft het best goed voor elkaar in Vietnam. Van de hete oorlog in de jungle, de rijstvelden en de hooglanden krijgt hij niet zo veel mee. Zijn koude oorlog speelt zich af in de straten van Saigon. Hij leeft zijn relaxte leventje in de schaduw van de vuile oorlog en dankzij illegale handeltjes groeit de stapel bankbiljetten in zijn safe van de Bank of America. Maar dan arriveert zijn jongere broer Paul onverwacht in Vietnam. En Graham komt voor een aantal grote dilemma’s te staan.


Het volledige rapport
De Nederlandse historicus Jeroen Kuypers publiceerde begin deze eeuw al een aantal spannende boeken onder het pseudoniem Max Moragie. Midden vorig jaar zag, onder de pennaam Roel Thijssen, Broederbloed het levenslicht. Dit is het eerste deel van een trilogie die zich situeert tegen de achtergrond van de oorlog in Vietnam. Ook het tweede deel, dat de titel Operatie Freeborn meekreeg, is ondertussen al in de winkelrekken te vinden.

In Broederbloed maken we kennis met de Amerikaanse sergeant Graham Marquand, die met zijn logistieke eenheid ver van het front gelegerd is. Samen met een paar collega’s drijft hij een winstgevend handeltje in softdrugs. Zijn bijna luilekker te noemen leventje verandert echter plots in een tijd vol zorgen door twee bijna simultane gebeurtenissen: hij komt tot de ontnuchterende ontdekking dat zijn jongere broer Paul zich eveneens in het land bevindt, maar dan als frontsoldaat en hij wordt gepolst om actief deel te nemen aan een groots opgezette kunstsmokkel.

Roel Thijssen recreëert een mooi tijdsbeeld van het Vietnam in de jaren zestig, waarbij hij een aantal facetten van de clash der culturen gevat weet te belichten. Het samenleven van deze smeltkroes van nationaliteiten vormt – meer nog dan de oorlog zelf – de basis voor het verhaal van Broederbloed. Daarom kunnen zelfs zij die een grondige afkeer hebben aan oorlogsverhalen zich best wagen aan dit werkstuk, want de auteur gebruikt het oorlogsgeweld zo goed als alleen maar om zich te ontdoen van overbodig geworden personages. Het echte verhaal draait meer rond de persoonlijke verrijking van individuen en instanties allerhande.

Ondanks een aangename schrijfstijl, slaagt de auteur er niet in zijn publiek in het verhaal te zuigen en blijft er een onoverbrugbare afstand tussen lezers en personages. De vinger leggen op de oorzaak, blijkt echter een moeilijke opgave. Ligt het aan de randpersonages die voor de auteur, net als voor de generaals destijds, niet de moeite waard zijn om degelijk uitgetekend te worden. Het is toch maar kanonnenvoer. Ligt het aan de rechtlijnige plot die bij het dichtslaan van het boek toch wat magertjes blijkt uit te vallen? Of ligt het aan de sfeer die dichter aanleunt bij een documentaire dan bij een spannend verhaal? Of eerder, en meer waarschijnlijk, aan de combinatie van bovenstaande.

De eigenzinnige kijk van Roel Thijssen op dit stukje Vietnamese, en Amerikaanse geschiedenis van bijna een halve eeuw geleden, is het sterkste punt van Broederbloed. En dat alleen al maakt dit boek het lezen meer dan waard. Louter beschouwd als een spannend boek, zakt het echter terug in de middelmaat.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG


15-11-11

TEIGELER Piet - Drie dode meesters

 

tpddm.jpg

 

De openingszin:
‘Niet doen, John!’ zei Dewit.

De korte inhoud
Een man wordt op wrede wijze geliquideerd: hij is met handen en hoofd ondergedompeld in ziedend frituurvet op het Falconplein in Antwerpen. De persheeft het in geuren en kleuren over de gruwelijke Frituurmoord. Door die misdaad stoten de speurders Carpentier en Dewit op een smokkelroute tussen Rusland en Europa. Er worden onder meer al dan niet vervalste doeken van Rubens verhandeld. Via Svetan een bloedmooie Georgische, komen ze in aanraking me de Russische maffia. Het Falconplein wordt niet voor niets ook het Rode Plein genoemd.
Ondanks alle tegenwerking en intimidaties, ook uit de meest onverwachte hoek, slagen de speurders erin de frituurmoord op te lossen.


