03-04-12
SCHOETERS Gaea - Diggers

De eerste zin:
Buiten rent een man die weet dat hij gaat sterven, maar het niet begrijpt, naar een deur.
De korte inhoud
Vijfentwintigduizend euro. Om alle restanten van de Eerste Wereldoorlog op een akker in de Westhoek te laten verdwijnen. Natuurlijk weigert archeoloog Arne Overstijns de opdracht. Tot zijn doctoraatsbeurs plots wordt ingetrokken.
Samen met twee jeugdvrienden begint hij te graven. Wanneer de vette klei zijn geheimen prijsgeeft, komen ook de verborgen agenda’s boven. Met elke spadesteek schuiven de morele grenzen op. En dan doen ze de vondst van hun leven. Meteen daarna valt de eerste dode.
Het volledige rapport
De Oost-Vlaamse journaliste en scenariste Gaea Schoeters kan je moeilijk beschuldigen van in meerdere sloten tegelijk te lopen. Als ze iets in haar hoofd heeft gaat ze er volledig voor. Of het nu met haar levensgezel zeven maanden lang per motor de Islamitische wereld doorkruisen is. Of een boek schrijven... De volledige toewijding is er altijd. Uit de dertigduizend kilometer lange reis op twee wielen destilleerde ze een originele en goed onthaalde roadmovie in boekvorm, die de titel Meisjes, moslims & motoren opgeplakt kreeg.
Halfweg 2010 trok ze zich een jaar terug om Diggers op papier te zetten. Vertrekkend van het resultaat van een aantal brainstormsessies voor een vroegtijdig afgevoerd project omtrent een televisieserie over de Eerste Wereldoorlog, werkte ze zich uit de naad om tot een meer dan 600 bladzijden tellend verhaal te komen dat balanceert op de grens tussen thriller en roman en waarin de diggers centraal staan: een groep amateurarcheologen die in de Westhoek naam maakten met het zoeken naar – en opgraven van – artefacten uit de Groote Oorlog. Een activiteit die op veel begrip kon rekenen in de streek, maar een paar jaar geleden door een rechterlijke uitspraak verboden werd.
Diggers, dat “Een kleine Groote Oorlog” als ondertitel meekreeg is bovenal een “coming of age”- roman, waarin de archeoloog Arne Overstijns, die zijn doctoraatsbeurs ziet ingetrokken worden, zich laat verleiden om tegen een riante betaling een perceel grond in de buurt van Zillebeke te gaan ontdoen van alle aanwezige oorlogsmunitie. In zijn hang naar de goede oude tijd, neemt hij twee van zijn oude vrienden – eveneens ex-diggers - mee om de klus te klaren. En dan doen ze een bijzondere vondst in de West-Vlaamse klei, die niet alleen hun onderlinge relaties, maar tevens die van hun grote liefdes onder druk zet…
Het verhaal vangt aan met een dubbele intro, waarin meteen de toon gezet wordt: de auteur probeert haar literaire niveau te bewijzen met een overvloed aan vergelijkingen en profileert zichzelf als een vrouw van de wereld door in een veel te hoge densiteit aan namedropping te doen. Ook de soundtrack van het boek valt hieronder: van Schubert over La Esterella en Vive la fête tot aan Rammstein toe. Of zou het een krampachtige poging zijn om iedereen te plezieren en niemand in de kou te laten staan?
Voor wat betreft het spannende draadje vertrekt Gaea Schoeters van hetzelfde basisgegeven als Tess Gerritsen in Het aandenken: een op het eerste zicht oud lijk dat bij nader onderzoek helemaal niet zo oud blijkt te zijn. Maar om een mooie spanningsboog te handhaven, besteedt de schrijfster te veel tijd aan de relaties tussen de hoofdpersonages onderling en hun respectievelijke liefjes, zonder zelfs maar veel diepgang te creëren.
Achter de sobere, maarmooie cover van Diggers ligt een verhaal waarmee ik moeilijk raad weet. Ik vraag mij al de hele tijd af – en je mag het melodietje van Mega Mindy tijd erbij denken: Is het een roman? Is het een thriller? Nee, dat is niet goed. Het is Gaea Schoeters die haar dingetje doet. Maar ze bevestigt vooral dat het een zeer moeilijke taak is om spanning en literaire ambitie te verenigen tussen een enkele omslag. En dat het een schier onmogelijke taak lijkt om hiermee de echte liefhebber van het spannende boek te overtuigen.
Het definitieve verdict: 4/10
20:25 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: schoeters_gaea, nederlandstalig, belgie, 4, drama, historisch, literair, alleenstaand |
Facebook |
15-01-12
CUSSLER Clive - Duivelsadem

De openingszin:
De kreet ging reutelend door het schip, als gehuil van een gewond dier in het oerwoud, een triest gejank dat klonk als een smeekbede om de dood.
De korte inhoud
Een wetenschappelijke doorbraak om de opwarming van de aarde te keren, een reeks onverklaarbare dodelijke ongevallen in Brits-Columbia, een golf internationale incidenten die in een oorlog driegt los te barsten… NUMA-directeur Dirk Pitt en zijn kinderen Dirk jr. en Summer, geloven dat er een verband bestaat, maar zij weten ook dat hun weinig tijd rest voordat de situatie escaleert. De enige aanwijzing is een zilverachtig mineraal waarvan het spoor terug te volgen is naar een expeditie van lang geleden om de Noordwest Passage te vinden. Maar niemand overleefde die tocht, de kapitein en de bemanning kwamen allemaal om het leven – en als Dirk Pitt el zijn collega Al Giordino niet voorzichtig zijn, wacht hun hetzelfde lot….
Het volledige rapport
Wie Clive Cussler zegt, zegt in dezelfde adem eveneens maritieme archeologie. Niet alleen in de talrijke spannende boeken van deze tachtigjarige Amerikaanse auteur, maar ook in zijn echte leven staan scheepswrakken centraal. De laatste jaren werkt hij meer en meer met coauteurs. Zo vinden we op de cover van Duivelsadem ook de naam Dirk Cussler, de zoon van Clive, terug.
Duivelsadem, dat al het twintigste deel is in de serie rond Dirk Pitt, het alter ego van de auteur, is weer een typisch werk van Cusslers hand dat herkenbaar is aan de mix van wetenschappen, technologie en actie en die zich voor een groot deel op en onder water afspelen. Een Amerikaans wetenschapster ontdekt een eenvoudige oplossing om het probleem van de opwarming van de aarde te stoppen, maar om die ontdekking commercieel uit te kunnen baten heeft ze dringend nood aan een zeldzaam mineraal, waarvan voor het laatst in grote hoeveelheden gerapporteerd werden hoog in het noorden van Canada door een Britse expeditie in het midden van de negentiende eeuw vast kwam te zitten in het pakijs. Als Dirk Pitt de bron probeert op te sporen komt hij in aanvaring met een meedogenloze Canadese zakenman, die een imago als groene jongen cultiveert, maar ondertussen eenieder die de uitbreiding van zijn imperium een strobreed in de weg legt, zonder scrupules uitschakelt. Maar vader en zoon Pitt tonen zich waardige tegenstanders in een poging hun vel zo duur mogelijk te verkopen.
Duivelsadem voelt in het begin vrij stroef aan: door meteen een groot aantal op het eerste zicht losstaande vrij korte scènes op de lezer los te laten, kan men de lasnaden in de constructie van het verhaal gemakkelijk opmerken, net zoals bij het rijden over een betonweg, waarbij de voegen tussen de platen ook constant een lichte oneffenheid voelen.
Dit gegeven is er verantwoordelijk voor dat de eerste hoofdstukken niet gladjes verteerd worden. Gelukkig komt het verhaal later op kruissnelheid en kan de lezer zich dan verliezen in het verhaal dat toch net iets teveel actie bevat om de grenzen van de geloofwaardigheid niet te overschrijden.
De hoofdpersonages mogen hun voet niet buiten de deur van hun woonplaats zetten of er hangt wel een of ander onheil boven het hoofd. Als ik in hun schoenen zou staan, zou ik ernstig overwegen de hand aan mezelf te slaan, met zoveel tegenslagen op rij. De keuze om, in een verhaal dat in de derde persoon enkelvoud verteld wordt, twee van de belangrijkste personages van dezelfde naam te voorzien – vader Dirk Pitt die al heel de reeks meegaat en zijn zoon Dirk Pitt – is vragen om verwarring en soms duurt het even vooraleer kan uitgemaakt worden wie van deze twee betrokken is bij een bepaald hoofdstuk.
Ondanks bovenstaande opmerkingen en het feit dat er nog te veel fouten in de tekst zijn achtergebleven, kan de liefhebber van spannende boeken met een liefde voor geschiedenis en technologie best noig wat plezier beleven aan Duivelsadem, waar inde auteur een Hitchcockje doet, door zijn naam te lenen aan een personage met een bescheiden rol.
Duivelsadem is lang niet het beste boek uit de Dirk Pitt reeks. Net als bij de cover zelf, die niet echt scherp afgedrukt werd en goedkoop aandoet, zijn er teveel minpuntjes te noteren betreffende het verhaal om zich zelfs in de middelmaat te handhaven. Daar kan zelfs het interessante onderwerp niets aan veranderen
Het definitieve verdict: 4/10
12:28 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: cussler_clive, cussler_dirk, cussler_en_cussler, vertaald, usa, 4, actie, economisch, ecothriller, historisch, politiek, technologie, serie |
Facebook |
30-11-11
VANDENBERG Philipp - Dochter van Aphrodite

De openingszin:
Plotseling was het zover.
De korte inhoud
Ze is mooi als Aphrodite en ze is een heel bijzondere vrouw. De rijkste en machtigste mannen van Griekenland liggen aan haar voeten. Toch houdt courtisane Daphne uitgerekend van een man die niets van har wil weten: Themistokles uit Athene.
Maar als Daphne in de oorlog door de Perzen wordt ontvoerd, rust Themistokles niet voordat hij haar heeft gevonden...
Het volledige rapport
De Duitse germanist en kunstgeschiedkundige Hans Hartel, die eerder dit jaar zijn zeventigste verjaardag mocht vieren, verzeilde bijna per ongeluk in de wereld van de pen. Na een decennium van redactionele baantjes bij kranten en tijdschriften, begon hij vanaf 1973 onder het pseudoniem Philipp Vandenberg historische non-fictie te publiceren over de oude wereldrijken. Vanaf midden de jaren tachtig van de vorige eeuw waagde hij zich met succes ook aan spannende boeken die zich afspelen in het oude Egypte, Griekenland en Romeinse rijk.
Dochter van Aphrodite of Dochter van Afrodite - de titel heeft een andere spelling op de voorzijde dan op de achterzijde van de omslag – maakt deel uit van de collectie scherp geprijsde thrillers van Karakter Uitgevers. Dit op zichzelf staande verhaal belicht de moeilijke relatie tussen de Atheense veldheer en politicus Themistocles en de van Lesbos afkomstige hetaere – zeg maar courtisane– Daphne.
Zoals het een rasechte Griekse tragedie betaamt, zijn de hoofdpersonages speelballen van het lot. Het moet gezegd worden; de schikgodinnen hebben hun beste beentje voorgezet toen ze de levensloop van de historische figuur Themistocles uittekenden. De auteur moet zelf alle registers opentrekken om niet voor hen onder te doen met de lotgevallen van de fictieve Daphne.
Maar meer nog dan een verhaal over de kracht van de schoonheid en de invloed van mooie zelfzekere vrouwen op de mannen met macht en geld is Dochter van Aphrodite een prachtige roman over een stukje Griekse geschiedenis. Philipp Vandenberg neemt de lezer mee op sleeptouw van aan het einde van de eerste Perzische oorlog in 490vC, waar we getuige zijn van de eerste marathon aller tijden; via tien jaar later de tweede Perzische oorlog, met als blikvangers, de slag bij Thermopylae, die algemeen bekend werd door de film 300, en de zeeslag bij Salamis; om nog een decennium later te eindigen rond 471 voor onze jaartelling. Ondertussen gunt de auteur de lezer een mooi kijkje in het dagelijkse openbare leven van die tijd en strooit hij kwistig weetjes en anekdotes in het rond. Het feit dat hij zich laat betrappen op een paar makkelijke verifieerbare foutjes en dat hij onderweg een (te) groot aantal personages introduceert weze hem vergeven.
Door het verhaal van deze platonische liefde avant la lettre - de filosoof die er zijn naam aan gaf, was toen nog niet geboren – uit te spreiden over de lange periode van zowat twintig jaar ontstaat een traagheid, die echter door de afwisseling met voldoende actie, niet negatief uitvalt voor het geheel.
Met Dochter van Aphrodite schreef Philipp Vandenberg een degelijke, realistische historische faction roman met spannende accenten, die zeker door de geschiedenisliefhebbers gesmaakt zal worden en die, rekening houdend met de scherpe prijs, meer dan de moeite waard is.
Het definitieve verdict: 7/10
Deze recensie werd geschreven voor Crimezone.nl
19:33 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: vandenberg_philipp, vertaald, duitsland, 7, actie, drama, faction, historisch, oorlog, sociologisch, alleenstaand |
Facebook |
19-11-11
THIJSSEN Roel - Broederbloed

De openingszin
De korporaal maakte met zijn ka-bar-mes aan de bovenkant van de zak een opening en liet er wat rijst uitlopen.
De korte inhoud
Graham Marquand heeft het best goed voor elkaar in Vietnam. Van de hete oorlog in de jungle, de rijstvelden en de hooglanden krijgt hij niet zo veel mee. Zijn koude oorlog speelt zich af in de straten van Saigon. Hij leeft zijn relaxte leventje in de schaduw van de vuile oorlog en dankzij illegale handeltjes groeit de stapel bankbiljetten in zijn safe van de Bank of America. Maar dan arriveert zijn jongere broer Paul onverwacht in Vietnam. En Graham komt voor een aantal grote dilemma’s te staan.
Het volledige rapport
De Nederlandse historicus Jeroen Kuypers publiceerde begin deze eeuw al een aantal spannende boeken onder het pseudoniem Max Moragie. Midden vorig jaar zag, onder de pennaam Roel Thijssen, Broederbloed het levenslicht. Dit is het eerste deel van een trilogie die zich situeert tegen de achtergrond van de oorlog in Vietnam. Ook het tweede deel, dat de titel Operatie Freeborn meekreeg, is ondertussen al in de winkelrekken te vinden.
In Broederbloed maken we kennis met de Amerikaanse sergeant Graham Marquand, die met zijn logistieke eenheid ver van het front gelegerd is. Samen met een paar collega’s drijft hij een winstgevend handeltje in softdrugs. Zijn bijna luilekker te noemen leventje verandert echter plots in een tijd vol zorgen door twee bijna simultane gebeurtenissen: hij komt tot de ontnuchterende ontdekking dat zijn jongere broer Paul zich eveneens in het land bevindt, maar dan als frontsoldaat en hij wordt gepolst om actief deel te nemen aan een groots opgezette kunstsmokkel.
Roel Thijssen recreëert een mooi tijdsbeeld van het Vietnam in de jaren zestig, waarbij hij een aantal facetten van de clash der culturen gevat weet te belichten. Het samenleven van deze smeltkroes van nationaliteiten vormt – meer nog dan de oorlog zelf – de basis voor het verhaal van Broederbloed. Daarom kunnen zelfs zij die een grondige afkeer hebben aan oorlogsverhalen zich best wagen aan dit werkstuk, want de auteur gebruikt het oorlogsgeweld zo goed als alleen maar om zich te ontdoen van overbodig geworden personages. Het echte verhaal draait meer rond de persoonlijke verrijking van individuen en instanties allerhande.
Ondanks een aangename schrijfstijl, slaagt de auteur er niet in zijn publiek in het verhaal te zuigen en blijft er een onoverbrugbare afstand tussen lezers en personages. De vinger leggen op de oorzaak, blijkt echter een moeilijke opgave. Ligt het aan de randpersonages die voor de auteur, net als voor de generaals destijds, niet de moeite waard zijn om degelijk uitgetekend te worden. Het is toch maar kanonnenvoer. Ligt het aan de rechtlijnige plot die bij het dichtslaan van het boek toch wat magertjes blijkt uit te vallen? Of ligt het aan de sfeer die dichter aanleunt bij een documentaire dan bij een spannend verhaal? Of eerder, en meer waarschijnlijk, aan de combinatie van bovenstaande.
De eigenzinnige kijk van Roel Thijssen op dit stukje Vietnamese, en Amerikaanse geschiedenis van bijna een halve eeuw geleden, is het sterkste punt van Broederbloed. En dat alleen al maakt dit boek het lezen meer dan waard. Louter beschouwd als een spannend boek, zakt het echter terug in de middelmaat.
Het definitieve verdict: 6/10
21:08 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: thijssen_roel, nederlandstalig, nederland, 6, historisch, oorlog, sociologisch, serie |
Facebook |
11-08-11
SCHOETERS Staf - De schaduw van de adelaar

