19-05-12

BOS Adriaan - Advocaat van de waarheid

 

baavdw.jpg

 

De eerste zin:
Subachio zag er niet uit als een hotel.

De korte inhoud
Thomas is een succesvolle advocaat. Na het overlijden van zijn vader, een heftige relatie en een ontmoeting met een zwerver, besluit hij de advocatuur te verlaten. Zijn vriend Sam heeft een technologie ontwikkeld die de maatschappij ingrijpend kan veranderen. Sam wil zijn uitvinding geheim houden en Thomas belooft hem deze taak op zich te nemen. Dat brengt hem in conflict met Sams ambitieuze zonen, en met nietsontziende, op macht beluste bedrijven. Intussen wordt de wereld overspoeld door een dodelijk virus.

Thomas raakt verstrikt in een zich langzaam sluitend web van intriges en komt voor onmogelijke keuzes te staan. Kan hij het onheil keren dat zich als een donkere schaduw over hemzelf, zijn geliefden en de wereld verspreidt?


Het volledige rapport
De Nederlander Adriaan Bos was 25 jaar lang advocaat. Daarna wierp hij zich op als coach die zakenmensen begeleidde in verband met bewustzijnsontwikkeling. Beide aspecten van zijn professionele leven vinden we nu ook terug in Advocaat van de waarheid, waarmee de man op zijn drieënzestigste debuteert als misdaadauteur.

In 2009 kreeg het manuscript De zonen van Samuël een eervolle vermelding tijdens een wedstrijd. In de eerste helft van 2010 werd het geplaatst op de website Tenpages.com, waar auteurs, via het plaatsen van minimum de eerste tien bladzijden van hun manuscript in eender welk genre, lezers warm maken om te investeren in hun werk. Als er binnen het tijdsbestek van vier maanden minstens tien geldschieters samen 10000 euro inbrengen, belooft de website het boek te laten uitgeven bij een gerenommeerde uitgever. Als een van de tweeënzestig boeken die tot op de dag van vandaag op deze wijze publicatie verdienden, werd De zonen van Samuël dit jaar uitgegeven bij Juwelenschip onder de titel Advocaat van de waarheid. Uitgeverij Juwelenschip is een nobele onbekende in de wereld van het spannende boek, maar haar publicaties richten zich eerder tot de liefhebbers van esoterie en religie.

In Advocaat van de waarheid maken we kennis met Thomas van Buitenhuyzen, die het alter ego van de auteur zou kunnen zijn: ex-advocaat en nu vooral bezig om zijn vriend Sam te begeleiden tot een meer duurzaam beslissingsbeleid voor zijn technologiebedrijf, dat een chip heeft ontwikkeld die bedoeld is voor inplanting bij mensen. Als Sam beslist er niet mee naar de markt te trekken, komen hij en vooral Thomas in conflict met Sams zonen en een belangrijk buitenlands technologiebedrijf die zich een fortuin door de neus geboord zien. Als een dodelijk virus een wereldwijde pandemie veroorzaakt komt Thomas van alle kanten onder vuur te liggen en wordt het alsmaar moeilijker vast te houden aan zijn levensfilosofie.

Adriaan Bos gebruikt een spannend verhaal dat zich deels in Nederland en deels in Italië afspeelt als vehikel om zijn boodschap uit te dragen. Waarschuwingen allerhande doorspekken royaal het boek: het gebrek aan privacy in de digitale wereld; de invloed van het populisme in de politiek en de gevolgen van het kortetermijndenken passeren allemaal de revue. Soms klinken deze sommaties wat dringender en krijgen ze de vorm van berispingen en aanklachten. Als alternatief biedt de auteur de opwaardering van de ethiek, door onder andere het hoger inschatten van (naaste)liefde en goedheid. Maar de boodschap van Franciscus van Assisi, die het hoofdpersonage fel inspireert, lijkt een gevecht tegen de windmolens worden en Thomas glijdt af naar een Don Quichot-achtige figuur, die een strijd voert die hij niet lijkt te kunnen winnen. Maar tegelijk blijft het personage, net als alle andere protagonisten, zeer geloofwaardig vasthouden aan het recht om niet voor de makkelijkste weg te kiezen, zoals hij het zelf omschrijft. De auteur heeft goed werk geleverd om de figuren die hij opvoert elk een eigen persoonlijkheid mee te geven, zonder de noodzaak van ellenlange voorgeschiedenissen, maar door gebruik te maken van degelijke karakterschetsen.