Het volledige rapport
De sinjoor Piet Teigeler, ruilde een aantal jaar geleden om gezondheidsredenen de wereldstad Antwerpen in voor een huisje onder de Spaanse zon. Al tijdens zijn journalistieke loopbaan publiceerde hij samen met Eddy Van Hee, onder het pseudoniem Woody Dubois twee spannende boeken. Maar pas toen hij van zijn pensioen kon genieten, begon hij aan een tiendelige reeks met rechercheurs Carpentier en Dewit in de hoofdrollen, die in 2007 afgesloten werd met Dood.

Drie dode meesters, uit 1997, is het vierde boek uit de serie. Hierin worden de Antwerpse protagonisten op kerstavond opgeroepen voor een bizarre moord: een kunstschilder werd met zijn hoofd ondergedompeld in het hete bakvet van een frituur op het Falconplein. Het begin van een zoektocht naar de daders, die Carpentier en Dewit leidt langs de werelden van de Russische maffia, kunsthandel, -smokkel en –oplichting. En ondertussen worden ze constant in de vingers gekeken en tegengewerkt door de Bijzondere Opsporingsbrigade, die kost wat kost deze zaak naar zich toe willen trekken.

Thematisch leunt Drie dode meesters nauw aan bij het recent verschenen De bloedakker van Andrea Camilleri: een moord die ogenblikkelijk gelieerd lijkt aan de maffia, maar waarvan het later twijfelachtiger wordt of de daders wel moeten gezocht worden bij de Dons, consiglieri of hun voetvolk. Maar het Vlaamse verhaal is voorzien van een veel complexer plot en werd degelijker uitgewerkt en verteld dan zijn Italiaanse tegenhanger.

Piet Teigeler waakt er zorgvuldig over dat zijn personages geloofwaardig blijven en mensen van vlees en bloed dicht benaderen. Hierdoor is het aangenaam vertoeven in het verhaal, en wordt het lezen een samenzijn met aimabele maar gedreven figuren. Carpentier is het best te vergelijken met een kat met jongen: een zeer aaibaar beestje dat zonder waarschuwing venijnig uit de hoek zal komen als de jongen – lees het onderzoek – in gevaar komt.

Hoewel het algemeen geweten is dat 99 percent van alle spannende boeken een goede afloop heeft, is het toch ontgoochelend op de achterflap te mogen lezen dat het moord opgelost wordt. Toch slaagt de auteur erin de weg naar de oplossing te plaveien met voldoende plotwendingen om van Drie dode meesters een meer dan onderhoudend werkje te maken.

Het definitieve verdict: 6/10

EOB.JPG

21:19 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: teigeler_piet, nederlandstalig, belgie, 6, policier, kunst, maffia, serie |  Facebook |

04-09-11

SCHMIDT Walther - Messcherp en razend

 

swmer.jpg

 

De openingszin:
Mijn moeder valt op haar knieën en smeekt om genade.

De korte inhoud
De dag na een vreselijk uit de hand gelopen beoordelingsgesprek op zijn werk, krijgt Marcus Brant te horen dat zijn vader, met wie hij al jaren geen contact meer had, op brute wijze is vermoord. Als daarna ook zijn vrouw op mysterieuze wijze verdwijnt, vreest Marcus dat het hier niet bij zal blijven.
De superaantrekkelijke Milena is zijn reddende engel en hij wordt onmiddellijk smoorverliefd op haar. Milena test uit hoe ver Marcus bereid is te gaan voor de liefde. Naarmate hun verhouding extremer wordt, zal Marcus steeds afhankelijker van haar worden.


Het volledige rapport
De Nederlander Walther Schmidt heeft zich in de bijna halve eeuw die hij op aarde rondliep al een veelheid aan jobs gewaagd. In 2009 voegde hij het schrijverschap aan zijn curriculum vitae toe, want dat jaar publiceerde hij Messcherp en razend, wat tot op heden nog altijd het enige boek van zijn hand is.