De eerste zin:
Weduwe Leguilloux, pensionhoudster in de rue des Prouvaires in de wijk Saint-Germain, plaatste de zak aanmaakhout op de overloop naar de mansarde en wachtte na de steile klim tot ze haar ademhaling weer onder controle had.
De korte inhoud
Parijs / december 1800: Eerste Consul Bonaparte overleeft de bomaanslag in de rue Nicaise. De royalisten (Chouans) worden opgejaagd, maar laten niet af met spioneren en complotteren.
1805: onder het bewind van keizer Napoleon I, groeit Antwerpen uit tot een havenstad van formaat en haalt zich daardoor de afgunst van Engeland op de hals.
De burgers van het geannexeerde departement der Beide Neten (Antwerpen) maken ook kennis met de schaduwzijde van het Franse bewind: de constante oorlogsdreiging, de Police Générale en de onaflatende druk van de conscriptie.
Idealisme en loyaliteit verworden tot corruptie en verraad, naarmate Napoleon het Europese vasteland aan zich onderwerpt. Persoonlijke belangen en conflicten worden beïnvloed door internationale ontwikkelingen. Het individu wordt speelbal van politieke en financiële malversaties; een gegeven van alle tijden.
Het volledige rapport
Staf Schoeters werd in 1949 geboren in Merksem, aan de rand van de stad Antwerpen, waar veel van zijn boeken gesitueerd zijn. Zo ook De schaduw van de Adelaar, dat in 1998 laureaat was van de allereerste Hercule Poirotprijs.
Hierin staan persoonlijke verrijking en corruptie centraal in de beginjaren van de negentiende eeuw, wanneer Antwerpen onder het bewind van Napoleon uitgebouwd werd tot een wereldhaven. Hoewel dit boek het eerste deel van een trilogie is die verder bestaat uit De wandelgangen van de macht en De wegen naar ontvoogding, is het een afgerond verhaal dat los van de andere twee werken kan gelezen worden.
De schaduw van de adelaar, dat zich afspeelt in het eerste decennium van de negentiende eeuw is niet echt een evenwicht boek. Alle nadruk ligt op de handelingen die de personages uit zelfbehoud en zelfverrijking maken. De locaties, de personages zelf als ook het tijdsbeeld zijn er zo compleet aan ondergeschikt dat ze amper plaats krijgen in het boek. Enkel de belangrijkste gebeurtenissen worden summier aangehaald in de vorm van artikels in het krantje dat het hoofdpersonage uitgeeft, wat wel een handige oplossing is om feiten te integreren in een roman.
‘“De Schaduw van de adelaar” evoceert op indringende wijze historische gebeurtenissen en personages tegen de nauwgezet gereconstrueerde achtergrond van één der interessantste periodes uit de Europese geschiedenis.’, staat er ook nog op de achterflap. Maar er werk dat bovenstaande pretendeert te zijn, moet de lezer overstelpen met met zin om meer te weten te komen over de historische personages die opgevoerd worden alsook over het stukje geschiedenis waarin ze acteren. En laat dat nu net niet het geval zijn: deze roman beroert zijn publiek totaal niet.
Ook is het jammer te moeten vaststellen dat er te veel fouten in het boek staan, vooral in de vorm van een inconsequente spelling van de namen van de personages. Vermijdbare fouten die het leesplezier niet bevorderen.
De Poirot-prijs ten spijt, heeft De schaduw van de adelaar ook meer weg van een roman dan van een spannend boek, want enerzijds worden de meest veelbelovende verhaallijnen, wat spanning betreft, te summier uitgewerkt om impact te kunnen hebben op het geheel. En anderzijds is het gekonkel en gekronkel van de machthebbers niet geheimzinnig genoeg gebracht om het verhaal te kunnen dragen. Deze vaststelling wordt ook bevestigd door de NUGI code, waaronder het boek valt.
Het definitieve verdict: 5/10
21:54 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: schoeters_staf, nederlandstalig, belgië, prijswinnaar, 5, economisch, faction, financieel, historisch, roman, serie |
Facebook |
27-07-11
CUSSLER Clive - De jacht

De eerste zin
Als een boosaardig prehistorisch zeemonster kwam het boven water.
De korte inhoud
1950. Het roestende gevaar van een stoomlocomotief rijst op uit de diepte van een meer in Montana. In de locomotief bevinden zich de resten van drie mannen die vierenveertig jaar geleden zijn gestorven.
1906. Al twee jaar worden de westelijke staten van Amerika geteisterd door een misdaadgolf: een reeks bankroven door één man die koelbloedig alle getuigen vermoordt en daarna spoorloos verdwijnt. De Amerikaanse regering schakelt de hulp in van de beste man die ze kunnen vinden: Isaac Bell een lange, magere detective met een geduchte reputatie.
Van Arizona via Colorado naar San Francisco gedurende de catastrofale aardbeving – Bell zet de jacht in op de sluwste misdadiger die hij ooit is tegengekomen, en de vrouw die de sleutel in handen heeft van de identiteit van de bandiet…
Het volledige rapport
De Amerikaanse veelschrijver Clive Cussler heeft altijd al een band gehad met het water, dat in zijn verschillende series dikwijls onderdeel uitmaakt van de locaties. De jacht is het eerste boek in vier jaar dat de auteur, die op vijftien juli laatstleden tachtig werd, schreef zonder coauteur. Het boek, dat in Amerika al in 2007 verscheen, was initieel opgezet als een op zichzelf staand werk, maar ondertussen zijn er in het Engelse taalgebied al drie andere titels verschenen met dezelfde hoofdrolspeler: Isaac Bell, een detective die werkt voor het in alle staten van de USA vertegenwoordigde detectivebureau Van Dorn.
In De jacht krijgt Isaac Bell de opdracht om de Bandit Butcher – een meedogenloze bankovervaller die niet op een dode meer of minder kijkt en er steeds in slaagt spoorloos van zijn plaatsen delict te verdwijnen – een halt toe te roepen. Een zoektocht en klopjacht die uitdeint over de wegen en spoorwegen van het westelijke deel van de USA en krijgt – hoe kan het ook anders – zijn ontknoping krijgt op het water.
De boeken van Clive Cussler zijn zeer filmisch geschreven en lijken op maat gesneden voor Hollywood. Dit werk is daar geen uitzondering op. De lezer stapt in een wagen die van meet af aan een rotvaart ontwikkelt, waarvan de motor loopt op actie en het parcours voldoende verrassingen bevat, in de vorm van plotwendingen, om van De jacht een aangename leeservaring te maken.
Deze stijl impliceert bijna een rechtlijnig plot en een aantal losse draadjes, want randpersonages worden zonder pardon achtergelaten eenmaal hun rol uitgespeeld is. En dat is bij momenten jammer, want de lezer is soms wel geïnteresseerd in wat er nog van die karakters geworden is. Maar het opmerkelijkste minpunt is de fout in de chronologie waardoor het detectivebureau de opdracht om achter de Bandit Butcher te gaan pas krijt in 1908, terwijl de jacht zelf zich twee jaar eerder afspeelt.
Het situeren van het gros van het verhaal in het begin van de vorige eeuw zorgt trouwens voor een uniek sfeerbeeld waarbij de auteur veel aandacht besteedt aan de opkomst van de automobiel, wat van De jacht een mannenboek bij uitstek maakt.
De jacht is een typische Cussler geworden en de lezers die van zijn vorige boeken kon genieten kunnen zich dit exemplaar eveneens blindelings aanschaffen.
Het definitieve verdict: 7/10
19:27 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: cussler_clive, vertaald, usa, 7, actie, detective, historisch, serie |
Facebook |
15-07-11
YOUNG Robyn - Ridder

De eerste zin:
De hoge allesoverheersende zon kroop naar het zenit en veranderde de donkere okerkleur van de woestijn in het wit van vervleekte botten.
De korte inhoud.
Will Campbell is de zoon van een ridder van de Orde van de Tempeliers. Voordat hij zelf toe mag treden tot de Tempel wacht hem een lange en zware beproeving als leerling van de strenge Sir Everard. Terwijl hij probeert te overleven in de harde leerschool van de Tempel wordt Will geconfronteerd met een gevaarlijk mysterie rond Everard en zijn verboden gevoelens voor Elwen, de onafhankelijke jonge vrouw die hij maar niet uit zijn hoofd kan zetten.
Ondertussen groeit in het Oosten de macht van de voormalige slaaf Baibars. Deze meedogenloze krijger en briljante strateeg is de grootste generaal van zijn tijd en heeft maar één doel: hij zal niet rusten tot zijn volk is bevrijd van de Europese bezetters van zijn thuisland.
Het volledige rapport.
Hoewel de Britse Robyn Young amper eenendertig jaar oud was toen ze met Ridder (van de tempeliers) debuteerde, was ze al zowat zeven jaar aan het schaven aan dit boek, dat het eerste deel is van deze Middeleeuwse trilogie, waarin de kruistochten en rol van de tempeliers erin, centraal staan. De andere boeken uit de reeks kregen de titels Kruistocht en Requiem mee.
Tegen een historische correcte achtergrond tekent de auteur het fictieve verhaal van Will Campbell vanaf zijn opleiding tot tempelier in Londen tot aan zijn eerste kennismaking met Heilige Land. Zo bestrijkt Ridder de periode van september 1260 tot mei 1272. Naast de ontertussen al tot vervelens toe herkauwde westerse visie op deze periode van de geschiedenis, weet Robyn Young zich van de anderen te onderscheiden door eveneens veel tijd te spenderen aan het standpunt van de Arabische wereld.Door de ogen van een van de meest gevreesde en populaire Egyptische sultan Baibars, wordt de lezer ingewijd in een compleet tegengestelde kijk op de kruistochten, dan deze welke ons onder invloed van de katholieke kerk met de paplepel ingegeven werd. Deze dubbele kijk op dezelfde feiten levert een pareltje van historische faction op, waardoor jammer genoeg een fictief verhaaltje geweven wordt zoals er al tientallen geschreven werden: deze keer is het onderwerp van conflict een boek dat de tempeliers ten gronde kan richten, en dat de vijanden van de orde maar al te graag openbaar willen maken
Robyn Young slaagt erin de feiten op een zeer aangename wijze aan te brengen, zonder ook maar ergens de belerende weg in te slaan. Enkel het middenstuk, dat zich in Parijs afspeelt, is te landradig, maar later krert het verhaal zich weer op kruissnelheid, waardoor de vijfhondervijfenzestig bladzijden licht verteerbaar zijn en vlot omgedraaid kunnen worden.
Ridder is een zeer geloofwaardige historische roman, maar de auteur had beter evenveel werk gestoken in het ontwikkelen van de spannende draad als in haar research. Toch is dit boek verplichte literatuur voor alle liefhebbers van boeken over Tempeliers en de Middeleeuwen, want ze zullen er niet alleen veel van opsteken, maar Robyn Young brengt het ook nog eens op een aangename wijze.
Het definitieve verdict: 7/10
07:05 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: young_robyn, vertaald, groot-brittannie, 7, avontuur, faction, historisch, oorlog, religieus, serie |
Facebook |
12-05-11
WHITE Michael - De moordkunstenaar

De eerste zin:
Luidkeels gillend rende ze over straat.
De korte inhoud.
In al zijn jaren bij de politie is inspecteur Jack Pendragon nog nooit geconfronteerd met zo’n gruwelijke reeks moorden. De lichamen van de slachtoffers zijn op verschrikkelijke wijze verminkt en vervolgens zo gepositioneerd dat ze verwijzen naar werken van beroemde surrealistische schilders.
Om de zaken nog ingewikkelder te maken, lijkt er een verband te zijn tussen deze moorden en een serie onopgeloste moorden in Londen in 1880 (sic), namelijk die van Jack the ripper. Pendragon is vastbesloten de zaak op te lossen, maar zijn tegenstander is niet alleen gevaarlijk, hij is ook bijzonder intelligent en laat geen sporen achter.
Een bloedstollende race tegen de klok begint…
Het volledige rapport..
De uit Groot-Brittannië afkomstige auteur Michael White week uit naar Australië waar hij zich vestigde in Sydney. Na in de eerste helft van de jaren tachtig een tijdje in de muziekwereld vertoefd te hebben, doceerde hij een aantal jaar wetenschappen, om zich daarna volledig op het schrijven toe te leggen. Hij maakte naam en faam als biograaf. Zo zette hij het leven van o.a. Asimov, Machiavelli, Tolkien, Da Vinci, Einstein, Stephen Hawking en Darwin op papier.
Tijdens het schijven van Newtons biografie ontstond al het idee om zich ook eens te wagen aan fictie maar het duur nog bijna een decennium vooraleer hij in 2006 zijn spannend debuut maakte met Equinox. De moordkunstenaar is al het vierde spannende boek dat onder zijn eigen naam verschijnt, - hij schrijft onder het pseudoniem Sam Fisher ook nog verhalen in de reeks E-Force, een moderne versie van Thunderbirds, de BBC poppenserie uit de jaren zestig.
In De moordkunstenaar hernieuwen we onze kennismaking met rechercheur Jack Pendragon uit De Borgia-ring, die een reeks gruwelijke moorden op zijn boterham krijgt, die allen lijken geïnspireerd door wereldberoemde surrealistische schilderijen. Het spreekt voor zich dat deze sadist zo snel mogelijk een halt toegeroepen moet worden, maar hoe begin je eraan als er op de plaatsen delict amper een bruikbaar spoor gevonden wordt…
Michael White pakt de lezer meteen bij het nekvel door uit te pakken met een sterk en fascinerend begin waarin alles moet wijken voor het schokeffect. Gelukkig vergeet de auteur niet verder in het verhaal onder meer zijn personages van een degelijke achtergrond te voorzien, zodat de noodzakelijke diepgang ook bereikt wordt.
De moordkunstenaar is van hoog niveau tot op het moment dat hij met een tweede verhaallijn aanvangt die zich afspeelt in 1888, en waaruit een link moet blijken tussen de moorden van Jack the Ripper en de kunstmoorden die Pendragon onderzoekt. Een link die zo ver gezocht is dat de magie van het verhaal uiteenspat als een zeepbel. Michael White had er veel beter aan gedaan voor de moordkunstenaar enkel de hedendaagse verhaallijn te gebruiken. En zijn visie op de man Jack the Ripper en diens beweegredenen meer uit te werken tot een op zichzelf staand boek, waardoor er veel meer kracht zou van uitgaan dan nu het geval is.
De twee verhaallijnen staan als ying en yang tegenover elkaar, maar in plaats complementair te zijn, neutraliseren ze elkaar, waar door geloofwaardigheid, echtheid spanning en mijn gevoel over het boek elkaar halverwege ontmoeten en het potentieel dat, getuige het sterke begin, in De moordkunstenaar aanwezig is, niet volledig tot ontplooiing komt. Zo ook het feit dat er wel erg veel politie aanwezig is in de Londense wijk Whitechapel, waar de auteur zijn verhaal laat afspelen en dat het oplossen van deze aartsmoeilijke puzzel slechts acht dagen in beslag neemt voor de nodige vraagtekens.
Toch is De moordkunstenaar zeker geen slecht boek. Maar het had veel beter gekund.
Het definitieve verdict: 6/10
21:12 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: white_michael, vertaald, groot-brittannie, creme_de_la_crime, historisch, kunst, policier, seriemoordenaar, whodunit, alleenstaand |
Facebook |
05-05-11
OTTEN Almar - De afstammeling

