03-11-13

PEACE David - 1974

 

pd1974.jpg

Achterop:
De jonge misdaadjournalist Edward Dunford moet voor de Yorkshire Post verslag doen van de bizarre moord op een jong meisje, Clare Kemplay. Op haar levenloze lichaam zijn twee zwanenvleugels vastgenaaid. Hoe meer Dunford zich in de zaak verdiept, hoe meer verbanden hij ziet tussen een serie eerdere kindermoorden. Maar niemand lijkt interesse te hebben in de zaak. Wanneer hij toch besluit op onderzoek uit te gaan, belandt hij in een nachtmerrie van corruptie, geweld, sadisme en seksuele obsessie.

Achteraf:
David Peace is een Brits auteur die zich thuis voelt in Tokio, en die veelal op ware feiten gebaseerde verhalen schrijft. Zo is zijn debuut 1974, het eerste deel van het Red Riding kwartet, een aanklacht tegen de corruptie bij de politie dat verteld wordt tegen een achtergrond van een actieve seriemoordenaar.

’s Mans boeken worden zonder uitzondering de hoogte in geprezen door de mensen uit het vak, waaronder critici en juryleden. Maar ik durf te betwijfelen of de gewone lezer die mening deelt, de summiere, snelle, schrijfstijl lijkt soms meer op een telegram dan op proza, waardoor soms cryptische scenes ontstaan die het zijn publiek moeilijk maken. Zijn halsstarrige weigering ook maar iets uit te leggen maakt het bijna onmogelijk om de gedachtegangen van het hoofdpersonage te volgen.
Daarnaast vraagt de 45-jarige auteur verder ook wat inspanning van zijn clientèle om zich in 1974, het jaar waarin het boek zich afspeelt in de periode die vooraf gaat aan Kerstmis. Want net op die feestdag is alles weer peis en vree.

In een rauw verhaal vol politioneel geweld en corruptie waarin veelvuldig misbruik gemaakt wordt van menselijke uitwerpselen, wordt de moordenaar weliswaar gevonden, maar blijven veel personages met een dubieuze rol slechts gekend bij hun geuzennaam en ontsnappen ze hun straf. Misschien dat boontje nog wel om zijn loontje komt in de volgende delen 1977, 1980 en 1983, maar het zal toch even duren vooraleer ik dit boek, dat in de eerste persoon enkelvoud - beleefd door de ogen van een opkomend misdaadjournalist - verteerd heb en mij aan een volgende werk van zijn hand waag.

Rapport: 5/10

EOB.JPG

 

 

05-05-13

IGNATIUS David - Killer instinct

 

idki.jpg idihwvda.jpg

 

De openingszin:
Het kantoor van Coyote Investment was een kolos van grauw beton aan het westelijk deel van Knightsbridge, met dreigend aandoende kleine ramen die het interieur voor inkijk behoedden.

De korte inhoud
Tegen haar zin werkt de jonge Iraakse Lina Alwan als computeranaliste bij Coyote Investment, een in Londen gevestigd Iraaks bedrijf. Het gerucht gaat dat het bedrijf als dekmantel dient voor financiële manipulaties.
Privé-detective Sam Hoffman stelt daarom een diepgaand onderzoek in. En hoewel Hoffman iemand is voor wie weinig zaken geheim blijven, loopt hij nu tegen een muur van zwijgen op. De Irakezen die er werken zijn te bang om te praten, wetende dat dit dodelijke gevolgen kan hebben voor henzelf en voor hun familie in Irak. De enige die met Hoffman wil praten is Lina Alwan.
Hoffman’s (sic) interesse voor Lina blijft niet onopgemerkt. Als Lina dan ook nog uiterst gevoelige financiële informatie ontdekt, lijken haar dagen geteld. Lina wordt ge-dwongen (sic) is (sic) onder te duiken, Maar samen met Sam Hoffman ontwikkelt Lina een briljant plan om de machthebbers in haar vaderland te breken…


Het volledige rapport
David Ignatius is een Amerikaans journalist met wat Armeens bloed aan vaders zijde die vooral werkte voor de Wall Street Journal en The Washington Post. Tijdens het onderzoek ter staving van de tip dat een van Arafats vertrouwelingen werkte voor de CIA, hoorde hij zoveel verhalen dat hij tot de slotsom kwam dat fictie het enige medium was dat voldeed om al die feiten naar buiten te brengen. Drie jaar na de tip publiceerde hij het onthullende nieuwsartikel en nog eens vier jaar later verscheen in 1987 zijn boek Agents of innocence, dat niet naar het Nederlands vertaald werd, maar dat de toon zette voor het latere werk van deze auteur: de benadering van onderzoeksjournalistiek gebruiken om zeer realistische spionagethrillers te schrijven die een link hebben met de politieke situatie in het Midden Oosten.
Het Suleiman spel werd door Ridley Scott verfilmd, met Leonardo DiCaprio en Russell Crowe in de hoofdrollen en kwam onder zijn originele titel Body of lies in 2008 in onze bioscopen terecht.

Killer instinct, dat eerder ook verscheen onder de titel In het web van de angst, was zijn derde boek. Hierin probeert financieel privédetective Sam Hoffman informatie te vinden over het Londens investeringsbedrijfje Coyote Investment. Maar als zijn gewone kanalen niets opleveren, besluit hij andere paden te bewandelen: hij contacteert een aantal kennissen uit het milieu en legt contact met een van de werknemers van het bedrijf waarvan vermoed wordt dat het een schakel is in de financiële keten van de Iraakse heerser. Lina Alwan staat eerst weigerachtig tegenover Sams vraag om hulp, maar nadat ze aan den lijve mocht ondervinden dat de waarheid niet belangrijk is in haar thuisland, gaat ze op zoek naar genoegdoening en manoeuvreert ze zich onbewust midden in het web van niet één, maar verschillende geheime diensten, die haar allemaal willen inkapselen en onschadelijk maken.

Nog voor je een letter van het verhaal gelezen hebt, springt de slordigheid van deze uitgave al meermaals in het oog: de flaptekst wordt ontsiert door zowel twee taalfouten als een onafgewerkte zinsconstructie en de titel, die op de omslag uit twee woorden bestaat, is op de inleidende bladzijden binnen in getransformeerd naar een enkel onbestaand samengesteld woord: killerinstinct. Als ook al de derde bladzijde van de tekst ontsierd wordt door een spelfout, moet voor het ergste gevreesd worden. Maar tegen alle verwachtingen in, valt het vanaf dan taalkundig gezien allemaal best mee.