Het verhaal dat zich in de Nederlandse hoofdstad afspeelt is een rollercoasterrit waarin de lezer het wagentje deelt met Marcus Brant en Milena. Marcus is een grijze muis die weinig voldoening haalt uit zijn dagelijkse gang van zaken. De moord op zijn vader luidt de verandering in, maar vooral de kennismaking met de mysterieuze Milena is het begin van een avontuur waarbij de adrenalinestoten elkaar sneller opvolgen dan hij Marcus voor mogelijk hield.

In 2004 veroverde uitgeverij Anthos onder de vlag van de literaire thriller de harten van de Nederlandse vrouwelijke liefhebber van spannende boeken met onder andere De Reünie (Simone Van der Vlugt) en De eetclub (Saskia Noort). Het opzet was simpel: boeken door vrouwen voor vrouwen over vrouwen en hun leefwereld.Het lijkt erop dat de vijf jaar later Walther Schmidt dit concept mocht aanpassen in en trachten ook de mannelijke lezer aan de literaire thriller te binden.

Sex, drugs, vrouwen en geweld; dat is waar het verhaal van Messcherp en razend op drijft. Maar het blijkt niet genoeg, want ondanks het feit dat het verhaal voortdendert als een op hol geslagen trein, blijkt zowat het hele middenstuk zinloze bladvulling: actie om de actie; poging na poging om de lezer te shockeren, wat voor  een kennis van mij aanleiding was om het boek te herdopen in Messcherp en ranzig.

Met wat goede wil zou dit boek, dat in de ik-vorm geschreven werd, een kruising van Eyes wide shut met Telma & Louise genoemd kunnen worden. Maar eigenlijk kan ik het werk enkel aanraden aan de liefhebbers van de boeken van Stan Lauryssens, nog zo’n auteur die alle remmen losgooit

Het definitieve verdict: 4/10

EOB.JPG


27-08-11

VALGAEREN Kevin - De ziener

 

vkdz.jpg

 

De openingszin:
Dit verhaal begint met de observatie van een Engels landschap zoals het erbij lag op de tragische avond van 27 juli 1538.

De korte inhoud
De executie van een jonge zuster en een jonge pater in de 16de eeuw betekent het ontstaan van de leende van Borley: een klein dorp in het zuidoosten van Engeland.
Op het einde van de 19de eeuw laat dominee Henry Bull er een pastorij bouwen op de fundamenten van ene oud klooster.
Hit is het begin van een reeks onverklaarbare gebeurtenissen en waarnemingen.
Londen, 2007. David Mayfair is een roekeloze jongeman met een duistere ave: hij kan voorbij het leven kijken en de dood observeren. Na het overlijden van zijn ouders wordt hij geadopteerd door zijn oom Dorian Walpole en verhuist hij van de Belgische provinciestad Turnhout naar de Engelse metropool Londen. Onder het strenge mentorschap van zijn oom ontwikkelt hij zich tot een Ziener. Er is slechts één probleem: David Mayfair kent geen angst. Wanneer een anonieme briefschrijver de Ziener vraagt om de moord op twee tienermeisjes te onderzoeken, vertrekt hij tegen de wil van Dorian naar het mysterieuze Borley. Maar al snel blijkt dat Borley zijn duistere geheimen niet zomaar prijs zal geven. Stap voor stap leert de Ziener wat echte angst is, zeker wanneer duidelijk wordt dat zijn aanwezigheid in Borley geen toeval is…


Het volledige rapport
De uit Turnhout afkomstige, maar naar Leuven uitgeweken debutant Kevin Valgaeren is met zijn 32 jaar een jonge hond in de wereld van het spannende boek. Na zijn studies Nederlandse en Engelse letterkunde waagde hij zich aan het schrijven van theaterstukken en was hij een tijd lang filmjournalist.

In de literatuur gaat zijn voorkeur, naast Engelse en Nederlandse literatuur uit de negentiende eeuw, vooral uit naar griezelromans. Met het recent bij Kramat uitgegeven De ziener draagt hij nu ook zijn steentje bij tot het genre van de gothic novel.