De eerste zin:
Het intense licht van de ondergaande zon zet het slagveld in lichterlaaie.
De korte inhoud
Nooit vertelde historica Lineke Tesenga iemand over die ene ochtend. Ze betrapte haar vriend Berend, een gepassioneerd amateur-archeoloog, terwijl hij in haar kelder iets inmetselde. Kort daarop stierf hij bij een onverklaarbaar auto-ongeluk. Nu wil Lineke nog maar één ding: de waarheid achterhalen.
Joris Dumbar doet tijdens zijn promotieonderzoek in Utrecht een opzienbarende vondst: een onbekend en eeuwenoud manuscript. Het beschrijft de reis van de missionaris Lebuïnus, die in de achtste eeuw in Deventer leefde. Wanneer Joris’ flat overhoop wordt gehaald, beseft hij dat hij iets bijzonders en gevaarlijks op het spoor is. Iets wat iemand tot elke prijs wil hebben..
Op zoek naar antwoorden vlucht hij naar Deventer: de bron van het verhaal. Daar ontmoet hij Lineke en samen doen ze een ontdekking die de Nederlandse geschiedenis op zijn kop zet.
Het volledige rapport..
Na zijn studies hydrologie lokte een baan Almar Otten naar Deventer waar hij zich met vrouw en twee dochters ondertussen meer dan thuis voelt. Na zijn dagtaak als milieuambtenaar bij het gemeentebestuur, vult hij zijn vrije tijd sinds de geboorte van zijn eerste dochter met het schrijven van spannende boeken.
Zo werkt hij al een aantal jaren aan de serie De zeven Deventer moordzaken, waarvan tot op heden al vier episodes verschenen bij Artnik. Deel vier , Lied van angst, haalde verleden jaar zelfs een nominatie voor De diamanten kogel binnen. En nu ligt het door Sijthoff gepubliceerde De afstammeling in de winkels. Hoewel hij zijn vaste personages even terzijde schuift, houdt hij ook in dit boek vast aan Deventer als plaats van gebeuren.
Als de Utrechtse promovendus Joris Dumbar, die onderzoek doet naar de kerstening van de Saksen in de tweede helft van de achtste eeuw totaal onverwacht zijn ontslag krijgt zonder een aanvaardbare reden, vermoed hij dat een ontdekking tijdens zijn onderzoek wel eens deze echte reden kan zijn. Hij besluit een en ander uit te zoeken en trekt naar Deventer waar hij kennis maakt met Lineke Tesinga, de beheerder van de middeleeuwse boeken in de stads- en Athenaeumbibliotheek. Haar wereld staat, sinds de dood van haar vriend, drie jaar geleden stil en besluit, onder de indruk van Joris’ enthousiasme, definitief uit te zoeken waarom de door van haar vriend tegelijk een pijnlijke breuk met haar schoonmoeder in spe teweeg bracht. Samen duiken ze in het verleden en doen ze een waardevolle ontdekking
Almar Otten heeft een zeer aangenaam lezende schrijfstijl die net zo goed binnen loopt als pils. Hij vertelt zijn verhaal in de derde persoon enkelvoud en leidt ondertussen de lezer quasi ongemerkt langs de mooiste plekjes van zijn geliefde Deventer, één van de oudste steden van Nederland.
De auteur brengt zijn verhaal, vertrekkend van een degelijk gecomponeerde plot, op zeer onderhoudende wijze, waarbij hij de inspiratie onder andere haalde uit de historische boeken van de streek die zijn vader publiceerde.
De geloofwaardigheid van De afstammeling heeft wat te lijden onder het gemak waarmee mensen straffeloos uit de weg geruimd worden, maar is voor een boek in dit subgenre nog ruim aanvaardbaar. De wetenschappelijke en historische insteek draagt hier zeker toe bij.
Ook tekent Almar Otten zijn hoofdpersonages met veel oog voor detail, maar soms worden ze verplicht om net iets boven hun kunnen te acteren, waardoor het karakter en de daden van die protagonisten niet altijd in elkaars lijn liggen. Jammer genoeg moet ook worden vastgesteld dat de figuren die de grote bijrollen vertolken amper tot leven komen.
Met De afstammeling brengt Almar Otten een meer dan aardige variatie op de relithriller, die eens niet de katholieke kerk maar het gedachtegoed van de Saksen als thema en rode draad gebruikt.
Het definitieve verdict: 7/10
21:13 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: otten_almar, nederlandstalig, nederland, 7, historisch, religieus, alleenstaand |
Facebook |
30-04-11
VYLETA Dan - Pavel & ik

De eerste zin:
De jongen hing altijd om hem heen in die tijd.
De korte inhoud
Berlijn 1946. Tijdens de koudste winter sinds mensenheugenis, tussen de puinhopen van een verscheurde hoofdstad, is de Amerikaanse soldaat Pavel op zoek naar medicijnen. Zijn nieren werken slecht en zonder hulp is hij ten dode opgeschreven. Op een dag volgt een Duits weesjongetje, Anders, hem naar zijn appartement, aanvankelijk om hem te bestelen, maar uiteindelijk redt hij zijn leven. Een onwaarschijnlijke vriendschap ontstaat, die op de proef wordt gesteld wanneer Boyd, een kennis van Pavel, met een lijk op de stoep staat.
Pavel besluit Boyd te helpen en het lijk te verbergen, en raakt hierdoor verstrikt in een complot. Boyd wordt niet veel later vermoord teruggevonden en het verborgen lijk blijkt van een Russisch spion te zijn. Op de nacht waarin hij werd vermoord zou hij een mysterieus pakje in zijn bezit hebben gehad waar zowel de Russen als de Duitsers naar op zoek zijn.
Het volledige rapport..
Dan Vyleta werd in Duitsland geboren uit Tsjechische ouders die de Praagse lente ontvlucht waren. Op zijn beurt emigreerde hij via Engeland, waar hij in Cambridge geschiedenis studeerde naar Canada waar hij woont en werkt in Edmonton.
Nadat hij onder de naam Daniël M. Vyleta als een historisch werk afleverde over de misdaadjournalistiek in het Wenen van net voor de eerst wereldoorlog, debuteert hij in 2008 met de literaire thriller Pavel & ik als romanschrijver.
Pavel, een Amerikaans militair die na het einde van de tweede wereldoorlog in het bijna totaal verwoeste Berlijn gebleven is, probeert, vechtend tegen een nierziekte de extreem koude winter van 1946 door te komen door zich terug te trekken in de wereld van de literaire klassiekers. Wanneer hij in contact komt de verweesde en op straat levende tiener Anders ontstaat een hechte band tussen de twee. Maar dan raken ze persoonlijk betrokken bij de naweeën van de oorlog waarin de Britten, Russen en Duitsers allen proberen hetzelfde stukje informatie te bemachtigen. Pavel toont zich, met de hulp van zijn vriend en zijn buurvrouw Sonia , een meesterlijk strateeg in zijn pogingen het drietal uit het oog van de storm te manoeuvreren.
Toch slaat de “ik” in de titel niet op Anders, maar op een randfiguur door wiens ogen en aan de hand van wiens geheugen het verhaal gereconstrueerd en verteld wordt. In de eerste helft van het boek is het meer een vertellende toeschouwer die slecht af en toe in beeld komt en nu en dan het gebeurde van commentaar voorziet. Pas later wordt zijn rol groter en krijgt zijn personage een naam en betekenis. Door afwisselend de eerste en derde persoon enkelvoud te gebruiken en die laatste dan nog meermaals vanuit een ander personage te laten vertrekken ontstaat een verwarrende en inconsistente vertelstructuur.
Dan Vyleta zet zijn verhaal op een overdreven beschrijvende wijze, rijkelijk doorspekt met vergelijkingen en bijvoeglijke naamwoorden, op papier, waardoor een extreme traagheid gecreëerd wordt, waar de liefhebber van het spannende boek niet aan gewend is. Enkel Peter Temple zit als hedendaags misdaadauteur in hetzelfde vaarwater: literaire boeken, die schijnbaar ongestuurd voortkabbelen.
Er wordt dan ook geen enkele moeite gedaan om enige spanning in het verhaal te pompen en als er toch eens even een opwelling tot actie komt wordt die meteen neergesabeld door de negerende apathie van het hoofdpersonage en de terloopsheid waarmee alles voorgeschoteld wordt..Zo is de lezer meer geïnteresseerd naar de identiteit van de verteller dan naar die van Pavel of zelfs de ontknoping van het verhaal.
Wel weet Pavel & ik te raken op gebied van sfeervorming, want de auteur tekent een grauw en harde omgeving op voor zijn personages: een wereld vol armoede, honger en hebzucht waar alles te koop is en geld gelijkstaat met macht.
Net zoals Peter Temples werken wordt Pavel & ik door de literaire recensenten hoog ingeschat, maar de gewone liefhebber van het spannende boek zal er wellicht weinig plezier aan beleven.
Het definitieve verdict: 4/10
11:24 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: vyleta_dan, vertaald, canada, 4, heimatroman, historisch, koude oorlog, literair, sociologisch, spionage, whydunit, alleenstaand |
Facebook |
17-04-11
BERNAUW Patrick & COPPENS Philip - De paus van Satan

De eerste zin:
Het was in het jaar 1888 dat ik de geforceerde banaliteiten en de rigide structuren van de roman voorgoed en bewust inruilde voor een eigen vorm van geschiedschrijving, die geen behoefte had aan een begin, een midden en een slot waarin alles netjes werd verklaard.
De korte inhoud
De negentiende-eeuwse auteur Joris-Karl Huysmans werkt eigenlijk voor de Franse geheime dienst. Huysmans infiltreert in het satanistische milieu van Parijs en komt er op het spoor van de paus van Satan. Deze oppersatanist, die de komst van de antichrist moet voorbereiden, blijkt niemand minder te zijn dan de kapelaan van de Basiliek van het Heilig Bloed in Brugge, Louis Van Haecke. En zo belandt Huysmans in Bruges-la-morte, de stad die door de Tempeliers ooit was voorbestemd om het Jeruzalem van het Westen te worden.
Huysmans schrijft een opheffende roman over zijn afdaling in een zwartmagische onderwereld, Là-bas. Maar daardoor raakt hij ook betrokken in een ware Oorlog der Magiërs en komt hij terecht in een occult wespennest, waarin figuren als Nostradamus en Jack the Ripper een rol hebben gespeeld.
Huysmans ontdekt dat het geheim rond de afstammelingen van Jezus Christus en Maria Magdalena niet zou worden bewaard in Rennes-le-Château, in het zonnige zuiden van Frankrijk, maar een heel stuk noordelijker: in Brugge en in Orval.
Het volledige rapport..
De Aalsterse auteur Patrick Bernauw is tegenwoordig vooral aan de slag als bedenker en producent van teambuilding activiteiten. Na een afwezigheid van drie jaar ligt nu zijn nieuwste faction verhaal De paus van Satan in de winkelrekken, waarin de Franse ambtenaar Charles-Marie-Georges Huysmans - die vooral onder de naam Joris-Karl Huysmans bekendheid verwierf als auteur – de hoofdrol toebedeeld kreeg.
Volgens het voorwoord benaderde medeauteur Philip Coppens Patrick Bernauw met een document waaruit moet blijken dat Huysmans niet zomaar een ambtenaar was, maar een lid van de Franse geheime dienst. In die hoedanigheid moest hij een waakzame blik houden op de groeiende aandacht voor het satanisme dat sterk aan populariteit won in het Parijs van de late negentiende eeuw. Niet alleen zou dit gegeven aan de basis liggen van diens controversiële roman Là-bas, maar zou het hem op het spoor gezet hebben van een prominent duivelaanbidder die enkel bekend was als de paus van Satan.
Op zich is dit een originele invalshoeks die perspectief biedt, maar jammer genoeg stuurt de auteur zijn hoofdpersonage over dezelfde paden die reeds bewandeld werden in Bernauws boeken Het bloed van het lam en Nostradamus in Orval: de graallegende en de schat van de Tempeliers worden dus gerecycleerd.
Hoewel Philip Coppens als coauteur de cover siert, lijkt de tekst toch volledig van Patrick Bernauws hand, want de stijl ligt volledig in het verlengde van de twee eerder genoemde werken: moeilijk doorploegbare teksten waarbij de meest uiteenlopende feiten worden samengevoegd zonder dat er een coherent geheel ontstaat. Ik kan mij niet van het idee ontdoen dat de auteur enkel voor zichzelf schrijft en niet voor zijn publiek, want veel leesplezier is er aan dit boek niet te beleven. Misschien is De paus van Satan interessant voor lezers die het leven en werk van Huysmans al door en door kennen, maar de modale liefhebber van het spannende boek zal zich al snel afvragen waar de auteur nu eigenlijk naartoe wil en verloren lopen in de denkwereld van de auteur. Ook bevordert het feit dat het boek een afwisseling is van verhalende tekst en uittreksels uit het geheimzinnige document, gestoffeerd met een overvloed aan verklarende voetnoten, het leesplezier niet echt, om het zachtjes uit te drukken.
Dit voor uitgeverij Manteau zeer atypische boek, zou niet misstaan hebben op de verplichte literatuurlijsten uit mijn schooltijd, waardoor mensen eerder afgeschrikt werden om van lezen een hobby te maken in plaats van ervoor warm gemaakt te worden. De paus van Satan is in mijn ogen dan ook een miskleun als spannend boek.
Het definitieve verdict: 3/10
16:21 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: bernauw_patrick, coppens_philip, nederlandstalig, belgië, 3, faction, historisch, religieus, alleenstaand |
Facebook |
20-03-11
BROWN Dan - Het verloren symbool