Sommige boeken zijn tijdloos en andere snel gedateerd. Dat Killer instinct tot de tweede groep behoort, is te wijten aan een paar feiten. Zo zijn de in het boek uitvoerig beschreven methodes voor het gebruik van computers en telecommunicatie hopeloos verouderd. Daarnaast is er al enkele jaren geen sprake meer van Sadam Hoessein. Hoewel deze dictator nooit bij naam genoemd wordt in het verhaal, moge het duidelijk zijn dat hij de man is waarop De heerser geïnspireerd is. Zijn beeltenis prijkt zelfs op de cover van de eerste Nederlandse editie. Het origineel dateert dan ook al van 1994; lang voor de tweede Golfoorlog een eind maakte aan de heerschappij van deze man. 

De auteur was echter niet zo geduldig en laat zijn versie van deze despoot ombrengen, wat vreemd aanvoelt, ondanks de wetenschap dat het allemaal fictie is. Waarmee weer maar eens bewezen wordt dat het referentiekader van een thriller toch best het echte leven zo dicht mogelijk moet benaderen om de lezer niet even gedesoriënteerd achter te laten. Maar onoverkomelijk is het natuurlijk niet.

Terwijl Bagdad een meestal op de achtergrond vertoevende factor is, speelt Killer instinct zich grotendeels af in Londen, om voor de finale uit te wijken naar Genève, het Zwitserse centrum van het geld. 

Terwijl het boek geschreven is in een degelijk stijl, gedurfd is van opzet, en meesterlijk de mogelijke geldstromen blootlegt van een dictatuur, overspeelt David Ignatius zijn hand toch duidelijk als blijkt dat zowat alles wat in het boek aan bod komt, één grote samenzwering blijkt te zijn: Dat gegeven is te groots om de geloofwaardigheid van Killer instinct, voor een gewone man als ondergetekende, in stand te kunnen houden. Met een wat compacter plotkader was het resultaat wellicht beter uitgevallen. Niet dat we van een echte tegenvaller mogen spreken. Maar ook vergeleken met Het Suleiman spel, het enige andere boek dat ik las van deze auteur, laat In het web van de angst, me een beetje ontgoocheld achter, met de hoopgevende vaststelling dat David Ignatius gegroeid is als thrillerschrijver. 

Het definitieve verdict: 6/10 

EOB.JPG


13-01-13

LODDER Leendert - Ultieme wraak

 

lluw.jpg

 

De eerste zin:
In een kleine huurwoning in een eenvoudige buurt van Assen woonde Kees ten Pas.

De korte inhoud
Een nieuw rechercheteam verricht onder leiding van hoofdinspecteur Dick Prins speciale onderzoeken. Als er een ernstig misdrijf heeft plaatsgevonden, blijkt al snel dat het hen niet gemakkelijk wordt gemaakt. Het onderzoek herbergt vele verrassingen en mede dood bureaucratie en ingewikkelde processen binnen onze complexe samenleving lopen de zaken mis.


Het volledige rapport
De eerste jaren van Leendert Lodders leven bieden al genoeg stof om een boek aan op te hangen: zijn vader vergiftigt in het begin van de jaren vijftig van vorige eeuw zijn eerste vrouw en komt er bijna mee weg. Pas als hij zich tijdens een ruzie met zijn volgende vrouw verspreekt, gaat de bal aan het rollen en wordt hij veroordeeld voor moord. In de gevangenis wordt hij op zijn beurt vergiftigd door een andere notoire gifmoordenaar. Deze feiten liggen dan ook aan de basis van het eerste boek van Leendert Lodders: Als tie maar nie wordt als zijn vader.

Twee jaar later waagt hij zich aan zijn eerste spannende boek. De keuze voor een policier lag voor de hand, want de nu 61-jarige Leendert Lodder trad niet in de sporen van zijn vader, maar was jaren rechercheur en is nog altijd hoofdinspecteur bij het politiekorps van Twente alsook hulpofficier van Justitie.


Het resultaat luister naar de titel Ultieme wraak, werd verpakt in een geslaagde, stijlvolle retro cover, wordt geleverd met een al even elegante bijpassende bladwijzer en verhaalt over de pas opgerichte politiedienst USO – Unit Speciale Opdrachten, die enkel zaken aangereikt krijgt, die gevoelig liggen. De eerste zaak betreft een organisatie die zich Angels of Revenge noemt, en die rechterlijke dwalingen meedogenloos rechtzet. Niet alleen worden onterecht vrijgesproken moordenaars de dood ingejaagd, maar ook hun advocaten ondergaan hetzelfde lot. Het hoeft geen betoog dat er meteen en van alle kanten druk wordt uitgeoefend op het team van Dick Prins, dat moeite heeft om het onderzoek op de rails te krijgen…

Maar meer dan een gewone politieroman, is Ultieme wraak een vehikel om de moeilijke situatie aan te kaarten waarin de politie tegenwoordig moet werken. Het wettelijk kader lijkt voor in het voordeel te werken van de crimineel: bescherming van verdachten en de quasi vrije hand die de verdediging ter beschikking heeft, beperken vooral de mogelijkheden waarmee de rechercheurs de bewijslast moeten proberen rond te krijgen. Het gevoel dat de wet de kant lijkt te kiezen van de dader in plaats van het slachtoffer zorgt voor frustratie bij het politiekorps. De vraag of er geen ongezond onevenwicht zit in deze wetten staat dan ook centraal. Om deze stelling wat kracht bij te zetten, laat de auteur het onderzoek zelfs uitdeinen tot in de bergen rond Sarajevo, waar de grenzen van het wettelijke wat kunnen opgerekt worden. Gelukkig integreert de auteur deze kanttekeningen op zeer natuurlijke wijze in het verhaal en wordt hij pas belerend in de epiloog, wat de juiste plaats is om een standpunt uitgebreid te belichten..

Leendert Lodder heeft wat moeite met de overschakeling van zijn dagelijkse ambtelijke en zich tot de feiten beperkende taalgebruik naar een vlotte vertelvorm die gehanteerd wordt in een roman. Deze klinisch geschreven aanvang is dan ook verantwoordelijk voor een stroef begin. Maar de auteur leert snel en naarmate het verhaal volgt wordt zijn stijl losser.

Hoewel het basisgegeven van een speciale politiecel zich uitstekend leent om een reeks aan op te hangen, lijkt dat deze keer niet de bedoeling te zijn, want Ultieme wraak bevat – op het leven laten na - al zowat alle mogelijke beslommeringen die een rechercheur kunnen overkomen tijdens zijn loopbaan: bedreigd worden, ontvoerd worden, beschoten worden, aan een intern onderzoek onderworpen worden, … Even krijgt het verhaal zelfs iets James Bondachtigs. Het zit allemaal in dit 375 bladzijden tellende en vier maanden overspannende verhaal en dus blijft er weinig over om de lezer een volgende keer mee te verbazen. Maar overdrijving ligt op de loer, en als de auteur zelfs twee keer hetzelfde trucje uit de kast haalt is dat net iets van het goede teveel. Net als de groteske ontknoping, die er bij de haren is bijgesleept en de geloofwaardigheid een serieuze knauw geeft.