Hierin maken we kennis met de uit Turnhout afkomstige David Mayfair, die na de dood van zijn ouders opgevoed werd door zijn in Londen wonende oom Dorian Walpole. Ook schaaft Dorian aan Davids talenten als “ziener”: het opmerken van geesten die nog op aarde ronddwalen. Als zijn hulp wordt ingeroepen bij de mysterieuze dood van 2 tieners in Borley, rept David zich naar het Engelse plattelandsdorpje, waar al jaar en dag paranormale verschijnselen worden waargenomen. Maar tijdens de zoektocht naar de moordenaar, komen al zijn zekerheden op losse schroeven te staan.

Het eerste wat tijdens het lezen opvalt, is het zeer verzorgde taalgebruik waarvan de auteur zich bedient: op een fantastische wijze slaagt hij erin een perfect evenwicht te vinden tussen een zeer accurate woordkeuzes en een aangenaam lezende zinsconstructies.

De ziener leest als een roman, maar de spannende verhaallijn, die slechts latent aanwezig is en pas tijdens de ontknoping opleeft, drijft op het paranormale. Een onderwerp dat meestal zorgt voor duidelijke standpunten: een deel van de lezers zijn believers en zullen er probleemloos in meegaan. Een ander deel zal het onderwerp afdoen als larie en er niet in slagen zich in te leven in het verhaal. Het feit dat dit subgenre tegenwoordig slechts weinig vertegenwoordigd is in het segment van het spannende boek, doet de vragen oprijzen of er wel een publiek voor bestaat en of dit publiek onder de thrillerlezers te vinden is.
Kevin Valgaeren is alvast zo een verstokt liefhebber van de romantische griezelroman dat hij het niet kon nalaten een aantal personages de familienamen van de grondleggers van dit genre toe te bedelen.

Ondergetekende is een leek op dit gebied en zag zich genoodzaakt om, via het onontkoombare internet op de hoogte te laten brengen. En groot was zijn ontgoocheling toen bleek dat de hele achtergrond van de bovennatuurlijke activiteiten niet ontsproten was aan de verbeelding van de auteur, maar dat de pastorij van Borley, samen het spookhuis in Amityville, behoort tot de best gedocumenteerde plaatsen wat betreft metafysische gebeurtenissen. De auteur bevestigt dit trouwens in de verantwoording aan het eind van het boek, maar had dit misschien beter in een voorwoord opgenomen. Hoewel faction al jaren een subgenre op zich is, kon dit niet verhinderen dat de originaliteit van het verhaal een flinke knauw kreeg. Maar dit neemt zeker niet weg dat De ziener meer dan aardig leesvoer blijft.

Kevin Valgaeren heeft een boek gebaard dat raakpunten heeft met een groot aantal subgenres, en de meerderheid van die hokjes bevinden zich net op de rand of geheel buiten de wereld van het spannende boek. Liefhebbers van dolende geesten, vampieren en aanverwante verschijnselen moeten echter niet twijfelen om De ziener ter hand te nemen.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


11-08-11

SCHOETERS Staf - De schaduw van de adelaar

 

ssdsvda.jpg

De eerste zin:
Weduwe Leguilloux, pensionhoudster in de rue des Prouvaires in de wijk Saint-Germain, plaatste de zak aanmaakhout op de overloop naar de mansarde en wachtte na de steile klim tot ze haar ademhaling weer onder controle had.

De korte inhoud
Parijs / december 1800: Eerste Consul Bonaparte overleeft de bomaanslag in de rue Nicaise. De royalisten (Chouans) worden opgejaagd, maar laten niet af met spioneren en complotteren.
1805: onder het bewind van keizer Napoleon I, groeit Antwerpen uit tot een havenstad van formaat en haalt zich daardoor de afgunst van Engeland op de hals.
De burgers van het geannexeerde departement der Beide Neten (Antwerpen) maken ook kennis met de schaduwzijde van het Franse bewind: de constante oorlogsdreiging, de Police Générale en de onaflatende druk van de conscriptie.
Idealisme en loyaliteit verworden tot corruptie en verraad, naarmate Napoleon het Europese vasteland aan zich onderwerpt. Persoonlijke belangen en conflicten worden beïnvloed door internationale ontwikkelingen. Het individu wordt speelbal van politieke en financiële malversaties; een gegeven van alle tijden.