De openingszin:
Hoe te sterven, dat is het geheim.
De korte inhoud
Robert Langdon wordt onder valse voorwendselen naar Washington gelokt: het epicentrum van de wereldmacht en de stad met de grootste verborgen geheimen uit de geschiedenis. Zijn goede vriend Peter Solomon, prominent lid van de vrijmetselarij en filantroop, is ontvoerd en verkeert in levensgevaar. Solomons kidnapper wil maar één ding: dat Langdon de codes van het mysterieuze genootschap ontcijfert en de legendarische macht die daardoor vrijkomt overdraagt.
Langdon kan niet anders dan het spel meespelen. Hij krijgt hulp van Katherine, Solomons zus, een vooraanstaand wetenschapper die de kracht van het menselijk denken bestudeert. Lukt het hun de geheimen van Washington te ontraadselen? Want wat hadden de idealen van de geestelijke vader van de Verenigde Staten gemeen met de denkbeelden van de vrijmetselarij? En kan die kennis Solomons leven en het voortbestaan van de wereld veiligstellen?
Het volledige rapport
Er was eens een Amerikaans zanger-pianist, die in afwachting van de grote doorbraak, in zijn onderhoud voorzag door voor de klas te staan. Op een gegeven moment beslist die man om het roer om te gooien en spannende boeken te gaan schrijven. Zijn eerst drie titels verkopen elk minder dan 10000 exemplaren. Zijn vierde boek wordt wel een succes in zijn thuisland en wordt het onderwerp van vertalingen. Ondanks dat het zeer goed onthaald werd bij het publiek breekt het internationaal geen potten. Tot een paar mannen een witte soutane uit Vaticaanstad besluiten een boycot uit te spreken over het boek, waardoor plots iedereen het boek wil hebben er zo maar even meer dan tachtig miljoen exemplaren over de toonbank gaan en het werk zich zelfs comfortabel nestelt in de top tien van de meest verkochte boeken aller tijden. Dit boek – De Da Vinci Code voor wie het nog niet geraden had – maakt van Dan Brown op slag een succesvol schrijver, want nu worden ook zijn ouderen boeken heruitgegeven en in vertaling aangeboden. Maar er moet gewerkt worden aan een opvolger en de druk op de schouders van de auteur is gigantisch. De verschijning ervan wordt keer op keer uitgesteld maar in 2009 – zes jaar na het vorige werk – ligt Het verloren symbool eindelijk in de winkels.
Professor symboliek Robert Langdon is weer van de partij, maar de achtergrond van christelijke invloeden wordt deze keer ingeruild voor deze van de vrijmetselarij. Als Langdon in Washington DC arriveert om op vraag van Peter Somolon een lezing te geven over symboliek, vindt hij er een lege zaal, waar hij verneemt dat Peter werd gekidnapt werd en enkel in leven zal blijven als Robert de geheimen van de vrijmetselarij kan ontrafelen. Robert wil het leven van zijn vriend tot elke prijs redden, maar diens collega-vrijmetselaars zijn een andere mening toegedaan: het geheim van de loge is meer waard dan een mensenleven. In een hectische race tegen de tijd op en in de buurt van de National Mall proberen alle partijen, elk om hun eigen redenen, de kidnapper te ontmaskeren
Het verloren symbool komt traag op gang, maar valt na een tijdje mooi in de plooi van Dan Browns beproefde concept: een spannende race tegen te klok waarbij zij die een geheim willen bewaren en zij die het willen openbaren elkaar naar het leven staan, gesmeerd met een olie van symbolenleer. Jammer genoeg telt het boek zowat dertig bladzijden teveel. Het laatste katern wordt Dan Brown zeurderig en belerend, door steeds zichzelf herhalend toch nog maar eens krampachtig de godsdiensten een schop tegen de schenen te willen verkopen. Het boek had een beter einde verdiend dan deze epiloog die de geloofwaardigheid een serieuze knauw geeft.
Het meest verrassend is eigenlijk dat de auteur erin geslaagd is dit groots opgezette verhaal te vertellen gebruikmakend van een absoluut minimum aan personages die op een minuscule oppervlakte acteren. Acteren, want de opgevoerde personages zijn zo excentriek dat ze nooit echt tot leven komen. Maar dat wordt dan weer gecompenseerd door enkele totaal onverwachte plotwendingen die de lezer telkens injecteren met een nieuwe dosis zin om verder te lezen, wat van Het verloren symbool toch weer een pageturner maakt.
Het moge duidelijk zijn dat Het verloren symbool – hoewel het zeker geen slecht boek is – bijlange niet kan tippen aan De Da Vinci code en Het Bernini mysterie. Ik hoop voor Dan Brown dat hij nu even kan ontsnappen aan de volgspots die hem de laatste jaren gevangen hielden en dat hij nu in alle rust kan werken aan de echte opvolger van zijn mondiale bestseller, want nu was de druk te groot om maximaal te presteren.
Het definitieve verdict: 7/10
20:13 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: brown_dan, vertaald, usa, 7, actie, familiedrama, gijzeling, historisch, religieus, seriemoordenaar, sociologisch, whydunit |
Facebook |
02-03-11
SMITH Tom Rob - Kind 44

De eerste zin:
Toen Maria had besloten om dood te gaan, moest haar kat verder maar voor zichzelf zorgen..
De korte inhoud
Het is 1953. al jaren houdt dictator Jozef Stalin de Sovjet-Unie in een ijzeren greep. In Stalins arbeidersparadijs is een seriemoordenaar actief die kinderen vermoordt. Maar in de Sovjet-Unie zijn zulke misdaden onmogelijk. Er bestaan alleen politieke misdaden. Wie al denkt dat een Sovjetburger tot die moorden in staat is, pleegt een misdaad en kan de kogel krijgen, of sterft een tergend langzame dood in een van de goelags. Voor de dood van de kinderen is altijd een logische verklaring: een ongeluk, buitenlandse spionnen – dossier gesloten.
Hoe los je een onmogelijke misdaad op?
Leo Demidov is een jonge, ambitieuze en toegewijde officier van de meedogenloze geheime dienst. Hij kent geen twijfels over het beleid van de communistische partij.
Maar de seriemoordenaar blijft actief en de kindermoorden gaan door. Het lijkt er zelfs op dat de moorden Demidov volgen, dat ze op de een of andere manier met hem te maken hebben. Leo beseft al snel dat hij de moordenaar van al die kinderen, wie het ook is, moet stoppen voordat hij zelf wordt vermoord.
Bij Demidov slaat de twijfel toe. Zijn vijanden binnen de muren van de Loebjanka, het hoofdkwartier van de geheime dienst, ruiken bloed en chanteren hem. Leo moet zijn loyaliteit aan de partij bewijzen, maar dat kan alleen als hij zijn vrouw Raisa verraadt.
Het volledige rapport.
Tob Rob Smith groeide op in Zuid-Londen waar zijn ouders een antiekwinkel uitbaatten. Hij begon al met het schrijven van verhalen in zijn jeugd, maar toen op de middelbare school een leraar hem aanraadde om toneelstukken te gaan schrijven maakte dat indruk op de jonge Tom. Na zijn studies werkte hij eerst als werknemer en later als zelfstandige vooral voor televisieproductiehuizen en –omroepen. Tijdens een minder drukke periode begon hij met het schrijven van zijn spannend debuut Kind 44, dat hij baseerde op de echte Russische seriemoordenaar Andrei Chikatoli, die in de jaren tachtig van vorige eeuw actief was.
Veiligheidsagent en perfecte Sovjetburger Leo Demidov komt per toeval op het spoor van een kindermoordenaar, maar volgens de communistische doctrine bestaan er geen seriemoordenaars. Deze contradictie brengt Leo aan het twijfelen inzake het officiële beleid; een gegeven dat zijn tegenstanders binnen de geheime dienst meteen uitbuiten om hem op een zijspoor te dirigeren. Maar Leo wil koste wat kost deze maniak opsporen en uitschakelen. Zelfs als dat betekent dat hij zijn naaste familie en zichzelf in grote problemen brengt. Enkel het met succes afronden van zijn zoektocht kan zijn geloofwaardigheid en re-integratie in de maatschappij weer bewerkstelligen.
Voor Kind 44 nam de auteur zich de vrijheid om het verhaal te verplaatsen naar de jaren vijftig toen Stalins schrikbewind zijn hoogtepunt beleefde. En deze kunstgreep blijkt een gouden idee te zijn, want veruit het sterkste punt van het boek is de grimmige sfeer die de auteur tot in de perfectie weet te hercreëren. Door zijn sobere beschrijvingen van het leven in Stalinistisch Rusland weet hij veel gruwelijker uit de hoek te komen dan al die boeken waarin bloed en lichaamsdelen in het rond vliegen. De eerste tweehonderd bladzijden van Kind 44 behoren tot het beste wat er ooit op papier gezet werd. De uiterst geloofwaardige wijze waarop alles verteld wordt grijpt de lezer bij het nekvel, kruipt onder de huid en dwingt hem de confrontatie aan te gaan met deze situatie van wantrouwen waarin een normaal leven geen optie is. Want het wantrouwen regeert met ijzeren hand en de angst voor arrestatie, marteling en de goelag hangt als een zwaard van Damocles boven eenieder; ook boven de hoofden van de protagonisten. Meesterlijke sublimatie toont Tom Rob Smith hier tentoon.
Toch mist Kind 44 net de perfecte score, want de contradictie tussen de Sovjetburgers die zich in het begin van het verhaal afsluiten van alles wat hen niet aangaat en de massale hulp die hij later in het boek krijgt is te groot om geloofwaardig te zijn. Hierdoor valt die onmenselijke sfeer die met veel moeite gecreëerd werd bijna als een mislukte soufflé in elkaar, waardoor de auteur er dan ook niet in slaagt die neerslachtige sluier die zowel over cover als verhaal hangt tot het eind vol te houden.
Ook zorgt het kaartje aan het begin van het boek bij aanvang voor heel wat afleiding, want de lezer is geneigd het te raadplegen telkens er een plaats die vernoemd wordt. En die zijn er aanvankelijk niet op terug te vinden. Het was beter geweest het kaartje pas af te drukken op de plaats waar het relevant wordt.
Toch leverde Tom rob Smith met Kind 44 een meesterwerk af dat verplichte literatuur moet zijn voor elke rechtgeaarde liefhebber van het genre. En voor elke (potentiële) auteur, want het is niet alleen een schoolvoorbeeld, maar zelfs de nieuwe maatstaf voor wat betreft sfeervorming.
Het definitieve verdict: 9/10
19:39 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: smith_tom_rob, vertaald, groot-brittannië, 9, detective, faction, historisch, politiek, seriemoordenaar, sociologisch, whodunit, serie |
Facebook |
26-01-11
KISLING & VERHUYCK - Kwelgeest

De eerste alinea:
Het huis aan de rand van Eschweiler, een voorstad van Aken, grenzend aan de eerste bossen van de Eifel. Het Haus der Drachen was een imponerend, somber gebouw, gedeeltelijk opgetrokken in donkere natuursteen. De witstenen omlijsting van de ramen was vergrijsd, en het dak had een onbestemde kleur gekregen door een dikke kaag korstmos. De tuin, ooit groot en ruim, was door jarenlange verwaarlozing vrijwel dichtgegroeid. Hoge bomen hielden elke zonnestraal buiten, en de afhangende takken van de grote sparren leken altijd te druipen van het vocht, alsof ze uit een zwart moeras waren opgerezen. Aan het begin van de oprit, aan weerszijden van het roestige hek, stonden twee gemetselde pilaren, eveneens in natuursteen. Op elke pilaar troonde een groen uitgeslagen, ineengekronkelde draak die zijn eigen staart verslond. Ouroboros, het symbool van de eeuwige terugkeer en de eenheid van alles..
De korte inhoud
Welke kwade krachten beheersen de vakgroep Westerse antropologie in Leiden? In korte tijd vallen er meerdere doden. Is het de geest van Uilenspiegel die rondwaart? De middeleeuwse plaaggeest zorgt in elk geval voor haat en nijd tussen een aantal wetenschappers die zich met hem bezighouden.
Is het hebzucht? De Duitse onderzoeker Waldemar Isfeld heeft een unieke oude Uilenspiegel-druk in zijn bezit die hij aan niemand wil laten zien. De Nederlandse docent Job Deerlijk raakt gefrustreerd en geobsedeerd door die houding.
Maar dan doet hij nota bene zelf een merkwaardige vondst in de oude tennisclub Providentia. Slim Bensoussan, Jobs assistent, bijt zich vast in de materie, en ontdekt onvermoede verbanden tussen Uilenspiegel, de tennisgeschiedenis en het Nederlandse koningshuis.
Is er een schuldige aan te wijzen voor al die doden? Of… is de Westerse antropologie bezig zichzelf uit te roeien?.
Het volledige rapport
De Nederlandse schrijfster en vertaalster Corine Kisling kreeg haar eerste voetnoot in de geschiedenis van het spannende boek toen ze in 1997 de Schaduwprijs uitgereikt kreeg voor Satan in de polder. Na drie werken onder haar eigen naam begon ze spannende boeken te publiceren in samenwerking met haar Belgische man, Paul Verhuyck. Hun meest recente werk De duim van Alva werd vooral in Vlaanderen goed gesmaakt met nominaties voor zowel de Hercule Poirotprijs als de Diamanten Kogel.
Kwelgeest is de voorganger van De duim van Alva, waarop de mannelijke helft van het schrijversechtpaar duidelijk zijn stempel drukte. Niet alleen was hij vele jaren verbonden aan de universiteit van Leiden, waar het verhaal zich afspeelt, maar publiceerde hij ook al non-fictie over Tijl Uilenspiegel, het belangrijkste thema van dit boek.
Een ongeluk komt nooit alleen. Ook niet op de vakgroep Westerse antropologie van de universiteit van Leiden, waar zich op korte tijd enkele rampzalige gebeurtenissen voltrekken, waarvan de meeste van ver of van dichterbij te maken hebben met Tijl Uilenspiegel. Meer bepaald met de frustraties van Uilenspiegelkenner en docent Job Deerlijk tegenover een Duitse collega het vroegst bekende boekwerk over de Nederlands-Duitse folkloristische figuur bezit, maar volledig afschermt voor de buitenwereld. Maar Job vindt zijn motivatie en werkvreugde terug als hij toevallig zelf op een eeuwenoud document stoot dat handelt over zijn favoriete volksfiguur. Misschien zelfs ouder dan de onbereikbare publicatie van Waldemar Isfeld.
Kwelgeest leest vlot weg, en wordt gelardeerd met lesjes geschiedenis over de meest uiteenlopende onderwerpen, zoals de leerstoel Westerse antropologie, Uilenspiegel en tennis. Misschien pronken de auteurs net iets teveel met hun kennis. Maar de geanimeerde kijk die ze de lezer geven op de petites histoires binnen een universitaire leerstoel maakt dan weer veel goed.
Hoewel Kisling & Verhuyck hun verhaal compact houden rond een relatief kleine groep personages neemt hun plot de vorm aan van een leeslint: aanvankelijk verweven de verhaallijnen zich strak tot een stevig geheel om haast ongemerkt de geloofwaardigheid te ondergraven en aan het einde rafelt het volledig uit, met een aantal losse eindjes tot gevolg.
De personages worden goed gestoffeerd, maar sommigen ontgroeien de status van typetje niet, waarbij het vooral leuk is te mogen vaststellen dan Job ontaardt in een moderne Tijl; een beschaafde versie van de vlegel die zijn bazen ten allen tijde een spiegel voorhoudt.
Kwelgeest is best een onderhoudend verhaal, maar jammer genoeg leidt het nergens naartoe, waardoor de liefhebber van spannende boeken op zijn honger blijft zitten. De vermelding “Roman” op de cover moest blijkbaar als waarschuwing geïnterpreteerd worden.
Het definitieve verdict: 5/10
22:01 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: kisling_en_verhuyck, nederlandstalig, 5, historisch, alleenstaand |
Facebook |
29-12-10
GODDARD Robert - Het familiekapitaal