Dit alles integreert de auteur professioneel in het spannende verhaal dat een aantal aspecten van zowel techno-, reli- als bedrijfsthrillers bevat. Een interessante en evenwichtige melange die afgewerkt werd met een esoterisch sausje. Overeenkomsten met de werken van Michael Crichton, Joel C. Rosenberg en Joseph Finder – elk de top in hun thrillersegment – zijn dan ook volop aanwezig. Tot aan bladzijde driehonderddertig is Adriaan Bos goed op weg vriend en vijand te verbazen en een hoge score ligt binnen handbereik. Maar vanaf dan volgt slechts een boutade aan spiritualiteiten, met als dieptepunt het totaal overbodige zestigste hoofdstuk. Zou dit de invloed zijn van de uitgever op de wijzigingen in het manuscript, waarvan de auteur gewag maakt in zijn nawoord? In ieder geval gebeurt deze omschakeling even artificieel als een rockconcert op een bijeenkomst van de Christelijke jeugd: het plaatje klopt niet meer en alle opgebouwde krediet wordt in een wip verspeeld. Een slotoffensief vol actie waarin de cast gedecimeerd wordt kan de het tij niet meer keren. En dat is jammer, want de auteur heeft bewezen dat het potentieel aanwezig is om het te maken in de wereld van het spannende boek.

Ook valt tijdens het lezen op dat de tekst van Advocaat van de waarheid op papier gezet werd in een lettertype met een rare eigenschap: de hoofdletters zijn kleiner dan de gewone hoge letters, zoals de “h”, wat bij momenten lichte irritatie opwekt. Als voorbeeld geef ik even het meest voorkomende geval mee: zo staat er constant “thomas” te lezen in plaats van het meergenormaliseerde “Thomas”

Met Advocaat van de waarheid bewijst nieuwkomer Adriaan Bos dat hij de kunst van het schrijven machtig is. Alleen slaagt hij er nog niet in het kwalitatieve niveau te handhaven tot aan de laatste bladzijde, waardoor hij compleet de mist ingaat. Hopelijk zijn de drieënnegentig investeerders niet zo ontgoocheld als ondergetekende.

Het definitieve verdict: 5/10


EOB.JPG


15-01-12

CUSSLER Clive - Duivelsadem

 

ccd.jpg


 De openingszin: 

De kreet ging reutelend door het schip, als gehuil van een gewond dier in het oerwoud, een triest gejank dat klonk als een smeekbede om de dood.

De korte inhoud
Een wetenschappelijke doorbraak om de opwarming van de aarde te keren, een reeks onverklaarbare dodelijke ongevallen in Brits-Columbia, een golf internationale incidenten die in een oorlog driegt los te barsten… NUMA-directeur Dirk Pitt en zijn kinderen Dirk jr. en Summer, geloven dat er een verband bestaat, maar zij weten ook dat hun weinig tijd rest voordat de situatie escaleert. De enige aanwijzing is een zilverachtig mineraal waarvan het spoor terug te volgen is naar een expeditie van lang geleden om de Noordwest Passage te vinden. Maar niemand overleefde die tocht, de kapitein en de bemanning kwamen allemaal om het leven – en als Dirk Pitt el zijn collega Al Giordino niet voorzichtig zijn, wacht hun hetzelfde lot….


Het volledige rapport
Wie Clive Cussler zegt, zegt in dezelfde adem eveneens maritieme archeologie. Niet alleen in de talrijke spannende boeken van deze tachtigjarige Amerikaanse auteur, maar ook in zijn echte leven staan scheepswrakken centraal. De laatste jaren werkt hij meer en meer met coauteurs. Zo vinden we op de cover van Duivelsadem ook de naam Dirk Cussler, de zoon van Clive, terug.