De prominente aanwezigheid van actie en het internationale karakter van het boek roept meteen gelijkenissen op met het werk van de Vlaming Christian De Coninck die trouwens ook als politieman door het leven gaat.

Met Ultieme wraak levert Leendert Lodder een aardig spannend debuut af, dat nog beter was geweest na een degelijke redactie, want de tekst bevat een bovengemiddeld aantal fouten, wat het leesplezier negatief beïnvloedt. Toch blijft het boek best genietbaar voor de liefhebber van de politieroman

Het definitieve verdict: 6/10

Geschreven in opdracht van Crimezone.nl

EOB.JPG


19-05-12

BOS Adriaan - Advocaat van de waarheid

 

baavdw.jpg

 

De eerste zin:
Subachio zag er niet uit als een hotel.

De korte inhoud
Thomas is een succesvolle advocaat. Na het overlijden van zijn vader, een heftige relatie en een ontmoeting met een zwerver, besluit hij de advocatuur te verlaten. Zijn vriend Sam heeft een technologie ontwikkeld die de maatschappij ingrijpend kan veranderen. Sam wil zijn uitvinding geheim houden en Thomas belooft hem deze taak op zich te nemen. Dat brengt hem in conflict met Sams ambitieuze zonen, en met nietsontziende, op macht beluste bedrijven. Intussen wordt de wereld overspoeld door een dodelijk virus.

Thomas raakt verstrikt in een zich langzaam sluitend web van intriges en komt voor onmogelijke keuzes te staan. Kan hij het onheil keren dat zich als een donkere schaduw over hemzelf, zijn geliefden en de wereld verspreidt?


Het volledige rapport
De Nederlander Adriaan Bos was 25 jaar lang advocaat. Daarna wierp hij zich op als coach die zakenmensen begeleidde in verband met bewustzijnsontwikkeling. Beide aspecten van zijn professionele leven vinden we nu ook terug in Advocaat van de waarheid, waarmee de man op zijn drieënzestigste debuteert als misdaadauteur.

In 2009 kreeg het manuscript De zonen van Samuël een eervolle vermelding tijdens een wedstrijd. In de eerste helft van 2010 werd het geplaatst op de website Tenpages.com, waar auteurs, via het plaatsen van minimum de eerste tien bladzijden van hun manuscript in eender welk genre, lezers warm maken om te investeren in hun werk. Als er binnen het tijdsbestek van vier maanden minstens tien geldschieters samen 10000 euro inbrengen, belooft de website het boek te laten uitgeven bij een gerenommeerde uitgever. Als een van de tweeënzestig boeken die tot op de dag van vandaag op deze wijze publicatie verdienden, werd De zonen van Samuël dit jaar uitgegeven bij Juwelenschip onder de titel Advocaat van de waarheid. Uitgeverij Juwelenschip is een nobele onbekende in de wereld van het spannende boek, maar haar publicaties richten zich eerder tot de liefhebbers van esoterie en religie.

In Advocaat van de waarheid maken we kennis met Thomas van Buitenhuyzen, die het alter ego van de auteur zou kunnen zijn: ex-advocaat en nu vooral bezig om zijn vriend Sam te begeleiden tot een meer duurzaam beslissingsbeleid voor zijn technologiebedrijf, dat een chip heeft ontwikkeld die bedoeld is voor inplanting bij mensen. Als Sam beslist er niet mee naar de markt te trekken, komen hij en vooral Thomas in conflict met Sams zonen en een belangrijk buitenlands technologiebedrijf die zich een fortuin door de neus geboord zien. Als een dodelijk virus een wereldwijde pandemie veroorzaakt komt Thomas van alle kanten onder vuur te liggen en wordt het alsmaar moeilijker vast te houden aan zijn levensfilosofie.

Adriaan Bos gebruikt een spannend verhaal dat zich deels in Nederland en deels in Italië afspeelt als vehikel om zijn boodschap uit te dragen. Waarschuwingen allerhande doorspekken royaal het boek: het gebrek aan privacy in de digitale wereld; de invloed van het populisme in de politiek en de gevolgen van het kortetermijndenken passeren allemaal de revue. Soms klinken deze sommaties wat dringender en krijgen ze de vorm van berispingen en aanklachten. Als alternatief biedt de auteur de opwaardering van de ethiek, door onder andere het hoger inschatten van (naaste)liefde en goedheid. Maar de boodschap van Franciscus van Assisi, die het hoofdpersonage fel inspireert, lijkt een gevecht tegen de windmolens worden en Thomas glijdt af naar een Don Quichot-achtige figuur, die een strijd voert die hij niet lijkt te kunnen winnen. Maar tegelijk blijft het personage, net als alle andere protagonisten, zeer geloofwaardig vasthouden aan het recht om niet voor de makkelijkste weg te kiezen, zoals hij het zelf omschrijft. De auteur heeft goed werk geleverd om de figuren die hij opvoert elk een eigen persoonlijkheid mee te geven, zonder de noodzaak van ellenlange voorgeschiedenissen, maar door gebruik te maken van degelijke karakterschetsen.

Dit alles integreert de auteur professioneel in het spannende verhaal dat een aantal aspecten van zowel techno-, reli- als bedrijfsthrillers bevat. Een interessante en evenwichtige melange die afgewerkt werd met een esoterisch sausje. Overeenkomsten met de werken van Michael Crichton, Joel C. Rosenberg en Joseph Finder – elk de top in hun thrillersegment – zijn dan ook volop aanwezig. Tot aan bladzijde driehonderddertig is Adriaan Bos goed op weg vriend en vijand te verbazen en een hoge score ligt binnen handbereik. Maar vanaf dan volgt slechts een boutade aan spiritualiteiten, met als dieptepunt het totaal overbodige zestigste hoofdstuk. Zou dit de invloed zijn van de uitgever op de wijzigingen in het manuscript, waarvan de auteur gewag maakt in zijn nawoord? In ieder geval gebeurt deze omschakeling even artificieel als een rockconcert op een bijeenkomst van de Christelijke jeugd: het plaatje klopt niet meer en alle opgebouwde krediet wordt in een wip verspeeld. Een slotoffensief vol actie waarin de cast gedecimeerd wordt kan de het tij niet meer keren. En dat is jammer, want de auteur heeft bewezen dat het potentieel aanwezig is om het te maken in de wereld van het spannende boek.