De eerste alinea:
‘De vakantie begint hier,’ mompelde Hammond binnensmonds. Hij nam een slokje van zijn mineraalwater met prik, staarde wat om zich heen in de clublounge en keek door de grote ramen naar buiten, waar de vliegtuigen bij de verbindingsslurven stonden of over de startbaan taxieden. Heathrow bood op een grauwe middag in februari een weinig inspirerende aanblik, maar Hammond zag in gedachten al uit naar de skihellingen in Oostenrijk, waar de omstandigheden volgens de krant optimaal waren: in Obergurgl niets minder dan poedersneeuw van de beste soort.
De korte inhoud
Dr. Edward Hammond heeft kort na de oorlog in Joegoslavië Dragan Gazi voor veel geld aan een nieuwe lever geholpen. Tegenwoordig zit Gazi vast in Den Haag. Hem hangt niet alleen een veroordeling door het oorlogstribunaal boven het hoofd, iedereen aast ook nog eens op zijn kapitaal.
Een mysterieuze figuur, ‘de accountant’, houdt het kapitaal verborgen en Gazi’s dochter Ingrid wil het hebben. Edward is de enige die zou kunnen helpen. Omdat Ingrid als geen ander weet hoe zij Edward onder druk kan zetten om zijn hulp af te dwingen….
Het volledige rapport
De Brit Robert Goddard studeerde geschiedenis. Na gewerkt te hebben als journalist, leraar en ambtenaar, besloot hij in 1986 voor om van zijn pen te leven. Datzelfde jaar debuteerde hij met Verjaard bedrog, waarmee de auteur meteen aangaf voor welke niche hij opteerde in de grote wereld van het spannende boek: misdaadverhalen die in de marge historische raakvlakken bevatten.
Met zijn nieuwste werk zit hij nog steeds in hetzelfde hokje. De basis voor Het familiekapitaal is de vraag wat er van de genadeloze militieleiders geworden is die tijdens recente Joegoslavische burgeroorlog dood en vernieling zaaiden. Een van hen, Dragan Gazi wacht op zijn veroordeling door het oorlogstribunaal in Den Haag. Diens dochter Ingrid benadert de Londense chirurg Edward Hammond, die in 1996 een nieuwe lever inplantte bij Gazi, om de oorlogsbuit van de Servische leider los te weken bij Dragans financiële brein: de accountant. Hammond kan niet weigeren, maar beseft nog niet dat hij hierdoor in een wespennest van formaat terechtkomt.
Tweeëntwintig titels staan er ondertussen op Robert Goddards bibliografie waarvan het overgrote deel de status van bestseller haalde in het Verenigd Koninkrijk. Het is dan ook geen toeval dat deze auteur er een zeer leesbare stijl hanteert waarbij rauwe historische feiten zoveel mogelijk uit de weg gegaan worden, maar de geschiedenis met mondjesmaat in het verhaal incorporeert. En die formule werkt, want ondanks het eenvoudige opzet van het boek, met een serieel opgezette plot, wordt de aandacht van de lezer moeiteloos vastgehouden door alles ondergeschikt te maken aan meer dan voldoende verrassende wendingen die voor de voeten van zijn hoofdfiguur gegooid worden.
Die drang naar afwisseling uit zich tevens in het een groot aantal locaties, waarbij het hoofdpersonage half Europa doorkruist alsof het slechts een wijk betreft en voor de ontknoping zelfs naar Zuid-Amerika gelokt wordt.
Hoewel Robert Goddard er een erezaak van maakt om alle losse eindjes weg te werken in zijn verhalen, moet hij soms toch flirten met de grenzen van het geloofwaardige om die belofte waar te maken. Maar boven alles is Het familiekapitaal gewoon een tof verhaal in een origineel kader.
Het definitieve verdict: 7/10
21:16 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: goddard_robert, vertaald, groot-brittannië, 7, actie, financieel, familiedrama, historisch, alleenstaand |
Facebook |
11-12-10
HERMANS Daniëlle - Het tulpenvirus

De eerste alinea:
Ze sloeg de vlieg weg en keek met gefronste wenkbrouwen naar de lege plank. Het brood dat ze gisteren gebakken had, was verdwenen, en ze wist precies waar het terecht was gekomen; in de magen van die dronkenlappen die hun schamele loon hier kwamen opzuipen.
De korte inhoud
Alkmaar, 1636. De gerespecteerde herbergier en tulpenhandelaar Woutere Winckel wordt gevonden in de gelagkamer van zijn taveerne De Oude Schuttersdoelen. Vermoord. Waarom moest hij dood?
Londen, 2007. Frank Schoeller wordt door zijn neef Alec dodelijk gewond aangetroffen. Uit de laatste woorden van Frank en het boek dat hij omklemt, begrijpt Alec dat de moord iets met tulpen te maken moest hebben. Samen met zijn beste vriend Damian volgt Alec een spoor vat niet alleen terugleidt naar de zeventiende-eeuwse tulpenhandel en de moord op Winckel, maar ook naar een groep rijke investeerders waarvan Frank deel uitmaakte. Dan duikt de ambitieuze wetenschapster Tara Quispel op. Zij blijkt Frank goed gekend te hebben. Maar om andere redenen dan Alec denkt… Als blijkt wat er achter Franks plannen zat en hoeveel er op het spel staat, is niemand van de betrokkenen zijn leven meer zeker.
Het volledige rapport
Daniellë Hermans werd in 1963 in Nederland geboren en studeerde, na een deel van haar jeugd op het zwarte continent te hebben doorgebracht, Kunstbeleid en Maangement aan de universiteit van Utrecht. Momenteel werkt ze als freelance communicatieadviseur.
In Het tulpenvirus, waarmee ze in 2008 debuteerde, kwamen haar liefdes voor spannende boeken en Nederlandse geschiedenis voor het eerst samen. Een jaar later deed ze dat huwelijk nog eens over in De watermeesters.
In het tulpenvirus draait alles– zoals de titel al doet vermoeden – rond Nederlands populairste bloem, die het middelpunt vormt van een verhaal over liefde, vriendschap, schoonheid, hebzucht, en (godsdienst)vrijheid. In een eerste verhaallijn die zich afspeelt zich af in het Alkmaar van de zeventiende eeuw.volgen we de lotgevallen van de oudste zoon van de vermoorde herbergier en tulpenhandelaar Wouter Winckel. De andere verhaallijn is gesitueerd in 2007 waarin Londenaar Alec Schoeller zijn oom vindt in een plas bloed, net voor die zijn laatste adem uitblaast, met een zeventiende-eeuws boek over tulpen in zijn handen. Samen met zijn Amsterdamse vriend Damian probeert hij de moordenaar van Frank Schoeller op te sporen. Deze zoektocht laat Alec zien dat hij Frank lang niet zo goed kende als verhoopt…
Daniëlle Hermans heeft het schrijven op dezelfde wijze aangepakt als de projecten die ze als projectmanager in haar professionele leven voorgeschoteld krijgt: eerst een gedetailleerd plan uitwerken en dat rigoreus volgen tijdens het uitschrijven. En dat voel je als lezer nog, want hoewel er genoeg actie en wendingen in het verhaal zitten voelt het nogal kil en klinisch aan: de emoties die de personages overspoelen slagen er niet in het boek te ontspringen en de lezer aan te steken.
Maar dat is dan ook het enige minpunt, want Het tulpenvirus is vooral een mooi gecomponeerd, origineel verhaal waarin feiten en fictie naadloos in elkaar overvloeien en waarvoor de auteur heel wat research deed. De geloofwaardigheid groeit naarmate het verhaal zich verder ontplooit.
Met Het tulpenvirus maakte Daniëlle Harmans een opgemerkte en geslaagde entree in de wereld van het spannende boek, waarin ze met haar historisch getinte roman een eigen plaatsje gevonden heeft.
Het definitieve verdict: 7/10
10:47 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: hermans_danielle, nederlandstalig, nederland, 7, faction, historisch, whodunit, whydunit, alleenstaand |
Facebook |
29-07-10
CIGGAAR Mariëtte - Zilte deerne

De eerste alinea
Met de doek om zijn vingers hield Rokus het glas tegen het licht. Zuchtend liet hij het weer zakken en wreef het nogmaals op, draaiend met zijn andere hand om de doek en de onderkant van het glas. Zonder te kijken plaatste hij het daarna ondersteboven op de stapel schone glazen voor hem. Geen afleiding meer. Het was tijd. Hij keek naar het volle café voor hem en slikte een paar maal. Hij moest dwars door de groep mannen heen om de gitaar aan de andere kant van de ruimte van de muur te halen. Hij keek opzij en zag dat Rein naar hem knikte. Nu moest hij wel. Hij hurkte en trok een flesje bier uit het krat onder de bar vandaan. Hij hield het aan de kurk omhoog en keek zijn baas vragend aan.
De korte inhoud
Vlak voordat het Terschellinger Oerol-festival begint, overlijdt de vader van Peer Zwartepaert. Peer reist af naar zijn vaders huis op Terschelling voor de begrafenis en om diens bezittingen uit te zoeken. Daarbij stuit hij op een zevental teksten: liederen die allemaal een poëtische moord op een vrouw beschrijven. In een opwelling componeert Peer, die muzikant is, er een melodie bij. ’s Avonds speelt hij het lied in een drukke kroeg. De volgende ochtend staat de politie op de stoep. Er is een moord gepleegd die tot in detail in het door hem gezongen nummer wordt beschreven.
Het verband tussen de liederen en de moord lijkt overduidelijk wanneer er de volgende dag nog een dode vrouw wordt gevonden die voldoet aan de beschrijvingen in het tweede lied. Peer vermoedt dat de sleutel tot het mysterie verborgen ligt in een duistere familiegeschiedenis. Zijn zoektocht naar de waarheid verandert al snel in een krachtmeting met een ongrijpbare seriemoordenaar, die op een eiland vol festivalgangers zijn slachtoffers voor het uitkiezen heeft…
Het volledige rapport
Mariëtte Ciggaar heeft net de kaap van de veertig gerond en is al een vaste waarde in het Nederlandse theaterwereldje: ze schreef, bewerkte, vertaalde en regisseerde al een aantal toneelstukken. In die hoedanigheid kwam ze in contact met Oerol, een festival dat elk jaar in juni georganiseerd wordt op het Waddeneiland Terschelling. En dat perfecte plaatje mocht volgens haar wel eens verstoord worden. De basis voor haar eerste spannende boek was meteen gelegd.
Haar eerste stappen in het boekenvak zetten ze een viertal jaar geleden door samen met Sabine van den Eynden het chicklit werkje Het boek van Finette uit te brengen. Later volgden nog een aantal kinderboeken en nu debuteert ze met Zilte Deerne als misdaadauteur.
Muzikant en stadsjongen Peer Zwartepaert moet aan de vooravond van Oerol op Terschelling zijn vader ten grave dragen en bij het uitpluizen van diens woning vindt hij zeven bijna honderd jaar oude teksten van moordliederen. In een overmoedige bui brengt hij er in een plaatselijke kroeg één van ten gehore. De volgende morgen belt de politie bij hem aan met de mededeling dat hij ervan verdacht wordt een moord gepleegd te hebben op dezelfde wijze als beschreven werd in de tekst van het liedje. Als de dag daarop ook de tekst van het tweede lied blijkt overeen te komen met de modus operandi van een nieuwe moord, kan het verband tussen de twee niet meer genegeerd worden en gaat Peer op zoek naar de dader. Zo komt hij te weten dat zijn overgrootvader de nummers schreef naar aanleiding van moorden die in de eerste twee decennia van de vorige eeuw gepleegd werden op het Friese eilandje in de Noordzee.
Mariëtte Ciggaar vertelt haar verhaal door hoofdstukken die zich in de jaren 1909-1920 afspelen af te wisselen met andere die gesitueerd worden in het heden. Door de gelijklopendheid van de inhoud ontstaat het gevoel dat het boek weinig meer is dan een opsomming van doden: een dode in 1909; eent soortgelijke moord nu; een dode in 1910; eentje in het heden, enz. Wel roept de oude verhaallijn en de romantische beschrijvingen van de locaties een soort nostalgische kijk op aan het pure leven in die tijd, wat ook al in menig Vlaamse film aan bod kwam. Hierdoor voelt het boek meer aan als een heimatroman, een streekroman dan als een spannend boek.
De hoofdstukken in het heden blinken niet echt uit, want ondanks dat er op het eiland veel volk rondhangt, slaagt de auteur er niet in dit Oerolpubliek meer te betrekken bij haar verhaal dan ze te laten zorgen voor overvolle café’s waar het hoofdpersonage zich quasi dagelijks gaat lazarus zuipen. Na een aantal moorden op willekeurige slachtoffers zou men toch mogen verwachten dat er op het eiland een sfeer van angst en achterdocht komt te hangen en dat mensen het festival laten voor wat het is en zo snel mogelijk terug naar het vasteland willen vluchten. Maar daar vindt de lezer niets van terug in Zilte deerne.
Er loopt dus veel volk rond, maar echte personages ontbreken volkomen. Zelfs Peer Zwartepaert, door wiens ogen we alles mogen mogen meebeleven, blijft een nobele onbekende die elke ochtend de kater moet bestrijden en geen drie zinnen kan zeggen tegen de politie zonder zijn stem te verheffen.
Het plot is niet van dien aard dat de lezer aan het jubelen gaat en als een moordenaar al tot overgave gedwongen wordt door het zingen van een lied, kan het niet veel gekker worden.
Ondanks de moorden is het zonde dat de uitgeverij Zilte deerne voorzien heeft van het predicaat thriller, want de gemiddelde liefhebber van het spannende boek zal er weinig plezier aan beleven. Roman had een vlag geweest die de lading beter dekte.
Het definitieve verdict: 4/10
21:31 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: ciggaar_mariëtte, nederlandstalig, nederland, 4, familiedrama, historisch, literair, seriemoordenaar, heimatroman, alleenstaand |
Facebook |
21-07-10
BERNAUW Patrick - Het bloed van het lam