Duivelsadem, dat al het twintigste deel is in de serie rond Dirk Pitt, het alter ego van de auteur, is weer een typisch werk van Cusslers hand dat herkenbaar is aan de mix van wetenschappen, technologie en actie en die zich voor een groot deel op en onder water afspelen. Een Amerikaans wetenschapster ontdekt een eenvoudige oplossing om het probleem van de opwarming van de aarde te stoppen, maar om die ontdekking commercieel uit te kunnen baten heeft ze dringend nood aan een zeldzaam mineraal, waarvan voor het laatst in grote hoeveelheden gerapporteerd werden hoog in het noorden van Canada door een Britse expeditie in het midden van de negentiende eeuw vast kwam te zitten in het pakijs. Als Dirk Pitt de bron probeert op te sporen komt hij in aanvaring met een meedogenloze Canadese zakenman, die een imago als groene jongen cultiveert, maar ondertussen eenieder die de uitbreiding van zijn imperium een strobreed in de weg legt, zonder scrupules uitschakelt. Maar vader en zoon Pitt tonen zich waardige tegenstanders in een poging hun vel zo duur mogelijk te verkopen.

Duivelsadem voelt in het begin vrij stroef aan: door meteen een groot aantal op het eerste zicht losstaande vrij korte scènes op de lezer los te laten, kan men de lasnaden in de constructie van het verhaal gemakkelijk opmerken, net zoals bij het rijden over een betonweg, waarbij de voegen tussen de platen ook constant een lichte oneffenheid voelen.

Dit gegeven is er verantwoordelijk voor dat de eerste hoofdstukken niet gladjes verteerd worden. Gelukkig komt het verhaal later op kruissnelheid en kan de lezer zich dan verliezen in het verhaal dat toch net iets teveel actie bevat om de grenzen van de geloofwaardigheid niet te overschrijden.

De hoofdpersonages mogen hun voet niet buiten de deur van hun woonplaats zetten of er hangt wel een of ander onheil boven het hoofd. Als ik in hun schoenen zou staan, zou ik ernstig overwegen de hand aan mezelf te slaan, met zoveel tegenslagen op rij. De keuze om, in een verhaal dat in de derde persoon enkelvoud verteld wordt, twee van de belangrijkste personages van dezelfde naam te voorzien – vader Dirk Pitt die al heel de reeks meegaat en zijn zoon Dirk Pitt – is vragen om verwarring en soms duurt het even vooraleer kan uitgemaakt worden wie van deze twee betrokken is bij een bepaald hoofdstuk.

Ondanks bovenstaande opmerkingen en het feit dat er nog te veel fouten in de tekst zijn achtergebleven, kan de liefhebber van spannende boeken met een liefde voor geschiedenis en technologie best noig wat plezier beleven aan Duivelsadem, waar inde auteur een Hitchcockje doet, door zijn naam te lenen aan een personage met een bescheiden rol.
Duivelsadem is lang niet het beste boek uit de Dirk Pitt reeks. Net als bij de cover zelf, die niet echt scherp afgedrukt werd en goedkoop aandoet, zijn er teveel minpuntjes te noteren betreffende het verhaal om zich zelfs in de middelmaat te handhaven. Daar kan zelfs het interessante onderwerp niets aan veranderen


Het definitieve verdict: 4/10

EOB.JPG


11-08-11

SCHOETERS Staf - De schaduw van de adelaar

 

ssdsvda.jpg

De eerste zin:
Weduwe Leguilloux, pensionhoudster in de rue des Prouvaires in de wijk Saint-Germain, plaatste de zak aanmaakhout op de overloop naar de mansarde en wachtte na de steile klim tot ze haar ademhaling weer onder controle had.

De korte inhoud
Parijs / december 1800: Eerste Consul Bonaparte overleeft de bomaanslag in de rue Nicaise. De royalisten (Chouans) worden opgejaagd, maar laten niet af met spioneren en complotteren.
1805: onder het bewind van keizer Napoleon I, groeit Antwerpen uit tot een havenstad van formaat en haalt zich daardoor de afgunst van Engeland op de hals.
De burgers van het geannexeerde departement der Beide Neten (Antwerpen) maken ook kennis met de schaduwzijde van het Franse bewind: de constante oorlogsdreiging, de Police Générale en de onaflatende druk van de conscriptie.
Idealisme en loyaliteit verworden tot corruptie en verraad, naarmate Napoleon het Europese vasteland aan zich onderwerpt. Persoonlijke belangen en conflicten worden beïnvloed door internationale ontwikkelingen. Het individu wordt speelbal van politieke en financiële malversaties; een gegeven van alle tijden.