Ook valt tijdens het lezen op dat de tekst van Advocaat van de waarheid op papier gezet werd in een lettertype met een rare eigenschap: de hoofdletters zijn kleiner dan de gewone hoge letters, zoals de “h”, wat bij momenten lichte irritatie opwekt. Als voorbeeld geef ik even het meest voorkomende geval mee: zo staat er constant “thomas” te lezen in plaats van het meergenormaliseerde “Thomas”

Met Advocaat van de waarheid bewijst nieuwkomer Adriaan Bos dat hij de kunst van het schrijven machtig is. Alleen slaagt hij er nog niet in het kwalitatieve niveau te handhaven tot aan de laatste bladzijde, waardoor hij compleet de mist ingaat. Hopelijk zijn de drieënnegentig investeerders niet zo ontgoocheld als ondergetekende.

Het definitieve verdict: 5/10


EOB.JPG


12-04-12

DEAVER Jeffery - In memoriam

 

djim.jpg

De eerste zin:
Er klopte iets niet.

De korte inhoud
Langs de snelwegen van Monterey, Californië, verschijnen steeds regelmatiger herdenkingskruizen – niet ter herinnering aan dodelijke ongelukken in het verleden, maar als aankondiging van gruwelijke moorden die nog zullen volgen.
Kathryn Dance, kinetisch expert bij het California Bureau of Investigation, wordt ingeroepen om de zaak op te lossen. Al snel komt ze op het spoor van de tiener Travis Brigham. Zijn rol bij een fataal auto-ongeluk leidde tot verschrikkelijke haataanvallen tegen hem op een populair weblog.
Terwijl Kathryn wanhopig zoekt naar aanwijzingen waar Travis zich schuilhoudt, werkt deze zijn lijstje af. Door gebruik te maken van persoonlijke details op blogs en community’s maakt hij elke moord zo persoonlijk en afschuwelijk mogelijk…


Het volledige rapport
De Amerikaanse auteur Jeffery Deaver staat bekend als de prins van de plotwendingen. Tegenwoordig onderhoudt hij twee reeksen met vaste personages en publiceert hij op tijd en stond ook nog een op zichzelf staande thriller. De langstlopende reeks, met Lincoln Rhyme en Amelia Sachs startte al in 1997. In De Koude maan, het zevende verhaal in deze serie, introduceerde hij Kathryn Dance, een menselijke leugendetector. De auteur vond het personage zo sterk dat hij haar promoveerde tot hoofdrolspeelster in een aparte reeks boeken. Na De slaappop is het in 2009 verschenen In memoriam het tweede boek dat volledig gedragen wordt door deze vrouw.

Hierin kondigt een moordenaar zijn daden aan door langs de weg herdenkingskruisen te plaatsen, met daarop de naam datum waarop zijn volgende slachtoffer zal sterven. Kathryn Dance, die rechercheur is bij het CBI krijgt de zaak toegewezen en vindt al snel en verdachte in Travis Brigham, een wat wereldvreemde tiener, die veruit het merendeel van zijn tijd doorbrengt achter computers. Nadat hij een dodelijk ongeluk veroorzaakte, wordt hij, als op een populaire blog de reacties van de lezers alsmaar grimmiger worden, slachtoffer van cyberpesten. Wraak is het voor de hand liggende motief, want modus operandi is afhankelijk van de grootste angst van elk slachtoffer.


Na De cyberkiller uit 2001 waagt de auteur zich met In memoriam weer aan een thriller in de sfeer van computers en informatica. Meer specifiek stelt hij zich vragen over het vervagen van de grenzen tussen de echte en de digitale wereld enerzijds en anderzijds vraagt hij zich af waarom we ons toch anders gedragen in beide werelden. Om deze thematiek nog verder te ondersteunen geeft Jeffery Deaver aan dat alle URL’s – adressen van webpagina’s, zeg maar – die in het boek genoemd worden ook echt bestaan. Maar bij het bezoeken ervan blijkt dat ze allen eigendom zijn van de auteur, die ze blijkbaar speciaal voor dit boek construeerde, om de geloofwaardigheid van het verhaal te ondersteunen. Maar eigenlijk is het een beetje vals spelen, en bereikt hij net het tegenovergestelde effect. Een beetje meer voorbereidend onderzoek en het refereren naar echte weblogs, waren een galantere oplossing geweest, maar hij onderstreept er wel zijn stelling mee dat je niet alles wat je al surfend leest klakkeloos moet geloven. In memoriam zet je aan het denken en dat is iets dan van niet veel spannende boeken kan gezegd worden.

Het verhaal dat achter de nietszeggende cover schuilgaat en waarvoor Kruisweg een meer toepasselijke titel geweest was, strekt zich uit over een werkweek. Met een intrigerend begin wordt meteen de toon gezet. Maar wat later lijkt het verhaal, ondanks drie grote verhaallijnen, wat doelloos rond te zwalpen, alsof besluiteloosheid het de wind uit de zeilen genomen heeft, om naar het einde toe te ontaarden in een typische Deaver, met onverwachte wendingen, waarvan sommige op het randje van de geloofwaardigheid die elkaar in zo’n sneltreinvaart opvolgen. Gedreven door tijdnood ziet de auteur zich genoodzaakt twee van de drie rode draden af te haspelen, wat toch wel ontgoochelend is.

Gelukkig is het hoofdpersonage in dit verhaal een stuk menselijker dan in De slaappop. Daarin leek Kathryn Dance bijna een waarzegster, die door in iemands ogen te kijken niet alleen diens verleden naar boven kon halen, maar eveneens de toekomst. In memoriam is in dat opzicht een stuk realistischer en door Kathryns vaardigheden slechts met mondjesmaat te gebruiken, benadert het veel dichter de gewone policier wat in dit geval een positieve zaak is. Maar het verhaal van De slaappop is blijkbaar nog een zeer belangrijk gegeven, want In memoriam staat vol met verwijzingen naar zijn voorganger.

In memoriam is van quasi hetzelfde niveau als De slaappop, maar de accenten liggen iets anders: het hoofdpersonage wordt menselijker en echter terwijl de plot net iets minder sterk is. Maar door onder andere De koude maan en Het gebroken raam, weten we dat Jeffery Deaver veel meer in zijn mars heeft en pakken beter kan.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


10-02-12

ADLER-OLSEN Jussi - Het Washingtondecreet

 

aojhw.jpg

 

De eerste alinea:
De kleine Pete Bukowski had minstens een uur onder het bord op hoofdweg 460 in het centrum van Wakefield staand turen naar de weg in de richting van Jarratt.