De eerste alinea
In de nacht van 2 op 3 januari wordt Maarten bruusk gewekt door Bruce Springsteen & The E Street Band. Of beter, door de ringtoneversie van ‘The Rising’, geproduceerd door zijn mobieltje. Het schurende stemgeluid van The Boss moet hij er zelf bij bedenken:
De korte inhoud
In het holst van de nacht wordt Maarten Dejonckheere opgebeld door Lena Christiaenssens. Maarten maakt een tv-documentaire over De Rechtvaardige Rechters, het paneel van het Lam Gods dat in 1934 werd gestolen uit de Sint-Baafskathedraal in Gent. De diefstal bleef onopgelost, maar Lena zegt er meer over te weten. Ook beweert ze op de vlucht te zijn voor haar familie, die al eeuwenlang een geheim genootschap zou leiden rond het Heilig Bloed van Brugge. Is Lena een fantaste? Of is er meer aan de hand?
Geen enkele stad pronkt er zo openlijk mee de enige echte Heilige Graal te bezitten als Brugge. Vlaanderen was dan ook de bakermat van de Orde der Tempeliers, die de behoeders van de Heilige Graal zouden zijn. Precies die Heilige Graal staat centraal in het Lam Gods, waarop ook de Tempeliers een prominente plaats innemen.
Maarten verliest zijn hoofd en hart aan Lena, die hem inwijdt in de geheime leer van haar familie en de waarheid achter de beruchte diefstal. Waarom werd het paneel van de gebroeders Van Eyck gestolen? Waarom wilden de nazi’s het terugvinden? Verbergt het paneel een geheim? Welke rol spelen de Tempeliers? En voor wie of wat is Lena wérkelijk op de vlucht?
Het volledige rapport
De in de Oost-Vlaamse caranavalstad Aalst geboren en nu in Erembodegem wonende Patrick Bernauw is al heel zijn professionele leven bezig met taal en fictie, zowel in geschreven als in gesproken vorm. Sinds 1985 leeft hij van zijn pen, waaruit al romans, toneelstukken scenario’s, hoorspelen, jeugdboeken en thrillers vloeiden.
Momenteel is hij vooral actief als bedenker en organisator van moord- en stadsspelen voor groepen en werkt hij met fotograaf Marc Borms aan een reeks boeken over mysterieus België.
Na een paar op zichzelf staande boeken voor volwassenen verschenen er drie historisch geïnspireerde verhalen met in de hoofdrol Maarten Dejonckheere, die voor een televisiereeks research doet naar mysteries uit de recente geschiedenis. In het eerste deel, Het bloed van het lam, spelen de graallegende en de uit 1934 daterende en nog altijd onopgeloste diefstal van het paneel De Rechtvaardige Rechters dat deel uitmaakt van Het Lam Gods, het meesterwerk van de schilderende broers Van Eyck, een belangrijke rol.
Maarten komt op onorthodoxe wijze in contact met Lena Christiaenssens, die beweert meer informatie te hebben over de beroemdste kunstroof van België. Maar omdat ze het verhaal van bij het begin wil vertellen, neemt ze Maarten mee terug naar de tijd van de kruistochten, Godfried van Bouillon en de Tempeliers, die van Brugge een Jeruzalem van het Westen wilden maken. Ook beweert Lena dat haar familie, die op uitzondering van zichzelf enkel uit mannen bestaan, een eeuwenoud geheim genootschap leiden. Maar Maarten is niet de enige die achter Lena’s informatie aanzit…
Patrick Bernauw is zeer vertrouwd met de geschiedenis van de diefstal van het paneel De Rechtvaardige Rechters: in 1991 publiceerde hij al Mysteries van het Lam Gods, een werk dat hij zelf omschrijft als een non-fictieroman. Het bloed van het lam is een herwerking van dat boek tot spannend verhaal en daarin ligt zowel de kracht als het achilleshiel van dit verhaal: in een poging een coherent verband te leggen tussen Christus, de Tempeliers, satanisme, de graal, de vrijmetselaars, de nazi’s, het Lam gods en het gestolen paneel voorziet hij zijn publiek van een grote hoeveelheid feiten, wetenswaardigheden en al dan niet bekende historische figuren. Veel te veel theorie zo blijkt achteraf, want even over halfweg wordt het de lezer allemaal te veel. Als een domme rekenfout op pagina 210 dan ook nog een deel van de complexe samenzweringstheorieën die de auteur wil uiteenzetten gewoonweg onderuit haalt, is voor de gemiddelde lezer de maat vol. Zelfs de fictieve spannende verhaallijn in het heden, die deze alles overheersende zware les geschiedenis zou moeten verluchten wordt er door versmacht. Enkel de echte fanatiekelingen zullen de egotripperij van deze graal- en Heilig Bloedfanaat tot aan het finale punt weten te appreciëren.
Ergens in het boek laat Patrick Bernauw een personage het volgende declameren over Umberto Eco’s De slinger van Foucault: “Als roman tamelijk mislukt maar voor het overige razend interessant”. Als men het woordje “razend” schrapt is deze oneliner meteen ook van toepassing om Het bloed van het lam, dat veel te zwaar op de maag ligt van de doorsnee liefhebber van het spannende boek.
Het definitieve verdict: 3/10
09:48 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: bernauw_patrick, nederlandstalig, belgië, 3, faction, historisch, religieus, serie |
Facebook |
08-06-10
DE LOOF Mieke - Labyrint van de waan

De eerste alinea:
De helling was volledig verijsd. Hard, groen ijs overdekt met een dikke laag los, geschilferd ijs. Nergens houvast en tot overmaat van ramp stak er een glaciale wind op.
De korte inhoud:
Wenen 1914. Ksaveri Ignatz, jezuïet en geheim agent, is opgenomen in Steinhof, het meest luxueuze sanatorium van Europa, en weet niet waarom. Beetje bij beetje herinnert hij zich zijn missie. Hij moet de katholieke fundamentalisten de fatale slag toebrengen door in Steinhof documenten van hun geheime genootschap, de Sodalitium Pianum, te stelen. Maar niets is wat het lijkt in Steinhof. Welke experimenten voert dokter Kozlowski in het holst van de nacht uit? Wat drijft dokter Epstein, die zo gepassioneerd is door het anarchisme? En waarom komt Fürstin Elisabeth von Thurn zo vaak de Steinhof Kirche bewonderen?
Hoe dieper Ignatz in het Steinhof-labyrint doordringt, hoe meer hij lijkt te verdwalen.
Het volledige rapport:
De in Aalst geboren en getogen, maar naar Antwerpen uitgeweken, Mieke De Loof gaf haar professioneel leven in 2000 een andere wending. Ze gaf haar functie als docente filosofie en sociologie op om haar droom te verwezenlijken: schrijfster worden.
In 2004 werd haar spannend debuut Duivels offer meteen bekroond met de Hercule Poirot-prijs. Daarna was het twee jaar wachten op het vervolg, dat de titel Labyrint van de waan meekreeg en waarin hoofdpersonages en setting van het eerste boek werden overgenomen: een nieuwe reeks was geboren met de jezuïet, psychiater en geheim agent Ksaveri Ignatz die aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog zijn avonturen beleeft in Wenen, een van twee hoofdsteden van de toenmalige dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarijë. Recent verscheen het derde deel in de reeks onder de titel Wrede schoonheid.
In zijn rol als geheim agent voor de Jezuïeten, krijgt Ksaveri de opdracht om een eerste stap te zetten die de ondergang van de fundamentalistische tak van de rooms-katholieke kerk moet inluiden. In het luxueuze sanatorium en kuuroord Steinhof moet Ksaveri proberen bezwarende documenten te ontfutselen aan een Belgisch advocaat die behoort tot de fundamentalisten. Maar tijdens zijn verblijf merkt Ignatz op dat een aantal medewerkers, gasten en bezoekers zich vreemd gedragen, wat het uitvoeren van zijn taak er niet makkelijker op maakt.
Dat voor Mieke De Loof taal en stijl primeren op inhoud en spanning is met haar meest recente uitgave Wrede Schoonheid ondertussen iedereen opgevallen. Maar ook voor haar eerder werk gaat deze stelling op. Maar de sterkte van Labyrint van de waan is toch te vinden in een heel ander gegeven: haar keuze om het verhaal grotendeels te beperken in plaats en tijd. De compactheid van de setting die meteen ook het aantal opgevoerde personages limiteert, zorgt voor een degelijke, geconcentreerde basis waarop het verhaal kan geschilderd worden.
Zo geeft ze de lezer een mooie inkijk in het Weense Steinhof: een instelling die zijn primaire reden van bestaan - de behandeling van psychiatrische patiënten – financiert met de royale inkomsten van poepsjieke gezondheidskuren die gericht zijn op de financiële elite van Europa. Maar de auteur beperkt zich niet tot het beschrijven van de luxueueze vakanties waarvan deze rijken daar genieten, maar ze licht eveneens een tipje van de sluier op omtrent het uitproberen van nieuwe behandelingen, en de zucht naar erkenning van het personeel, dat in de voetsporen van hun beroemde land- en tijdgenoot Sigmund Freud wil treden.
Men zou bijna vergeten dat er tussen al deze beschrijvingen door ook nog een spannend verhaal verteld wordt in Labyrint van de waan. Dit vertrekt vanuit een eenvoudig opgezette plot, steekt af en toe de kop op, maar glijdt grotendeels bijna onopgemerkt tot aan een ontknoping die nogal uit de lucht komt te vallen en daarom een beetje beter gemotiveerd had mogen worden, dan nu het geval is.
Al bij al heeft Mieke De Loof het tijdloze thema van de strijd om macht in een originele formule gegoten, gegarneerd met wat grandeur van weleer en er een mooi verteld verhaal van gemaakt.
Het definitieve verdict:6/10

09:08 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: belgie, 6, nederlandstalig, de_loof_mieke, spionage, serie, religieus, historisch |
Facebook |
06-06-10
DE LOOF Mieke - Wrede schoonheid

De eerste alinea
Ksaveri Ignatz stormde de monumentale trap van de universiteitshal af en stopte. Zijn ex-professor, die hij zo lang niet meer had gezien, stond in gedachten verzonken tussen de arcaden rond de binnenplaats. Een verdwaald dier, dat de kudde niet meer kan vinden, flitste het door Ignatz’ hoofd.
De korte inhoud:
Wenen 1914. Ksaveri Ignatz, psychiater, jezuïet en geheim agent, ontmoet bij toeval zijn ex-professor Von Graff. Ze lunchen samen. De volgende dag wordt de professor vermoord aangetroffen. De laatste die hem levend heeft gezien, is de omstreden schilder Egon Schiele. Dan wordt bekend dat er een serie gruwelijke moorden op jonge meisjes heeft plaatsgevonden. Ook hier is een verband met Schiele, maar Ignatz en zijn goede vriendin Elisabeth hebben sterke aanwijzingen dan Schiele de perverse moordenaar niet is. Ze openen de jacht.
Het volledige rapport:
De uit het Oost-vlaamse Aalst afkomstige, maar al jaren in Antwerpen wonende, Mieke De Loof besloot dat de recentste eeuwwisseling de gelegenheid was om haar leven om te gooien. Ze ruilde haar job als docente filosofie en sociologie in voor het in Vlaanderen onzekere bestaan van voltijds schrijfster.
In 2004 maakte ze een opgemerkte entree in de wereld van het spannende boek: Duivels offer kaapte meteen de Hercule Poirot-prijs van dat jaar weg. Nog eens twee jaar later volgde Labyrint van de waan en recent verscheen haar derde boek in de serie rond jezuïet, psycholoog en geheim agent Ksaveri Ignatz die opereert in het Wenen van net voor de Eerste Wereldoorlog.
In dit laatste boek loopt Ksaveri toevallig professor Von Graff, een van zijn favoriete vroegere docenten, tegen het lijf om ’s anderendaags te moeten vernemen dat de man vermoord werd. Zich verschansend achter melancholische motieven, geeft de onderzoeksrechter de zaak aan Elisabeth, een Habsburgse geheim agente, die in de wijze waarop de moord in scène gezet werd veel verwijzingen ziet naar het werk van de controversiële schilder Egon Schiele. Elizabeth betrekt Ksaveri bij haar onderzoek en het duo slaat de handen in elkaar in hun zoektocht naar de moordenaar die de schuld blijkbaar wil afschuiven op hun beider lievelingskunstenaar.
Na een eerste oogopslag vreesde ik, door het grote lettertype waarin Wrede schoonheid op papier gezet werd, dat mij de editie voor slechtzienden of beginnende lezers was toegestuurd. Maar algauw bleek mijn voorbehoud ongegrond. Deze keuze werd wellicht ingegeven om het verhaal toch de kaap van de tweehonderd bladzijden te kunnen laten ronden.
Al van bij de eerste bladzijden valt op hoeveel aandacht er is besteed aan het taalgebruik. De vertelstijl overstijgt het geschreven woord en vraagt erom gedeclameerd te worden; de kracht die uitgaat van het boek schreeuwt om een bewerking tot een performance of theatervoorstelling. Wie durft deze handschoen op te nemen? Maar de ander kant van de medaille van al dat werk is dat de taal alle aandacht voor zich opeist en het verhaal een zekere steriliteit bezorgt: er zit geen hoekje of rafeltje aan.
Wrede schoonheid is het eerste boek dat verschijnt na de overstap van de auteur van uitgeverij The house of books naar De geus. Maar ook inhoudelijk is er een stijlbreuk tussen de eerste twee boeken en dit werk. Voor het eerst is het hoofdpersonage niet aan het werk als religieus spion, maar wordt hij als detective geprofileerd, die een moordenaar moet ontmaskeren en, als het even kan, stoppen. Ook heeft de relatie tussen Ksaveri en Elisabeth von Thurn een enorme wijziging ondergaan: de twee flirten met hun wederzijdse aantrekking; misschien zelfs verliefdheid en staan op zo’n vertrouwelijke voet die aan het eind van Labyrint van de waan absoluut niet voor de hand lag.
Hoewel Mieke De Loof wat betreft de opbouw van haar verhaal een grote stap voorwaarts heeft gezet en een aantrekkelijke plot uit haar mouw schudde, schenkt ze te weinig aandacht aan het opbouwen en handhaven van de spanning in het verhaal. Getuige daarvan zijn eveneens de bijna terloopse ontknoping en het einde dat de deur wagenwijd opent voor een vervolg. “Schone wreedheid” misschien?
Historische misdaadroman staat er op de omslag, en die vlag dekt perfect de lading. Er had zelfs nog “literair” toegevoegd kunnen worden. Wrede schoonheid is zonder twijfel een zeer mooi klassevol boekje geworden dat perfect past in de fondslijst van Mieke De Loofs nieuwe uitgever. De vraag is alleen of het geen parel voor de zwijnen is. Of anders gesteld: is er wel een groot publiek voor? Want menig traditioneel liefhebber van het spannende boek, die eerder op zoek is naar spanning dan naar schoonheid – ook al is ze wreed van aard – zal zich toch wel overdonderd voelen bij de overvloedige referenties aan historische figuren die slechts bij ingewijden een belletje doen rinkelen en die een enorme belemmering vormen voor het manifesteren van de spanning. Referenties die een geïnteresseerde lezer al meteen voor een hele tijd aan het lezen kunnen zetten in een poging zich bij te scholen op het vlak van literatuur, psychologie, schilderkunst, filosofie en glasblaaskunst van eind achttiende en begin negentiende eeuw. Maar Mieke De Loof timmert gedreven voort aan haar kunnen als misdaadauteur en maakt boek na boek vorderingen, wat belooft voor de toekomst…
Het definitieve verdict:8/10 als roman – 6/10 als thriller