Het volledige rapport
Staf Schoeters werd in 1949 geboren in Merksem, aan de rand van de stad Antwerpen, waar veel van zijn boeken gesitueerd zijn. Zo ook De schaduw van de Adelaar, dat in 1998 laureaat was van de allereerste Hercule Poirotprijs.

Hierin staan persoonlijke verrijking en corruptie centraal in de beginjaren van de negentiende eeuw, wanneer Antwerpen onder het bewind van Napoleon uitgebouwd werd tot een wereldhaven. Hoewel dit boek het eerste deel van een trilogie is die verder bestaat uit De wandelgangen van de macht en De wegen naar ontvoogding, is het een afgerond verhaal dat los van de andere twee werken kan gelezen worden.

De schaduw van de adelaar, dat zich afspeelt in het eerste decennium van de negentiende eeuw is niet echt een evenwicht boek. Alle nadruk ligt op de handelingen die de personages uit zelfbehoud en zelfverrijking maken. De locaties, de personages zelf als ook het tijdsbeeld zijn er zo compleet aan ondergeschikt dat ze amper plaats krijgen in het boek. Enkel de belangrijkste gebeurtenissen worden summier aangehaald in de vorm van artikels in het krantje dat het hoofdpersonage uitgeeft, wat wel een handige oplossing is om feiten te integreren in een roman.

‘“De Schaduw van de adelaar” evoceert op indringende wijze historische gebeurtenissen en personages tegen de nauwgezet gereconstrueerde achtergrond van één der interessantste periodes uit de Europese geschiedenis.’, staat er ook nog op de achterflap. Maar er werk dat bovenstaande pretendeert te zijn, moet de lezer overstelpen met met zin om meer te weten te komen over de historische personages die opgevoerd worden alsook over het stukje geschiedenis waarin ze acteren. En laat dat nu net niet het geval zijn: deze roman beroert zijn publiek totaal niet.

Ook is het jammer te moeten vaststellen dat er te veel fouten in het boek staan, vooral in de vorm van een inconsequente spelling van de namen van de personages. Vermijdbare fouten die het leesplezier niet bevorderen.

De Poirot-prijs ten spijt, heeft De schaduw van de adelaar ook meer weg van een roman dan van een spannend boek, want enerzijds worden de meest veelbelovende verhaallijnen, wat spanning betreft, te summier uitgewerkt om impact te kunnen hebben op het geheel. En anderzijds is het gekonkel en gekronkel van de machthebbers niet geheimzinnig genoeg gebracht om het verhaal te kunnen dragen. Deze vaststelling wordt ook bevestigd door de NUGI code, waaronder het boek valt.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG


01-08-11

ROSS Tomas & SJÖWALL Maj - De vrouw die op Greta Garbo leek


rsdvdoggl.jpg

 

De eerste zin:
De jonge vrouw die op de ochtend van de tiende augustus het bordes van het Grand Hotel aan de Strömkajen in het centrum van Stockholm betrad, zag eruit als de jonge Greta Garbo in Ninotchka.

De korte inhoud
Christine Kroonen, 21 jaar, is direct na school uit huis gegaan, verder weg van haar ouders lief is. Naar Stockholm, waar ze al snel in aanraking komt met de cameraman Mats Berggren die, net al film, een grote aantrekkingskracht op haar uitoefent.
Peter Hill is een Zweeds journalist die ondanks z’n vijftig jaar ooit nog eens een roman hoopt te schrijven. Vroeger was hij bekend als auteur van kritische columns tegen de regering, maar in de loop der jaren is dat heilig vuur gedoofd. Totdat een bevriende politieman hem het verhaal vertelt over en onderzoek naar een vermist Nederlands meisje dat van hogerhand werd stopgezet.
Ab Kroonen, autodealer te Amsterdam, en zijn vrouw hebben zich erbij neergelegd dat hun dochter Christine haar eigen weg wil gaan. Totdat Kroonen ’s nachts in een hotel in Frankfurt een pornofilm bekijkt waarin zijn eigen dochter meespeelt.
Bo Wester is een ambitieuze functionaris van de Zweedse geheime dienst, de SAPO. Hij wordt gealarmeerd wanneer een Nederlandse autohandelaar en een beruchte Zweedse ex-journalist navraag doen naar een jonge Nederlandse vrouw die sinds enkele weken wordt vermist…