De korte inhoud
Bij een brute moordaanslag op de avond van de Amerikaanse presidentsverkiezingen komt de vrouw van de Democratische kandidaat en uiteindelijke winnaar Bruce Jansen om het leven. De verbitterde nieuwe president vaardigt onmiddellijk een decreet uit om de rust en orde in de Verenigde Staten te herstellen. Doggie Rogers, medewerkster van Jansen, is getuige van de maatschappelijke woede die ontstaat als de Amerikanen beseffen wat er aan de hand is: de grenzen worden gesloten, de avondklok wordt ingevoerd, en het land staat binnen de kortste keren op de rand van een burgeroorlog. Bovendien wordt Doggies vader ter dood veroordeeld, omdat iedereen hem ziet als de moordenaar van de presidentsvrouw.
Doggie voelt zich machteloos, maar besluit toch om zich met een kleine groep geestverwanten in te zetten voor de democratie, en om het complot te ontsluieren waaraan de Amerikaanse samenleving is blootgesteld.


Het volledige rapport
Op enkele jaren tijd heeft de Deense auteur Jussi Adler-Olsen zich van nobele onbekende opgewerkt tot the hottest kid in thrillertown. Volkomen terecht overigens, want de vier boeken die zijn Serie Q ondertussen telt, zijn stuk voor stuk degelijke thrillers die getuigen van vakwerk met maatschappelijke relevantie. Net zoals gebeurde bij Dan Brown en ook volop aan de gang is met onder andere Harlan Coben, worden, surfend op deze golf van succes, de oudere boeken nu ook gretig op de markt gegooid. Nadat eerder al Het alfabethuis en De bedrijfsterrorist als duoboek in de boekenwinkels verschenen, is het nu de beurt aan het uit 2006 stammende Het Washingtondecreet.

In dit meer dan zeshondervijftig bladzijden tellend werk stelt de auteur zichzelf de vraag wat er kan gebeuren als een president de wetten misbruikt die in uitzonderlijke situaties het congres buitenspel kunnen zetten en die ingevoerd werden na de aanslagen van 11 september 2001. Of anders geformuleerd: wat als de USA gaat slapen als een democratie en wakker wordt als een dictatuur? Jussi Adler-Olsen vertelt dit verhaal vanuit het gezichtspunt van een aantal mensen uit de entourage van de kersvers verkozen president.
Als de tweede vrouw van Bruce Jansen, de kersverse president, vermoord wordt bij aanvang van het grote feest ter ere van zijn verkiezing, trekt de man zich terug, om pas boven water te komen als het moment is aangebroken om zich te installeren in het Witte Huis. Vrijwel meteen maakt hij werk van zijn enige beleidspunt: het land zo snel als mogelijk veilig te maken. Wapens en munitie moeten worden ingeleverd; de doodstraffen worden aan de lopende band zo snel mogelijk uitgevoerd en betogingen en rebelerende acties worden bloedig onderdrukt. Terwijl de Verenigde Staten van Amerika meer en meer begint te lijken op het Rusland van vijftig jaar geleden, vraagt iedereen zich af of de president nog wel bij zijn volle bestand is. Maar het klimaat van angst weerhoudt iedereen om te reageren. Bijna iedereen, want Doggie Rogers wiens vader, als opdrachtgever voor de moord op de vrouw van Bruce Jansen, veroordeeld werd tot de doodstraf, wil er alles aan doen om zijn executie die met rasse schreden dichterbij komt, te voorkomen, door de onschuld van haar vader te bewijzen. Samen met een aantal oude kennissen stapt ze in naam van de democratie op naar haar vroegere werkgever Bruce Jansen, de vierenveertigste president van de USA.

Michael Moore nagelde in 2004 met de documentaire Fahrenheit 911 de zogenaamde Patriot Act al publiek aan de schandpaal. Maar het is toch wel opmerkelijk dat de eerste misdaadauteur die dit gegeven gebruikt als ruggengraat van een boek uit Denemarken komt. En Jussi Adler-Olsen heeft er werkt van gemaakt, want de oplijsting van de markantste punten uit de presidentiële besluiten, de literatuurlijst en de verantwoording die het verhaal volgen beslaan nog eens een tiental paginas extra.

Het Washingtondecreet begint als een rasechte politieke thriller, maar deint, naarmate de persoonlijke belangen groter worden, uit tot een verhaal vol actie dat eindigt waar Brendan Dubois apocalyptische thriller De laatste dagen van Amerika zowat begint. De vraag hoe realistisch het beschrevene nu echt is, is mijn inziens niet te beantwoorden, maar de auteur slaagt erin gevoelens van verontwaardiging, machteloosheid en afschuw op te roepen bij de lezer, wat op zich al een verdienste is. Dezelfde gevoelens die ook bij Kind 44 van Tom Rob Smith naar boven gehaald werden.

Jussi Adler-Olsen tekent over het algemeen genomen een zeer aannemelijk scenario uit, maar sommige aspecten ervan liggen er zo dik op dat de ervaren thrillerlezer al een en ander kan voorzien. Gelukkig zijn er ook genoeg andere wendingen; de ene al wat geloofwaardiger dan de andere, waarbij de epiloog, na een explosieve ontknoping, in al zijn vredigheid inslaat als een bom.

Ook slaagt de auteur er perfect in zijn verhaal mooi de cirkel rond te laten maken, door een klein groepje mensen in het begin van het boek te introduceren en deze te laten evolueren tot sleutelpersonages, wat getuigt van een mooi stukje plotwerk. Natuurlijk had alles wat compacter gekund. Zo is onder andere het bladzijden lange discours om rechtbank aan te duiden die het proces van de moord op de tweede vrouw van Bruce Jansen mag voeren te uitgesponnen en zelfs overbodig.

Maar de eindconclusie is overwegend positief voor deze “what if”-thriller die zich vooral afspeelt in en om het Witte Huis in Washington D.C. en in Virginia, de thuisbasis zowel de president als Doggie Rogers. Het Washingtondecreet is een totaal ander boek dan de veelvuldig geroemde Serie Q, maar kwalitatief zo goed als van hetzelfde niveau.

Het definitieve verdict: 7/10

EOB.JPG


22-01-12

ADLER-OLSEN Jussi - Dossier 64

 

aojd64.jpg


De eerste zin: 
Op een onvoorzichtig moment ging haar gevoel met haar op de loop.