Het volledige rapport
Staf Schoeters werd in 1949 geboren in Merksem, aan de rand van de stad Antwerpen, waar veel van zijn boeken gesitueerd zijn. Zo ook De schaduw van de Adelaar, dat in 1998 laureaat was van de allereerste Hercule Poirotprijs.

Hierin staan persoonlijke verrijking en corruptie centraal in de beginjaren van de negentiende eeuw, wanneer Antwerpen onder het bewind van Napoleon uitgebouwd werd tot een wereldhaven. Hoewel dit boek het eerste deel van een trilogie is die verder bestaat uit De wandelgangen van de macht en De wegen naar ontvoogding, is het een afgerond verhaal dat los van de andere twee werken kan gelezen worden.

De schaduw van de adelaar, dat zich afspeelt in het eerste decennium van de negentiende eeuw is niet echt een evenwicht boek. Alle nadruk ligt op de handelingen die de personages uit zelfbehoud en zelfverrijking maken. De locaties, de personages zelf als ook het tijdsbeeld zijn er zo compleet aan ondergeschikt dat ze amper plaats krijgen in het boek. Enkel de belangrijkste gebeurtenissen worden summier aangehaald in de vorm van artikels in het krantje dat het hoofdpersonage uitgeeft, wat wel een handige oplossing is om feiten te integreren in een roman.

‘“De Schaduw van de adelaar” evoceert op indringende wijze historische gebeurtenissen en personages tegen de nauwgezet gereconstrueerde achtergrond van één der interessantste periodes uit de Europese geschiedenis.’, staat er ook nog op de achterflap. Maar er werk dat bovenstaande pretendeert te zijn, moet de lezer overstelpen met met zin om meer te weten te komen over de historische personages die opgevoerd worden alsook over het stukje geschiedenis waarin ze acteren. En laat dat nu net niet het geval zijn: deze roman beroert zijn publiek totaal niet.

Ook is het jammer te moeten vaststellen dat er te veel fouten in het boek staan, vooral in de vorm van een inconsequente spelling van de namen van de personages. Vermijdbare fouten die het leesplezier niet bevorderen.

De Poirot-prijs ten spijt, heeft De schaduw van de adelaar ook meer weg van een roman dan van een spannend boek, want enerzijds worden de meest veelbelovende verhaallijnen, wat spanning betreft, te summier uitgewerkt om impact te kunnen hebben op het geheel. En anderzijds is het gekonkel en gekronkel van de machthebbers niet geheimzinnig genoeg gebracht om het verhaal te kunnen dragen. Deze vaststelling wordt ook bevestigd door de NUGI code, waaronder het boek valt.

Het definitieve verdict: 5/10

EOB.JPG


16-01-11

KEPLER Lars - Contract


klc.jpg


De eerste alinea:
Het is windstil als het grote plezierjacht in de lichte nacht drijvend wordt aangetroffen op de Jungfrufjärden in de zuidelijke scherenkust van Stockholm. Het water heeft een lome, blauwgrijze kleur en beweegt zich traag als nevel.

De korte inhoud
.
Op een zomernacht wordt op een verlaten plezierjacht dat ronddobbert in de Stockholm-archipel het lichaam van een vrouw gevonden. Ze lijkt verdronken te zijn, maar haar longen zijn gevuld met brak water dat niet afkomstig blijkt te zijn van de archipel. De volgende dag wordt er een man gevonden in zijn appartement in Stockholm. Hij hangt aan een plafondhaak, in een verder lege kamer. Inspecteur Joona Linna is ervan overtuigd dat de man zelfmoord heeft gepleegd. Hij krijgt gelijk, maar daarmee is de zaak niet gesloten. De twee doden vormen de opmaat tot een reeks duizelingwekkende en gevaarlijke gebeurtenissen die Joona Linna meesleuren in een nietsontziende jacht op de moordenaar.



Het volledige rapport
In de hoop het succes van Stieg Larssons Millennium trilogie te kunnen evenaren, werden er de laatste twee jaar een groot aantal nieuwe misdaadauteurs uit de Scandinavische landen gelanceerd en hun werken naar het Nederlands vertaald. Een ervan was Lars Keplers positief onthaalde politieroman Hypnose.