Het volledige rapport
Twee iconen van de misdaadliteratuur bundelden in 1990 hun krachten met als resultaat De vrouw die op Greta Garbo leek.
De Nederlander Tomas Ross, mocht de Gouden Strop – waarvan hijzelf de geestelijke vader is – al drie keer in ontvangst nemen en is vermaard voor zijn thrillers die de Nederlandse politiek en het koningshuis op de korrel nemen.
De Zweedse Maj Sjöwall publiceerde samen met haar echtgenoot Per Wahlöö vanaf 1965 tot aan de dood van haar man in 1975 tien maatschappijkritische thrillers met inspecteur Beck in de hoofdrol. Tien boeken die aan de basis liggen van wat tegenwoordig de Scandinavische thriller heet. Met De vrouw die Greta Garbo heet, nam ze eenmalig de pen weer ter hand.

In dit boek ziet de Amsterdamse autoverkoper Ab Kroonen al zappend op zijn hotelkamer zijn van huis weggelopen dochter Christine figureren in een Zweedse pornofilm. Zonder aarzelen trekt hij naar Stockholm om het contact te hernieuwen, maar daar aangekomen blijkt dat ze als vermist werd opgegeven. Samen met journalist Peter Hill gaat hij toch door met zijn zoektocht naar zijn dochter wat hem in het vizier brengt van de SAPO, de Zweedse geheime dienst.

Qua stijl leunt De vrouw die op Greta Garbo leek nauw aan bij Zweedse serie: Met net tweehonderd bladzijden is het zeer compact, waardoor er weinig plaats is voor uitweidingen. Deze densiteit maakt het lezen soms moeilijk en verplicht de lezer bij de les te blijven.

Inhoudelijk drukt Tomas Ross dan weer meer zijn stempel op het verhaal: na-ijver bij de geheime dienst dat aan de kaak gesteld wordt door een buitenstaander en het ons-kent-ons gevoel waardoor de machtigen der aarde elkaar gunsten bewijzen, zijn typische thema’s die de Nederlandse auteur met graagte aansnijdt..

Maar het resultaat mag er zijn, want ondanks een vrij eenvoudige plot, is De vrouw die op Greta Garbo leek een degelijk geconstrueerd verhaal geworden dat slechts helemaal op het eind wat aan geloofwaardigheid inboet.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


25-07-11

LAURYSSENS Stan - Dromen zijn bedrog

 

lsdzb.jpg

 

De eerste zin
Donkerte.

De korte inhoud
Sofie Simoens worstelt met zichzelf. Haar leven als nieuwe commissaris van de moordbrigade is niet voor de poes. Vooral de kwade geesten in haar eigen hoofd spelen haar parten. Niet te verwonderen dat het akelig stil is in de stad aan de stroom waar de regen natter en kouder is dan elders in het land.


Het volledige rapport
De geboren en getogen Antwerpenaar Stan Lauryssens zag vijfenzestig jaar geleden het levenslicht. Na een levensloop die een thriller waardig is, publiceerde deze markante figuur met Dromen zijn bedrog dit jaar zijn tiende spannende verhaal rond de speurders van de moordbrigade van de Gerechtelijke politie in zijn geboortestad.

Dromen zijn bedrog begint met de moord op een imam in de Antwerpse moslimgemeenschap. Het onderzoek van commissaris Sofie Simoens en haar jongens naar de motieven van deze op het eerste zicht onbegrijpelijke daad legt verbanden bloot met extreme moslimgroeperingen wiens acties België in staat van beleg brengen. Maar Sofie heeft problemen om haar volle aandacht op het onderzoek te richten, want nu ze als hoofd van de afdeling fungeert, beginnen de duivels in haar hoofd zich ook te roeren. Zal ze erin slagen schoon schip te maken op beide fronten?