21:02 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: belgie, kunst, 8, de_loof_mieke, nederlands, serie, literair, detective, historisch, seriemoordenaar, whodunit |
Facebook |
16-05-10
CLAES Jo - Dood in december

De eerste alinea:
Geeuwend, met de handen gevouwen in de nek, rekte Joke Bielen zich uit. Ze voelde zich geradbraakt. Haar schouders deden pijn, haar benen tintelden alsof ze urenlang gewinkeld had en haar schoenen leken twee maten te klein geworden. Eigenlijk was ze veel te moe om vanavond nog uit te gaan, maar ze had Ingrid beloofd om te komen en haar vriendin zou het haar beslist kwalijk nemen als ze niet opdaagde.
De korte inhoud:
Op een ijskoude ochtend in december spoelt het naakte lijk van een jonge vrouw aan op de oever van de Dijle. Zodra Thomas Berg, hoofdinspecteur bij de politie van Leuven, ter plaatse komt, stelt hij tot zijn schrik vast dat hij het slachtoffer de avond voordien heeft ontmoet op de receptie van een tentoonstelling.
Samen met zijn team probeert Berg te achterhalen wie de brutale moord op zijn geweten heeft en wat de betekenis is van het vreemde voorwerp dat in het lichaam van het slachtoffer wordt aangetroffen. Gaat het om een seksuele moord? Of heeft de dood van de jonge vrouw iets te maken met een mysterieuze, 15de-eeuwse incunabel die al wekenlang de gemoederen in Leuven verhit?
Berg raakt ongewild verstrikt in een web van intriges die het uiterste vergen van zijn beoordelingsvermogen. Tot overmaat van ramp gebeurt er tijdens oudejaarsnacht iets wat het hele voorafgaande onderzoek op losse schroeven zet.
Het volledige rapport:
De bijna vijfenvijftig jaar geleden in Hasselt geboren Jo Claes bleef na zijn studies Germaanse filologie hangen in de Vlaams-Brabantse universiteitsstad Leuven. Hij woont er nog steeds en vult zijn dagen met lesgeven, genieten van het leven, het verzamelen van objecten in de religieuze sfeer en schrijven.
Zijn eerste boek, De stenen toren hield hij dertig jaar geleden boven de doopvont. Na een aantal romans en non-fictie, waarin ook het christelijke geloof centraal staat, resulteerde een weddenschap in 2008 in De zaak Torfs, het spannende debuut van deze aimabele Bijbelkenner. Verleden jaar volgde De blinde vlek en nu is met Dood in december het derde deel in de reeks van de Leuvense speurder Thomas Berg in de winkels aanbeland.
De verkoop van een zeldzame wiegendruk uit de vijftiende eeuw zorgt voor heel wat animo in het wereldje van bibliothecarissen, verzamelaars, antiquairs en historici. Als de huidige eigenaresse ervan op een winterse ochtend volledig ontkleed dood wordt teruggevonden aan de oever van de Dijle, heeft hoofdinspecteur Thomas Berg meteen een mogelijk spoor. De onderzoeksrechter is echter niet overtuigd en denkt eerder in de richting van een zedenmisdrijf. Het Leuvense rechercheteam staat voor de moeilijke zoektocht naar motief en dader. En net als ze denken alles op een rij te hebben, zorgt oudejaarsnacht ervoor dat de gedurende het onderzoek opgestelde hypothesen onderuit gehaald worden.
Als we spannende boeken zouden vergelijken met drankjes, zijn het gros van deze werken pilsjes, die vlotjes geconsumeerd kunnen worden, maar waarvan de smaak niet lang blijft hangen. Een aantal zijn speciaalbieren die met smaak gedegusteerd worden en een eigen karakter hebben. Enkele zijn topwijnen: zeldzame pareltjes die voor altijd in het geheugen blijven hangen. Dood in december is een longdrinkof cocktail: het straalt een zekere klasse uit en is vooral bedoeld om rustig van te genieten.
De keuze van de auteur om zijn misdaadverhalen te situeren in de wetenschappelijk-historische wereld van de restauratie, archeologie of ditmaal de incunabelen, geeft er automatisch een zeker cachet aan. Zijn rustige vertelstijl, die het verhaal aan de lezer ontplooit op het tempo van een kabbelend beekje, staat ook deze keer weer garant voor enkele uren leesgenot.
Het is eigen aan de longdrink dat het beduidend meer glasvulsel, in de vorm van frisdrank of fruitsap, bevat dan alcoholhoudende vloeistoffen. En dat je goed moet schudden of roeren om een evenwichtig drankje te verkrijgen. Ook dit is terug te voeren op Jo Claes’ meest recente pennenvrucht: tijdens de zeer uitgebreide inleidende fase van het boek, lijkt het verhaal zich te ontspinnen tot een licht erotische novelle, maar net als de lezer zich begint af te vragen wanneer het eindelijk spannend wordt, wordt de alcohol onderaan het glas bereikt en gaat het verhaal echt van start. De ingrediënten mochten een beetje beter door elkaar geroerd zijn.
De opgevoerde personages worden – op uitzondering van onderzoeksrechter Hove na, die een echt karikatuur is van de dwarsliggende ambtenaar – wondermooi getekend en komen zeer levensecht over: het zijn geen actiehelden, maar figuren als u en ik met hun (on)hebbelijkheden en zorgen. Toch moet Jo Claes erover waken de focus niet te zeer te verplaatsen van de plot naar de personages, want de lezer zit niet echt te wachten op de tot in de kleinste details beschreven werkwijze waarop de protagonist zijn oudejaarsmaaltijd bereidt.
Wat betreft de locaties, of het nu cafés, eetgelegenheden of historisch erfgoed betreft, slaagt de auteur er telkens weer in de lezer te verrassen met bijzonder mooie plekjes in het Leuven dat hij kent als zijn broekzak. En het oud gemeenteraadslid kan het niet nalaten het huidige stadsbestuur af een toe een veeg uit de pan te geven door het hoofdpersonage wat kritiek te laten spuien op het huidige beleid. Dit alles resulteert erin dat er een zeer realistisch kader geschetst wordt, wat de geloofwaardigheid van het geheel ten goede komt.
De combinatie van onderwerp, stijl en locaties hult Dood in december – en bij uitbreiding de hele reeks – in een zeer aparte sfeer die de lezer het unieke gevoel geeft een historische roman in handen te hebben die zich wonderwel niet in lang vervlogen tijden, maar in het heden, afspeelt. En daarmee verzekert de auteur zich terecht van een eigen plaatsje in de Vlaamse wereld van het spannende boek.
Een paar kleine, verwaarloosbare, details niet te na gesproken, is Dood in december een pareltje van een misdaadroman, waar mee Jo Claes zijn kunnen bevestigt.Het boek is dan ook een aanrader voor elke lezer – fans van spannende literatuur en anderen – en verplichte lectuur voor zij die de interesse voor kunst en geschiedenis, gecombineerd met een misdadig plot, hoog in het vaandel dragen.
Het definitieve verdict: 8/10

09:52 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: belgie, 8, nederlandstalig, serie, literair, claes_jo, historisch, policier, whodunit |
Facebook |
26-04-10
GOODWIN Jason - De brand van Istanbul

De eerste alinea:
Yashim tikte een stofje van zijn manchet.
De korte inhoud:
1836. Een reeks moorden bedreigt het machtsevenwicht aan het hof van de sultan. Een mooie courtisane wordt gewurgd in haar bed gevonden en enkele soldaten van de sultan worden vreselijk verminkt aangetroffen. De sultan stelt Yashim Togalu aan om in een geheime missie te achterhalen wie er achter deze gruweldaden schuilt. Als eunuch heeft hij toegang tot de afgeschermde haremverblijven van het paleis, maar uiteindelijk leidt zijn zoektocht hem naar de schimmige onderwereld van Istanbul.
Het volledige rapport:
De Britse historicus en auteur Jason Goodwin raakte tijdens zijn studies Byzantijnse geschiedenis aan de universiteit van Cambridge gefascineerd door Istanbul. Met zijn vrouw Kate en hun vier kinderen geniet hij van het landelijke leven in het Engelse graafschap Sussex
Na in de jaren negentig van vorige eeuw een aantal non-fictie boeken gepubliceerd te hebben over de Ottomanen, schreef hij als journalist talloze artikels voor onder andere de krant New York Times. In 2006 waagde hij zich met De brand van Istanbul voor het eerst aan spannende fictie, en het leverde hem meteen een Edgar Alan Poe award op voor het beste boek van dat jaar volgens de Mystery Writers of America, de Amerikaanse tegenhanger van het Genootschap van Vlaamse Misdaadauteurs. Het boek was meteen ook het begin van een reeks, waarvan het vierde deel volgend jaar van de persen zal rollen, met als protagonist de sympathieke eunuch en hobbykok Yashim Togalu, die zich als een vis in het water thuisvoelt in het Istanbul van de eerste helft van de negentiende eeuw.
In de brand van Istanbul wordt Yashims hulp zowat tegelijkertijd ingeroepen bij het oplossen van twee onregelmatigheden: de bevelhebber van de elitetroepen van de sultan vraagt hem de verdwijning van vier van zijn officieren te onderzoeken en de moeder van de sultan spreekt hem aan in verband met de moord op een van de haremvrouwen van haar zoon. Als de vermiste officieren een voor een vermoord en verminkt teruggevonden worden, vermoedt Yashim een samenzwering tegen de vernieuwende sultan. Maar tussen vermoeden en bewijzen ligt een hemelsbreed verschil. Zijn onderzoek laat hem, met gevaar voor eigen leven, kriskras de grootstad doorkruisen in de hoop de ontbrekende puzzelstukjes te vinden.
Het is vanaf de eerste bladzijden aangenaam vertoeven in De brand van Istanbul. De gezapigheid waarmee de auteur zijn verhaal verwoordt en de sfeervol beschreven faits divers maken dat het boek aanvoelt als een op maat gemaakt pak. Jason Goodwin schotelt de lezer een mooie dwarsdoorsneede voor van het leven in de voormalige hoofdstad van het Ottomaanse riijk, waarbij de historicus in hem hem behoedt voor het te romantisch afschilderen van het leven, waardoor een een zeer geloofwaardig aandoend decor ontstaat waartegen het spannende verhaal geschetst wordt dat eigenlijk maar een onderwerp heeft: macht. En de strijd om meer macht die op verschillende vlakken uitgevochten wordt.
Al bij al beschouwd besteedt de auteur – in tegenstelling tot de meeste misdaadauteurs – weinig aandacht aan de spannende verhaallijnen. De lezer wordt niet bij het handje genomen en stap voor stap begeleid door het onderzoek van het hoofdpersonage, maar wordt verplicht mee te denken, want soms worden er grote stappen genomen buiten het zicht van de lezer. Deze intelligente, soms zelfs terloopse aanpak overschrijdt echter nooit grenzen van het ongeloofwaardige en draagt er zelfs toe bij dat het boek naar een hoger niveau getild wordt. Een logische gevolg van deze aanpak is dat de verrassende ontknoping zowat uit de lucht komt te vallen en dat de lezer zich voor het hoofd slaat omdat hij het niet zag aankomen.
Kortom De brand van Istanbul is een prachtig werkstuk dat de lezer niet alleen zin geeft om direct een retourtje Istanbul te boeken, maar ook garant staat voor enkele uren lekker wegdromen bij een atypische, boeiende en vooral heerlijk frisse detective vol markante personages.
Het definitieve verdict: 8/10

20:39 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: 8, vertaald, groot-brittannie, detective, historisch, whydonit, whodunit, goodwin_jason |
Facebook |
03-04-10
WHITE Jenny - Het zegel van de sultan

De korte inhoud:
Istanbul 1886. Het naakte lichaam van een jonge westerse vrouw wordt gevonden aan de oever van de Bosporus. Om haar hals heeft ze een medaillon met de inscriptie van de tughra, het speciale zegel van de sultan.
Voor Kamil Pasha, de politierechter van de stad zijn de echo’s van een vergelijkbare moord, acht jaar geleden op een Engelse gouvernante, te luid om te negeren.
Er loopt ook een spoor naar Jaanan. Zij is lid van de Ottomaanse hofkringen, totdat ze in ongenade valt omdat ze verliefd wordt op een man die het regime van de sultan omver wil werpen. Met haar hypnotiserende stem vertelt ze over haar relatie met één van de vermoorde vrouwen.
Sybil, de dochter van de Engelse ambassadeur, gebruikt haar connecties met de hofkringen om Kamil Pasha aan informatie te helpen. Terwijl hij de draden van beide moorden probeert te ontrafelen, maken ze machtige vijanden...
De eerste alinea
Een tiental flakkerende lampen drijft in stilte over het water van de zee-engte; de roeiers zijn onzichtbaar. Voor de kust klinkt een droog, schuifelend geluid, maar de bries is te zwak om het geluid ver te kunnen dragen. Wilde honden blaffen en stormen tussen de struiken door. Er klinkt gegrom, een kort gejank en dan is het weer stil.
Het volledige rapport:
Jenny White werd in 1953 geboren in Duitsland, maar op haar zevende emigreerde ze met haar moeder naar de Verenigde Staten van Amerika en beleefde het tweede deel van haar jeugd in het stadje New Rochelle, een paar kilometer ten noordoosten van New York City. Ze studeerde eerst in de Bronx, daarna in Kiel, Duitsland, behaalde haar master in de psychologie in Ankara, Turkijë en slaagde in 1991 voor haar doctoraat antropologie in Austin, Texas. Momenteel woont ze in de buurt van Boston, waar ze sociale antropologie doceert aan de universiteit van deze hoofdstad van de staat Massachusetts.
Tijdens haar tweede verblijf in Duitsland kwam ze in contact met Turkse studenten en werd de kiem gelegd voor haar liefde voor Turkijë. Een liefde die immer voortduurt.
Ze publiceerde eerder al twee schoolboeken over dat immense land, maar pas nadat ze een vaste benoeming kreeg aan de universiteit durfde ze zich aan fictie te wagen. Het resultaat, haar spannende debuut Het zegel van de sultan, verscheen in 2006 en sindsdien volgt er zowat om de twee jaar een nieuwe episode in de reeks met de symphatieke onderzoeksrechter Kamil Pasha uit het Istanboel van het einde van de negentiende eeuw..
Het zegel van de sultan wordt verteld vanuit drie personages: eerst en vooral is er de magistraat Kamil Pasha, die midden in de nacht op de hoogte gebracht wordt dat er een naakt lichaam van een vrouw is aangespoeld op de oever van de Bosporus. Hij merkt meteen overeenkomsten met een andere moord, zowat acht jaar geleden, die nog altijd onopgelost blijft. Vermits het slachtoffer van Europese afkomst blijkt te zijn, brengt Kamil de Britse ambassadeur op de hoogte. Zijn dochter Sybil die tevens als zijn assistente fungeert en zich stierlijk verveelt, grijpt de kans om wat spanning in haar luxeleventje te brengen, en trekt zelf op onderzoek uit, om zo Kamil te kunnen helpen. Tot slot vertelt Jaanan, een jonge eigenzinnige Turkse vrouw die beide slachtoffers kende, haar eigen levensverhaal, dat niet toevallig een aantal andere personages en gebeurtenissen met elkaar verbindt
De cover die de lezer al meteen in de sfeer van de sprookjes-van-duizend-en-een-nacht brengt, verbergt een zeer intelligente policier die daarnaast ook nog eens bol staat van politiek, spionage en romantiek; getekend tegen een sfeervolle historische achtergrond van de paleizen, sultans, moskeeën, harems en eunuchen die niet uit het kosmopolitische Constantinopel van die tijd weg te denken zijn.
Jenny White hanteert een aangemaam woordgebruik en vlot weglezende zinsconstructies, maar haar keuze om de drie vertellijnen niet altijd chronologisch op dezelfde lijn te houden maakt het boek bij momenten wat moeilijker te verteren. Ook zet het feit dat wat wij herkennen als de familienamen van de personages, eigenlijk eens soort van aanspreektitels zijn die wisselen al naar gelang wie een persoon aanspreekt, vooral in het begin de lezer al eens op het verkeerde been. Maar eenmaal begrepen dat de voornamen voldoende zijn om de personages te identificeren, is dat probleem van de baan.
Als antropologe heeft de auteur veel aandacht voor de manier waarop het er dik honderdtwintig jaar geleden aan toe ging in Istanboel: zo wordt enorm gehamerd op de formele omgang tussen mannen en vrouwen en tussen mensen van de verschillende klassen in het Islamitische Ottomaanse rijk dat op dat moment stilaan uiteen aan het vallen is en de aanwezigheid van Europeanen, met heel andere zeden en gebruiken, moet tolereren. Dit heeft tot gevolg dat een en ander nogal ouderwets aandoet, maar anderzijds stuwen al deze opmerkzaamheden en details de authenticiteit van Het zegel van de sultan naar grote hoogten.
Een boek dat tot de nok toe gevuld is als Het zegel van de sultan laat meestal grote aantallen personages de revue passeren. Ook hier is dat het geval, maar gelukkig slaagt de auteur erin quasi allemaal markante figuren ten tonele te brengen zonder te vervallen in clichés of karikaturen. Natuurlijk lopen sommigen ervan onderweg verloren tussen de plooien van het verhaal. Net zoals een paar weliswaar onbelangrijke verhaallijntjes niet afgewerkt worden waardoor de lezer niet geheel voldaan achterblijft. Dit laatste wordt waarschijnlijk mede veroorzaakt door het feit dat de auteur bij het schrijven niet is vertrokken van een echt plot, maar van een aantal anekdotes. Deze werkwijze maakt het er voor een debutante zeker niet makkelijker op om niet alleen alles op het eind mooi te laten samen komen maar ook nog te laten kloppen als een bus.
Maar al bij al heeft Jenny White met Het zegel van de sultan een sterk visitekaartje afgeleverd dat de kleine kinderkwaaltjes snel laat vergeten en waarmee de lezer zich van in zijn zetel op vakantie waant in oosterse oorden.
Het definitieve verdict: 8/10