Lars Kepler is een pseudoniem waarachter Alexander Ahndoril en zijn vrouw Alexandra Coelho schuil gaan. Deze Zweden publiceerden elk eerder al onder eigen naam een aantal romans. Met Contract, dat op 27 januari aanstaande verschijnt, leverden ze hun tweede spannende boek af, waarin de hoofdrol weer werd toebedeeld aan Joona Linna, een inspecteur van de landelijke recherche.

Dit keer wordt de inspecteur opgezadeld met twee bizarre doden: een functionaris die een hoge post bekleedt in het Zweeds bestuur heeft zich verhangen t in een lege kamer van zijn woning en een jonge vrouw stierf op een verlaten zeiljacht: hoewel ze kompleet droog is, blijkt ze toch de verdrinkingsdood gestorven te zijn. Deze twee zaken blijken het topje van een ijsberg vol zaken die het daglicht niet kunnen verdragen.

Hoewel het boek zeer vlot wegleest worden sommige gebeurtenissen meermaals kort na elkaar met andere woorden dubbel of zelfs driedubbel beschreven. Het eindresultaat had dus net iets dunner gekund dan de vijfhonderdtwintig bladzijden die de drukproef welke ik mocht lezen dik was. Het is dus best mogelijk dat in de definitieve versie dit minpuntje (deels) weggewerkt wordt.
Maar het staat buiten kijf dat het verhaal staat als een huis. Inclusief een paar briljante wendingen die aangeven dat de auteurs echt wel hun best gedaan hebben om origineel uit de hoek te komen. Ook ontplooit het verhaal zich naar Scandinavische normen met een ongekende vaart.

Alleen is het jammer dat de entourage van en het hoofdpersonage zelf totaal niet tot leven komen. Joona Linna blijft steken als een grijze schim die blijkbaar een opmerkingsgeest heeft die aan helderziendheid grenst. Meermaals is een blik op een plaats delict voldoende voor hem om zich de feiten die zich er voordeden te kunnen voorstellen, wat toch wel ongeloofwaardig overkomt. Ik kan enkel maar veronderstellen dat deze figuren uitgebreider voorgesteld werden in Hypnose. Aan de eenmalige personages werd gelukkig heel wat meer aandacht besteed om ze te voorzien van een degelijke achtergrond om er realistische figuren van te maken.

Trouw aan de Scandinavische traditie bevat Contract heel wat onderhuidse kritiek op de maatschappij, waarbij deze keer het feit centraal staat dat door de onverzadigbare honger naar rijkdom en welstand van de mens zowat alles te koop is.

Contract is een onvervalste pageturner die het niet slecht zou doen in Hollywood, en die de lezer ook meteen nieuwsgierig maakt naar meer spannend werk van de handen van Lars Kepler.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


12-06-10

BERKHOF Aster - Dodelijk papier

 
badp

De eerste alinea
Ze hielden allen van Babette. Hun Babette, zeiden ze. Die gewoonte was zeker ontstaan omdat zoveel in hun dorp van haar was. Bijna alles, zeiden ze soms, de grote herberg, met afspanning en logement, zo stond het op de gevel, de zagerij, de houthandel, een aantal huizen, opslagplaatsen, de eikenbossen overal om het dorp heen, tot in de heuvels.


De korte inhoud
In een mooi, rustig dorpje in de Ardennen staat een ruïne van een middeleeuws kasteel. Daarnaast bevindt zich een groot houtbedrijf met zagerij. Het bedrijf is eigendom van de sympatieke en sportieve Babette, die door iedereen geliefd wordt en voor wie de huwelijkskandidaten in de rij staan. Maar de rijke erfgename wijst hen allemaal af.
Op een dag ontmoet ze Niels Sommer, een grote aantrekkelijke man, een zwerver. Ooit was hij universiteitsdocent, maar het academische leven verveelde hem.
Babette valt als een blok voor de charmante levensgenieter. Ze huwen in het stelsel van algehele gemeenschap van goederen. ‘Niets is meer van mij alleen,’ zegt Babette, ‘het is nu allemaal van ons.’ Niels protesteert eerst, maar aanvaardt dan toch dit gulle aanbod. Hij maakt gauw deel uit van het plaatselijke verenigingsleven en organisseert het jaarlijkse dorpsfeest. De hoofdattractie van dit feest is een klank- en lichtspel waarbij een pop aan een strop hangt. Ook dit jaar is hij van de partij. Maar deze keer is het geen pop die aan de kantelen van de ruïne bengelt, maar Niels Sommer.
Dan komen de geruchten. Niels zou gegokt hebben, hij zou schulden gehad hebben, en hij nam het niet nauw met de huwelijkse trouw.