De korte inhoud
Naar aanleiding van een gewelddadige overval op een bordeelhoudster in Kopenhagen duikt Rose, de eigenzinnige assistente van brigadier Carl Morck, op de kwestie van een jaren geleden verdwenen prostituee – een van de vele onopgehelderde zaken die de afdeling Q moest oplossen. Wanneer Morck en zijn collega Assad worden gedwongen de zaak te onderzoeken, komen er verdachte aanwijzingen boven water over een eiland waar de Deense overheid vroeger lichtzinnige vrouwen naartoe stuurde, die vervolgens waren overgeleverd aan de luimen van het bewakend personeel. Morck en Assad ontdekken algauw dat dit slechts het topje van de ijsberg is van een ongehoorde vorm van mensenrechtenschending, die meer dan een halve eeuw geleden is begonnen en blijkbaar nog steeds gaande is.



Het volledige rapport
De Deen Jussi Adler-Olsen heeft zich op zeer korte tijd van nobele onbekende weten op te werken tot een vaste waarde bij het kruim van de misdaadauteurs. Nadat zijn eerste drie opzichzelfstaande thrillers quasi onopgemerkt passeerden, was het met De vrouw in de kooi, het eerste deel van de serie over de afdeling Q van de Deense politie, eindelijk raak. Nog twee delen volgden met evenveel, zo niet nog meer succes en nu ligt met Dossier 64, het vierde verhaal in de winkel met Carl Morck, Assad en Rose als de drie musketiers van de Deense cold cases, in de hoofdrol.

De zaak van de plotse verdwijning van een succesvolle, met Madonna dwepende, bordeelhoudster in 1987 is het begin van een onderzoek dat met gevaar voor eigen leven gevoerd wordt en de speurders via de donkere krochten van de medische sector van de helft van de vorige eeuw – toen ongeremde vrouwen uit de maatschappij geplukt werden om aan het werk gezet te worden op een afgezonderd eilandje, waar ze de speelbal werden van hun opzichters - tot bij de oprichters van een nieuwe extreemrechtse politieke partij in 2010.

Dossier 64 wordt verteld door middel van twee verhaallijnen die elkaar tegen het eind van het boek inhalen. De eerste speelt zich af in de tweede helft van de jaren tachtig en geeft aan de hand van een overlevende oud-eilandbewoonster inzicht in de karaktervorming van een slachtoffer van de maatschappij en hoe ze ermee omgaat. De ander is het hedendaagse draadje waarin het onderzoek gevoerd wordt.

Hoewel het verhaal in Dossier 64 op zichzelf origineel is, zijn er toch veel overeenkomsten met de vorige drie boeken uit de serie die de sociologische interesses van de auteur duidelijk bloot leggen: de vrouw als slachtoffer van naar buiten toe gerespecteerde leden van de maatschappij die er een verborgen agenda op na houden en zekere sadistische trekjes vertonen. Benieuwd hoelang Jussi Adler-Olsen nog uit dit vaatje kan blijven tappen, zonder statusverlies te lijden. Net zoals bij Karin Slaughter is de kans groot dat een deel van het publiek afhaakt met een gevoel dat ze het allemaal al eens gehad – of gelezen – hebben. Maar voorlopig is het nog net te slikken.

Ook moet Jussi Adler-Olsen erover waken dat hij de grenzen van de geloofwaardigheid niet al te frequent en opvallend overschrijdt. De acties van Carl Morck en zijn Syrische assistent Hafez el-Assad kunnen in dit boek een paar keer echt niet door de beugel en zouden in het echte leven meer dan waarschijnlijk op zijn minst uitzetting uit het politiekorps tot gevolg hebben; wellicht met nog een proces en veroordeling erbovenop. Dit overdrijven vreet aan het realisme dat de serie zo kwalitatief hoogstaand maakt.

Gelukkig zijn zowel de plot als de schrijfstijl van superieure kwaliteit, waardoor negatieve puntjes al eens makkelijker door de vingers gezien worden en het prachtige gevoel van humor dat de auteur laat infiltreren in de dialogen zalft zonder probleem alle eerder geslagen wonden. Alsook het feit dat het verhaal beter wordt naargelang het vordert met een geniale plotwending op het eind als de spreekwoordelijke kers op de taart.

Dossier 64 kan nog net door de beugel als zeer goed boek, maar voor een eventueel vijfde deel zal Jussi Adler-Olsen uit een ander vaatje moeten tappen, om zijn kredietwaardigheid te kunnen blijven bestendigen, vrees ik.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


06-08-11

ILES Greg - Het stille spel

 

ighss.jpg

 

De eerste zin:
Ik sta in de rij voor de Walt-Disney-attractie It’s a Small World met mijn vierjarige dochter in mijn armen en probeer haar bezig te houden terwijl de slingerende rij ouders en kinderen langzaam voortschuifelt in de richting van de platte bootjes, die uit de grot opduiken op de muziek van steeds hetzelfde bandje.

De korte inhoud
Na de tragische dood van zijn vrouw keert officier van justitie Penn Cage terug naar zijn geboortestad Natchez in Mississippi. Natchez was ooit een stad van oud geld en oude zonden, maar achter de elegante façades blijken machtswellust, rassenhaat en hartstocht nog steeds hoogtij te vieren. Tot zijn verbijstering merkt Penn dat zelfs zijn eigen familie verstrikt lijkt te zijn geraakt in een web van intriges.
Penn bundelt zijn krachten met die van Caitlin Masters, uitgeefster van de plaatselijke krant. In hun speurtocht naar de waarheid stuiten ze op het geheim dat Natchez al dertig jaar beheerst: de onopgeloste moord op een zwarte oorlogsveteraan. Onder overweldigende media-aandacht heropent Penn de zaak…


Het volledige rapport
Greg Iles werd grofweg een halve eeuw geleden geboren in Stuttgart, waar zijn vader, aan het hoofd stond van de medische post van de Amerikaanse ambassade. Al in zijn jeugdjaren kwam hij terecht in Natchez, Mississippi, waar hij nog altijd woont. Na een korte carrière in de muziekwereld zette Greg Iles zich aan het schrijven en in 1993 lag zijn debuut in de winkels.