11:45 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: politiek, duitsland, 8, vertaald, creme_de_la_crime, historisch, policier, whydonit, whodonit, white_jenny |
Facebook |
09-03-10
VAN LAERHOVEN Bob - De wraak van Baudelaire

De verpakking:
Een voorzijde die in al zijn facetten stijlvol is: de keuze voor een grijs-blauwe achtergrond waartegen in goudkleurig handschrift de titel geschilderd werd en een grafisch werkstuk dat genoeg mysterie uitstraalt om op te vallen; zelfs zonder gebruik te maken van opvallende kleuren. Kortom een mooie cover.
De achterflap is al even sober uitgevoerd, maar de citaten uit de pers doen weinig terzake omdat ze betrekking hebben op een ander werk van de schrijver.
De inhoud:
Parijs, september 1870. De eerste Pruisische obussen treffen de stad. De arbeiders creperen van de honger. De adel zoekt zijn toevlucht in orgieën en séances. Artiesten klagen de dreigende burgeroorlog in Frankrijk aan en roepen op om verenigd tegen de Pruisen op te trekken. De Parijzenaars zitten als ratten in de val, maar worden gefascineerd door een reeks gruwelijke misdaden die hen de oorlogsrealiteit doet vergeten.
Commissaris Lefèvre, een oudgediende van de Frans-Algerijnse oorlog, moet de bizarre moorden oplossen. Op elk lijk worden versregels uit de omstreden bundel De bloemen van het Kwaad van de pas gestorven dichter Charles Baudelaire gevonden.
Lefèvre komt op het spoor van een duivels complot dat zich vertakt tot in het hof van keizer Napoleon III zelf. Dat houdt commissaris Lefèvre niet tegen. Tot zijn onderzoek hem leert dat kwaad overal is. Ook in hemzelf.
Het rapport:
Literaire duizendpoot en journalist Bob Van Laerhoven verruilde de Kempische zandgrond van zijn jeugd voor de kalkhoudende zandsteen van het Oost-Vlaamse Balegem waar hij momenteel woont. Zijn eerste stappen als auteur zette hij in de jaren zeventig van vorige eeuw met een aantal sciencefictionverhalen. Midden jaren tachtig maakte hij de overstap naar de literaire roman en weer een paar jaar later verscheen met Dubbelspoor zijn eerste spannende boek. Tot op de dag van vandaag blijft hij niet alleen actief in deze twee laatst vernoemde genres, maar plaatst hij zijn naam ook onder non-fictie, opiniestukken, biografieën, poëzie, theaterstukken, kinderboeken, reisverhalen, columns en journalistieke artikels.
Met de op zichzelf staande historische misdaadroman De wraak van Baudelaire won de auteur in 2007 de Hercule-Poirotprijs voor het beste Vlaamse spannende boek van het jaar. In dit boek, worden de inwoners van het Parijs van 1870 niet enkel opgeschrikt door de granaten van het Pruisische leger dat aan de stadspoorten staat, maar ook door een aantal gruwelijke moorden die binnen de muren van de Franse hoofdstad gepleegd werden. Commissaris Lefèvre, die het onderzoek voert, vindt op elk van de verminkte lijken stukjes poëzie van de hand van de dichter Charles Baudelaire, die echter al een paar jaar geleden het tijdelijke omwisselde voor het eeuwige. Als de commissaris en zijn rechterhand Bernard Bouveroux ook persoonlijk betrokken raken, bijt hij zich als een pitbull vast in deze vreemde zaak.
De ervaring heeft mij ondertussen al geleerd dat jury’s die spannende prijzen moeten uitreiken dikwijls gecharmeerd worden door boeken die eruit springen; atypische thrillers dus, waar de lezende man met de pet zich meestal moeilijk in kan vinden. Diezelfde ervaring laat mij ook cloncluderen dat een groot aantal van die bekroonde boeken het spel aangaan met de grens tussen het spannende en het literaire. De wraak van Baudelaire past perfect in dit rijtje.
Bob Van Laerhoven schetst een ongelooflijk mooi historisch tijdsbeeld waarvoor de term achtergrond tekort schiet. De belegering van Franse hoofdstad door de Pruisen en de als gevolg daarvan door ontberingen getekende en tegen de hongerdood vechtende Parijzenaars, is een personage op zich, dat de rode draad vormt waarrond de auteur zijn fictief verhaal geweven heeft. Wel loopt de lijst der opgevoerde personages hoog op omdat de auteur grote aantallen historische figuren ten tonele voert met als enige bedoeling de geschiedkundige geloofwaardigheid te verhogen.
Spijtig genoeg is het fictieve spannende verhaal niet van dezelfde hoge kwaliteit. Hoewel het plot zeer origineel gevonden is en quasi perfect op de geschiedenis geënt wordt, resulteert een teveel aan toevalligheden in een ongeloofwaardig geheel, waardoor de zorgvuldig opgebouwde degelijkheid ook een flinke knauw te incasseren krijgt. Zo declameert het hoofdpersonage tot tweemaal toe een aantal dichtregels uit het werk van Baudelaire en wordt er telkens quasi op de volgende bladzijde, bij het volgende slachtoffer een verwijzing gevonden naar net die stukjes poëzie. Een ander markant voorbeeld valt te noteren als de protagonist, op zoek naar zijn verdwenen vriend en collega, diens woonst, waarvan de deur open stond, bezoekt, en droogjes vaststelt dat er enkel een belangrijk document ontbreekt. En daarna wordt er bizar genoeg met geen woord meer gerept over de van het toneel verdwenen speurder. Gelukkig verguldt de – naar de normen van de wereld van het spannende boek – originele ontknoping de bittere nasmaak nog iets of wat.
Toch is teleurstelling omtrent deze gemiste kans het overheersende gevoel: De wraak van Baudelaire had alles in zich om een memorabel stuk spannende proza te worden, maar nonchalance veroordeelt dit werk tot de vergeetput, ware het niet dat het voor eeuwig en altijd op de lijst der bekroonde thrillers zal staan.
Het verdict: 3/10

21:41 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (1) | Email dit | Tags: belgie, 3, nederlandstalig, prijswinnaar, literair, van_laerhoven_bob, historisch, seriemoordenaar, policier, whydonit, faction |
Facebook |
07-01-10
BRAAM Conny - Zwavel

De verpakking:
Bruin en wit overheersen de cover. Op het eerste zicht lijkt deze bij de inhoud te passen, maar bij een nauwkeurige kijk blijkt de vrouw een blanke dame te zijn, waardoor de compositie terug lijkt te vallen in de categorie vakantieherinneringen. En als lezer vraag je je enkel maar af of die grote steen blijft liggen of van zijn sokkel gaat rollen, want dat is het enige spannende aan deze voorpagina.
Op de achterzijde komen dezelfde kleuren terug en wordt vrijwel alle nuttige informatie vermeld. Enkel een referentie naar een website van de schrijfster of de uitgever ontbreekt
De inhoud:
Tess Minnaert, een Nederlandse rechercheur bij moordzaken, probeert het geheim achter het verraad van haar grootvaders verzetsgroep te ontrafelen. Dat brengt haar in het verwarrende Zuid-Afrika van vlak na de verkiezingen. Daar dreigt de geschiedenis zich te herhalen: liefde en verrad lopen dwars door elkaar heen.
Het rapport:
De in Arnhem geboren Conny Braam trok op jonge leeftijd naar de Nederlandse hoofdstad om zo snel mogelijk haar droomjob te kunnen uitoefenen. Haar job bij het dagblad Trouw bracht haar in contact met ballingen van het Zuidafrikaanse regime. Danig onder de indruk van hun verhaal ligt ze mee aan de basis van de Anti-Apartheidsbeweging Nederland, waarvan ze bijna vijfentwintig jaar voorzitster was. Gedurende het grootste deel van die tijd werd het schrijven in de koelkast gestoken, maar in 1992, even na de vrijlating van Nelson Mandela, kijkt ze in haar deduut Operatie Vula terug op haar actieve verzetsdaden tegen de apartheid.
In 1996 maakte ze met haar derde boek, Zwavel, haar fictie debuut waarmee ze meteen een nominatie voor de Gouden Strop in de wacht sleepte. Later volgden nog zes werken van haar hand, waarvan het meest recente, De handelsreiziger van de Nederlandsche Cocaïne Fabriek, eind 2009 verscheen. In 2008 werd Zwavel heruitgegeven
Tess Minnaert, een jonge rechercheur bij de Amsterdamse moordbrigade groeide op in het hotel dat haar grootmoeder Marie samen met drie andere vrouwen uitbaatte. Na het overlijden van Marie, halen de verzamelde vaste gasten van het hotel herinneringen op aan vroegere tijden. Enkel rond het oprollen van Tess’ grootvaders verzetgroep blijft een zweem van geheimzinnigheid hangen. Zo ook lijkt er over de mogelijke betrokkenheid van een naar Zuid-Afrika uitgeweken Nederlandse miltair geen consensus te bestaan. Vastbesloten deze man eens op te zoeken boekt Tess een reis naar Zuid-Afrika, waar ze niet alleen geconfronteerd wordt met de schrijnende naweeën van het apartheidsregime en het aldaar nog altijd sluimerende (neo)nazisme, maar ook met onverwacht familieverraad.
Met Zwavel levert Conny Braam een mooi literair werkstuk af, waarin ze, met kennis van zaken en goochelend met bij wijlen prachtig woordgebruik de lezer op sleeptouw neemt door het officiëel net verenigde Zuid-Afrika, waar in de praktijk echter nog altijd onoverbrugbare kloven tussen blank en zwart blijven bestaan en zelfs moedwillig in stand gehouden worden. Deze keiharde confrontatie met een al even harde realiteit, die zorgt voor een niet te overtreffen geloofwaardige achtergrond is veruit het sterktste punt van het boek.
Jammer genoeg zijn de personages in het boek niet van diezelfde kwaliteit. Zelfs van het hoofdpersonage geeft de auteur niet meer prijs dan wat nodig is om het verhaal gaande te houden. Het blijven allemaal slechts bordkartonnen figuren, waarvan er slechts enkelen gestoffeerd worden met een laagje racisme. Allen zetten in hun handelswijze eigenbelang voorop waardoor liefde en verraad, voor zover deze gevoelens al een kans krijgen, gedegradeerd worden tot figuranten, in plaats van de hoofdrollen, die ze eigenlijk verdienen.
De auteur heeft zich wel de moeite getroost een degelijk plot te bedenken waarin een drietal verhaallijnen Nederland met Zuid-Afrika verbinden en aldaar samenkomen. Maar het uitschrijven had wat meer overdacht mogen gebeuren, want de lineaire wijze waarop het verhaal verteld wordt, neemt veel van de potentieel aanwezige spanning weg, waardoor er maar weinig meer resteert dan een opsomming van een seriële aaneenschakeling van feiten. Ook bij het gemak waarmee het hoofdpersonage vertrouwd wordt door zowel blank als zwart, zal bij de liefhebber van het spannende boek meteen een hoop vraagtekens plaatsen.
Dit is weer zo’n roman die door thematiek, setting en vooral realisme onverwacht en wellicht onbedoeld – getuige daarvan de NUR code 300 oftewel literaire fictie; algemeen – zijn weg naar de wereld van het spannende boek gevonden heeft. Puur als roman beoordeeld, scoort Zwavel dan ook erg goed, maar het verhaal van de jonge vrouw die op zoek naar haar verleden geconfronteerd wordt met wereldgeschiedenis, had nog zoveel aangrijpender en sterker uit de hoek kunnen komen door slechts één extra verbandje te leggen in de stamboom van het hoofdpersonage. Meer zelfs dan een literaire roman is dit boek een aanklacht tegen apartheid - het stokpaardje van Conny Braam – waarmee de auteur die lezers probeert te bereiken en te raken aan wie haar hon-fictie, haar pamfletten, journalistieke artikels en redevoeringen onopgemerkt voorbij gingen. Maar het werkt wel, want het is quasi onmogelijk om dit boek onberoerd aan je te laten voorbij gaan..
Samengevat is Zwavel een goede roman, maar een zwak spannend boek.
Het verdict: 4/10 (Als roman beschouwd: 7/10)

19:58 Gepost door Eric Diepvens | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: politiek, nederland, 4, 7, nederlandstalig, creme_de_la_crime, braam_conny, historisch |
Facebook |