Het volledige rapport
Lode van den Bergh werd op 18 juni 1920 geboren in Rijkevorsel in de Antwerpse Kempen. Na zijn studies Germaanse filologie ging hij aan de slag als redacteur bij de krant De Standaard en werkte hij aan zijn doctoraat in de wijsbegeerte dat hem in 1946 verleend werd. Later verzeilde hij in het onderwijs wat hem in staat stelde een groot deel van de wereld te bereizen.

Zijn eerste werken dateren al van tijdens zijn studies. Om te voorkomen dat zijn boeken in de lichtere genres een negatieve invloed zouden hebben op zijn meer serieuze werk, opteerde hij ervoor om zijn romans uit te geven onder het pseudoniem Aster Berkhof. Ongeveer een maand voor hij negentig kaarsjes mag uitblazen en na een loopbaan die bijna zes decennia overspant, verschijnt met Dodelijk papier zijn honderdeneerste boek. Maar omdat hij werken publiceerde in uiteenlopende genres is het “slechts” zijn drieëntwintigste roman die als misdaadliteratuur gecatalogeerd staat.


Hierin maken we kennis met Babette Sanson, een symphatieke pretentieloze maar steenrijke jongedame die haar dagen vult met het besturen van het florerende houtbedrijf dat ze van haar vader erfde. Als ze kennis maakt met de dromer Niels Sommer is het liefde op het eerste zicht en wat later stappen ze in het huwelijksbootje. Niels is een aanwinst voor het sociale leven in het dorp en de twee lijken een goed huwelijk te hebben. Tot op een dag het levenloze lichaam van Niels in een strop hangt aan de muren van de plaatselijke burchtruïne. Gevallen? Gesprongen? Geduwd? Met zijn dood komen ook de roddels op gang: was hij een gokverslaafde? Een speculant? Een vrouwengek?

Op crime.nl staat bij deze auteur volgend citaat: “Het schrijven van een detectiveroman is een buitengewoon plezierig spelletje: je begint met het einde; je bent de enige die weet hoe het afloopt en het hele boek door doe je niets anders dan je lezers misleiden en op het verkeerde spoor zetten.” Zo beschouwd lijkt het componeren van een misdaadverhaal wel een fluitje van een cent. En deze blauwdruk hanteerde de auteur blijkbaar ook bij het schrijven van Dodelijk papier, want ondanks alle mogelijke sporen die onderzocht worden, blijkt de dader toch weer diegene te zijn die het meest op de achtergrond gehouden wordt.

Toch is de auteur een belangrijk aspect van het schrijven van een spannend boek uit het oog verloren: het moet de lezer boeien. Een hier wringt het schoentje een beetje, want hoewel de lezer massa’s zand in de ogen gestrooid wordt op weg naar de ontknoping, nodigt de gebezigde schrijfstijl niet uit om in het verhaal op te gaan. Wollig taalgebruik en de keuze om het verhaal grotendeels door middel van conversaties te vertellen, leiden tot langdradigheid en geven de indruk dat er heel het boek door vijwel niets gebeurt. En als er dan tegen het eind aan eindelijk eens een beetje actie plaatsvindt, loopt het nog fout af. Als Aster Berkhof daarenboven zijn publiek en personages regelmatig behandelt als onwetende kinderen, die de dingen op eenvoudige wijze belerend moeten uitgespeld en voorgekauwd krijgen, voelt de lezer zich toch wel beledigd. Alsof de auteur het lang achterhaalde standpunt - dat hoger opgeleiden zich beperken tot literatuur en het spannende boek voorbehouden is voor het plebs – immer aanhangt.

Dodelijk papier is dus niet meteen Aster Berkhofs beste werk. Maar mag men dat nog wel verwachten van een man op een leeftijd die de meesten onder ons niet zullen bereiken?

Het definitieve verdict: 4/10

EOB