In 1999 verscheen Het stille spel waarin Penn Cage terugkeert naar zijn geboortestadje Natchez. Amper gearriveerd slaagt hij erin zowel vriend als vijand tegen zich in het harnas te jagen door een oude onopgelost moord aan te halen als voorbeeld van het verschil in behandeling dar blank en zwart in het stadje krijgt. Hij ziet zich genoodzaakt om samen met Caitlin Masters, die de plaatselijke krant uitgeeft, de moord alsnog grondig te onderzoeken. Maar de dood van die zwarte Vietnamveteraan in 1968 blijkt slechts het topje te zijn een groots schandaal. Zo groot dat het leven Penn Cage en zijn familie een stuiver meer waard is…

Greg Iles vertelt het verhaal in de tegenwoordige tijd en in de eerste persoon enkelvoud. Zo laat hij de lezer meekijken met zijn hoofdpersonage, Penn Cage. Maat het belangrijkste personage in het boek is het stadje Natchez zelf, dat de rassenkwestie al meedraagt vanaf het moment dat de blanken er arriveerden. Eerst waren de inheemse indianen het slachtoffer en later de Afrikanen, die als slaven voor de katoenindustrie werden ingevoerd. Hoewel de slavernij al lang afgeschaft is leven blank en zwart; katholiek en jood; arm en rijk op het eerste zicht vreedzaam naast elkaar. Maar de kleinste vonk kan er sneller de brand in laten ontvlammen dan in een droe Kalmthoutse Heide.
Door deze politieke en historische diepgang volledig te integreren in het verhaal, is Het stille spel een echte literaire thriller geworden. Niet zozeer door stijl maar vooral door inhoud.

Met Het stille spel toont de auteur zich een briljant plotter. Zowel qua bedenken als wat betreft de uitwerking, want de drie draadjes worden meesterlijk verweven tot een solide touw dat zijn ontknoping krijgt in de rechtszaal. Alleen vallen er net voor het eind net iets teveel doden en zorgt de ontknoping niet voor een grote verrassing.

Greg Iles besteedt immens veel aandacht aan zijn personages, maar sommige ervan zijn net iets te ver over de top om volledig geloofwaardig te kunnen zijn.

Het stille spel is een immens degelijke sociologische thriller die vijf jaar lang een op zichzelf staand verhaal was. Maar in 2005 zag met Ontluistering een tweede boek het levenslicht met Penn Cage in de hoofdrol. En in 2009 volgde het derde en voorlopig laatste deel: Spel zonder regels.

Het definitieve verdict: 9/10

EOB.JPG


05-04-11

SOETEWEY Rudy - Getuigen

 

srg.jpg

 

De eerste zin:
De wijze waarop ze de schuifdeur openrukten, voorspelde niet veel goeds.

De korte inhoud

Je bent de enige getuige van een zoveelste incident met jongeren, dit keer op een late trein. Je kent de jongeren niet en ook het slachtoffer is je onbekend. Je wordt door niemand opgemerkt, je hebt geen gsm op zak en bovendien ziet het er allemaal niet zo erg uit voor het slachtoffer. Redenen genoeg om de politie niet te bellen.
Tot de volgende dag….


Het volledige rapport
De Vlaming Rudy Soetewey is leraar van beroep, maar pleegt als eens een boek te schrijven. Na in de jaren negentig te zijn begonnen als romancier richtte hij vanaf de eeuwwisseling zijn pijlen op het spannende boek. Een omscholing die niet onopgemerkt voorbij ging want zijn titels prijkten al op de nominatielijstjes van het gros der Nederlandstalige thrillerprijzen. Naast romans componeert hij ook stukken voor toneel en liedjes.

Getuigen is zijn vierde spannende boek dat net als zijn voorgangers een losstaand verhaal vormt. Hierin is Martin Vandeweyngaert in de late uurtjes getuige van een daad van kleine criminaliteit. Om zichzelf niet dieper in de problemen te werken dan hij al zit, besluit hij niet te reageren, maar zijn geweten knaagt. En het knaagt nog harder als hij wat later in de krant leest dat de gevolgen erger waren dan hij had ingeschat. Onder het maaiveld blijven. Of zijn nek uitsteken? De strijd tussen zelfbehoud en rechtvaardigheidsgevoel bezorgen hem slapeloze nachten.

Rudy Soetewey situeert zijn verhalen steevast in de buurt waar hij al jarenlang verblijft. Ook nu weer vormen de gemeenten Hove en Edegem in de Antwerpse rand het decor voor weerom een klein, herkenbaar spannend verhaal dat drijft op het uitstekend psychologisch inzicht van de schrijver en dat in de eerste persoon enkelvoud verteld wordt in een aangenaam taalgebruik, dat volks aandoet en waarin vooral de Vlaamse lezer zich meteen zal thuis voelen. De auteur tapt dus grotendeels uit hetzelfde vaatje als Patrick De Bruyn, waarbij ze, kwalitatief beschouwd, perfecte sparringpartners zijn.

Getuigen slaat de inleiding over en zet meteen de toon door de lezer meteen een dosis spanning voor te schotelen, waardoor deze direct in het verhaal zit en er niet meer uitkomt. Want door uitgekiende wijze waarop de auteur de hersenspinsels van het hoofdpersonage op papier zet, kan men niet anders dan meeleven en menigmaal betrapte ik mezelf erop identieke ergernissen en ongeloof als Martin aan de dag te leggen tegenover de werking van het systeem. Want dat is het boek eigenlijk: een bedekte maar gegronde aanklacht aan het adres van de werking van onze maatschappij - en dus aan het adres van ieder van ons – waarbij enkel eigenbelang als primaire maatstaf telt.

Dit laatste klinkt misschien nogal zwaar, maar Rudy Soetewey brengt het op zo’n terloopse en geloofwaardige manier waardoor het de spannende verhaallijn totaal niet in de weg staat.

Getuigen is net geen driehonderd bladzijden herkenbare suspense en het bewijs dat deze schrijver, net als goede wijn, beter wordt met de jaren. Een aanrader.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG

24-01-11

Roslund & Hellström - Kluis 21


rhk21.jpg


De eerste alinea:
…Bewusteloze vrouw, identiteit onbekend, binnengekomen per ambulance 09.05 uur, aangetroffen in appartement aan Völundsgatan 3, buren hebben het alarmnummer gebeld.

De korte inhoud

Politieman Ewert Grens heeft er weinig moeite mee om een videotape te laten verdwijnen om de weduwe van zijn vermoorde collega een dienst te bewijzen. Al evenmin heeft hij last van zijn geweten wanneer hij de persoon te grazen neemt die een vrouwelijke collega in een rolstoel heeft doen belanden. Hij is een goed mens die wat overheeft voor zijn vrienden.
 


Het volledige rapport
2010 was het jaar dat het Zweedse schrijversduo Roslund en Hellström met Drie seconden wereldwijde bekendheid en waardering te beurt viel. Maar de ex-bajesklant en sociaal werker Börge Hellström en de journalist Anders Roslund hadden al vier andere boeken op hun palmares staan die ook in het Nederlands te lezen zijn. Kluis 21 is het tweede deel van deze reeks met rechercheur Ewert Grens

Hierin ontdekken we dat niets menselijks het hoofdpersonage vreemd is als deze moet kiezen tussen het beschermen van de eer van een vermoorde collega of hem postuum aan de schandpaal nagelen; zelfs als dit zou betekenen dat enkel vrouwenhandelaars ontsnappen aan vervolging. Of dat hij zonder scrupules bereid is zich te bedienen van niet helemaal door de beugel kunnende technieken om een meedogenloze gangster te kunnen klissen die keer op keer ontsnapt aan een zware veroordelingen voor verminking, moord en moordpogingen.