Moslimterrorisme is een dankbaar onderwerp voor het enfant terrible van de Vlaamse misdaadauteurs. Hieromtrent kan Stan Lauryssens in zijn typische directe en plastische stijl al zijn duivels ontbinden en alle populistische vooroordelen die Jan met de pet heeft tegenover deze allochtonen ongebreideld spuien. Het siert de man dat hij de verloedering van de stad aan de stroom wil onder de aandacht brengen, maar of dit de beste manier is waarop het moet gebeuren, mag in best in twijfel getrokken worden: Het lijkt wel alsof het amper uitgewerkte spannende draadje in Dromen zijn bedrog enkel een excuus vormt om racisme en seksisme af te wisselen met belegen grappen van bedenkelijk allooi.

Zo gaat er achter de overigens zeer stijlvolle cover slechts een flinterdun politieverhaal schuil dat door een overvloed aan faits divers en weinig ter zake doende bladvulling, een zeer ongestructureerde indruk geeft.

Er zal wellicht wel een publiek bestaan voor dit soort lectuur, want anders lijkt het mij onmogelijk om tien boeken te kunnen publiceren bij eenzelfde uitgeverij. Misschien is het koren op de molen van de onderlaag van de bevolking die al zijn vooroordelen zwart op wit bevestigd ziet. Of misschien moeten extreemrechtse groeperingen de voorraad maar opkopen en verdelen onder hun militanten. Feit is dat kwalitatief gezien Dromen zijn bedrog onder de maat blijft.

Het definitieve verdict: 4/10 

EOB.JPG

 

21-07-11

PIERREUX Jos - De dode die met z'n tweeën was

 

pjdddmztw.jpg

 

De eerste zin:
‘Hij wil dat ik kousen zonder kruis draag, onder een verpleegstersuniform.’

De korte inhoud
Het is voorjaar. Terwijl iedereen fantaseert over een niet-opgeëiste lottowinst geniet het Knokse politiekorps van de laatste vredige weken voor de toeristeninvasie. Helemaal rustig is het echter nooit, zelfs niet in dit chique badstadje. Er is de onrustwekkende verdwijning van een kampeerster, vandalisme op het kerkhof en een bizarre inbraakgolf. Als een baron en zijn chauffeur worden vermoord, krijgt inspecteur Luk Borré opdracht de zaak te onderzoeken. In een decor van klasserestaurants, dure winkels en het grote geld ontwikkelen zich vreemde intriges.


Het volledige rapport
Jos Pierreux, een handelaar in bouwmaterialen uit het Pajottenland is ondertussen al een gevestigde naam in het Vlaamse wereldje van misdaadauteurs. Zijn reeks met Luk Borré, de niet altijd even sympathieke speurder, die zich situeert in Knokke, de mondainste badplaats van de Belgische kust waar de auteur eveneens geregeld verblijft, telt al acht boeken waarvan Een paar gevallen van moord het recentste was.

Maar het begon allemaal in 2004 met De dode die met z’n tweeën was, waarin Luk Borré en zijn collega’s niet minder dan vier onderzoeken voor de kiezen geschoven krijgen: Naast een aantal welgestelde gasten die hun tweede verblijf, volledig leeggehaald terugvinden, werd er ook een aantal graven beschadigd op het kerkhof en ten slotte is er een verdachte verdwijning op de plaatselijke camping. Maar als het levenloze lichaam van een baron en persoonlijke vriend van de commissaris wordt gevonden, wordt al de rest bijzaak. Behalve dan het gissen naar de gelukkige winnaar van een grote lottotrekking, die maar niet opdaagt.

Jos Pierreux heeft een mooi plot gecomponeerd, maar de uitwerking ervan wordt omringd door veel te veel smalltalk, waardoor de spanningsboog niet verder komt dan een sinusoïde. Maar de auteur is een innemend verteller en als de overdadig aanwezige hoeveelheid seksistische praat tot een minimum beperkt zou worden, zou ik zeker aan zijn lippen hangen. Momenteel blijft de niveau echter steken ter hoogte van de toog in de eerste de beste bruine kroeg. Maar zijn vlotte babbel en manier van schrijven geven blijk van genoeg potentieel om een degelijk spannend verhaal verteld te krijgen.