Het Zweedse duo hanteert een sobere, weinig spectaculaire vertelstijl die de Scandinavische misdaadliteratuur typeert. Maar deze sloomheid wordt ruimschoots gecompenseerd door de degelijkheid waarmee ze hun verhaal construeren en op zeer pakkende wijze niet alleen sociaal onrecht aan de kaak stellen, maar ook geloofwaardige personages op papier zetten, uit alle lagen van de bevolking. Van junks zonder toekomst, over gemotiveerd medisch personeel en vastberaden rechercheurs tot wanhopige tot prostitutie gedwongen Oost-Europese vrouwen. Ze worden allen even secuur gecreëerd en hebben een ding gemeen: ze gaan tot het uiterste om hum vooropgezette doelen te halen, welke dat ook mogen zijn.

Ook verhaaltechnisch is Kluis 21 een verademing. Vooral het feit de auteurs zich niet verplicht voelen om alles zwart op wit tot in de kleinste puntjes uit te leggen, maar een deel van de feiten en gebeurtenissen opzettelijk vaag houden en de interpretatie ervan overlaten aan de lezer maakt dit tot een intellectuelere thriller dan het gros van de boeken waarmee het rek moet gedeeld worden in de boekenwinkels.

Ook ontwikkelt het verhaal zich aanvankelijk zeer warrig, maar wordt stilaan meer en meer duidelijk naarmate het einde nadert. Toch blijven er na het finale punt een paar losse eindjes bengelen. Misschien worden die in een volgend boek nog weggewerkt. Misschien ook niet...

Met Kluis 21 leverden Roslund en Hellström een pakkende, rauwe, bij momenten zelfs schokkende policier af die opvalt tussen de vele op Hollywood geënte werken en daaraan alleen al zijn recht van bestaan ontleent. Maar daar bovenop is het ook nog eens een zeer goed misdaadverhaal geworden, die verdiend gelezen te worden door elke liefhebber van het genre.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG


16-01-11

KEPLER Lars - Contract


klc.jpg


De eerste alinea:
Het is windstil als het grote plezierjacht in de lichte nacht drijvend wordt aangetroffen op de Jungfrufjärden in de zuidelijke scherenkust van Stockholm. Het water heeft een lome, blauwgrijze kleur en beweegt zich traag als nevel.

De korte inhoud
.
Op een zomernacht wordt op een verlaten plezierjacht dat ronddobbert in de Stockholm-archipel het lichaam van een vrouw gevonden. Ze lijkt verdronken te zijn, maar haar longen zijn gevuld met brak water dat niet afkomstig blijkt te zijn van de archipel. De volgende dag wordt er een man gevonden in zijn appartement in Stockholm. Hij hangt aan een plafondhaak, in een verder lege kamer. Inspecteur Joona Linna is ervan overtuigd dat de man zelfmoord heeft gepleegd. Hij krijgt gelijk, maar daarmee is de zaak niet gesloten. De twee doden vormen de opmaat tot een reeks duizelingwekkende en gevaarlijke gebeurtenissen die Joona Linna meesleuren in een nietsontziende jacht op de moordenaar.



Het volledige rapport
In de hoop het succes van Stieg Larssons Millennium trilogie te kunnen evenaren, werden er de laatste twee jaar een groot aantal nieuwe misdaadauteurs uit de Scandinavische landen gelanceerd en hun werken naar het Nederlands vertaald. Een ervan was Lars Keplers positief onthaalde politieroman Hypnose.

Lars Kepler is een pseudoniem waarachter Alexander Ahndoril en zijn vrouw Alexandra Coelho schuil gaan. Deze Zweden publiceerden elk eerder al onder eigen naam een aantal romans. Met Contract, dat op 27 januari aanstaande verschijnt, leverden ze hun tweede spannende boek af, waarin de hoofdrol weer werd toebedeeld aan Joona Linna, een inspecteur van de landelijke recherche.

Dit keer wordt de inspecteur opgezadeld met twee bizarre doden: een functionaris die een hoge post bekleedt in het Zweeds bestuur heeft zich verhangen t in een lege kamer van zijn woning en een jonge vrouw stierf op een verlaten zeiljacht: hoewel ze kompleet droog is, blijkt ze toch de verdrinkingsdood gestorven te zijn. Deze twee zaken blijken het topje van een ijsberg vol zaken die het daglicht niet kunnen verdragen.

Hoewel het boek zeer vlot wegleest worden sommige gebeurtenissen meermaals kort na elkaar met andere woorden dubbel of zelfs driedubbel beschreven. Het eindresultaat had dus net iets dunner gekund dan de vijfhonderdtwintig bladzijden die de drukproef welke ik mocht lezen dik was. Het is dus best mogelijk dat in de definitieve versie dit minpuntje (deels) weggewerkt wordt.
Maar het staat buiten kijf dat het verhaal staat als een huis. Inclusief een paar briljante wendingen die aangeven dat de auteurs echt wel hun best gedaan hebben om origineel uit de hoek te komen. Ook ontplooit het verhaal zich naar Scandinavische normen met een ongekende vaart.

Alleen is het jammer dat de entourage van en het hoofdpersonage zelf totaal niet tot leven komen. Joona Linna blijft steken als een grijze schim die blijkbaar een opmerkingsgeest heeft die aan helderziendheid grenst. Meermaals is een blik op een plaats delict voldoende voor hem om zich de feiten die zich er voordeden te kunnen voorstellen, wat toch wel ongeloofwaardig overkomt. Ik kan enkel maar veronderstellen dat deze figuren uitgebreider voorgesteld werden in Hypnose. Aan de eenmalige personages werd gelukkig heel wat meer aandacht besteed om ze te voorzien van een degelijke achtergrond om er realistische figuren van te maken.

Trouw aan de Scandinavische traditie bevat Contract heel wat onderhuidse kritiek op de maatschappij, waarbij deze keer het feit centraal staat dat door de onverzadigbare honger naar rijkdom en welstand van de mens zowat alles te koop is.

Contract is een onvervalste pageturner die het niet slecht zou doen in Hollywood, en die de lezer ook meteen nieuwsgierig maakt naar meer spannend werk van de handen van Lars Kepler.

Het definitieve verdict: 8/10

EOB.JPG