Het gros van zijn personages blijft steken in of het karikaturale of het cliché: zo is onder andere de incompetente korpscommandant ook hier van de partij. Wel zet de auteur met glans een geslaagde versie op papier van Graaf Lippens, die uitblinkt in volkswijsheden en een zeer nuchtere kijk op de wereld te toon spreidt.

Met De Dode die met z’n tweeën was treedt Jos Pierreux in de voetsporen van de boeken van Stan Lauryssens, maar dan als een meer geciviliseerde en bravere versie, wat resulteert in enkele uren pretentieloos leesplezier.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG

15-07-11

POST Elvin - Vals beeld

 

pevb_tn.jpg

 

De eerste zin:
Het was warm in de hotelkamer

De korte inhoud

Vincent Bloom en Elijah Fish hebben zes jaar lang de mondiale kunstwereld voor de gek gehouden door vervalsingen van grootheden als Picasso, Matisse en Chagall als nieuw ontdekte meesterwerken op de markt te brengen. Alle grote veilinghuizen trapten erin. Totdat Bloom en Fish door stomme pech de gevangenis in draaiden. Zeven jaar later komen ze vrij.
De Boston Red Sox staan op punt om voor het eerst sinds 80 jaar de World Series te winnen en de stad is in rep en roer. Dan wordt Fish door Bloom benaderd met het voorstel om een grote hoeveelheid schilderijen, waaronder drie werken van Rembrandt en een Vermeer, te roven uit het Isabella Stewart Gardner Museum in Boston. Een krankzinnig plan. Of niet?


Het volledige rapport
De in Rotterdam geboren Elvin Post kreeg de liefde voor literatuur van kleins af aan ingelepeld door zijn vader Jacques, die bekendheid geniet voor zijn vertaalwerk en ook een aantal spannende boeken publiceerde. Het mocht dan ook niet verbazen dat de zoon stage liep bij een literair gezelschap. In 1997 trok hij naar New York waar hij naast zijn vaste baan ook optrad als interviewer en recensent voor het Algemeen Dagblad. Ondertussen woont de journalist en auteur weer in Rotterdam.

Op zijn eenendertigste werd zijn spannend debuut Groene vrijdag gepubliceerd, waarmee hij meteen de Gouden Strop wegkaapte. Vorig jaar verscheen zijn vierde boek Roomservice. Vals beeld is zijn twee spannende boek en verscheen in 2006.

Het boek is een eigenzinnige interpretatie van een waargebeurde, tot op heden onopgeloste kustroof die in 1990 in Boston gepleegd werd. Elvin Post vertelt het fictieve verhaal vanuit het standpunt van de kunstdieven en slaagt erin de politie zo goed als volledig uit beeld te houden.

Liefhebbers van Elvin Posts boeken moet zich zeker ook eens aan de werken van Bavo Dhooge wagen – en omgekeerd – want beide auteurs hanteren zowat dezelfde stijl van schrijven, waarbij geloofwaardigheid ondergeschikt is aan humor en de toevalsfactor uitvergroot wordt tot absurde proporties. Kortom deze twee auteurs zijn de enige bewoners van dit plezantste hokje in de Nederlandstalige misdaadliteratuur.

In het begin van Vals beeld overdrijft de auteur wat met het herhalingen alsof hij de geestelijke capaciteiten van zijn publiek onderschat, maar vanaf het moment dat hij beseft niet voor Alzheimerpatiënten te schrijven, herpakt hij zich meteen om een werkje af te leveren dat zonder twijfel tot de beste misdaadverhalen van de laatste jaren behoort.

Elvin Post heeft zich een zeer interessant onderwerp toegeëigend en er een zeer degelijk plot rond gebouwd dat hij op bijna perfecte wijze heeft uitgewerkt tot een intrigerende, uitmuntend uitgebalanceerde roman die grappig is als het kan en serieus als het moet.

Vals beeld is zo’n werk dat je moet gelezen hebben, want zelfs al ligt het verhaal buiten je gewone interessegebeid; toch zal het je een enkele uurtjes puur genot bezorgen; is het niet om het spannende faction verhaal dan zeker om de humor.

Het definitieve verdict: 9/10

EOB.JPG